Rechtbank Den Haag, 07-09-2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11523, C/09/535469 KG ZA 17/899
Rechtbank Den Haag, 07-09-2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:11523, C/09/535469 KG ZA 17/899
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 7 september 2017
- Datum publicatie
- 11 oktober 2017
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2017:11523
- Zaaknummer
- C/09/535469 KG ZA 17/899
Inhoudsindicatie
Kort geding. Openbare aanbesteding. Eiseres is niet ontvankelijk in haar vorderingen. De dagvaarding is betekend een dag nadat de contractuele vervaltermijn eindigde.
Uitspraak
Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/535469 / KG ZA 17/899
Vonnis in kort geding van 7 september 2017
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Solyne B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
eiseres,
advocaat mr. F.A. Hoveijn te Utrecht,
tegen:
de publiekrechtelijke rechtspersoon
Gemeente Katwijk,
zetelende te Katwijk,
gedaagde,
advocaat mr. E.S. Jaques te Leiden.
Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘Solyne’ en ‘de Gemeente’.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- de door Solyne overgelegde producties;
- de door de Gemeente overgelegde conclusie van antwoord;
- de op 31 augustus 2017 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door beide partijen pleitnotities zijn overgelegd.
Ter zitting is vonnis bepaald op 14 september 2017. De voorzieningenrechter heeft dit vonnis – waarvan de uitkomst door de voorzieningenrechter ter zitting reeds aan partijen is meegedeeld – bij vervroeging heden uitgesproken.
2 De feiten
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
De Gemeente heeft op 31 maart 2017 aangekondigd en gepubliceerd de “Offerteaanvraag ten behoeve van de Europees openbare aanbesteding Raamovereenkomst voor inhuur van externen binnen de gemeente”. De opdracht betreft de dienstverlening voor de inhuur van externe personen (gedetacheerden) binnen de Gemeente. De opdracht wordt aanbesteed in twee percelen (hierna: de aanbesteding).
In de offerteaanvraag staat, voor zover thans relevant, vermeld:
“ II.10 BESLUITVORMING OMTRENT DE GUNNING
(...)
Een inschrijver verliest zijn recht om op te komen tegen de mededeling van de gunningsbeslissing wanneer de aanbestedende dienst niet binnen 20 kalenderdagen na de datum van verzending van de brief waarin de mededeling van de gunningsbeslissing bekend is gemaakt, is gedagvaard in kort geding voor de bevoegde voorzieningenrechter rechtbank Den Haag door betekening binnen de genoemde termijn van een kort geding dagvaarding op het adres van de aanbestedende dienst. Deze termijn betreft derhalve een vervaltermijn.
(...)”
Solyne drijft een onderneming die is gericht op het detacheren van technische professionals bij opdrachtgevers. De Gemeente was in het verleden een van die opdrachtgevers. Solyne heeft tijdig ingeschreven op de aanbesteding.
In een brief van 13 juni 2017 heeft de Gemeente aan Solyne meegedeeld dat haar inschrijving ongeldig is en dat zij niet voor gunning in aanmerking komt.
Voormelde brief is op 14 juni 2017 door Solyne ontvangen. In een e-mailbericht van 15 juni 2017 heeft de Gemeente (desgevraagd) de ongeldigverklaring nader onderbouwd en toegelicht waarom zij geen herstelmogelijkheid aan Solyne kan en wil bieden. In een e-mailbericht van 23 juni 2017 heeft de advocaat van Solyne aangegeven waarom Solyne zich niet kan vinden in de ongeldigverklaring en de onderbouwing daarvan. Hij verzoekt de Gemeente het besluit te heroverwegen. Op 30 juni 2017 heeft (de advocaat van) de Gemeente meegedeeld hiertoe niet te zullen overgaan en de opschortingstermijn niet te verlengen.
Op 3 juli 2017 heeft de advocaat van Solyne de verhinderdata van de Gemeente opgevraagd. Die zijn diezelfde dag in de namiddag verstrekt. Op 4 juli 2017 heeft de advocaat van Solyne een datum voor een kort geding aangevraagd en verkregen. De dagvaarding van dit geding is diezelfde dag aan de Gemeente betekend.
3 Het geschil
Solyne vordert, zakelijk weergegeven:
primair: de Gemeente te gebieden de ongeldigverklaring van de inschrijvingen van Solyne in te trekken en, voor zover zij de opdracht nog wenst te gunnen, deze voor beide percelen te gunnen aan Solyne;
subsidiair: de Gemeente te gebieden de ongeldigverklaring van de inschrijvingen van Solyne in te trekken en de inschrijvingen van Solyne opnieuw te beoordelen, al dan niet nadat Solyne in staat is gesteld om de volgens de Gemeente gestelde fouten bij de inschrijving te herstellen en op grond daarvan een nieuwe gunningsbeslissing te nemen;
meer subsidiair: de aanbestedingsprocedure af te breken en de Gemeente te gebieden tot heraanbesteding over te gaan en de Gemeente te verbieden om de opdracht onder de thans lopende aanbestedingsprocedure te gunnen;
een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom en met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten.
Daartoe voert Solyne – samengevat – het volgende aan. Haar inschrijving is ongeldig verklaard, omdat daarbij een niet ingevulde en niet ondertekende eerste versie van de door de Gemeente verstrekte eigen verklaring is overgelegd. De Gemeente heeft van die verklaring ook een nieuwere versie (2.0) verstrekt, die volgens de tweede Nota van Inlichtingen gebruikt moest worden. Gelet op meerdere omstandigheden heeft de Gemeente ten onrechte nagelaten om aan Solyne een termijn te geven om dit te herstellen. Ook is er sprake van nog andere fouten in de aanbesteding en de Gemeente heeft gehandeld in strijd met diverse beginselen van het aanbestedingsrecht.
De Gemeente voert gemotiveerd verweer, dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.