Rechtbank Den Haag, 04-11-2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:14255, C/09/58972/HARK 20-/135
Rechtbank Den Haag, 04-11-2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:14255, C/09/58972/HARK 20-/135
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 4 november 2020
- Datum publicatie
- 3 maart 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2020:14255
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHDHA:2022:285, Meerdere afhandelingswijzen
- Zaaknummer
- C/09/58972/HARK 20-/135
Inhoudsindicatie
Ontslag statutair bestuurder rechtsgeldig gegeven.
Uitspraak
Zittingsplaats ’s-Gravenhage
RvV/CD
Zaaknummer: C/09/58972 / HA RK 20/135
4 november 2020
Beschikking van de rechtbank in de zaak van:
[verzoekster] , wonende te [woonplaats] ,
Verzoekster in de hoofdzaak en de incidenten,gemachtigde: mr. O. Diels,
tegen
de besloten vennootschap Apandam Europe B.V.,
statutair gevestigd te Den Haag en kantoorhoudende te Capelle aan den IJssel,verweerster in de hoofdzaak en de incidenten,
gemachtigde: mr. H.A.A. Voermans.
Partijen worden hierna aangeduid als “ [verzoekster] ” en “Apandam”.
1 De procedure
Op 20 maart 2020 heeft [verzoekster] een verzoekschrift (met producties) ingediend. Het verzoek strekt primair tot vernietiging van het ontslag op staande voet en subsidiair tot de veroordeling van Apandam tot betaling van een billijke vergoeding, een transitievergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging. In het verzoekschrift heeft [verzoekster] de rechtbank ook verzocht een voorlopige voorziening (op grond van artikel 223 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering) te treffen tot veroordeling van Apandam om het loon gedurende de procedure aan [verzoekster] door te betalen. Op 14 mei 2020 heeft [verzoekster] een aanvullend verzoekschrift (met nadere producties) ingediend. Daarin heeft [verzoekster] – kort gezegd – haar oorspronkelijke verzoek gewijzigd, althans aangevuld. Apandam heeft op 15 mei 2020 een verweerschrift (met producties) ingediend. [verzoekster] heeft daarna op 18 mei 2020 (opnieuw) een aanvullend verzoekschrift ingediend en haar verzoek gewijzigd. Zij heeft toen ook opnieuw aanvullende producties overgelegd.
Op 19 mei 2020 heeft in deze zaak een zitting plaatsgevonden. Namens [verzoekster] zijn mr. E.M. van der Niet en mr. O. Diels verschenen. Namens Apandam zijn [A] en [B] verschenen, bijgestaan door mr. H.A.A. Voermans. Van de zijde van Apandam zijn tijdens deze zitting pleitaantekeningen overgelegd. Van het overige dat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht, heeft de griffier aantekeningen gemaakt. Deze aantekeningen bevinden zich in het procesdossier. Partijen zijn na de zitting in de gelegenheid gesteld om het geschil in der minne op te lossen.
Op 9 juni 2020 heeft [verzoekster] per e-mail een nieuw verzoek gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening. Daarna is een nieuwe zitting bepaald op 23 september 2020. Voorafgaand aan die zitting heeft Apandam op 21 september 2020 een aanvullende productie overgelegd. Dat heeft [verzoekster] ook gedaan op 22 september 2020.
Op de zitting van 23 september 2020 is mr. S. Yang namens [verzoekster] verschenen. Zij werd bijgestaan door mr. O. Diels. Namens Apandam zijn opnieuw [A] en [B] verschenen. Zij werden bijgestaan door mr. H.A.A. Voermans. Van de zijde van Apandam zijn tijdens deze zitting (nieuwe) pleitaantekeningen overgelegd. Van het overige dat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht, heeft de griffier ook bij deze zitting aantekeningen gemaakt. Deze aantekeningen bevinden zich ook in het procesdossier.
De uitspraak in de hoofdzaak en de voorlopige voorzieningen is vervolgens bepaald op 4 november 2020.
2 De feiten in de hoofdzaak en in de incidenten
Apandam is op 15 juli 2016 opgericht door Ningbo O&B Trading Ltd. (hierna: Ningbo). Ningbo was op dat moment enig aandeelhouder van Apandam. Zij was gevestigd in de stad Ningbo te China (provincie Zhinjang). [mevrouw X] was op dat moment de enig aandeelhouder en statutair bestuurder van Ningbo. [verzoekster] is bij de oprichting van Apandam benoemd tot bestuurder van Apandam.
In de statuten van Apandam is, voor zover relevant, het volgende bepaald:
“(...)
Artikel 13. Levering van aandelen (...)
1. Voor de levering van een aandeel (...) is vereist een daartoe bestemde ten overstaan van een in Nederland standplaats hebbende notaris verleden akte waarbij de betrokkenen partij zijn.
(...)
Artikel 17. Benoeming, schorsing en ontslag.
(...)
2. Iedere directeur kan te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst en ontslagen.
(...)
Artikel 30. Besluitvorming met instemming van alle vergadergerechtigden.
Indien aan een of meer van de in de wet of statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet is voldaan, kunnen in een algemene vergadering slechts geldige besluiten worden genomen indien alle vergadergerechtigden ermee hebben ingestemd dat de besluitvorming plaatsvindt en de directeuren voorafgaand aan de besluitvorming in de gelegenheid zijn gesteld om advies uit te brengen.
(...)
Artikel 34. Besluitvorming buiten vergadering.
Aantekeningen.
1. Besluitvorming kan ook op andere wijze dan in een vergadering geschieden, mits alle vergadergerechtigden met deze wijze van besluitvorming hebben ingestemd. De stemmen worden schriftelijk uitgebracht. (...) De directeuren worden voorafgaand aan de besluitvorming in de gelegenheid gesteld om advies uit te brengen.
(...)”
Op 1 november 2018 is [verzoekster] in dienst getreden bij Apandam als managing director. In de schriftelijke arbeidsovereenkomst is in ‘section 6’ bepaald dat [verzoekster] voor haar werkzaamheden een bedrag van € 6.000,- per maand (exclusief emolumenten) aan salaris ontvangt.
Op 16 december 2019 is Ningbo in China ontbonden.
Op 16 januari 2020 is bij de Kamer van Koophandel een opgave gedaan om [verzoekster] uit te schrijven als bestuurder van Apandam.
In een op 17 januari 2020 gedateerd besluit is [verzoekster] met onmiddellijke ingang ontslag als bestuurder en als werknemer aangezegd. In het (ontslag)besluit is onder meer te lezen dat [verzoekster] wordt verweten dat zij frauduleuze handelingen heeft verricht. Het besluit is genomen door Ningbo en ondertekend door [mevrouw X].
Op 6 februari 2020 heeft de gemachtigde van Apandam een brief verzonden aan [verzoekster] en is aan haar kenbaar gemaakt dat zij in een aandeelhoudersbesluit is ontslagen.
Op 17 februari 2020 heeft [verzoekster] een bezwaarschrift ingediend bij de Kamer van Koophandel. Dit bezwaarschrift is gericht tegen de uitschrijving bij de Kamer van Koophandel van [verzoekster] als bestuurder van Apandam.
[verzoekster] heeft op 19 februari 2020 een brief verzonden aan Apandam. In die brief heeft zij zich – kort gezegd – op het standpunt gesteld dat het van 17 januari 2020 gedateerde besluit niet rechtsgeldig is genomen.
Op 24 april 2020 is een nieuw besluit genomen om [verzoekster] met onmiddellijke ingang te ontslaan als bestuurder en als werknemer van Apandam. Het besluit is genomen en ondertekend door [mevrouw X].
Op 28 april 2020 heeft de gemachtigde van Apandam een e-mail verzonden aan [verzoekster] . In die e-mail wordt [verzoekster] door Apandam (opnieuw) verweten dat zij frauduleuze handelingen heeft verricht. In de e-mail is verder te lezen dat Apandam voornemens is om [verzoekster] te ontslaan. Apandam heeft [verzoekster] in deze e-mail ook verzocht om vóór 1 mei 2020 te reageren op dit voornemen. [verzoekster] heeft diezelfde dag op deze e-mail geantwoord. In haar e-mail schrijft [verzoekster] dat er nog steeds geen aandeelhouder geregistreerd is bij Apandam. Het is volgens [verzoekster] daarom niet mogelijk om een rechtsgeldige aandeelhoudersvergadering te organiseren. Daarnaast heeft [verzoekster] zich in haar e-mail op het standpunt gesteld dat zij niet frauduleus heeft gehandeld.
Op 7 mei 2020 is opnieuw een besluit genomen om [verzoekster] met onmiddellijke ingang te ontslaan als bestuurder en als werknemer van Apandam. Het besluit is wederom genomen door [mevrouw X].
In een (Nederlandse) notariële akte van 11 mei 2020 is het volgende, voor zover relevant, opgenomen:
“(...) TRANSFER OF SHARES
Apandam Europe B.V.
On the eleventh day of May two thousand twenty appeared before me, (...) [mevrouw X] (...)
The appearing person, (...), declared as follows:
WHEREAS
- (...) Apandam Europe B.V., hereinafter also referred to as: “The Company”;(...)
- the issued share capital of the Company consists of five hundred (500) ordinary shares, each share having a par value of one hundred euro (€ 100), (...)
- on the sixteenth day of December two thousand nineteen, NingBo O&B Trading Co. Ltd has been dissolved;
- as appears form a legal opinion from Brighteous Law Firm, attached to this deed as Annex II , all the assets of NingBo O&B Trading Co. Ltd have passed by universal title of succession (onder algemene titel) to its last shareholder, being Mrs [mevrouw X].
CONFIRMATION AND TRANSFER
For the execution of the aforementioned, the appearing person, acting in het aforementioned capacity, hereby declares that on the basis of the aforementioned (...) opinion the Shares have passed under universal title of succession to [mevrouw X].
In order to comply with the legislation of the Netherlands and with the articles of association of the Company, the confirmation of the transfer of the Shares is hereby acknowledged in a Dutch notarial deed. As far as necessary, the Shares are accepted on behalf of [mevrouw X].
[mevrouw X] will be considered to be holder of the Shares as off the sixteenth day of December two thousand nineteen.
(...)
ACKNOWLEDGEMENT
Also appeared before me, (...):
Ms. [...] (...) acting on behalf of [mevrouw X], (...) declares, that it acknowledges the above-mentioned confirmation and transfer of the Shares to [mevrouw X] and that it shall register the same in the Company’s shareholders’ register.
The shareholders’ resolution, evidencing the appointment of Mrs [mevrouw X] as managing the director of the Company under the condition precedent, will be attached to this deed as Annex III .(...)”
Bij de notariële akte van 11 mei 2020 is een bijlage gevoegd. In die bijlage (“Annex III”) heeft [mevrouw X] namens Apandam een nieuw besluit genomen om zichzelf te benoemen als bestuurder van Apandam en [verzoekster] te ontslaan als bestuurder van Apandam.
Op 15 mei 2020 heeft de Kamer van Koophandel in een beschikking beslist om de opgave van 16 januari 2020, om [verzoekster] uit te schrijven als bestuurder van Apandam, te weigeren.
3 Het geschil
In de hoofdzaak
[verzoekster] verzoekt de rechtbank, bij beschikking, uitvoerbaar bij voorraad:
primair:
I. te verklaren voor recht dat het besluit van 17 januari 2020, althans 16 januari 2020, nietig is;
II. te verklaren voor recht dat de zowel de vennootschappelijke verhouding als de arbeidsovereenkomst na 16 januari 2020 is blijven voortduren;
III. te verklaren voor recht dat het besluit van 24 april 2020 nietig is;
IV. het besluit van 24 april 2020 voor zover nodig te vernietigen;
V. te verklaren voor recht dat de zowel de vennootschappelijke verhouding als de arbeidsovereenkomst na 24 april 2020 is blijven voortduren;
VI. te verklaren voor recht dat het besluit van 7 mei 2020 nietig is;
VII. het besluit van 7 mei 2020 voor zover nodig te vernietigen;
VIII. te verklaren voor recht dat de zowel de vennootschappelijke verhouding als de arbeidsovereenkomst na 7 mei 2020 is blijven voortduren;
IX. te verklaren voor recht dat het besluit van 9 mei 2020 nietig is;
X. het besluit van 9 mei 2020 voor zover nodig te vernietigen;
XI. te verklaren voor recht dat de zowel de vennootschappelijke verhouding als de arbeidsovereenkomst na 9 mei 2020 is blijven voortduren;
XII. het ontslag op staande voet voor zover nodig te vernietigen;
XIII. Apandam te veroordelen tot betaling van het salaris van [verzoekster] vanaf 1 januari 2020 tot het moment dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd, te vermeerderen met de wettelijke verhoging op grond van artikel 7:625 van het Burgerlijk Wetboek (BW) ter hoogte van 50% en de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag der algehele voldoening;
subsidiair:
XIV. Apandam te veroordelen tot betaling aan [verzoekster] van de billijke vergoeding ter hoogte van € 500.000,-, althans een door de rechtbank te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag der algehele voldoening;
XV. Apandam te veroordelen tot betaling aan [verzoekster] van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag der algehele voldoening;
XVI. Apandam te veroordelen tot betaling aan [verzoekster] van een transitievergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag der algehele voldoening;
zowel primair als subsidiair:
XVII. Apandam te veroordelen tot afgifte aan [verzoekster] van deugdelijke salarisspecificaties over de periode van januari 2020 tot heden, althans een door de rechtbank te bepalen periode, binnen drie dagen na deze beschikking, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van € 2.500,- per dag;
XVIII. Apandam te veroordelen in de proceskosten.
Aan dit verzoek legt [verzoekster] het volgende – samengevat – ten grondslag. Op 17 januari 2020 is door Ningbo een besluit genomen om [verzoekster] met onmiddellijke ingang te ontslaan als bestuurder van Apandam. Dit besluit is ondertekend door [mevrouw X] en [Y]. Het besluit is volgens [verzoekster] in strijd met artikel 2:244 BW en artikel 17, tweede lid, van de statuten van Apandam en is daarom niet rechtsgeldig genomen. Noch Ningbo, noch [mevrouw X] of [Y] waren op dat moment namelijk aandeelhoudster van Apandam. Daarna zijn op 24 april, 7 mei en 9 mei 2020 besluiten genomen door [mevrouw X] om [verzoekster] te ontslaan als bestuurder en [B] te benoemen als bestuurder van Apandam. Volgens [verzoekster] zijn ook deze besluiten nietig. Op 24 april en 7 mei 2020 waren de aandelen van (de op 16 december 2019 geliquideerde Chinese vennootschap) Ningbo namelijk niet overgegaan naar [mevrouw X], zodat zij namens Apandam geen rechtsgeldig besluit kon nemen. Hierbij speelt volgens [verzoekster] ook mee dat niet aan de overige wettelijke en/of statutaire vereisten is voldaan. Zo is [verzoekster] niet gehoord en is zij niet in de gelegenheid gesteld om haar raadgevende stem in (of buiten) de algemene vergadering te gebruiken. Ten aanzien van het besluit dat op 9 mei 2020 is genomen, heeft [verzoekster] naar voren gebracht dat er ook op dat moment geen sprake is van een rechtsgeldige overdracht van de aandelen. De notariële akte van 11 mei 2020 voldoet volgens [verzoekster] niet aan de vereisten van artikel 2:196, eerste lid, BW. [verzoekster] verzoekt de rechtbank daarom om een verklaring voor recht dat de besluiten van 16 januari, 24 april, 7 mei en 9 mei 2020 nietig zijn, althans om deze besluiten te vernietigen. [verzoekster] stelt zich daarbij op het standpunt dat de vennootschappelijke verhouding en de arbeidsovereenkomst zijn blijven voortduren. Zij verzoekt daarom ook de vernietiging van het ontslag op staande voet en tot de doorbetaling van haar loon vanaf 16 januari 2020 tot het moment waarop de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig tot een einde komt.
Voor zover (één van) de besluiten wel rechtsgeldig is genomen, verzoekt [verzoekster] op grond van artikel 7:681 lid 1 onder a, artikel 7:672 lid 10 en artikel 7:673 lid 1 BW om ten laste van Apandam respectievelijk een billijke vergoeding, gefixeerde schadevergoeding en transitievergoeding aan haar toe te kennen. Ten aanzien van de hoogte van de billijke vergoeding, heeft [verzoekster] aangevoerd dat er sprake is van een schimmig spel door Apandam en dat haar dienstverband nog minimaal tot 31 augustus 2022 had voortgeduurd. Ook heeft [verzoekster] in dit kader naar voren gebracht dat haar verblijfsvergunning in Nederland mogelijk niet verlengd zal worden door het gegeven ontslag.
Apandam verweert zich tegen het verzoek van [verzoekster] . Op dat verweer zal hierna – voor zover noodzakelijk – worden ingegaan.
In de incidenten
[verzoekster] heeft de rechtbank ook verzocht om twee voorlopige voorzieningen te treffen. In de eerste plaats heeft zij verzocht om tijdens de duur van het geding Apandam te veroordelen tot betaling van het loon vanaf januari 2020 tot de datum waarop de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd. Daarnaast heeft [verzoekster] verzocht om Apandam – kort gezegd – te veroordelen om kenbaar te maken welke relaties van Apandam vanaf 19 mei 2020 informatie hebben ontvangen over de opschorting, staking van samenwerking, gerechtelijke procedure en/of liquidatiesituatie van de onderneming.
Aan de stellingen die [verzoekster] aan de incidenten ten grondslag heeft gelegd alsmede op de verweren die Apandam daartegen heeft gevoerd, zal hierna – voor zover nodig – worden ingegaan.