Home

Rechtbank Den Haag, 02-07-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:6769, C/09/612635 KG ZA 21-508

Rechtbank Den Haag, 02-07-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:6769, C/09/612635 KG ZA 21-508

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
2 juli 2021
Datum publicatie
2 juli 2021
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2021:6769
Zaaknummer
C/09/612635 KG ZA 21-508

Inhoudsindicatie

Vordering tot staken en verwijderen uitlatingen over bestaan van satanisch-pedofiel netwerk en daarbij betrokken personen toegewezen. Het belang om gevrijwaard te blijven van ongefundeerde verdachtmakingen weegt in dit geval zwaarder dan de vrijheid van meningsuiting.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C-09-612635 - KG ZA 21-508

Vonnis in kort geding van 2 juli 2021

in de zaak van

1 GEMEENTE BODEGRAVEN -REEUWIJK te Bodegraven ,

2. [eiser 2] te [plaats] ,

eisers,

advocaat mr. C.A.H. van de Sanden te Utrecht,

tegen:

1 [gedaagde 1] te [plaats 2] ,

2. [gedaagde 2] te [plaats 3] ,

3. [gedaagde 3]thans verblijvende in de [plaats 4] ,

gedaagden,

procederend in persoon.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘de Gemeente’, ‘ [eiser 2] , ‘ [gedaagde 1] ’, ‘ [gedaagde 2] ’ en ‘ [gedaagde 3] ’. Gedaagden worden hierna gezamenlijk aangeduid als ‘ [gedaagden] ’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de exploten van dagvaarding van 1 juni 2021, met producties;

- het proces-verbaal van de op 7 juni 2021 gehouden mondelinge behandeling, waaruit volgt dat de mondelinge behandeling op die datum is geschorst in verband met een wrakingsverzoek van [gedaagde 1] ;

- het nadien ingekomen schriftelijke wrakingsverzoek van [gedaagde 2] ;

- de beslissingen van de meervoudige wrakingskamer van 15 juni 2021, waarbij de verzoeken tot wraking zijn afgewezen;

- de voortgezette mondelinge behandeling van 17 juni 2021, ter gelegenheid waarvan door de Gemeente pleitnotities zijn overgelegd.

1.2.

Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van 7 juni 2021 heeft de voorzieningenrechter de door de Gemeente overgelegde producties vanaf nummer 44 buiten beschouwing gelaten, omdat er niet vanuit kon worden gegaan dat [gedaagden] die producties (tijdig) hebben ontvangen. Ook de vier door [gedaagden] kort voor die zitting overgelegde videobestanden zijn door de voorzieningenrechter buiten beschouwing gelaten, omdat zij daarvan geen kennis meer heeft kunnen nemen. Tijdens de voortgezette mondelinge behandeling van 17 juni 2021 heeft de voorzieningenrechter het op de avond van 16 juni 2021 door [gedaagde 2] ingediende schriftelijke verweer, met producties, en de op 17 juni 2021 door [gedaagde 2] verstuurde e-mail met ‘een aantal punten ten behoeve van de zitting van vanmiddag’ eveneens buiten beschouwing gelaten, omdat deze stukken evenmin tijdig zijn ingediend.

1.3.

Ter zitting van 17 juni 2021 is vonnis bepaald op 8 juli 2021 of zoveel eerder als mogelijk.

2 De feiten

3 Het geschil

4 De beoordeling van het geschil

5 De beslissing