Home

Rechtbank Amsterdam, 18-06-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5753, C/13/766763 / KG ZA 25-221

Rechtbank Amsterdam, 18-06-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5753, C/13/766763 / KG ZA 25-221

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
18 juni 2025
Datum publicatie
19 augustus 2025
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:5753
Zaaknummer
C/13/766763 / KG ZA 25-221

Inhoudsindicatie

kort geding, gevorderde verboden met betrekking tot de uitgifte en afname van erfpachtrechten zijn niet toegewezen, geen strijd met met Didam-criteria, de voorgenomen erfpachtuitgifte is niet onrechtmatig

Uitspraak

vonnis

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/766763 / KG ZA 25-221 EAM/JT

Vonnis in kort geding van 18 juni 2025

in de zaak van

1. de vereniging

VERENIGING [naam vereniging],

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MEVLANA GROOT- & DETAILHANDEL B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MEVLANA HOLDING B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 4] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 5] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

6. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 6] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,

7. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CEKA BEHEER B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

8. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 8] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

9. de vennootschap onder firma

[eiser 9] V.O.F.,

gevestigd te [vestigingsplaats 3] ,

10. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 10] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

11. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ENES GROOTHANDEL B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

12. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 12] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 4] ,

13. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 13] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

14. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALBA FOOD TRADING B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

15. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 15] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

16. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SANVIR GROENTEN B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

17. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

FRUITFUL OFFICE NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

18. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 18] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 5] ,

19. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 19] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 6] ,

20. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALLA MARCA FOOD B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

21. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 21] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

22. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 22] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

23. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 23] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

24. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 24] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

25. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[eiser 25] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

eiseressen in de hoofdzaak bij gelijkluidende dagvaardingen van 28 maart 2025,eiseressen in het incident,

advocaat mr. R.P.M. de Laat te Utrecht,

tegen

1. de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE AMSTERDAM,

zetelend te Amsterdam,gedaagde in de hoofdzaak,gedaagde in het incident,advocaten mr. F.J.J. Cornelissen en mr. W. van Leeuwen te Arnhem,

en

2. de commanditaire vennootschap

MARKTKWARTIER C.V.,

gevestigd te Rotterdam,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MARKTKWARTIER AMSTERDAM BEHEER B.V.,

gevestigd te Nieuwegein,

gedaagden in de hoofdzaak,

advocaten mr. J.R. van Angeren en mr. A.A. al Khatib te Amsterdam.

Eiseres sub 1 zal hierna de Vereniging worden genoemd en alle eiseressen gezamenlijk de Vereniging c.s. Gedaagde sub 1 zal hierna de Gemeente worden genoemd en gedaagde sub 2 Marktkwartier. Gedaagden sub 2 en 3 zullen hierna gezamenlijk Marktkwartier c.s. worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Op 28 april 2025 hebben de Vereniging c.s. een akte incidentele vordering op de voet van artikel 195 Wetboek Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) ingediend. Op 12 mei 2025 heeft de Gemeente inhoudelijk gereageerd op de incidentele vordering. Vervolgens is op 13 mei 2025 aan partijen bericht dat in dit vonnis op het incident zal worden beslist.

1.2.

Op 16 mei 2025 hebben de Vereniging c.s. een akte wijziging van eis ingediend.

1.3.

Tijdens de mondelinge behandeling op 21 mei 2025 hebben de Vereniging c.s. de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding en akte wijzing van eis toegelicht. De Gemeente en Marktkwartier c.s. hebben ieder afzonderlijk verweer gevoerd, beide mede aan de hand van een op voorhand ingediende conclusie van antwoord. Alle partijen hebben producties en een pleitnota ingediend. Vonnis is aanvankelijk bepaald op 11 juni 2025.

1.4.

Bij de mondelinge behandeling waren voor zover van belang aanwezig:

- aan de kant van de Vereniging c.s.: [naam 1] (voorzitter) en [naam 2] (adviseur) met mr. De Laat en mr. L. Knol;

- aan de kant van de Gemeente: [naam 3] (jurist) met mr. Cornelissen, mr. Van Leeuwen en mr. M. Jonkers;

- aan de kant van Marktkwartier c.s.: [naam 4] (ontwikkelaar) met mr. Van Angeren en mr. Al Khatib.

1.5.

Op 11 juni 2025 is aan partijen bericht dat dit vonnis een week later, op 18 juni 2025 zal worden gewezen.

2 De feiten

2.1.

De gemeente heeft sinds medio jaren ’90 het voornemen te komen tot een herontwikkeling van het Food Center Amsterdam (hierna: FCA). Het FCA betreft een bedrijventerrein voor buik- servicebedrijven (voedselgroothandel) van circa 24 hectare, gelegen tussen de Jan van Galenstraat en de Haarlemmerweg. De grond is eigendom van de Gemeente. Op het FCA zijn momenteel circa 45 bedrijven (groothandels) gevestigd.

2.2.

Op 18 februari 2010 is (de gemeenteraad van) de Gemeente overgegaan tot vaststelling van het Ambitiedocument Herstructurering FCA. Daarin staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) De gemeente Amsterdam heeft reeds in 2004 besloten dat deze plek behouden moet blijven voor het FCA. Wel zullen de food gerelateerde bedrijven wiens verzorgingsgebied over wegend buiten Amsterdam ligt (...), worden benaderd voor een verplaatsing naar een locatie buiten de ring van Amsterdam of elders. De overgebleven bedrijven zullen op ongeveer twee derde van het terrein geherhuisvest worden. (...)De ambitie van de gemeente is om te komen tot een duurzame, economische herontwikkeling van het FCA. Het FCA wordt een modern en dynamisch foodcenter, waarbij zekerheid wordt geboden aan de gevestigde en nog te vestigen buikbedrijven, met oog voor efficiënte bedrijfsprocessen, hygiëne en duurzaamheid. (...)Om de herontwikkeling te realiseren wordt de gehele herontwikkeling door de gemeente Europees aanbesteed. Marktpartijen kunnen hier op inschrijven. Deze aanbesteding zal tot stand komen door middel van een concurrentiegericht dialoog. Hiertoe is door de gemeente dit ambitiedocument opgesteld.(...)Minimumeis 1Het plangebied dient integraal te worden herontwikkeld tot één gebied bestaande uit drie componenten: het nieuwe (afgesloten) FCA, de centrale markthal en het openbare deel.(...)Minimumeis 3Het programma voor het nieuwe FCA, dient minimaal 95.000 m2 bvo bedrijfsruimte te omvatten.

Context Op het nieuwe FCA vindt na de herstructurering een concentratie van buikbedrijven plaats. Het programma moet minimaal 95.000 m2 bvo vastgoed (bedrijfsruimte en ondersteunende ruimte) bevatten, exclusief parkeerplaatsen. Deze 95.000 m2 bvo wordt geacht voldoende te zijn voor de huisvesting van de huidige buikbedrijven op het FCA. Hierbij is ook rekening gehouden met de groeibehoefte van deze buikbedrijven (...) De mainportbedrijven zullen op termijn het terrein verlaten. (...) Minimumeis 4

Het nieuwe FC,4 dient te worden ingevuld met buikbedrijven en daaraan gerelateerde service bedrijven. (...)

Minimumeis 9 Minimaal 70% van het totale aantal m2 bvo dat in het openbare deel van het plangebied wordt gerealiseerd, dient woningbouw te zijn. (...)”

2.3.

Op eveneens 18 februari 2010 heeft (de gemeenteraad van) de Gemeente een besluit genomen met betrekking tot de aanbestedingsopgave en het proces voor de herstructurering van het FCA.

2.4.

De aanbestedingsprocedure heeft verschillende fases gekend, namelijk: (i) de selectiefase, (i) de consultatiefase, (iii) de dialoogfase en (iv) de gunningsfase.

2.5.

In de op 30 maart 2010 door de Gemeente gepubliceerde Selectieleidraad staat voor zover hier van belang (met onderstrepingen door vzr.) het volgende:“(...) 15.2. Tijdens de Consultatiefase zal de Gemeente een concept tekst van de REOK ter consultatie aan de Deelnemers voorleggen. Na afronding van de Consultatiefase stelt de Gemeente de voorlopige tekst van de REOK [de realisatie- en exploitatieovereenkomst die de Gemeente met de Opdrachtnemer sluit in geval van gunning van de Opdracht; vzr.] vast. (...) De voorlopige REOK zal worden aangehecht aan de Inschrijvingsleidraad.(...)15.3. De definitieve tekst van de REOK wordt vastgesteld bij de gunning van de Opdracht op basis van de Definitieve Inschrijving.(...)16.1. Tot de essentialia van de REOK behoren onder andere de navolgende afspraken:

(...) b. De Opdrachtnemer voert de Grondexploitatie van het Plangebied voor eigen rekening en risico uit. Hieronder valt onder meer het verplaatsen van de Buikbedrijven alsmede het uitplaatsen van de Mainportbedrijven en de

overige bedrijven die niet terug zullen komen op het nieuwe Food Center. (...) (...) d. De Opdrachtnemer zal voor eigen rekening en risico het Vastgoed binnen het Plangebied (doen) ontwikkelen en realiseren. (...) e. De Opdrachtnemer zal het Food Center in beheer en exploitatie nemen voor een periode van 25 jaar; (...)17.1. De Gemeente is en blijft eigenaar van de gronden binnen het Plangebied. (...) 17.5. Bij uitgifte van grond in erfpacht - hetzij aan Opdrachtnemer, hetzij aan derden zoals Buikbedrijven - wordt de Canon gebaseerd op de vloeroppervlakte in m2 bvo, de erfpachtrechtelijke bestemming, de grondprijs per m2 bvo voor die bestemming conform het op dat moment vastgestelde gemeentelijke grondprijsbeleid en het gemeentelijke canonpercentage.(...)18.1. De Gemeente geeft op het door de Opdrachtnemer gewenste moment maar uiterlijk binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van het nieuwe bestemmingsplan voor het Plangebied de gronden en opstallen in het Plangebied die in volle eigendom zijn of komen bij de Gemeente in erfpacht uit aan de Opdrachtnemer. (...)(...)19.1. De Opdrachtnemer dient voor eigen rekening en risico het nieuwe Food Center te ontwikkelen en te realiseren conform zijn Definitieve Inschrijving. (...)19.2. De Opdrachtnemer onderhandelt met de zittende en nieuwe Buikbedrijven over de condities van de realisatie of renovatie van het vastgoed op het Food Center en de afname, al dan niet in de vorm van huur, daarvan. De Gemeente is hierbij geen partij.19.3. Het concept van het Food Center, inclusief de indeling van de deelmarkten, wordt via het erfpachtrecht gehandhaafd door de Gemeente.19.4. Op het nieuwe Food Center mogen alleen Buikbedrijven en Servicebedrijven worden gevestigd.(...)22.1. Vanaf zes maanden na de inwerkingtreding van de REOK, dan wel zoveel eerder als de Opdrachtnemer begint met het ‘verschuiven’ van de Buikbedrijven en/of Servicebedrijven of ver/uitplaatsen Mainportbedrijven, is de Opdrachtnemer verantwoordelijk voor de uitvoering van het beheer en de exploitatie van het Food Center, zowel het oude als het nieuwe.22.2. De Opdrachtnemer voert het beheer van het Food Center uit in opdracht van de Gemeente, waarvoor de Gemeente een concessie aan de Opdrachtnemer zal verlenen. (...)(...)25.1. Het uitgangspunt in de REOK is dat deze een looptijd heeft van 25 jaar, ingaande op de datum van inwerkingtreding van de REOK.

(...)”. 2.6. Als bijlage bij de op 19 juli 2010 door de Gemeente gepubliceerde Consultatieleidraad is gevoegd een ‘Notitie met hoofdlijnen concept REOK van 19 juli 2010’. Daarin staat voor zover hier van belang (met onderstrepingen door de vzr.) het volgende:

“(...) 7.1. De Opdrachtnemer draagt voor eigen rekening en risico met inachtneming van de Planning zorg voor de beëindiging van de erfpachtrechten en/of andere gebruiksrechten van de zittende bedrijven in het Plangebied. Het is de taak en verantwoordelijkheid van de Opdrachtnemer om in contact te treden met de zittende Buikbedrijven en Service bedrijven teneinde te bewerkstelligen dat zij bereid zijn om hun huidige recht te beëindigen en al dan niet te verplaatsen naar het nieuwe Food Center. (...) 10.3. Bij uitgifte van grond in erfpacht ten behoeve van de realisatie van het nieuwe Vastgoed - hetzij aan Opdrachtnemer, hetzij aan derden zoals Buikbedrijven - dient de erfpachter aan de Gemeente een canon te betalen, gebaseerd op de vloeroppervlakte in m2 bvo, de erfpachtrechtelijke bestemming, de grondprijs per

m2 bvo voor die bestemming en het gemeentelijke canonpercentage. (...) (...) 11.2. De Gemeente geeft op het door de Opdrachtnemer gewenste moment maar uiterlijk binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van het nieuwe bestemmingsplan voor het Plangebied de gronden en opstallen in het Plangebied die op de datum van ondertekening van de REOK in volle eigendom zijn of binnen de genoemde termijn van vijf jaar zijn gekomen bij de Gemeente in voortdurende erfpacht uit aan de Opdrachtnemer . (...) 13.2. De Opdrachtnemer onderhandelt met de zittende en nieuwe Bulk- en Servicebedrijven over de condities van de realisatie of renovatie van het vastgoed op het Food Center en de afname, al dan niet in de vorm van huur, daarvan. De Gemeente is geen partij bij de onderhandelingen. (...) 13.4. Op het nieuwe Food Center mogen alleen Buikbedrijven en Servicebedrijven worden gevestigd. (...)”

2.7.

Op 6 juni 2012 heeft de Gemeente de Leidraad Definitieve Inschrijving gepubliceerd op basis waarvan gegadigden worden gevraagd om hun definitieve inschrijving in te dienen. Daarin staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) 3.1. Deze Leidraad Definitieve Inschrijving geldt in aanvulling op het bepaalde in de Selectieleidraad, de Consultatieleidraad en de Leidraad Eerste Inschrijving. Ingeval van tegenstrijdigheden geldt het bepaalde in de Leidraad Definitieve Inschrijving.(...)5.2. In geval van tegenstrijdigheden tussen definities geldt de navolgende volgorde van voorrang:a. Definitieve REOK gaat boven Leidraad Definitieve Inschrijving;(...)IV. MINIMUMEISEN DEFINITIEVE INSCHRIJVING(...)

27.1.

De Definitieve Inschrijving dient betrekking te hebben op het gehele Plangebied. Het Plangebied dient integraal te worden herontwikkeld tot één gebied bestaande uit drie componenten:

a. Een nieuw Food Center;

b. Een voor een ieder openbaar toegankelijk deel;

c. De Centrale Markthal. (...) 27.4. De Definitieve Inschrijving dient te voorzien in minimaal 95.000 m2 B.V.O. bedrijfs- en ondersteunende ruimte (mede omvattende het niet openbare deel van de Centrale Markthal), exclusief parkeerplaatsen op één aaneengesloten en afgesloten Food Center. 27.5. Het Food Center dient te worden ingevuld met uitsluitend Buikbedrijven en Servicebedrijven. (...)”

2.8.

Als bijlage bij de Leidraad Definitieve Inschrijving is gevoegd een nieuwe versie van de REOK van 6 juni 2012. Daarin staat (met onderstreping door vzr.) voor zover hier van belang het volgende:“(...) 25. Erfpachtuitgifte

25.1.

De Gemeente geeft alle ondergrond van al het in het Plangebied nieuw te realiseren Vastgoed met aanhorigheden in erfpacht uit aan de Opdrachtnemer dan wel aan de door de Opdrachtnemer aangewezen derde(n) . De uitgifte in erfpacht betreft zowel de percelen op het Food Center als het niet afgesloten gedeelte van het Plangebied. Het Openbaar gebied, de Besloten buitenruimte en de ondergrond van de Brede School worden niet in erfpacht uitgegeven, maar blijven / komen in volle eigendom van de Gemeente. (...)”

2.9.

Op 10 juli 2012 heeft de Gemeente een Nota van Inlichtingen (NvI) gepubliceerd. Na het publiceren van de NvI is een aantal wijzigingen doorgevoerd in de tekst van de REOK. Vervolgens is op 23 juli 2012 een gewijzigde versie van de REOK gepubliceerd. Voor zover hier van belang geldt dat artikel 25 in die versie (met onderstreping door vrz.) als volgt is gewijzigd:“(...) 25. Erfpachtuitgifte

25.1.

De Gemeente geeft alle ondergrond van al het in het Plangebied nieuw te realiseren Vastgoed met aanhorigheden in erfpacht uit aan de door de Opdrachtnemer aan te wijzen partij . De uitgifte in erfpacht betreft zowel de percelen op het Food Center als het niet afgesloten gedeelte van het Plangebied. Het Openbaar gebied, de Besloten buitenruimte en de ondergrond van de Brede School worden niet in erfpacht uitgegeven, maar blijven / komen in volle eigendom van de Gemeente.”

2.10.

Vervolgens hebben er twee extra dialoogrondes plaatsgevonden, waarna de Gemeente op 19 november 2012 aan de gegadigden een brief met uitnodiging tot definitieve inschrijving FCA verstuurd. Daarbij is een herziene definitieve versie van de REOK van 19 november 2012 als bijlage gevoegd. Artikel 25.1 is daarin ten opzichte van de versie van 23 juli 2012 niet gewijzigd. In de uitnodigingsbrief staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) Op de indiening van de Definitieve Inschrijving zijn de condities van toepassing zoals opgenomen in de Leidraad Definitieve Inschrijving d.d. 6 juni 2012, met inachtneming van de wijzigingen en aanvullingen daarop zoals aangegeven in deze uitnodigingsbrief. Dit betekent dat u bij de indiening van de Definitieve Inschrijving kunt uitgaan van het bepaalde in de Leidraad Definitieve Inschrijving d.d. 6 juni 2012, behoudens indien en voorzover daarvan in deze uitnodigingsbrief wordt afgeweken, in welk geval het bepaalde in deze uitnodigingsbrief prevaleert.(...)De herziene Definitieve REOK d.d. 19 november 2012 die als Bijlage 3 bij deze uitnodigingsbrief is gehecht, treedt in de plaats van de REOK d.d. 23 juli 2012.(...)”

2.11.

Op 19 december 2013 is de opdracht definitief gegund aan Ballast Nedam Bouw & Ontwikkeling B.V. en VolkerWessels Vastgoed B.V. (hierna gezamenlijk: de opdrachtnemer). De definitieve REOK van 19 december 2013 is door de opdrachtnemer en de Gemeente ondertekend op 14 mei 2014. In de considerans van de ondertekende REOK staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) N. Partijen streven ter zake van het Plangebied de navolgende doelstellingen na:(...) 10. Het door de Opdrachtnemer gedurende 25 jaar voeren van het beheer en de exploitatie van het Food Center Amsterdam. 0. De REOK heeft het karakter van een concessie, hetgeen inhoudt dat voor de duur van de REOK de primaire verantwoordelijkheid voor het Plangebied ligt bij de Opdrachtnemer en de rol van de Gemeente in beginsel is beperkt tot het faciliteren van- en controleren op de voortgang van de uitvoering van de REOK door de Opdrachtnemer. (...)”Artikel 25.1 is in de ondertekende REOK ongewijzigd overgenomen en is gelijk aan de tekst zoals hiervoor onder 2.9 is weergegeven. Uit hoofde van artikel 67.4 van de REOK heeft de opdrachtnemer al haar rechten en plichten uit hoofde van de REOK overgedragen aan Marktkwartier.

2.12.

Op 26 november 2015 is de Vereniging (eiseres sub 1) opgericht om namens de betrokken ondernemers op het FCA te kunnen onderhandelen over collectieve afspraken die aan de basis liggen van een transitie naar een nieuw FCA. De circa 45 op het FCA gevestigde bedrijven dienen plaats te maken voor woningbouw (circa 1700 woningen) en krijgen op circa de helft van het FCA terrein nieuwe, meer compact opgezette bedrijfsruimte. De meeste van deze bedrijven moeten (uiteindelijk) worden gehuisvest in de zogeheten Slang, een S-vormig aaneengesloten nieuw te bouwen bedrijfsgebouw op het nieuwe FCA.

2.13.

Op 16 december 2015 hebben de Vereniging en Marktkwartier een Principeakkoord gesloten. Daarin staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) De overeenkomst tussen Marktkwartier en de Vereniging behelst de ontwikkeling van het nFCA. Dat is één samenhangend concept waaraan beide partijen zich committeren en waarover beide partijen op basis van exclusiviteit met elkaar verder zullen onderhandelen voor het generieke deel. (...) Marktkwartier verbindt zich aan alle nu gevestigde bedrijven op het FCA beschreven in dit akkoord op de voorwaarden een aanbieding te doen voor hervestiging op basis van koop. (...) De erfpachtcanon op het nFCA bedraagt € 14,75 per jaar/m2 BVO. (...) Lopende erfpachtrechten (hoogte canon, looptijd, oppervlak) zullen verdisconteerd worden in de nieuw af te sluiten erfpachtcontracten. Dit houdt kort gezegd in dat indien een bedrijf op 1 januari 2013 als erfpachter (of opstaller) was gevestigd op het FCA en de bestemming van het recht van erfpacht gelijk blijft, de canon van het nieuw uit te geven erfpachtrecht wordt vastgesteld op een gewogen gemiddelde tussen de canon die is verschuldigd voor het oude erfpachtrecht en de canon voor het nieuwe erfpachtrecht. (...)”

2.14.

Op 22 maart 2016 hebben (onder meer) de Gemeente, de opdrachtnemer en de Vereniging een Overeenkomst Bestemmingsplan Food Center Amsterdam gesloten. Die overeenkomst voorziet in verschillende afspraken ten aanzien van het op 28 januari 2014 vastgestelde bestemmingsplan, alsmede op nadere afspraken over een tweede herstelbesluit. In die overeenkomst staat voor zover hier van belang (met onderstreping door de vzr.) het volgende: (...) Q. (...) Deze overeenkomst beoogt geen wijzigingen aan te brengen in de onderlinge rechten en verplichtingen van Marktkwartier en de Gemeente op grond van de REOK,(...)

Artikel 3 - Masterplan en uitwerkingsplannen (...) 2. Partijen, met uitzondering van de Gemeente , zijn overeengekomen dat Marktkwartier wijzigingen van het Masterplan zowel met de Vereniging Herstructurering als Vroegop op voorhand zal bespreken en aan de Vereniging Herstructurering en Vroegop ter goedkeuring zal voorleggen. (...) (...) 4. De Gemeente bevestigt dat zij binnen de kaders van de REOK geen (eigen) uitwerkingsplannen voor het Bedrijvendeel van het nieuwe Food Center Amsterdam zal opstellen, maar dat zowel het primaat als het initiatief hiertoe bij Marktkwartier ligt. (...)”

2.15.

Op 1 juni 2016 is het Bestemmingsplan Food Center Amsterdam (het 2e herstelbesluit, of het moederplan) vastgesteld. Daarin staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) Het programma voor het nieuwe FCA dient minimaal 95.000 m2 bvo bedrijfsruimte te omvatten, exclusief parkeren. Een dergelijke omvang wordt voldoende geacht voor de huisvesting van de huidige buikbedrijven alsmede een groeibehoefte. (...)”

2.16.

Op 19 april 2017 hebben Marktkwartier (aangeduid als MK) en de Vereniging (aangeduid als VH) een Hoofdlijnen Overeenkomst (hierna: HLO) gesloten. De HLO bouwt voort op en komt in de plaats van het Principeakkoord van 16 december 2015. In de HLO staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) 3.1. Algemene Afspraken(...)MK is als concessionaris verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het Plangebied. Zij is de partij, die de Ondernemers een individuele Aanbieding doet voor hervestiging op het nieuwFCA overeenkomstig onderhavige Overeenkomst.(...)e. De huidige Ondernemers (meetdatum 1 januari 2013), die ook lid zijn van de VH hebben bij voorrang recht op vestiging op het nieuwFCA met minimaal dezelfde bedrijfsomvang, mits de activiteiten vallen binnen de formule van het nieuwFCA. (...)(...)7.4. Het bestuur van VH heeft MK geadviseerd over de status van de Ondernemers en hun inschrijving. (...)(...)8.3 MK en VH zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor vaststelling en verfijning van voorlopige plaatsingsscenario’s waarin herhuisvesting van de Ondernemers in het nieuwFCA voorgesteld wordt. (...) MK neemt bij het doen van Aanbiedingen aan Ondernemers de door het OHT definitief vastgestelde Plaatsingsscenario’s in acht (...)”

2.17.

In het jaar 2019 heeft Marktkwartier in aanvulling op de HLO aan de ondernemers die in aanmerking komen voor hervestiging op het nieuwe FCA een Voorlopig Individueel Aanbod (hierna: het VIA) gedaan, met dien verstande dat wanneer de herontwikkeling in een verder stadium zou zijn, aan de ondernemers die het VIA hebben ondertekend een Definitief Individueel Aanbod (hierna: het DIA) zou worden gedaan. In totaal is door Marktkwartier aan 45 ondernemers een VIA aangeboden. In de VIA’s is voorzien dat uiterlijk vóór 31 december 2023 een DIA zou worden gedaan. In de VIA’s zijn de volgende voorwaarden waaraan een definitieve aanbieding moet voldoen opgenomen: (i) er moet sprake zijn van uitgewerkte regelingen met betrekking tot collectieve voorzieningen; (ii) de bouwkosten moeten zijn vastgesteld; (iii) er moet sprake zijn van een erfpacht aanbieding; en (iv) er moet sprake zijn van een onherroepelijke omgevingsvergunning.

2.18.

Op 26 april 2021 is het beeldkwaliteitsplan Marktkwartier en het beeldkwaliteitsplan Foodcenter vastgesteld, waarin kwaliteitseisen zijn opgenomen die het plan verder uitwerken. Vervolgens is een aantal plannen ter uitwerking van het globale bestemmingsplan ter inzage gelegd. Vervolgens zijn er verschillende bezwaar- en beroepsprocedures gevolgd. Tegen de omgevingsvergunning voor de eerste fase van het gebouw de Slang is bezwaar gemaakt. Het bezwaar is ongegrond verklaard. Thans loopt nog een beroepsprocedure bij deze rechtbank.

2.19.

Nadat het Marktkwartier en de Vereniging niet lukte om tot overeenstemming te komen over de inhoud van de DIA’s zijn zij in 2023 onder begeleiding van een mediator tot een Vaststellingsovereenkomst (hierna: VSO) gekomen en zijn de onderhandelingen hervat. Op grond van de VSO werd de termijn voor het uitbrengen van de DIA’s verlengd naar 1 juli 2024.

2.20.

Marktkwartier en de Vereniging zijn vervolgens tot overeenstemming gekomen over de tien belangrijkste punten met betrekking tot de DIA’s in een Hoofdlijnenakkoord (hierna: HLA). De Vereniging had wel het voorbehoud gemaakt van goedkeuring door haar algemene leden vergadering (ALV). Op 19 juli 2024 heeft de ALV van de Vereniging gestemd over het HLA, waarbij geen goedkeuring werd verleend omdat niet de vereiste meerderheid van 70% van de stemmen, maar 65,7% werd bereikt. Uiteindelijk zijn de VIA’s niet omgezet in DIA’s.

2.21.

Bij brief van 22 augustus 2024 (geadresseerd aan wethouder Van Dantzig) heeft de Vereniging de Gemeente geïnformeerd over de voortgang van de ontwikkeling van het FCA. In die brief heeft de Vereniging meegedeeld dat het niet is gelukt om te komen tot een model voor een DIA en aangegeven op welke punten zij van mening verschilt met Marktkwartier. De Vereniging heeft de wethouder verzocht om een overleg op korte termijn, alsmede om inzage in de REOK en in aanvullende eisen van de Gemeente, omdat Marktkwartier zich daar, volgens de Vereniging, op beroept.

2.22.

Bij brief van 4 oktober 2024 gericht aan de Vereniging heeft Marktkwartier de HLO opgezegd. Na een uitgebreide toelichting van de opzegging heeft Marktkwartier in die brief voor zover hier van belang nog het volgende geschreven:“(...) Marktkwartier heeft goed nagedacht over de implicaties van één en ander, en zij is tot de conclusie gekomen dat een nieuwFCA er niet, althans niet binnen afzienbare tijd, gaat komen zolang zij met de VH verder gaat. De VH is een sta-in-de-weg geworden voor het nieuwFCA, in plaats van een wegbereider ervan.(...)Dat Marktkwartier de HLO en daarmee de samenwerking met de VH beëindigt, betekent overigens allerminst dat Marktkwartier wil terugkomen op wat zij met de individuele ondernemers inmiddels heeft afgesproken in de VIA’s. De VIA’s zijn voor Marktkwartier nog steeds bindend en leidend – met dien verstande dat zij nu met de ondernemers individueel in gesprek zal treden over de nog in te vullen onderdelen van de DIA, en daarbij niet langer gegijzeld zal zijn door de vereiste goedkeuring van de VH. (...)”

2.23.

Bij brief van 4 oktober 2024 heeft wethouder Van Dantzig aan de Vereniging de ontvangst van de brief van 22 augustus 2024 bevestigd en meegedeeld op de hoogte te zijn van de opzegging van de HLO. In de brief staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) Nu Marktkwartier heeft besloten om de samenwerking met uw vereniging te beëindigen rest mij echter geen andere keuze dan het besluit van Marktkwartier te respecteren. De gemeente en Marktkwartier zullen de

herstructurering van het Foodcenter voortvarend ter hand blijven nemen. Bovenstaande laat onverlet dat ik graag bereid ben om in te gaan op uw verzoek om een gesprek. Om geen verkeerde verwachtingen te wekken, laat ik u daarbij nu reeds weten dat ik geen enkele mogelijkheid zie om het besluit van Marktkwartier terug te draaien. (...)”

2.24.

Bij brief van 8 oktober 2024 van de Vereniging gericht aan (wethouder Van Dantzig en de gemeenteraad van) de Gemeente heeft de Vereniging voor zover hier van belang het volgende geschreven: “(...) De heer Van Dantzig volgt de ontwikkelaar slaafs in diens voornemens niet langer met het collectief in overleg te gaan. De ondernemers hebben herhaaldelijk bij de heer Van Dantzig gemeld dat Marktkwartier zich niet aan de afspraken houdt en hem gevraagd regie te nemen. De ondernemers zijn steeds door de heer Van Dantzig en zijn ambtenaren terugverwezen naar Marktkwartier. (...) De vereniging stelt dat de opzegging van Marktkwartier onrechtmatig is en dat derhalve de samenwerking en de Hoofdlijnenovereenkomst onverminderd van kracht zijn. De berichtgeving van de heer Van Dantzig is daarmee eenzijdig en onjuist. Wij geven u in overweging de raadsinformatiebrief per ommegaande in te trekken dan wel vergaand te nuanceren. (...) Voor nu vertrouwen wij erop om uw rectificatie per ommegaande te ontvangen en herhalen wij ons verzoek aan u om regie te nemen in de herstructurering van het Food Center Amsterdam en op korte termijn met elkaar rond de tafel te gaan. (...)”

2.25.

Naar aanleiding van een op 15 oktober 2024 gevoerd gesprek tussen de Gemeente (wethouder Van Dantzig en een aantal ambtenaren) en de Vereniging, heeft de Vereniging op 18 oktober 2024 een brief aan Van Dantzig en de gemeenteraad gestuurd. Aan het slot van die brief staat voor zover hier van belang het volgende:“(...) Op grond van het voorgaande dient de mededeling van de heer Van Dantzig, dat hij de vereniging niet als gesprekspartner accepteert en niets wil veranderen aan de door de ontwikkelaar eenzijdig stopgezette samenwerking, dringend te worden heroverwogen. Ook bij de uitoefening van privaatrechtelijke taken is de gemeente gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Door eenzijdig en zonder hoor en wederhoor de ontwikkelaar te volgen in diens eenzijdige stopzetting van de samenwerking en onjuiste informatie, handelt de gemeente niet zoals van een zorgvuldige overheid mag worden verwacht. De gevolgen voor de ondernemers zijn enorm. Daarom verzoeken wij de gemeente te bevestigen dat zij:

a. de ontwikkelaar zal wijzen op de samenwerking met de vereniging en de wijze waarop de ontwikkelaar wederom de bouw van de woningen vertraagd;

b. erop toe zal zien dat de ontwikkelaar handelt binnen de kaders van het Ambitiedocument, de Inschrijving en de REOK en de met de ondernemers gemaakte afspraken;

c. de inhoud van de REOK deelt met de vereniging;

d. haar positie met betrekking tot onder meer erfpacht- en opstalvoorwaarden voortaan rechtstreeks aan de ondernemers kenbaar maakt, zodat zij weten waar zij aan toe zijn;

e. zich in algemene zin actief inzet voor een levensvatbaar Food Center, van de overeengekomen omvang. (...)”

2.26.

Bij brief van 18 november 2024 heeft Van Dantzig voor zover hier van belang het volgende aan de Vereniging geschreven:“(...) Zoals u in uw brief van 8 oktober jl. terecht stelt, betreft het aan u gerichte schrijven van Marktkwartier van 4 oktober 2024 een eenzijdige opzegging van de met u gesloten Hoofdlijnenovereenkomst door Marktkwartier. De gemeente is daarbij zoals u weet geen partij, maar gezien de betekenis van deze stap van Marktkwartier voor de herstructurering van het Food Center, lag het wel op mijn weg om de gemeenteraad over dit juridische feit te informeren hetgeen ik bij mijn raadsinformatiebrief van 4 oktober 2024 heb gedaan. Ik zie geen enkele reden om daarop terug te komen. In reactie op uw brief van 18 oktober 2024 laat ik u nogmaals weten dat de contractueel vastgelegde samenwerking tussen de gemeente en Marktkwartier niet ter discussie staat. Dit betekent dat het aan Marktkwartier is om binnen de kaders van de REOK uitvoering te geven aan de herstructurering en tot overeenstemming te komen met de ondernemers. Gelet daarop zal de gemeente de afspraken aangaande de inhoud van de erfpacht- en opstalvoorwaarden conform de REOK blijven maken met Marktkwartier en zal Marktkwartier het resultaat van deze afspraken inbrengen in haar onderhandelingen met de ondernemers.(...)Zoals ik u in mijn brief van 4 oktober 2024 reeds liet weten, zullen de gemeente en Marktkwartier de herstructurering van het Plangebied (inclusief minimaal 95.000 m2 B.V.O. ten behoeve van Buikbedrijven en Servicebedrijven op het nieuwe Food Center) voortvarend ter hand blijven nemen. (...)”

2.27.

Bij brief van 28 november 2024 heeft de Vereniging voor zover hier van belang het volgende aan de Gemeente geschreven: “(...) De Vereniging Herstructurering FCA stelt dat sprake is van strijd met de Didam criteria zo lang geen sprake is van een integraal plaatsingsplan, dat door de ondernemers of de Vereniging als hun vertegenwoordiger is goedgekeurd. Met het eenzijdig ontvallen van de HLO door Marktkwartier ontvalt dan ook de mogelijkheid om de ondernemers uniek te verklaren. Zou nu conform de REOK één ondernemer worden aangewezen voor een kavel in fase 1, 2 of 3, dan handelt de gemeente daarmee onrechtmatig.(...)Middels deze sommatie verzoekt Vereniging [naam vereniging] de gemeente binnen 14 dagen te bevestigen, dat zij zal afzien van uitgifte van nieuw uit te geven percelen op gronden die onderdeel zijn van het huidige besloten bedrijventerrein en dat zij pas tot uitgifte zal worden overgaan nadat een integraal plaatsingsplan is vastgesteld, waarin minimaal alle zittende ondernemers die daarom verzoeken worden geherhuisvest op het Food Center Amsterdam. Tevens verzoeken wij de gemeente voor 31 december 2024 duidelijk te maken op welke wijze zij het integraal plaatsingsplan op zal stellen, op welke wijze zij beoogd de nieuw uit te geven percelen op het Food Center Amsterdam uit te geven en wie de beoogde erfpachters zullen zijn. (...)”

2.28.

Bij brief van 27 februari 2025 heeft Marktkwartier aan de Gemeente verzocht:“(...) om, onder nog nader overeen te komen voorwaarden, over te gaan tot uitgifte in erfpacht van:

- Het op Bijlage 1 met A aangegeven perceel grond aan Exploitatiemaatschappij Wheere B.V.;

en

- Het op Bijlage 1 met B aangegeven perceel grond aan Marktkwartier C.V.”

2.29.

Bij brief van 5 maart 2025 heeft de Gemeente voor zover hier van belang het volgende aan de Vereniging geschreven: “(...) De gemeente ziet geen gronden om mee te gaan in uw verzoeken c.q. sommaties. De gemeente zal niet afzien van uitgifte van nieuw uit te geven percelen en zal evenmin overgaan tot het vaststellen van een integraal plaatsingsplan. Er is geen regel die uitgifte zonder meer verbiedt of die tot een dergelijk plan verplicht.

Wel is de gemeente voornemens om, tijdig voorafgaande aan uitgifte, bij openbare mededeling inzicht te geven over concreet voorgenomen transacties en de wijze waarop erfpachters door de gemeente worden geselecteerd. De mededeling zal op korte termijn (...) in het Gemeenteblad worden geplaatst. Voor nu wordt opgemerkt (...) dat tussen de gemeente en Marktkwartier CV. de Realisatie- en exploitatieovereenkomst geldt en dat de gemeente voornemens is om die na te komen. (...)”

2.30.

Bij brief van 11 maart 2025 heeft de Vereniging de Gemeente – kort gezegd – onder meer gewezen op de Didam-criteria en de REOK en is de Gemeente verzocht om een en ander te betrekken in het doen van de aangekondigde mededeling.

2.31.

Op 12 maart 2025 heeft (het college van B&W van) de Gemeente in het Gemeenteblad de “Kennisgeving voornemen tot uitgifte in erfpacht van percelen grond Food Center Amsterdam” gepubliceerd. Daarin staat voor zover hier van belang het volgende:

“(...) De gemeente Amsterdam is voornemens om ten behoeve van het project Food Center Amsterdam verschillende percelen uit te geven in erfpacht. (...) In de onderstaande kaart is het plangebied weergegeven, met in lila de op korte termijn in erfpacht uit te geven gronden. (...) De selectie per perceel van een partij binnen het plangebied wordt gebaseerd op een aanwijzing aan of door Marktkwartier C.V. In Marktkwartier C.V. zijn als vennoten Ballast Nedam en VolkerWessels verenigd.

Het voornemen van de gemeente tot uitgiften aan Marktkwartier C.V. of op aanwijzing door Marktkwartier C.V., vloeit voort uit de tussen deze beide partijen gesloten Realisatie- en exploitatieovereenkomst FCA (hierna te noemen: “REOK”). De REOK dateert van 19 december 2013 en is gepubliceerd en gegund in een Europese aanbestedingsprocedure (concurrentiegerichte dialoog) voor het ‘project Herstructurering FCA’, waarin Ballast Nedam en VolkerWessels de economisch meest voordelige inschrijving hebben gedaan. De REOK geeft Marktkwartier C.V. de bevoegdheid om partijen voor verwerving van bepaalde percelen in erfpacht in het plangebied aan te wijzen. Hieruit volgt dat de gemeente geen percelen uitgeeft anders dan aan Marktkwartier C.V. of aan een partij die door Marktkwartier C.V. is aangewezen. Niet uitgesloten is dat Marktkwartier C.V. zichzelf, een van haar vennoten of een aan haar of aan haar vennoten gelieerde partij aanwijst. Ook in dat geval kan de gemeente Amsterdam percelen in het plangebied aan de aangewezen partij uitgeven in erfpacht. De genoemde Europese aanbestedingsprocedure is een transparante selectieprocedure als bedoeld in de Didam-arresten (...) In het kader van die procedure kon elke serieuze gegadigde zich melden om een kans te maken om het gebied te herstructureren met de daarbij behorende bevoegdheid om aan te wijzen welke partij de percelen krijgt. De aanwijzing van partijen aan wie de gemeente de percelen zal uitgeven, door Marktkwartier op basis van het aanwijsrecht, vormt bovendien een objectief, redelijk en toetsbaar criterium op grond waarvan de desbetreffende partijen als enige serieuze gegadigde kwalificeren. (...) De Gemeente zal op korte termijn overgaan tot de volgende uitgiften in erfpacht aan Marktkwartier C.V. op grond van de REOK, dan wel op grond van het gegeven dat de hierna te noemen partijen voor de hierna te noemen percelen, gelegen binnen het plangebied, door Marktkwartier C.V. zijn aangewezen.

Allereerst betreft het een uitgifte van een erfpachtrecht aan Exploitatiemaatschappij Wheere B.V. aangaande het perceel zoals met hoofdletter A aangeduid op bovenstaande kaart (...) Daarnaast zal een erfpachtrecht worden uitgegeven aan Marktkwartier C.V. aangaande het perceel zoals met hoofdletter B aangeduid op bovenstaande kaart (...)

Met deze kennisgeving geeft de gemeente Amsterdam openheid over haar algemene voornemen tot uitgifte van het gehele plangebied in erfpacht en over het feit dat de percelen worden uitgegeven aan Marktkwartier C.V., dan wel partijen die door Marktkwartier C.V. worden aangewezen. Voor toekomstige uitgiften binnen het plangebied op de hiervoor beschreven wijze zal niet telkens een afzonderlijke publicatie in het Gemeenteblad plaatsvinden. Op de website (...) van de gemeente wordt een kaart en een lijst geplaatst waarin is weergegeven welke partij zich op welk perceel heeft gevestigd resp. zal vestigen voor zover bekend. Na elk voornemen tot uitgifte zal de gemeente Amsterdam de kaart en de lijst bijwerken. Anders dan het geval is na publicatie van de onderhavige kennisgeving (zie nader hieronder) zal de gemeente Amsterdam bij toekomstige uitgiftevoornemens binnen het plangebied geen opschortende termijn in acht nemen tussen de bijwerking van de kaart en lijst op de hiervoor bedoelde gemeentelijke website en de definitieve overeenkomst tot uitgifte in erfpacht resp. de vestiging van het erfpachtrecht. (...) Partijen die zich niet kunnen verenigen met een of meer van de voornemens uit de onderhavige kennisgeving of enig ander onderdeel daarvan, dienen uiterlijk 20 kalenderdagen na publicatie van dit voornemen in het Gemeenteblad een gerechtelijke procedure in kort geding aanhangig te hebben gemaakt

tegen de gemeente Amsterdam. (...)”

2.32.

Op 19 mei 2025 heeft het Adviesteam Selectie Marktpartijen van de Gemeente op verzoek van de directeur Grond & Ontwikkeling van de Gemeente een advies uitgebracht over de uitgifte van de verschillende percelen, met conclusie dat de voorgenomen transacties doorgang kunnen vinden. Diezelfde dag heeft de directeur Grond & Ontwikkeling van de Gemeente een afwijkingsbesluit genomen met de volgende conclusie:“(...) Hiermee bevestig ik, namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, dat is besloten om ter zake van de voorgenomen transacties beschreven in Gemeenteblad 2025 nr. 104897 (...) geen nieuwe openbare selectieprocedure te organiseren, primair omdat met de aanbesteding van de REOK reeds een openbare procedure heeft plaatsgehad en subsidiair omdat aanwijzingen van Marktkwartier krachtens de contractuele aanwijsbevoegdheid van Marktkwartier onder de REOK uniciteit opleveren zoals medegedeeld bij

voornoemde kennisgeving en zoals bevestigd in het advies van het Adviesteam.”

3 Het geschil in de hoofdzaak

3.1.

De Vereniging c.s. vorderen – na wijziging van eis – om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:

I. de Gemeente te verbieden om over te gaan tot uitgifte aan Marktkwartier, een van haar vennoten of een aan haar of aan haar vennoten gelieerde partij, van een of meerdere erfpachtrechten of andere zakelijke genotsrechten ten aanzien van de kadastrale percelen zoals opgenomen in productie 33 A bij de akte wijziging van eis, voor wat betreft de met de blauwe lijn omgrensde gedeelten daarvan, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom aan elk van de afzonderlijke eisers ineens van € 300.000,00, althans zodanige dwangsommen als juist worden geacht;

II. elk van Marktkwartier en Marktkwartier Amsterdam Beheer B.V. te verbieden om over te gaan tot afname van een of meerdere erfpachtrechten of andere zakelijke genotsrechten ten aanzien van de kadastrale percelen zoals opgenomen in productie 33 A bij de akte wijziging van eis, voor wat betreft de met de blauwe lijn omgrensde gedeelten daarvan, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom aan elk van de afzonderlijke eisers ineens van € 3.000.000,00, althans zodanige dwangsommen als juist worden geacht;

III. gedaagden hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten, waaronder de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.2.

De Vereniging c.s. stellen daartoe – samengevat – het volgende.

3.2.1.

De voorgenomen gronduitgifte door de Gemeente en het voornemen verdere gronduitgiftes niet meer te publiceren zijn onrechtmatig om de volgende redenen:- De REOK biedt geen grondslag voor de gronduitgifte aan Marktkwartier. Als dat wel zo zou zijn, dan zou de Gemeente zich op haar opschortingsrecht moeten beroepen vanwege het overschrijden van de mijlpaaldata.

- Het aanwijsrecht van Marktkwartier zelf is nietig dan wel vernietigbaar.

- Het aanwijsrecht impliceert dat gronduitgifte aan Marktkwartier zelf uitgesloten is.

- De Gemeente handhaaft de deelmarkten niet met uitgifte aan Marktkwartier.- De Gemeente schendt de rechten van de ondernemers op het verdisconteren van lopende canon in hun nieuwe erfpachtrechten.- De Gemeente schendt de afspraken welke Marktkwartier bevoegd met de ondernemers heeft gemaakt over de canon.- De Gemeente handelt in strijd met de Didam-criteria.- De Gemeente handelt in strijd met het Ambitiedocument.- De Gemeente handelt in strijd met het vertrouwensbeginsel.- Er is sprake van wezenlijke wijzigingen in de REOK, wat in strijd is met het aanbestedingsrecht.- De Gemeente handelt in strijd met het bestemmingsplan.

- De Gemeente handelt in strijd met haar gronduitgiftebeleid.- Het geheimhouden van de REOK is in strijd met het transparantiebeginsel.- Er is zijdens de Gemeente sprake van een voornemen tot het begaan van een gekwalificeerde normschending. - De Gemeente handelt in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel door te handelen in strijd met haar Beleidsregel selectieprocessen bij gronduitgifte voor gebiedsontwikkeling.

3.2.2.

Hetgeen door de Gemeente en Marktkwartier c.s. is aangevoerd met betrekking tot het terugleveren of inleveren van de aan Marktkwartier in erfpacht uit te geven percelen aan de Gemeente zodra de omgevingsvergunning onherroepelijk is, wordt door de Vereniging c.s. betwist. Uit niets blijkt dat dat het geval is, laat staan onder welke voorwaarden dat zal geschieden. Uitgegaan moet worden van erfpacht voor de duur van 50 jaar zoals opgenomen in de REOK. De Gemeente en Marktkwartier c.s. hebben een dergelijke terugleverafspraak niet onderbouwd. Het tijdelijk in erfpacht uitgeven van perceel B aan Marktkwartier is onwaarschijnlijk, onlogisch en innerlijk tegenstrijdig.

3.2.3.

De ondernemers vorderen nakoming van de VIA’s in de vorm van een verbod om in strijd met de verplichtingen van Marktkwartier uit hoofde van de VIA’s te handelen. Het aanwijsrecht van Marktkwartier houdt niet in dat zij zichzelf mag aanwijzen. Indien Marktkwartier niet afziet van afname in erfpacht van het perceel dat met B is aangeduid in de kennisgeving van 12 maart 2025 pleegt zij wanprestatie jegens de ondernemers om de volgende redenen:- Marktkwartier handelt in strijd met artikel 6.1 van het VIA door de grond zelf af te nemen. In dat artikel staat dat Marktkwartier zal bewerkstelligen dat de Gemeente aan de Ondernemer aanbiedt: het voortdurend recht van erfpacht van het perceel grond deel uitmakend van het nieuwe FCA, waarop de nieuwe bedrijfsruimte wordt gerealiseerd ingevolge de aanbieding.

- Marktkwartier handelt in strijd met artikel 6.2 van het VIA door de grond niet voor te belasten met opstalrechten. In dat artikel staat dat voor de uitgifte in erfpacht de grond dient te worden voorbelast met opstalrechten ten gunste van een door de gezamenlijke ondernemers op te richten coöperatie.- Marktkwartier handelt in strijd met artikel 13.3 van het VIA door individuele afspraken met de ondernemers te maken in plaats van met de Vereniging door te onderhandelen om te komen tot een door het Onderhandelingsteam goedgekeurde aanbieding voor hervestiging (DIA). In dat artikel staat dat het DIA in het Onderhandelingsteam wordt goedgekeurd, maar het onderhandelingsteam is niet meer actief sinds de opzegging van de HLO.

- Marktkwartier handelt in strijd met het VIA, omdat zij haar voorwaarden pas nadat zij over de grond beschikt aan de ondernemers bekend kan maken. In het VIA is bepaald dat eerst sprake moet zijn van een door de ondernemer aanvaarde definitieve aanbieding voordat de grond wordt uitgegeven. Als Marktkwartier beschikt over de grond heeft zij een dwangpositie jegens elke individuele ondernemer.- Het bepaalde in artikel 12 van de HLO (verdisconteren lopende erfpachtcanon bij nieuwe uitgifte door de Gemeente) welk artikel van toepassing is verklaard in artikel 6.7 en 6.8 van de VIA, wordt niet nagekomen door Marktkwartier

- Het bepaalde in artikel 6.9 van het VIA (de uitgifte van de erfpacht aan de ondernemer) wordt niet nagekomen door Marktkwartier.- Het bepaalde in artikel 6.12 van het VIA (de Gemeente doet de aanbieding conform het als bijlage aangehechte concept en de daarin genoemde voorwaarden) wordt niet nagekomen door Marktkwartier.

3.2.4.

Marktkwartier heeft de VIA’s niet ontbonden. Het VIA bevat definitieve bindende afspraken en schept onomkeerbare en afdwingbare verplichtingen. Aan de voorwaarden waaraan een definitieve aanbieding moet voldoen is nog niet voldaan. Het is prematuur om nu met de bouw te starten. Het is niet in het belang van de ondernemers dat nu met de bouw wordt gestart omdat het project nog niet uitontwikkeld is. Als Marktkwartier nu start met de bouw, dan start zij de bouw van een project waarmee de ondernemers niet hebben ingestemd en welk ontwerp niet voldoet aan de technische en functionele eisen van de ondernemers. Starten van de bouw, zonder afspraken te maken over de zwaarte van de fundering en over de vloerbelasting van het parkeerdek, is niet mogelijk. Zonder erfpacht kunnen de ondernemers tijdens de bouw geen directie leveringen uitvoeren. Ook de in de VIA voorziene turnkey-oplevering zal niet mogelijk zijn. Alle vertraging komt voor rekening en risico van Marktkwartier als risicodragend ontwikkelaar. Het nu starten met de bouw zal leiden tot grotere vertraging. Dat het niet tot overeenstemming is gekomen is geheel te wijten aan Marktkwartier.

3.2.5.

Voor een integrale belangenafweging is geen ruimte, maar bij een eventuele belangenafweging dient in het belang van de Vereniging c.s. uit te vallen. Zij hebben er zwaarwegende belangen bij dat zij niet voor onomkeerbare feiten worden gesteld en dat zij aanspraak houden op het rechtstreeks uitgeven van de erfpachtpercelen door de Gemeente aan hen. De Vereniging c.s. hebben er recht op en belang bij dat die uitgifte op een transparante wijze gebeurt, waarbij gelijke gevallen gelijk worden behandeld en de ondernemers niet door een ontwikkelaar tegen elkaar uitgespeeld kunnen worden in een ondoorzichtig proces, waarbij geen garanties bestaan dat alle ondernemers een grondaanbieding krijgen en tegen welke voorwaarden. Het nu starten met de bouw is niet in het belang van de ondernemers. Het belang van de Gemeente en Marktkwartier om de grond nu aan Marktkwartier uit te geven, is onduidelijk en niet onderbouwd. Die gronduitgifte is niet alleen onrechtmatig en in strijd met de geldende afspraken, maar het valt ook niet in te zien waarom perceel B nu aan Marktkwartier zou moeten worden uitgegeven. Als zij wil beginnen met bouwen dient zij eerst een passende aanbieding aan de ondernemers te doen.

3.2.6.

Gelet op de gronduitgifte die op zeer korte termijn zal plaatsvinden en de mogelijk onomkeerbare rechtsgevolgen, hebben de Vereniging c.s. een spoedeisend belang bij hun vorderingen. Bij onverhoopte afwijzing van de vorderingen hebben de Vereniging c.s. er belang bij dat wordt bepaald dat de Gemeente en Marktkwartier pas gerechtigd zijn tot het uitgeven en afnemen van perceel B zodra dit vonnis is kracht van gewijsde is gedaan, aldus steeds de Vereniging c.s.

3.3.

De Gemeente en Marktkwartier c.s. voeren ieder afzonderlijk verweer.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, (nader) ingegaan.

4 Het geschil in het incident

5 De beoordeling in het incident

6 De beoordeling in de hoofdzaak

7 De beslissing