Home

Rechtbank Den Haag, 24-07-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:13612, 686183 KG ZA 25-514

Rechtbank Den Haag, 24-07-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:13612, 686183 KG ZA 25-514

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
24 juli 2025
Datum publicatie
4 augustus 2025
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:13612
Zaaknummer
686183 KG ZA 25-514

Inhoudsindicatie

Kort geding tegen de Staat. Pandrecht rechtsgeldig openbaar gemaakt. Niet bevrijdend betaald. Geen verbod tot opleggen van boetes en verrekening. Geen betaling want het is aannemelijk dat de Staat een beroep op opschorting en verrekening kan doen. Vordering verstrekken nadere gegevens afgewezen.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

zaak- / rolnummer: 686183 / KG ZA 25-514

Vonnis in kort geding van 24 juli 2025

in de zaak van

[eiseres] B.V. te [vestigingsplaats] ,

eiseres,

advocaten: mr. dr. H.P.C.W. Strang en mr. T.A.E. ten Berge te Rotterdam,

tegen:

De Staat der Nederlanden te Den Haag,

gedaagde,

advocaten: mr. J.H. van der Weide en P.F.B. Mulder te Den Haag.

Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘ [eiseres] ’ en ‘de Staat’.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties 1 tot en met 34;

- de incidentele conclusie tot oproeping derde van de Staat;

- de conclusie van antwoord in het incident van [eiseres] ;

- de brief van de rechtbank van 16 juni 2025 waarin is medegedeeld dat de voorzieningenrechter het de Staat niet toestaat de derde op te roepen in dit kort geding;

- de akte overleggen producties van [eiseres] met producties 35 en 36;

- de conclusie van antwoord van de Staat met producties 1 tot en met 18;

- de akte wijziging/vermeerdering van eis van [eiseres] ;

- de akte overleggen producties, tevens houdende correctie op conclusie van antwoord van de Staat, met producties 19 en 20;

- de akte overleggen producties en wijziging van eis van [eiseres] , met producties 37 en 38;

- de op 20 juni 2025 gehouden mondelinge behandeling, waarbij namens beide partijen pleitnotities zijn voorgedragen en overgelegd.

1.2.

Na een pro forma aanhouding tot 25 juni 2025 is de datum voor vonnis nader bepaald op vandaag.

2 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

2.1.

De Staat spant zich in om met behulp van tijdelijke woningen de krapte op de woningmarkt en de druk op het Aanmeldcentrum Ter Apel te laten afnemen. In dat kader heeft de Staat meerdere koop-leveringsovereenkomsten gesloten met Reboxd B.V. (hierna: Reboxd). Per koop-leveringsovereenkomst zijn de Staat en Reboxd een boetebeding overeengekomen dat inhoudt dat wanneer er niet binnen de afgesproken levertermijn is opgeleverd, Reboxd aan de Staat een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd is van 0,1% van de prijs van de betreffende overeenkomst voor elke dag dat de tekortkoming voortduurt, met een maximum van 10%. Ook zijn de Staat en Reboxd overeengekomen dat de boete wordt verrekend met de door de Staat verschuldigde betalingen, ongeacht of de vordering tot betaling daarvan is overgegaan op een derde.

2.2.

Voor de uitvoering van haar verplichtingen op grond van voornoemde overeenkomsten heeft Reboxd met [eiseres] een aannemingsovereenkomst gesloten. Op basis van de aannemingsovereenkomst is [eiseres] gehouden om de door Reboxd uit Zweden geïmporteerde klaslokalen in een terminal in Vlissingen om te bouwen tot flexwoningen en deze vervolgens te vervoeren naar en te plaatsen op diverse locaties in Nederland (Enschede, Eindhoven, Zevenbergen en Groningen). In artikel 1.3 van de aannemingsovereenkomst is bepaald dat (onder andere) de koop-leveringsovereenkomsten tussen Reboxd en de Staat inclusief bijbehorende voorwaarden van toepassing zijn op de aannemingsovereenkomst.

2.3.

Reboxd en [eiseres] zijn overeengekomen dat Reboxd per locatie volgens een termijnschema aan [eiseres] betaalt. Op 6 september 2024 heeft [eiseres] Reboxd een aanmaning gestuurd om een betalingsachterstand – van op dat moment € 952.585,30 exclusief btw – te voldoen. In het najaar van 2024 is tussen de (voormalig) advocaat van [eiseres] en de advocaat van Reboxd onderhandeld over een te sluiten pandovereenkomst. In dat kader is op 31 oktober 2024 namens Reboxd een e-mail gestuurd waarin onder meer staat:

Wij hebben deze aanpassing overgenomen, met dien verstande dat wij begrijpen dat [eiseres] geen beroep zal doen op deze definitie voor wat betreft de reeds onbetaald gebleven facturen totdat er sprake is van verzuim ten aanzien van de nog overeen te komen nieuwe betalingsdata voor deze onbetaald gebleven facturen. Wij ontvangen graag je bevestiging hierop.”

Diezelfde dag is namens [eiseres] hierop gereageerd:

Je geeft aan dat Reboxd ervan uitgaan dat [eiseres] geen beroep zal doen op deze definitie voor wat betreft de reeds onbetaald gebleven facturen, totdat er sprake is van verzuim ten aanzien van de nog overeen te komen nieuwe betalingsdata voor deze onbetaald gebleven facturen. Dat is niet helemaal juist, want partijen weten nog niet wat die betalingsdata worden. [eiseres] gaat die toezegging niet doen als er nog geen nieuwe betalingsdata afgestemd zijn.”

2.4.

Op 1 november 2024 hebben [eiseres] en Reboxd de pandovereenkomst gesloten. In deze pandovereenkomst staat onder meer:

“1. DEFINITIES EN INTERPRETATIE

1.1

Definities

(...)

Koop- en Leveringsovereenkomst betekent iedere koop- en leveringsovereenkomst tussen de Staat der Nederlanden als koper en Reboxd B.V. als leverancier/verkoper.

(...)

Uitwinningsgrond betekent een betalingsverzuim dat heeft geleid tot een verzuim als bedoeld in artikel 4:248 BW met betrekking tot de nakoming van de Verzekerde Verbintenissen.

Verzekerde Verbintenissen betekent alle huidige en toekomstige verbintenissen tot voldoening van een geldsom (al dan niet voorwaardelijk en als dan niet in gemeenschap verschuldigd of in welke hoedanigheid ook) door de Pandgever jegens de Pandhouder uit hoofde van de Aannemingsovereenkomst.

Vorderingen betekent alle huidige en toekomstige rechten van de Pandgever om betaling van een geldsom te ontvangen (met inbegrip van rechten op (terug)betaling van de hoofdsom, betaling van rente, betaling van andere bedragen en verhaals- of subrogatierechten) uit hoofde van een Koop- en leveringsovereenkomst.

2 VERPANDING

Partijen stellen hierbij vast dat de Pandgever uit hoofde van de Aannemingsovereenkomst in verzuim is met zijn betalingsverplichtingen jegens Pandhouder. Een overzicht van de op dit moment vervallen facturen is als Bijlage 1 (Vervallen facturen) aan deze akte gehecht. Tot zekerheid van het voorgaande zal de Pandgever een pandrecht vestigen tot zekerheid van al haar betalingsverplichtingen uit hoofde van de Aannemingsovereenkomst ten gunste van de Pandhouder.

(...)

3.2

Vestiging van het Pandrecht

Tot zekerheid voor de nakoming van alle Verzekerde Verbintenissen verleent de Pandgever hierbij ten gunste van de Pandhouder (voor zover mogelijk vooraf) een niet openbaar gemaakt pandrecht op de Vorderingen die bestaan op Debiteur op de datum van Registratie van deze Overeenkomst of rechtstreeks zullen worden verkregen uit en op dat moment bestaande rechtsverhouding waaronder een Koop- en leveringsovereenkomst.”

2.5.

In november 2024 hebben partijen nog gecorrespondeerd over nadere afspraken.

Op 14 november 2024 is namens Reboxd een e-mail naar [eiseres] gestuurd waarin onder meer staat:

“Wij gaan daarom komende week conform jullie verzoek het pandrecht openbaar maken aan het Rijksvastgoedbedrijf. Dat zullen we schriftelijk doen en toelichten in een gesprek dat nu voor volgende week woensdag ingepland staat.”

Op 19 november 2024 heeft Reboxd een e-mail naar de Staat gestuurd met als bijlage de pandakte waarin onder meer staat:

“En hebben wij onze vorderingen op het RVB noodgedwongen aan de aannemer moeten verpanden. Belangrijk dat je dit weet; volledigheidshalve stuur ik je de pandakte toe.”

2.6.

Tevens in november 2024 zijn, in het kader van de oplevering, de flexwoningen in Enschede en Eindhoven geïnspecteerd door het Centraal Bureau Bouwbegeleiding en adviesbureau Van de Laar. Beide partijen hebben een rapport opgesteld1. Uit deze rapporten volgen diverse gebreken aan de flexwoningen. De Staat heeft ingestemd met oplevering, onder voorbehoud dat de gebreken zouden worden verholpen. Vanwege de gebreken heeft de Staat voor zowel de flexwoningen in Enschede als de flexwoningen in Eindhoven de laatste betaaltermijnen van respectievelijk € 728.764,20 exclusief BTW en € 647.219,70 exclusief BTW ingehouden (hierna: de ingehouden aanneemsom).

2.7.

[eiseres] heeft op 11 december 2024 bij exploot het pandrecht openbaar gemaakt. In dit exploot staat onder meer dat de Staat alle vorderingen die [eiseres] heeft of uit een ten tijde van de pandakte reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen, vanaf heden direct aan [eiseres] moet voldoen. Bij e-mail van 18 december 2024 heeft [eiseres] de Staat nogmaals gewezen op het pandrecht, de pandakte, het exploot en de Staat verzocht alle betalingen direct aan [eiseres] te richten. Diezelfde dag berichtte Reboxd de Staat dat [eiseres] volgens Reboxd niet bevoegd was mededeling te doen van het pandrecht en dat Reboxd inningsbevoegd bleef.

2.8.

In december 2024 en januari 2025 vond nog correspondentie tussen [eiseres] en Reboxd plaats. Op 12 februari 2025 sloten [eiseres] en Reboxd vervolgens een Addendum waarin onder meer staat:

Zekerheden:

1. Tot zekerheid van de nakoming van de betalingen door Opdrachtgever aan Aannemer zijn de vordering van Opdrachtgever op de Staat der Nederlanden stil verpand aan Aannemer, en vervolgens openbaar gemaakt aan de Staat der Nederlanden, e.e.a. zoals nader bepaald in de tussen partijen gesloten pandovereenkomst.”

2.9.

De Staat heeft op 17 maart 2025 een bedrag van € 1.231.931,26 inclusief BTW aan Reboxd betaald. Dit bedrag correspondeert met het inmiddels herstelde deel van de gebreken waarop de ingehouden aanneemsom zag. Op 15 april 2025 heeft de Staat een bedrag van

€ 31.760,08 inclusief BTW aan Reboxd betaald. Reboxd heeft in de periode van 17 maart 2025 tot en met 4 april 2025 door middel van diverse betalingen met de omschrijving “Slotbetaling Conform Addendum 2 dd 12022025 Termijn 4” in totaal afgerond een bedrag van € 1.004.700 aan [eiseres] betaald. Van 26 maart 2025 tot 30 mei 2025 heeft Reboxd een totaalbedrag van afgerond € 357.091,00 aan derde partijen betaald. Tot slot heeft Reboxd een bedrag van € 154.274 overgemaakt naar een derdengeldenrekening.

2.10.

[eiseres] heeft op 30 april 2025 de Staat onder andere gesommeerd te verklaren of en zo ja in welke omvang de Staat vanaf 11 december 2024 betalingen aan Reboxd heeft verricht en om het bedrag van de eventueel verrichte betalingen over te maken aan [eiseres] . Bij e-mail van 12 mei 2025 bevestigt de Staat dat er na 11 december 2025 nog aan Reboxd is betaald.

2.11.

In april, mei en juni 2025 hebben [eiseres] en de Staat (en Reboxd) nog gecorrespondeerd en overleg gevoerd over onder andere het pandrecht, de betalingen, de facturen, de oplevering en opleverpunten van de locaties Enschede, Eindhoven en Zevenbergen en de start van de werkzaamheden voor de locatie Groningen die was bepaald op 28 april 2025. Op 10 juni 2025 de dagvaarding voor dit kort geding aan de Staat betekend. Op 18 juni 2025 heeft de Staat Reboxd bericht dat hij vanaf dat moment iedere verschuldigde betaling uit hoofde van de koop-leveringsovereenkomsten opschort, omdat de startdatum voor de werkzaamheden voor de locatie Groningen al zeven weken was vertraagd en de werkzaamheden nog niet waren begonnen terwijl deze werkzaamheden al wel grotendeels waren voorgefinancierd door de Staat. In eerdere correspondentie van mei 2025 had de Staat zijn opschorting gemotiveerd met een beroep op 6:37 BW (twijfel of moest worden betaald aan Reboxd of aan [eiseres] ). Tijdens de zitting op 20 juni 2025 is door partijen bevestigd dat de werkzaamheden voor de locatie Groningen nog niet zijn gestart. Na de zitting hebben partijen nog overleg gevoerd op 26 juni 2025 en op 1 en 9 juli 2025, maar zij zijn niet tot een nader vergelijk gekomen.

3 Het geschil

4 De beoordeling van het geschil

5 De beslissing