Home

Rechtbank Den Haag, 22-04-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:4570, C/09/607172 / KG ZA 21-128

Rechtbank Den Haag, 22-04-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:4570, C/09/607172 / KG ZA 21-128

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
22 april 2021
Datum publicatie
3 mei 2021
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2021:4570
Zaaknummer
C/09/607172 / KG ZA 21-128

Inhoudsindicatie

Kort geding. Aanbesteding inkoop gebruiksartikelen justitiabelenwinkels. Afwijzing vorderingen. Geen fout in aanbesteding. Geen manipulatieve inschrijving winnaar. Overeenkomstig aangekondigd toetsingskader beoordeeld. Geen belang bij oordeel evidente fouten in beoordeling.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/607172 / KG ZA 21-128

Vonnis in kort geding van 22 april 2021

in de zaak van

GROOTHANDEL ALBATROS B.V. te Hoogeveen,

eiseres,

advocaat mr. C.S.G. de Lange te Groningen,

tegen:

STAAT DER NEDERLANDEN (het Ministerie van Veiligheid en Justitie, meer in het bijzonder de DIENST JUSTITIELE INRICHTINGEN) te Den Haag,

gedaagde,

advocaat mr M.S.A. Smith en mr. C.G.A.J. van Seeters te Den Haag,

waarin is tussengekomen:

SLIGRO FOOD GROUP NEDERLAND B.V., handelend onder de naam [X], te [plaats],

advocaat mr. C.A.M. Lombert en mr. E.S. Haalebos te Rotterdam,

Eiseres wordt hierna aangeduid als ‘Albatros’, gedaagde als ‘de Staat’ en de intervenient als ‘[X]’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 10 februari 2021 met de nadien overgelegde producties;

- de door de Staat overgelegde conclusie van antwoord met producties;

- de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging met producties van de zijde van [X];

- de op 1 april 2021 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door Albatros, de Staat en [X] pleitnotities zijn overgelegd.

1.2.

De vonnisdatum is nader bepaald op heden.

2 Het incident tot tussenkomst dan wel voeging

[X] heeft gevorderd te mogen tussenkomen in de procedure tussen Albatros en de Staat dan wel zich te mogen voegen aan de zijde van de Staat. Ter zitting hebben Albatros en de Staat verklaard geen bezwaar te hebben tegen de tussenkomst. [X] is vervolgens toegelaten als tussenkomende partij, aangezien zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij daarbij voldoende belang heeft. Voorts is niet gebleken dat de tussenkomst aan een voortvarende afdoening van dit kort geding in de weg staat. Hierdoor ontstaat ook geen strijd met de goede procesorde in het algemeen.

3 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

3.1.

De Dienst Justitiële Inrichtingen (hierna: de DJI) is op 2 november 2020 een openbare aanbesteding gestart voor de inkoop van gebruiksartikelen ten behoeve van de justitiabelenwinkels voor diverse DJI-inrichtingen. De inschrijving sloot op 17 december 2020. De raamovereenkomst die de DJI sluit met de winnende leverancier heeft een initiële looptijd van twee jaar. Vervolgens heeft de DJI de mogelijkheid de overeenkomst met nog eens twee jaar te verlengen. Gezien deze potentiële looptijd van vier jaar en het feit dat het gaat om gebruiksartikelen waarvan de prijzen veelal volatiel zijn, staat de DJI indexering van de inkooprijzen toe.

3.2.

De voorschriften rondom indexering zijn opgenomen onder Eisnummer 6 “Tarieven” in eis 54 van het Programma van Eisen. Deze eis luidt, voor zover van belang:

“Voor de 6 maanden na inwerkingstredingsdatum van de Raamovereenkomst gelden de all-in tarieven zoals opgegeven in het tarievenblad (...)

Eerst na een periode van zes maanden na de inwerkingstredingsdatum van deze Raamovereenkomst kunnen de in bijlage 4 Tarievenblad vermelde tarieven, tweemaal per contractjaar, worden geïndexeerd (...)

Slechts na schriftelijke overeenstemming tussen Koper en Leverancier kan de prijswijziging ingaan. De prijswijzigingen dienen conform het gestelde in deze raamovereenkomst te geschieden.

(...)

Voor de rookwaren geldt dat het tarief conform de banderolprijzen zal worden aangehouden. (...)”

3.3.

Albatros heeft tijdens de eerste Nota van Inlichtingen de volgende vraag gesteld over eis 54 van het Programma van Eisen:

Er staat ‘Voor de rookwaren geldt dat het tarief conform de banderolprijzen zal worden aangehouden’. Betekent dat dat de inschrijver banderolprijzen aan moet bieden en de Koper geen marge heeft op deze producten? Indien het zo is dat inschrijver banderolprijzen moet aanleveren op het tarievenblad, dan verzoeken wij u deze specifieke producten niet mee te nemen in de beoordeling, aangezien er enorme verschillen kunnen ontstaan met oude en nieuwe banderolprijzen.”

3.4.

De DJI heeft daarop geantwoord:

“Banderolprijzen zijn voor een ieder gelijk. De verkoopprijs bij rookwaren is bepaald door de banderolprijs. De inkoopprijs is daarentegen bepaald door de Leverancier. Eventuele marges bij rookwaren hangen dan ook af van de geoffreerde inkoopprijzen. De inkoopprijzen van rookwaren dienen aangeleverd te worden in het tarievenblad en worden meegenomen bij de beoordeling.”

3.5.

Albatros heeft bij de tweede Nota van Inlichtingen geen vragen meer gesteld over de rookwaren.

3.6.

Albatros en [X] hebben tijdig op deze aanbesteding ingeschreven.

3.7.

In de voorlopige gunningsbeslissing van 21 januari 2021 heeft de DJI aan Albatros medegedeeld dat de inschrijving van [X] als de “economisch meest voordelige inschrijving” is beoordeeld en dat de inschrijving van Albatros op de tweede plaats is geëindigd. Verder is aan Albatros medegedeeld dat de DJI het voornemen heeft om de opdracht aan [X] te gunnen.

4 Het geschil

5 De beoordeling van het geschil

6 De beslissing