Home

Rechtbank Den Haag, 11-08-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:8816, C/09/611145 / KG ZA 21-407

Rechtbank Den Haag, 11-08-2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:8816, C/09/611145 / KG ZA 21-407

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
11 augustus 2021
Datum publicatie
12 augustus 2021
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2021:8816
Zaaknummer
C/09/611145 / KG ZA 21-407

Inhoudsindicatie

aanbesteding SAR-diensten kustwacht; inschrijving winnende inschrijver is niet ongeldig; er is geen sprake van ten onrechte toegekende fictieve kortingen en de gunningsbeslissing is voldoende gemotiveerd

Uitspraak

Team Handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/611145 / KG ZA 21-407

Vonnis in kort geding van 11 augustus 2021

in de zaak van

NOORDZEE HELIKOPTERS NEDERLAND B.V. te Rotterdam,

eiseres,

advocaten mrs. D. Santurio González en J. van de Giessen te Den Haag,

tegen:

DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Defensie, Defensie Materieel Organisatie) te Den Haag,

gedaagde,

advocaten mrs. A.L.M. de Graaf en J. Bakker te Den Haag,

waarin is tussengekomen:

BRISTOW HELICOPTERS LTD. te Aberdeen, Verenigd Koninkrijk,

advocaat mr. J.F. van Nouhuys te Rotterdam.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘NHN’, ‘DMO’ en ‘Bristow’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 26 april 2021, met producties 1 tot en met 9;

- de akte houdende een wijziging van eis, tevens houdende overlegging producties 10 tot en met 23;

- de incidentele conclusie van Bristow tot primair tussenkomst en subsidiair voeging;

- de conclusie van antwoord van DMO, met producties 1 tot en met 6;

- de brief van mr. Van de Giessen van 25 juni 2021, met producties 24 tot en met 30;

- de brief van mr. Van de Giessen van 25 juni 2021, met productie 31;

- de e-mail van mr. De Graaf van 25 juni 2021, met productie 7;

- de akte van Bristow houdende overlegging producties 1 tot en met 5;

- de op 28 juni 2021 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door alle partijen pleitnotities zijn overgelegd.

1.2.

Ter zitting is vonnis bepaald op heden.

2 Het incident tot tussenkomst/voeging

2.1.

Bristow heeft primair gevorderd te mogen tussenkomen in de procedure tussen NHN en DMO dan wel zich te mogen voegen aan de zijde van DMO. Ter zitting hebben NHN en DMO verklaard geen bezwaar te hebben tegen de primair gevorderde tussenkomst. Bristow is vervolgens toegelaten als tussenkomende partij, aangezien zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij daarbij voldoende belang heeft. Voorts is niet gebleken dat de tussenkomst aan een voortvarende afdoening van dit kort geding in de weg staat. Hierdoor ontstaat er ook geen strijd met de goede procesorde in het algemeen.

3 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

3.1.

DMO heeft op 16 april 2020 een Europese mededingingsprocedure met onderhandeling aangekondigd voor de opdracht ‘Search-and-Rescue Helicopter Capacity for the Netherlands Coastguard’ (hierna: ‘de Opdracht’). Doel van deze procedure is het sluiten van een overeenkomst met één partij voor de duur van tien jaar. Op de aanbestedingsprocedure is de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012) van toepassing.

3.2.

In de ‘Award Guide Search-and-Rescue Helicopter Capacity for the Netherlands Coastguard’ (hierna: ‘de Gunningsleidraad’) valt onder meer het volgende te lezen:

2.9 Exclusions of bids

A tender is declared invalid and will be excluded from further evaluation when one of the following situations is applicable:

(...)

The requested information is not provided or incomplete, with reservations, conditional or incorrect;

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

3.3.

In het ‘Programme of Requirements for the Search-and-Rescue Helicopter Capacity of the Netherlands Coastguard’ (hierna: ‘POR’) van 30 april 2020 valt onder meer het volgende te lezen:

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

(...)

3.4.

Na het doorlopen van de selectiefase zijn vier partijen uitgenodigd tot de inschrijvingsfase, waaronder NHN en Bristow.

3.5.

DMO heeft op 7 april 2021 aan NHN bericht dat zij voornemens is de Opdracht te gunnen aan Bristow. DMO heeft de voorlopige gunningsbeslissing onder meer als volgt gemotiveerd:

3.6.

Naar aanleiding van een op 15 april 2021 door NHN geuit bezwaar dat de voorlopige gunningsbeslissing onvoldoende is gemotiveerd en het in dat verband door NHN gedane verzoek tot het verschaffen van inzage in een aantal kenmerken van de inschrijving van Bristow, heeft DMO op 16 april 2021 onder meer als volgt aan NHN bericht:

(...)

(...)

3.7.

Naar aanleiding van de dagvaarding van NHN in de onderhavige kortgedingprocedure heeft de advocaat van DMO op 9 juni 2021 onder meer als volgt aan de advocaat van NHN bericht:

In de dagvaarding kaart u aan dat Noordzee Helikopters Nederland (NHN) meent dat aan de voorlopige winnaar ten onrechte € 50.000.000,- aftrek is toegekend op het gunningscriterium d. iii) Second operating base. In punt 3.1.4 van de dagvaarding geeft NHN aan dat Bristow waarschijnlijk heeft ingeschreven met luchthaven Midden-Zeeland als tweede basis en dat NHN meent dat met dit vliegveld niet aan de eisen zal kunnen worden voldaan. NHN verwijst ter onderbouwing van dit standpunt onder meer naar het Luchthavenbesluit Midden-Zeeland van 15 mei 2014.

Bristow heeft inderdaad ingeschreven met luchthaven Midden-Zeeland als tweede basis. Het lijkt mij goed u er in dat kader op te wijzen dat de Provinciale Staten van de Provincie Zeeland op 20 juli 2020 een nieuw Luchthavenbesluit heeft vastgesteld, waarin uitdrukkelijk is voorzien in een uitzondering op basis waarvan het mogelijk is om SAR (Search and Rescue) vluchten , HEMS (Helicopter Emergency Medical Service) vluchten en kustwachtvluchten te verrichten vanaf Midden-Zeeland.

(...)

De Staat acht daarmee voldoende aangetoond dat Bristow luchthaven Midden-Zeeland zal kunnen gebruiken als second base op de door haar aangeboden Starting date full operational capability.

Volledigheidshalve vindt u bijgaand (...) ook een overzicht van alle scores behaald door Bristow en NHN. Zoals volgde uit de gunningsbeslissing alsmede uit de brief van 16 april 2021 is de totale fictieve inschrijfprijs van NHN circa 27 miljoen hoger dan die van Bristow. Zoals al bekend heeft NHN op veel van de gunningscriteria maximaal en gelijk gescoord als Bristow. Op het onderdeel QA plan heeft NHN zelfs hoger gescoord. NHN is er dus mee bekend dat zij met name heeft verloren omdat Bristow een startdatum FOC heeft aangeboden die aanmerkelijk eerder ligt dan die van NHN. Daarbovenop komt dat de inschrijving van Bristow ook lager ligt is geprijsd en daarop dus beter scoort.”

3.7.1.

Bij de brief van 9 juni 2021 heeft de advocaat van DMO onderstaand score-overzicht gevoegd:

In deze brief heeft de advocaat van DMO NHN ten slotte verzocht nadere informatie te verstrekken om te kunnen beoordelen of aan NHN terecht de fictieve aftrek van € 50.000.000,-- is toegekend op het criterium tweede basis (in het geval van NHN Luchthaven Pistoolhaven te Rotterdam).

4 Het geschil

5 De beoordeling van het geschil

6 De beslissing