Rechtbank Den Haag, 22-01-2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:566, C/09/501152 / KG ZA 15-1858
Rechtbank Den Haag, 22-01-2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:566, C/09/501152 / KG ZA 15-1858
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 22 januari 2016
- Datum publicatie
- 22 januari 2016
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2016:566
- Zaaknummer
- C/09/501152 / KG ZA 15-1858
Inhoudsindicatie
Kort geding. Beheerder van leegstaand vastgoed vs viertal gedaagden. Geschil over opzeggen overeenkomst tijdelijk gebruik.
Uitspraak
Team Handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/501152 / KG ZA 15-1858
Vonnis in kort geding van 22 januari 2016
in de zaak van
de besloten vennootschap
Ad Hoc Beheer B.V.
gevestigd te Den Haag,
eiseres,
verweerster in het incident,
advocaat mr. H.G. Ruis te Meppel,
tegen:
1 [gedaagde 1] ,
2. [gedaagde 2],
3. [gedaagde 3],
4. [gedaagde 4],
allen wonende te [woonplaats] ,
gedaagden, verweerders in het incident,
advocaat mrs. R.F. de Jong en J.W.C. Bruins te Amsterdam,
waarin zich heeft gevoegd:
het kerkgenootschap
Klooster Euphrasia,
eiseres in het incident,
gevestigd te Bloemendaal, advocaat mr. E. de Groot te Haarlem.
Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘Ad Hoc’, ‘ [gedaagde 1] c.s.’ en ‘Klooster Euphrasia’.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding, met producties;
- de door gedaagden overgelegde producties;
- de incidentele conclusie tot voeging, met producties;
- de op 8 januari 2016 gehouden mondelinge behandeling van de zaak, waarbij door Ad Hoc, [gedaagde 1] c.s. en Klooster Euphrasia pleitnotities zijn overgelegd.
Ter zitting is vonnis bepaald op heden.
2 Het incident tot voeging
Klooster Euphrasia heeft gevorderd zich te mogen voegen aan de zijde van Ad Hoc in de procedure tussen Ad Hoc en [gedaagde 1] c.s. Ter zitting van 8 januari 2016 hebben Ad Hoc en [gedaagde 1] c.s. verklaard geen bezwaar te hebben tegen de voeging. Klooster Euphrasia is vervolgens toegelaten als gevoegde partij, aangezien zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij daarbij voldoende belang heeft. Voorts is niet gebleken dat de toewijzing van de gevorderde voeging in de weg staat aan de vereiste spoed bij dit kort geding en de goede procesorde in het algemeen.