Home

Rechtbank Den Haag, 21-06-2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:6271, C/09/573494 KG ZA 19-444

Rechtbank Den Haag, 21-06-2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:6271, C/09/573494 KG ZA 19-444

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
21 juni 2019
Datum publicatie
25 juni 2019
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2019:6271
Zaaknummer
C/09/573494 KG ZA 19-444

Inhoudsindicatie

Kort geding. Recht op vrijheid van meningsuiting vs. recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. Onrechtmatige uitlatingen.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/573494 / KG ZA 19-444

Vonnis in kort geding van 21 juni 2019

in de zaak van

1 STICHTING HAAGSE WIJK- EN WOONZORG te Den Haag,

2. [eiseres sub 2] te [plaats] ,

eiseressen,

advocaat mr. E.J. Eijsberg te Rotterdam

tegen:

[gedaagde] te [plaats] ,

gedaagde,

advocaat mr. E.J.W.F. Deen te Den Haag.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘HWW’, ‘ [eiseres sub 2] ’ en ‘ [gedaagde] ’. Eiseressen zullen gezamenlijk worden aangeduid als HWW c.s.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties 1 tot en met 7;

- de bij brief van 4 juni 2019 door [gedaagde] overgelegde producties 1 tot en met 8;

- de bij brief van 7 juni 2019 door HWW c.s. overgelegde producties 8 en 9

- de bij brief van 11 juni 2019 door [gedaagde] overgelegde producties 9 tot en met 12;

- de bij de mondelinge behandeling door HWW c.s. en [gedaagde] overgelegde pleitnotities.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 14 juni 2019. Ter zitting is vonnis bepaald op heden.

2 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

2.1.

HWW is een aanbieder van zorg in de regio Den Haag. De zorg wordt verleend vanuit elf zorginstellingen, waaronder Zorghuis [X] . In Zorghuis [X] wonen onder meer zelfstandige ouderen en cliënten met een indicatie voor verzorging zonder verblijf.

2.2.

[eiseres sub 2] is in dienst bij HWW. Zij is werkzaam in de functie Teamleider in zorghuis [X] .

2.3.

[gedaagde] is de zus van wijlen mevrouw [mw. A] . [mw. A] heeft tot haar overlijden op [datum overlijden] gedurende een periode van circa acht maanden in Zorghuis [X] verbleven.

2.4.

Op 11 februari 2019 heeft [gedaagde] een e-mailbericht gestuurd aan [eiseres sub 2] waarin zij onder ander het volgende schrijft:

Geachte mevrouw [eiseres sub 2] ,

(...)

Ik wil u bedanken voor de goede zorgen voor mijn zus.

(...)

2.5.

Nadien heeft [gedaagde] onder meer onderstaand bericht en verschillende filmpjes op haar Facebookpagina geplaatst.

Ik heb medicijnen niet verkeerd uitgedeeld! Ik heb mijn zus niet aan haar lot overgelaten. Ik laat geen verslaafde in een woonzorg wonen.

Ik en mijn moeder hebben overal achter aan moeten zitten zoals het wegen!! Toen mijn zus magerder werd. Niks hebben jullie ondernomen!! Ik heb niet gezegd tegen een patiënt rook maar in jou kamer. Terwijl ze een ernstige ziek was. Iemand die copd gold vier had!!! Hoe vaak heb ik en mijn moeder niet zitten wachten tot dat er iemand bij mijn zus kwam. En [eiseres sub 2] zei je niet!!! (GA JE NU GEWOON WEER ETEN. KRIJG JE HET NOU NIET BENAUWD) IK HEB GETUIGE DIE ER BIJ WAS. KOM MAAR OP. KLACHT KOMT ER ZEKER!!!

In de filmpjes zegt [gedaagde] dat [eiseres sub 2] een spion is, die alles over het personeel van het verzorgingstehuis aan de directie doorspeelt. Ook noemt zij [eiseres sub 2] een gluiperd. Daarnaast zegt ze: “Jij hebt wel een kind verloren, maar je bent een ijskoude priem”. Het Zorghuis [X] beschuldigt zij onder andere van diefstal van zaken die aan haar zus toebehoorden, het uitdelen van verkeerde medicijnen en het aan haar lot overlaten van haar zus.

2.6.

Bij brief van 24 april 2019 heeft de advocaat van HWW c.s. namens [eiseres sub 2] [gedaagde] gesommeerd zich te onthouden van het doen van onrechtmatige uitlatingen over [eiseres sub 2] , de reeds gedane onrechtmatige uitlatingen te verwijderen en verwijderd te houden en de relevante zoekmachines te verzoeken de zoekresultaten waarin [eiseres sub 2] door [gedaagde] wordt genoemd en/of beschuldigd te verwijderen en verwijderd te houden.

2.7.

In reactie hierop heeft [gedaagde] het volgende bericht op haar Facebook geplaatst.

[X]

[eiseres sub 2] heeft één advocaat ingeschakeld om mijn mond te snoeren. Nu wordt het echt oorlog [eiseres sub 2] !! Ik sta in mijn recht!!

Ik dien nu officieel een klacht in.

Maar wel met een advocaat (...)

Ook heeft zij op haar Facebookpagina wederom filmpjes geplaatst waarin zij haar beschuldigingen en verwijten aan het adres van [eiseres sub 2] en Zorghuis [X] herhaalt.

2.8.

Op 29 april 2019 heeft [gedaagde] het Zorghuis [X] bezocht en kenbaar gemaakt dat zij een gesprek met [eiseres sub 2] wenste. Na dit bezoek heeft zij het volgende bericht –voorzien van negatief getinte emoticons – op haar Facebookpagina geplaatst:

Vandaag naar het woonzorg [X] gereden. Ik had er flink de pest in. Want ik laat me mij niet zo behandelen!! Zelf was ze niet aanwezig. Dus heb ik het ook tegen die andere vrouw gezegd. Die mijn zus binnen haalde. Ze wilde er niet over praten. En een klacht via hun site. Ik bel morgen gelijk op. Want dat zijn de stappen die je eerst moet nemen. Om er een zaak van te maken. Eerst moet je het doorgeven aan het woonzorg dat je een klacht indiend. Dan moet je de klacht indienen via de website. Klacht niet wordt gegrond. Naar de rechtbank. Hadden ze maar niet moeten stelen van een overledene (...).

2.9.

Bij brief van 30 april 2019 heeft de Raad van Bestuur van HWW [gedaagde] de toegang tot het Zorghuis [X] en alle overige locaties van HWW ontzegd. Als reden hiervoor is vermeld:

(...) het feit dat u ons (en in het bijzonder één van onze medewerksters, mevrouw [eiseres sub 2] ) lastig valt, beledigt en valselijk beschuldigt. Gisteren heeft in dat kader een incident plaatsgevonden op de locatie [X] , waarbij u luidkeels schreeuwend een gesprek met mevrouw [eiseres sub 2] eiste en pas na enkele verzoeken daartoe heeft u de locatie verlaten.

2.10.

Op 30 april 2019 heeft [gedaagde] een klacht ingediend bij HWW. Op het registratieforumlier is de klacht als volgt omschreven:

Na het overlijden van [mw. A] moest de kamer ontruimd worden door de familie. De zus van [mw. A] constateerde dat er spullen verdwenen waren en heeft dit gemeld bij het personeel. Mw. heeft ook aangegeven dat haar zus verkeerder medicatie heeft gekregen en dat dit ook bij andere bewoners voorkomt. Mw. vindt dat er een onderzoek moet komen naar de misstanden die in het [X] spelen. Mw. geeft aan dat medewerkers bang zijn om iets te zeggen, bang voor ontslag.

Mw. vertelde dat zij een aantal misstanden op facebook had vermeld. De teamleider [eiseres sub 2] heeft een advocaat ingeschakeld omdat zij met naam hierin genoemd is.

Mw. vindt het jammer dat zij niet in gesprek kon gaan met de teamleider.

2.11.

Naar aanleiding van deze klacht is [gedaagde] uitgenodigd voor een gesprek op 8 mei 2019. Dit gesprek heeft [gedaagde] op 7 mei 2019 geannuleerd.

2.12.

Op 13 mei 2019 heeft [eiseres sub 2] aangifte gedaan van smaad en laster.

3 Het geschil

4 De beoordeling van het geschil

5 De beslissing