Home

Rechtbank Amsterdam, 15-05-2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3441, C/13/747793 / FT RK 24/257

Rechtbank Amsterdam, 15-05-2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3441, C/13/747793 / FT RK 24/257

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
15 mei 2024
Datum publicatie
14 juni 2024
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2024:3441
Zaaknummer
C/13/747793 / FT RK 24/257

Inhoudsindicatie

Verzoek ex artikel 383 Fw, akkoord valt binnen de reikwijdte van de WHOA, geen onredelijke benadeling Belastingdienst, homologatie onderhands akkoord

Uitspraak

vonnis

Team Insolventie – meervoudige kamer

verzoek tot homologatie van een akkoord

zaak-/rekestnummer: C/13/747793 / FT RK 24/257

uitspraakdatum: 15 mei 2024

Vonnis op het ingekomen verzoekschrift ex artikel 383 lid 1 Faillissementswet (Fw) in de openbare akkoordprocedure buiten faillissement, van:

de besloten vennootschap

Bio City Development Company B.V.,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 34329008,

statutair gevestigd te Amsterdam,

hierna te noemen: BCDC,

advocaten: mrs. G.J.L. Bergervoet, E.J.R. Verwey, S. Klinkhamer en A.C. Frentz.

1 Kern van de beslissing

1.1.

Dit juridisch complexe akkoord beoogt de schulden van BCDC te herstructureren en faillissement te voorkomen. De Bondholders van BCDC zijn onder het akkoord gehouden afstand te doen van hun rechten tegen betaling van een bedrag tussen USD 9 miljoen en USD 9,3 miljoen. Ter beoordeling ligt voor of het akkoord kan worden gehomologeerd. Vragen zijn onder meer i) of het akkoord vanwege zijn juridische vormgeving treedt buiten de grenzen van de WHOA en ii) of het akkoord als strijdig met fiscale wet- en regelgeving moet worden aangemerkt en/of fraus legis oplevert. De rechtbank heeft in een tussenvonnis een deskundige benoemd om naar het tweede punt onderzoek te doen.

1.2.

De rechtbank overweegt dat de Bondholders professionele partijen zijn die de complexe documentatie konden begrijpen. Er worden in het kader van de uitvoering van het akkoord weliswaar verplichtingen op de Bondholders gelegd, maar het gevolg van het akkoord is dat op hun rechten worden een contante betaling wordt gedaan. Een dergelijk akkoord valt binnen de reikwijdte van de WHOA

1.3.

De vraag of het akkoord onredelijk benadelend kan zijn voor de Belastingdienst, wordt door de deskundige negatief beantwoord. De rechtbank volgt het standpunt van de deskundige. De rechtbank homologeert het akkoord. De op enkele punten gebrekkige of onvolkomen informatievoorziening acht de rechtbank niet van doorslaggevende betekenis om homologatie te weigeren.

2 De procedure

2.1.

Voor het verloop van de procedure verwijst de rechtbank naar het tussenvonnis van 11 april 2024 in deze procedure en naar de volgende processtukken:

-

het tussenvonnis van de rechtbank van 23 april 2024 waarin de heer prof. mr. A.J. Tekstra tot deskundige is benoemd;

-

het deskundigenbericht van 2 mei 2024;

-

het emailbericht van 3 mei 2024 van BCDC waarin zij te kennen geeft zich te kunnen vinden in het deskundigenbericht;

-

het emailbericht van 6 mei 2024 van de deskundige met een opgave van zijn kosten die iets hoger zijn uitgevallen dan het vastgestelde voorschot;

-

het emailbericht van 7 mei 2024 van BCDC waarin zij te kennen geeft in te stemmen met de kosten van de deskundige.

2.2.

Hierna is vonnis bepaald op heden.

3 De feiten

3.1.

De rechtbank gaat uit van de volgende (grotendeels ook in het tussenvonnis opgenomen) feiten. BCDC is opgericht op 3 maart 2009 als financieringsvehikel en houdstermaatschappij om een project in Turkije, het Bio Istanbul Project, te financieren. Na een eerdere herstructurering worden de aandelen in BCDC gehouden door BCD AcquisitionCo B.V. (hierna: BCD AcquisitionCo). Het bestuur van BCDC en BCD AcquisitionCo bestaat uit de heren [naam 1] en [naam 2] . BCDC en BCD AcquisitionCo hebben geen raad van commissarissen.

3.2.

BCDC houdt op haar beurt 100% van de aandelen in de onderneming naar Turks recht Bio Istanbul Proje Gellştirme ve Yatirim A.Ş (hierna: Bio Istanbul PGY) en 99,99% van de aandelen in de onderneming naar Turks recht Bio Istanbul Arge Gayrimenkul Yatirim ve Ticaret A.Ş. (hierna: Bio Istanbul AGYT en hierna gezamenlijk: de dochtervennootschappen). De dochtervennootschappen hebben op hun beurt Turks vastgoed in eigendom. Dit Turkse vastgoed bestaat uit percelen grond in Başakşehir nabij Istanbul. Op deze percelen grond zou het Bio Istanbul Project worden ontwikkeld.

3.3.

BCDC, BCD AcquisitionCo en de dochtervennootschappen vormen samen een groep. De groep ziet er schematisch weergegeven als volgt uit:

3.4.

BCDC is (uitsluitend) gefinancierd met vreemd vermogen in de vorm van obligaties (in de stukken en hierna aangeduid als: de Bonds). BCDC heeft op 6 juli 2011 Bonds uitgegeven met een totale nominale waarde van USD 200.000.000. Op 15 augustus 2011 heeft BCDC nogmaals Bonds uitgegeven met een totale nominale waarde van USD 7.400.000. De totale nominale waarde van de Bonds is derhalve USD 207.400.000. De oorspronkelijke vervaldatum van de Bonds was 6 juli 2018. De vervaldatum is nadien een aantal keer uitgesteld tot (uiteindelijk) 6 juli 2024.

3.5.

TMF Services (UK) Limited treedt op als zogenaamde trustee ten behoeve van de houders van de Bonds (hierna: de Trustee onderscheidenlijk de Bondholders). In het kader van de uitgiftes van de Bonds hebben onder meer BCDC en de Trustee de tussen hen geldende afspraken op 6 juli 2011 vastgelegd in een Trust Deed. Deze Trust Deed is nadien een aantal keer gewijzigd, meest recent op 14 februari 2024. De voorwaarden waaronder de Bonds zijn uitgegeven door BCDC zijn neergelegd in terms and conditions (de Voorwaarden). De Voorwaarden zijn tevens gehecht aan de Trust Deed.

3.6.

BCDC moet 8% rente op jaarbasis betalen over de Bonds, gerekend vanaf 6 juli

2011. Deze rentebetalingen worden twee keer per jaar terugkijkend verschuldigd, op 6 januari en 6 juli. Deze rentebetalingen worden inmiddels steeds opgeteld bij de hoofdsom. Inmiddels staat een bedrag open uit hoofde van de Bonds van circa USD 880.000.000 aan hoofdsom en rente. De vorderingen zijn gedekt met zekerheidsrechten ten behoeve van (uiteindelijk) alle Bondholders. Ten opzichte van elkaar zijn alle Bondholders gelijk in rang. BCDC en de dochtervennootschappen hebben tevens (derden-)zekerheidsrechten gevestigd die strekken tot zekerheid van betaling van een parallelle schuld aan de Trustee, bestaande uit onder andere hypotheekrechten naar Turks recht op de percelen grond van de dochtervennootschappen.

3.7.

De Bonds zijn ingebracht in het girale systeem via Euroclear en Clearstream. In het verzoekschrift en in het akkoord wordt met Bondholders bedoeld de partijen die economisch gerechtigd zijn tot de Bonds, zoals bedoeld in artikel 381 lid 4 Fw. Het akkoord is (uitsluitend) aan diegenen aangeboden.

3.8.

De Trust Deed en de Bonds werden beheerst door Engels recht. Op 14 februari 2024 hebben de Bondholders, door middel van een met instemming van de meerderheid van de Bondholders genomen besluit, het recht dat van toepassing is op de Voorwaarden en de Trust Deed (en daarmee op de Bonds) ten behoeve van het akkoord gewijzigd naar Nederlands recht.

3.9.

De gelden die met de uitgifte van de Bonds in 2011 zijn opgehaald worden sindsdien op twee bankrekeningen (de Project Escrow Account en de Bondholder Escrow Account) in escrow gehouden. BCDC is in dit kader op 6 juli 2011 een escrow overeenkomst aangegaan met TMF (UK) Limited (in de hoedanigheid van Escrow Agent) en TMF (UK) Limited (in de hoedanigheid van Trustee). De escrow overeenkomst bepaalt onder welke voorwaarden en voor welke doeleinden de gelden aangewend kunnen worden.

4 Het akkoord en de stemming

5 De toelichting op het verzoek

6 Benoeming van een deskundige

7 Het deskundigenbericht

8 Reactie BCDC op het deskundigenbericht

9 De verdere beoordeling

10 De beslissing