Home

Rechtbank Den Haag, 01-12-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:13275, C/09/635809 KG ZA 22-873

Rechtbank Den Haag, 01-12-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:13275, C/09/635809 KG ZA 22-873

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
1 december 2022
Datum publicatie
19 december 2022
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:13275
Zaaknummer
C/09/635809 KG ZA 22-873

Inhoudsindicatie

aanbesteding; rechtsverwerking; niet pro-actief gehandeld; bezwaren tegen inhoud en opzet aanbestedingprocedure/stukken te laat naar voren gebracht.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: C/09/635809 / KG ZA 22-873

Vonnis in kort geding van 1 december 2022

in de zaak van

DIJSSEL B.V. te Soest,

eiseres,

advocaten mrs. E.K. Sneeuw en P.V. Kleijn te Utrecht,

tegen:

VEILIGHEIDSREGIO GOOI- EN VECHTSTREEK,

gedaagde,

advocaten mrs. J.H.J. Bax en A.H. Klein Hofmeijer te Rotterdam.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘Dijssel’ en ‘de Veiligheidsregio’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 30 september 2022, met producties 1 tot en met 9;

- de conclusie van antwoord, met producties A tot en met F;

- de akte van Dijssel houdende overlegging producties 10 tot en met 18;

- de e-mail van mr. Bax van 16 november 2022;

- de e-mail van mrs. Sneeuw en Kleijn van 16 november 2022;

- de op 17 november 2022 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door beide partijen pleitnotities zijn overgelegd.

1.2.

De Veiligheidsregio heeft voorafgaand aan de zitting bezwaar gemaakt tegen de producties 10 tot en met 18 van Dijssel. Volgens Dijssel is het kort voor de zitting zonder nadere toelichting overleggen van een omvangrijk productiepakket in strijd met de goede procesorde. Dit bezwaar wordt gepasseerd. Ingevolge artikel 6.2 van het Landelijk procesreglement kort gedingen rechtbanken handel/familie (hierna: ‘het Procesreglement’) worden producties die minder dan 24 uur vóór de zitting worden ingediend in beginsel buiten beschouwing gelaten. Producties 10 tot en met 18 zijn – weliswaar nipt – meer dan 24 uur voor de zitting ingediend. Dijssel heeft ter zitting bovendien toegelicht dat deze producties zijn overgelegd naar aanleiding van/in reactie op de omvangrijke conclusie van antwoord, die drie dagen voor de zitting is ingediend. Daarbij heeft Dijssel erop gewezen dat de Veiligheidsregio reeds met de meest omvangrijke producties (producties 10 tot en met 13) bekend moet worden verondersteld. Dit laatste is onvoldoende door de Veiligheidsregio weersproken. Niet aannemelijk is in het licht van het voorgaande dat de Veiligheidsregio als gevolg van het overleggen van producties 10 tot en met 18 in zijn procesvoering is geschaad. Van strijd met de goede procesorde is om die reden en ook anderszins geen sprake.

1.3.

Vonnis is uiteindelijk bepaald op heden.

2 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

2.1.

De Veiligheidsregio heeft een Europese openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd voor de levering van zestien uniforme tankautospuiten, inclusief het bijbehorende onderhoud (hierna: ‘de Opdracht’). De aankondiging van deze aanbestedingsprocedure is op 24 mei 2022 gepubliceerd op het aankondigingenplatform van TenderNed.

2.2.

Ten behoeve van deze Aanbestedingsprocedure is door de Veiligheidsregio het ‘Beschrijvend Document Europese openbare aanbestedingsprocedure Tankautospuiten met bijbehorend onderhoud’ van 24 mei 2022 (hierna: ‘het Beschrijvend Document’) opgesteld.

2.3.

In paragraaf 4.3 van het Beschrijvend Document is de beoogde planning van de aanbestedingsprocedure opgenomen. Voor zover thans van belang volgt uit deze planning en uit artikel 4.5 van het Beschrijvend Document dat schriftelijke vragen ten behoeve van de eerste Nota van Inlichtingen uiterlijk op 6 juni 2022 vóór 12.00 uur en schriftelijke vragen ten behoeve van de tweede Nota van Inlichtingen uiterlijk op 4 juli 2022 12.00 uur dienden te worden ingediend. De Nota’s van Inlichtingen zijn op respectievelijk 8 juni 2022 en 5 juli 2022 door de Veiligheidsregio gepubliceerd.

2.4.

Inschrijvingen dienden blijkens paragraaf 4.3 van het Beschrijvend Document uiterlijk op 3 oktober 2022 vóór 12.00 uur te worden ingediend. In paragraaf 4.3 valt verder te lezen dat de inschrijver met de laagste fictieve inschrijfprijs zal worden verzocht een referentievoertuig aan te wijzen. Beoordeeld zal worden of dit voertuig voldoet aan de vereisten van bijlage 7 bij het Beschrijvend Document. Een voertuig dat aan deze vereisten voldoet, zal vervolgens worden onderworpen aan een praktijktest.

2.5.

In paragraaf 4.22 van het Beschrijvend Document is de klachtenprocedure beschreven. In deze paragraaf valt onder meer te lezen dat klachten in een zo vroeg mogelijk stadium van de aanbestedingsprocedure via het klachtenformulier bij het klachtenmeldpunt van de Veiligheidsregio moeten worden ingediend. Voordat een klacht wordt ingediend, dient deze eerst kenbaar te worden gemaakt aan de in het Beschrijvend Document aangewezen contactpersoon van deze aanbesteding, bijvoorbeeld door het opmerken van de klacht in de inlichtingenfase.

2.6.

In paragraaf 7 van het Beschrijvend Document zijn de geschiktheidseisen beschreven. Blijkens paragraaf 7.4 zijn met betrekking tot technische bekwaamheid en beroepsbekwaamheid de volgende kerncompetenties relevant:

2.7.

Ter toetsing van het voldoen aan deze kerncompetenties is ‘geschiktheidseis 4: referenties’ gesteld. Deze geschiktheidseis luidt – voor zover thans van belang – als volgt:

2.8.

Blijkens hoofdstuk 9 van het Beschrijvend Document wordt de Opdracht gegund aan de inschrijver met de economisch meest voordelige inschrijving op basis van de beste prijs-kwaliteitsverhouding.

2.9.

Dijssel heeft zich op 2 augustus 2022 op TenderNed geregistreerd als geïnteresseerde.

2.10.

Bij brief van 7 september 2022 heeft Dijssel bij de Veiligheidsregio een klacht ingediend over de aanbestedingsprocedure. Volgens haar is de eerlijke mededinging onvoldoende gewaarborgd. De gelijke behandeling komt naar de mening van Dijssel door de in het Beschrijvend Document gestelde eisen en wensen in het geding en de gestelde eisen staan volgens haar niet in een redelijke verhouding tot het voorwerp van de opdracht. Dijssel heeft de Veiligheidsregio verzocht de aanbestedingsprocedure in verband hiermee aan te passen dan wel in te trekken en desgewenst conform het toepasselijke wettelijke kader opnieuw in de markt te zetten.

2.11.

De advocaat van de Veiligheidsregio heeft bij e-mail van 12 september 2022 onder meer als volgt aan de advocaat van Dijssel bericht:

3 Het geschil

3.1.

Dijssel vordert – zakelijk weergegeven – bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

I. de Veiligheidsregio te gebieden de aanbestedingsprocedure te staken en gestaakt te houden;

II. de Veiligheidsregio te verbieden de opdracht te gunnen, voor zover inmiddels een (voorlopige) gunningsbeslissing is genomen;

III. de Veiligheidsregio te gebieden een nieuwe aanbestedingsprocedure te organiseren, indien en voor zover hij de Opdracht nog wenst te gunnen;

IV. de Veiligheidsregio te veroordelen in de proces-en nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.2.

Daartoe voert Dijssel – samengevat – aan dat kerncompetentie 1, in combinatie met geschiktheidseis 4, en de praktijktest in strijd zijn met het non-discriminatie beginsel, het gelijkheidsbeginsel en het proportionaliteitsbeginsel. Meer in het bijzonder stelt Dijssel dat sprake is van strijd met de artikelen 2.90, lid 8, 2.93, lid 3, en 2.78 van de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012).

3.3.

De Veiligheidsregio voert verweer, dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.

4 De beoordeling van het geschil

5 De beslissing