Home

Rechtbank Den Haag, 23-09-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:18027, C/09/688124 / KG ZA 25-699

Rechtbank Den Haag, 23-09-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:18027, C/09/688124 / KG ZA 25-699

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
23 september 2025
Datum publicatie
6 oktober 2025
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:18027
Zaaknummer
C/09/688124 / KG ZA 25-699

Inhoudsindicatie

Aanbesteding voor intermediaire dienstverleners, beoordeling kwalitatieve criteria. De vordering tot herbeoordeling wordt afgewezen, omdat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat de beoordeling door de beoordelingscommissie evident onbegrijpelijk of ondeugdelijk is. De vordering tot heraanbesteding wordt afgewezen, omdat eiseres haar rechten om over de (overigens niet ongebruikelijke) bonusregeling te klagen heeft verwerkt.

Uitspraak

Team handel - voorzieningenrechter

Zaaknummer: C/09/688124 / KG ZA 25-669

Vonnis in kort geding van 23 september 2025

in de zaak van

HEADFIRST B.V. te Hoofddorp,

eiseres,

hierna te noemen: Headfirst,

advocaat: mr. J.S.O. den Houting,

tegen

DE POLITIE te Den Haag,

gedaagde,

hierna te noemen: de Politie,

advocaat: mr. I.J. van den Berge,

waarin zijn tussengekomen

[bedrijf] B.V. te [vestigingsplaats] ,

hierna te noemen: [bedrijf] ,

advocaat: mr. W.J.W. Engelhart,

en

DE STAFFING GROEP NEDERLAND B.V. handelend onder de naam ‘CIRCLE8’ te Nieuwegein,

interveniënt, hierna te noemen: Circle8,

advocaat: mr. L. Bozkurt.

1 De procedure

1.1.

Het procesdossier bestaat uit:

- de dagvaarding van 9 juli 2025, met producties;

- de schriftelijke reactie van de Politie, met producties;

- de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging van [bedrijf] ;

- de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging van Circle8.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 9 september 2025. Aan het begin van de mondelinge behandeling is [bedrijf] en Circle8 toegestaan tussen te komen in de procedure tussen Headfirst en de Politie. De advocaten van Headfirst en de Politie hebben ter zitting het woord gevoerd aan de hand van spreekaantekeningen die zijn overgelegd, en partijen hebben over en weer hun standpunten toegelicht en vragen van de voorzieningenrechter beantwoord. Vonnis is bepaald op vandaag.

2 De incidenten tot tussenkomst

2.1.

[bedrijf] en Circle8 hebben ieder voor zich gevorderd in de procedure tussen Headfirst en de Politie te mogen tussenkomen, dan wel zich te mogen voegen aan de zijde van de Politie. Headfirst en de Politie hebben verklaard hiertegen geen bezwaar te hebben. In verband met de nadelige gevolgen die [bedrijf] en Circle8 van een uitspraak in de hoofdzaak kunnen ondervinden, hebben zij elk voldoende belang om zich te mengen in dit kort geding. Niet gebleken is dat de inmenging van [bedrijf] en/of Circle8 een voortvarende afdoening van dit geschil in kort geding in de weg staat. Aangezien [bedrijf] en Circle8 in de hoofdzaak een (voorwaardelijke) vordering hebben ingesteld, zijn zij allebei toegelaten als tussenkomende partij.

3 De feiten

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.

3.1.

Op 6 of 7 maart 2025 heeft de Politie de aankondiging gedaan voor de een Europese openbare aanbesteding voor de opdracht “Intermediaire dienstverlening” (hierna: de Opdracht). Op de aanbestedingsprocedure is de Aanbestedingswet 2012 (Aw 2012) van toepassing.

3.2.

Met de Opdracht beoogt de Politie met twee onafhankelijke intermediaire dienstverleners een raamovereenkomst te sluiten om de Politie te voorzien van zogenoemde inhuurprofessionals, waarbij de intermediairs professionals werven en leveren en er geen arbeidsovereenkomst ontstaat tussen de Politie en de inhuurprofessionals. Binnen de raamovereenkomst wordt de inhuurbehoefte door de Politie door middel van zogenoemde Nadere oproepen om en om bij de opdrachtnemers uitgezet. De totale maximale waarde van de Opdracht is € 1.500.000,- (exclusief btw), te verdelen over de twee opdrachtnemers, voor de maximale contractduur van drie jaar, met een optie tot verlenging van eenmaal drie jaar.

3.3.

De aanbestedingsprocedure is nader omschreven in de Inschrijvingsleidraad van 28 april 2025 (hierna: de Inschrijvingsleidraad), met bijlagen, waaronder een Programma van Eisen. Daarnaast heeft de Politie twee Nota’s van Inlichtingen verstrekt.

3.4.

Het gunningscriterium is de economisch meest voordelige inschrijving op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding. De weging van de subgunningscriteria is als hierna weergegeven:

3.5.

Met betrekking tot de beoordeling van de kwalitatieve criteria staat in 2.1 van de Inschrijvingsleidraad het volgende:

Verder vermeldt de Inschrijvingsleidraad de volgende bonusregeling:

Als de beantwoording naar het oordeel van het beoordelingsteam één of meerdere extra elementen bevat die van meerwaarde zijn voor de Politie, zoals verrassende elementen c.q. inzichten die de verwachting van de Politie overtreffen en/of vernieuwend voor de Politie zijn, wordt hiervoor een bonus van 10% toegekend.”.

3.6.

Met betrekking tot de bonusregeling staat bij vraag 7 in de eerste Nota van Inlichtingen het volgende:

Vraag:

Paragraaf 2. 1, pagina 20: Het valt ons op dat de extra bonus van 10% wordt toegekend bij beantwoording die naar het oordeel van het beoordelingsteam verrassende elementen c.q. inzichten' bevatten die de verwachtingen van de Politie overtreffen. Kunt u concreet aangeven welke objectieve maatstaven worden gehanteerd (welke elementen als meerwaarde worden gezien) om deze bonuspunten toe te kennen en hoe de beoordeling van deze meerwaarde uniform en controleerbaar uitgevoerd om willekeur te voorkomen?

Antwoord:

De Politie kan niet op voorhand aangeven welke elementen als meerwaarde worden gezien. Het gaat hierbij juist om verrassende elementen c.q. inzichten, die de verwachtingen van de Politie overtreffen en/ of vernieuwend voor de Politie zijn. De Inschrijvingsleidraad wordt hierop aangepast. De beoordeling vindt in consensus plaats. Binnen deze aanbesteding hebben de betrokken inkopers de rol van procesbegeleidertijdens de consensus beoordeling. Zij borgen de transparantie binnen het beoordelingsproces en voorkomen willekeur.

3.7.

In het Programma van Eisen staat als Eis 15:

Eis 15. Transparantie in proces – Uitvoeringseis

De Opdrachtnemer garandeert dat voor iedere Nadere oproep een transparante en passende marktwerking wordt toegepast met als resultaat een voor de Politie optimaal passend aanbod en voor belangstellenden een objectief en transparant selectieproces. De selectie van de aan de Politie voor te stellen Kandidaten vindt door de Opdrachtnemer plaats op basis van de beste prijs- kwaliteitverhouding en met inachtneming van de beginselen van transparantie en gelijke behandeling. De Opdrachtnemer motiveert hierbij aan belangstellenden de redenen waarom belangstellenden niet als Kandidaat zullen worden voorgedragen.

De Opdrachtnemer richt voor de Politie de werkprocessen hierop in, publiceert de offerteaanvragen op een voor iedereen vrij en kosteloos toegankelijke website/ portal met een maximaal (markt)bereik voor potentiële belangstellenden en zet tevens zijn netwerk hierbij optimaal in. De Politie behoudt zich het recht voor, om te allen tijde onaangekondigd deze website/ portal aan een PEN-test te onderwerpen. De Opdrachtnemer dient op eerste verzoek van de Politie inzicht te geven hoe, wanneer en via welke kanalen het wervingsproces t.b.v. de Nadere oproep is verlopen en welke aanmeldingen de

Opdrachtnemer in de voorselectie heeft laten afvallen.

3.8.

Met betrekking tot uitwerking van KC 1 staat in de Inschrijvingsleidraad de volgende doelstelling en vraagstelling:

Doelstelling

De Politie wenst om tijdig te worden voorzien van Inhuurprofessionals die voldoen aan het gestelde in de Nadere oproep. Het is essentieel dat de Inschrijver beschikt over een sourcingproces dat toegang biedt tot de volledige arbeidsmarkt, waaronder ook nichemarkten. Het sourcing- en wervingsproces en het selectieproces dienen hierbij optimaal aan te sluiten op de inhuurbehoefte van de Politie en wendbaar te zijn, zodat er tijdig ingespeeld kan worden op veranderende omstandigheden, o.a. binnen de Politie en/ of op de arbeidsmarkt.

Hierbij wordt door de Inschrijver volledig voldaan aan de vigerende wet- en regelgeving waardoor voor de Politie de rechtmatigheid gewaarborgd is. De Inschrijver past voor iedere Nadere oproep een transparante, objectieve en passende marktwerking toe, met als resultaat een passend aanbod tegen een optimale prijs- kwaliteitverhouding.

Vraagstelling

Welke concrete stappen neemt de Inschrijver om specifiek voor de Politie een Netwerk van Derden op te bouwen, onder meer gericht op het ontsluiten van nichemarkten en het voorzien van Inhuurprofessionals met de juiste expertise tegen de beste prijs- kwaliteitverhouding?

KC-1.1 Sourcing- en wervingsproces (maximaal 25 punten te behalen)

o Beschrijf drie (3) voorbeelden van markten, waaronder één (1) nichemarkt (...), waar de Politie actief op inhuurt (zie 1.3) en hoe Inschrijver deze drie (3) markten monitort;

o Beschrijf per markt het sourcing- en wervingsproces (onder andere de werkwijzen, het netwerken en de toegepaste methodieken en technologieën) die de Inschrijver toepast om geschikte Kandidaten en Toeleveranciers te vinden. U dient hierbij een concrete tijdlijn bij te voegen;

o Beschrijf hoe de Inschrijver ervoor dat het sourcing- en wervingsproces wendbaar genoeg is om in te spelen op veranderingen (bijvoorbeeld in aantallen, functies, snelheid, maatschappelijke veranderingen en proces);

o Beschrijf hoe de Inschrijver ervoor zorgt dat de Toeleveranciers en Kandidaten graag voor de Politie willen werken;

o Beschrijf de risico’s die Inschrijver ziet bij het vinden van Kandidaten met specifieke expertise en schaarse vaardigheden, inclusief mitigerende maatregelen.

3.9.

In de Inschrijvingsleidraad staat dat voor KC 1.1 een presentatieronde wordt gehouden ter toelichting op de door de inschrijvers gegeven antwoorden. In de Inschrijvingsleidraad heeft de Politie zich het recht voorbehouden om naar aanleiding daarvan de score op KC 1.1 met één stap naar boven of naar beneden bij te stellen.

3.10.

In 1.4.2 van de Inschrijvingsleidraad staat met betrekking tot de gevraagde dienstverlening onder meer het volgende:

Van de Opdrachtnemer wordt verlangd dat hij zich maximaal inspant om de inhuurbehoefte van de Politie te vervullen. Dit vanuit een volledig onafhankelijke positie, dus openbaar, transparant, gelijke behandeling, zonder voorkeur. De inhuurbehoefte wordt door de Politie middels Nadere oproepen om en om bij de Opdrachtnemers uitgezet. Er is dus geen sprake van minicompetities. De Opdrachtnemer dient naar aanleiding van een Nadere oproep geschikte en beschikbare Kandidaten in de markt te zoeken en voor te stellen aan de Politie. (...).

3.11.

In 1.4.4 van de Inschrijvingsleidraad staan onder meer de volgende contractdoelstellingen vermeld:

1.4.4 Contractdoelstellingen

De Raamovereenkomst dient invulling te geven aan de volgende doelen:

Het maximaal en tijdig voorzien in de inhuurbehoefte van de Politie door:

o Een optimale ontsluiting van de markt;

o De perfecte match te maken per Nadere oproep;

o (...)

Marktbereik: een groot landelijk netwerk en bereik, met maximale dekking;

Matching: voor de Politie de beste match maken op prijs- en kwaliteit;

3.12.

In 1.5 van de Inschrijvingsleidraad is met betrekking tot de scope van de Opdracht het volgende opgenomen:

Tot de scope van de Opdracht behoren:

Alle inhuuraanvragen voor bedrijfsvoeringsfuncties (...);

Alle inhuuraanvragen voor IV-functies (...);

Leveren van extern personeel voor specifieke functie(s)(groepen) waarvoor momenteel gespecialiseerde bureaus zijn gecontracteerd. Indien zij niet kunnen leveren, wordt de Intermediair benaderd om de uitvraag in te vullen;

Leveren van extern personeel op mbo-niveau op functies die niet worden vervuld binnen de (reeds gegunde) raamovereenkomst ‘inhuur uitzendkrachten’ van de Politie (de Intermediair is achtervang voor de raamovereenkomst ‘inhuur uitzendkrachten’).

3.13.

In de tweede Nota van Inlichten staat bij vraag 120 met betrekking tot de te leveren uitzendkrachten het volgende antwoord:

Indien het uitzendbureau niet kan leveren wordt de Nadere Oproep uitgezet bij de Intermediair. De Intermediair bepaalt zelf bij welke toeleveranciers en daarmee de contractsvorm. (...)

3.14.

In paragraaf 5.2 van de Inschrijvingsleidraad is een rechtsverwerkingsbepaling opgenomen waarin staat dat inschrijvers eventuele onduidelijkheden in de aanbestedingstukken vóór het sluiten van de inschrijvingstermijn dienen te melden en dat zij – indien het antwoord van de Politie voor hen onvoldoende is – een kort geding aanhangig moeten maken, bij gebreke waarvan ieder recht om tegen de aanbestedingstukken te ageren vervalt.

3.15.

Voor de Opdracht hebben zich zeven partijen ingeschreven, waaronder Headfirst, [bedrijf] en Circle8.

3.16.

De inschrijving van Headfirst voor KC 1.1 bevat voor zover hier van belang de volgende passages:

Strategisch beleidsadviseur leiderschap. Reguliere marktbenadering. Onze zoekactie in onze (...) database leverde vier leveranciers op die deze specialisten in dienst hebben: (...). Onze recruiter heeft deze vijf leveranciers gebeld met de vraag óf zij daadwerkelijk deze kandidaten in dienst hebben. Het antwoord was bevestigend. De vijf leveranciers kunnen vier kandidaten leveren die binnen een maand beschikbaar zijn. We hoefden niet naar zzp’ers te kijken. Onze zoekactie was binnen twee werkdagen afgerond.

(...)

Mitigerende maatregelen. Wij werven op een andere manier. Door juist niet op zoek te gaan kandidaten die beschikbaar zijn en morgen kunnen starten. Wij hebben lange-termijnbenadering die specifiek is ontwikkeld voor schaarse doelgroepen. Onze TalentPool bevat specialisten die zich al oriënteren op een nieuwe opdracht vóórdat hun huidige opdracht eindigt. Zo ontstaat ruimte om screening te laten samenvallen met de afronding van hun lopende inzet.

3.17.

Verder heeft Headfirst in haar inschrijving onder meer verwezen naar een eerdere opdracht voor het Ministerie van Defensie waarmee zij goede resultaten heeft behaald. Daarnaast heeft zij in haar inschrijving vermeld dat zij Nadere oproepen voor uitzendkrachten uitzet bij haar uitzendpartners en dat zij drie recruiters in dienst heeft die dit netwerk van uitzendbureaus ontsluiten. Hierbij heeft Headfirst vermeld dat zij samenwerkt met een uitzendbureau dat werkt met pools van reeds gescreende uitzendkrachten die op korte termijn kunnen starten.

3.18.

Bij brief van 19 juni 2025 heeft de Politie aan Headfirst meegedeeld dat zij als derde is geëindigd en dat zij voornemens is de Opdracht te gunnen aan [bedrijf] en Circle8. De brief bevat met betrekking tot de beoordeling van de kwalitatieve subgunningscriteria de volgende tabel:

3.19.

Uit de toelichting bij deze voorlopige gunningsbeslissing volgt dat Headfirst 1,35 punt minder heeft behaald dan [bedrijf] , de inschrijver die als tweede in de rangorde is geëindigd, en 7,5 punten minder dan Circle8, die als eerste is geëindigd. Headfirst heeft voor KC 1.1 (Sourcingproces) een “voldoende” (65% van 25 punten en daarmee 16,25 punten) gescoord, waar Circle8 en [bedrijf] een “goed” (90% van 25 punten en dus 22,5 punten) hebben gescoord. Op KC 1.3 en KC 2 is aan Headfirst een bonus toegekend.

3.20.

In de toelichting op de gunningsbeslissing is de beoordeling van de inschrijving van Headfirst voor subgunningscriterium KC 1.1 – voor zover hier van belang – als volgt gemotiveerd:

Naar aanleiding van de schriftelijke beoordeling was de beoordelingscommissie van mening dat de beschrijving van twee onderdelen niet of nauwelijks bijdraagt aan het bereiken van de doelstelling. U benoemt resultaten met betrekking tot de functie van strategisch beleidsadviseur leiderschap. Hierin beschrijft u dat de vijf leveranciers

vier Kandidaten kunnen leveren die binnen een maand beschikbaar zijn. Waarna u niet meer naar zzp’ers hoefde te kijken en de zoekactie binnen twee werkdagen was afgerond. Dit lijkt in strijd met de open marktbenadering zoals de Politie die heeft omschreven, waardoor deze werkwijze niet of nauwelijks realistisch en niet of nauwelijks toepasbaar voor de Politie is. Ook beschrijft u de mitigerende maatregel die samenhangt met uw beschreven risico van de lange screeningsprocedure, dat juist niet op zoek gegaan wordt naar Kandidaten die direct beschikbaar zijn. Naar mening van de beoordelingscommissie sluit u hiermee een deel van de markt uit en is dit daarom niet of nauwelijks toepasbaar voor de Politie. De Politie heeft naar aanleiding van deze twee (2) beschreven onderdelen verduidelijkende vragen gesteld tijdens de presentatie. Uw beantwoording op deze vragen tijdens de presentatie heeft ertoe geleid dat de score voor onderdeel KC-1.1 bijgesteld is van een “matig” naar een “voldoende”.

3.21.

Headfirst heeft de Politie verzocht om (nog tijdens de zogenoemde alcateltermijn) met haar in gesprek te gaan over bezwaren tegen de beoordeling. Bij e-mailbericht van 23 juni 2025 heeft de Politie aan Headfirst meegedeeld dat de Politie als beleid heeft om tijdens de alcateltermijn niet met partijen in gesprek te gaan. In het bericht geeft de Politie Headfirst wel de mogelijkheid om haar op- en aanmerkingen op papier te zetten, zodat de Politie erop kan antwoorden. Headfirst heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

4 Het geschil

5 De beoordeling

6 De beslissing