Rechtbank Den Haag, 24-02-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:9651, C/09/678021 / KG ZA 25-1
Rechtbank Den Haag, 24-02-2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:9651, C/09/678021 / KG ZA 25-1
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 24 februari 2025
- Datum publicatie
- 2 juni 2025
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2025:9651
- Zaaknummer
- C/09/678021 / KG ZA 25-1
Inhoudsindicatie
Kort geding. Aanbesteding. Verbod gemeente om uitvoering te geven aan voorlopige gunningsbeslissing. Voorlopige winnaar heeft inschrijving gedaan die niet voldoet aan de minimumeisen van de aanbesteding.
Uitspraak
Team handel - voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/678021 / KG ZA 25-1
Vonnis in kort geding van 24 februari 2025
in de zaak van
Aannemersbedrijf [eiseres] BV te [vestigingsplaats] , gemeente [gemeente] ,
eiseres,
advocaat mr. J. Haest te Den Haag,
tegen:
Gemeente Westland te Naaldwijk, gemeente Westland,
gedaagde,
advocaat mr. E. Bregonje te Terneuzen.
Partijen worden hierna respectievelijk aangeduid als ‘ [eiseres] ’ en ‘de Gemeente’.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties;
- de conclusie van antwoord van de Gemeente, met producties.
Op 10 februari 2025 is de mondelinge behandeling gehouden. Hierbij zijn door [eiseres] pleitnotities overgelegd. Tijdens de zitting is vonnis bepaald op vandaag.
2 De feiten
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
De Gemeente heeft een Europese openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd voor de opdracht “reconstructie Vredebestlaan te Poeldijk”. Voor zover in dit kort geding relevant, bestaan de werkzaamheden uit het verwijderen van bestaande damwanden en aanbrengen van nieuwe stalen damwanden.1
Op de aanbesteding zijn de Aanbestedingswet 2012 (Aw), de Uniforme Administratie Voorwaarden 2012 (UAV 2012), de RAW-bepalingen en het Aanbestedingsreglement Werken 2016 (ARW 2016) van toepassing. Het gunningscriterium is beste prijs-kwaliteit verhouding, waarbij prijs voor 40% en kwaliteit voor 60% meetelt. De Gemeente wil met één inschrijver een overeenkomst sluiten.
In het Beschrijvend document staat in paragraaf 6.5 vermeld dat de minimumeisen die de Gemeente stelt aan de uitvoering van de opdracht staan vermeld in het Bestek en de bijlagen behorende bij het Bestek. Inschrijvers moeten onvoorwaardelijk instemmen met de minimumeisen, bij gebreke waarvan een inschrijving als ongeldig terzijde wordt gelegd.
Voor het subgunningscriterium kwaliteit moeten inschrijvers een plan van aanpak indienen. Hierover staat het volgende in het Beschrijvend document:

De BLVC-aspecten zijn Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie. De plannen van aanpak worden beoordeeld door een beoordelingsteam. Voor zover nu relevant krijgt een inschrijver bij de beoordeling ‘goed’ 80% en bij een beoordeling ‘uitstekend’ 100% van de punten voor het subgunningscriterium kwaliteit.
Bijlage 4 bij het Beschrijvend document is het Bestek. Uit artikel 04 van deel 2.1 (Algemene gegevens) van het Bestek blijkt dat vergunningen onderdeel uitmaken van het Bestek. In artikel 08 van deel 2.1 van het Bestek staat het volgende:

Verder staat in deel 3 (Bepalingen) van het Bestek onder meer, en voor zover nu relevant, het volgende:


Op 17 mei 2024 is op aanvraag van de Gemeente door het Hoogheemraadschap van Delfland (hierna: het Hoogheemraadschap) een Watervergunning afgegeven (hierna: de Watervergunning) ten behoeve van de uit te voeren werkzaamheden die onderwerp zijn van dit kort geding. In de Watervergunning staat onder meer het volgende:
“3 Overwegingen
(...)
Uitvoering vanaf het water
Een deel van de werkzaamheden wordt op pontons vanaf het water uitgevoerd. Het is momenteel nog niet bekend met welke combinatie pontons op het water wordt gewerkt. In overleg met de aanvrager zijn in deze vergunning voorschriften overgenomen uit de watervergunning van de reeds gerealiseerde oeverbescherming langs de Vredebestlaan.
Uitvoering vanaf het land
Een deel van de werkzaamheden wordt uitgevoerd vanaf het land. Het is echter nog niet bekend met welk materieel de werkzaamheden wordt uitgevoerd. Op verzoek van de aanvrager wordt een aantal voorschriften in deze vergunning opgenomen die betrekking hebben op de inzet van materieel, waarbij speciale aandacht wordt gegeven aan de lokale hoge stempelkrachten.
4 Voorschriften
(...)
Uitvoeringstermijn
De vergunde werkzaamheden moeten zijn uitgevoerd binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van deze vergunning.
(...)
Inzet pontons in primair boezemwater
1. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden mag de doorstroming in het primair boezemwater niet worden belemmerd.
2. Er mogen maximaal drie pontons (of samenstel van pontons) worden toegepast met de maximale afmetingen van 16,8 m lang en 4,2 m breed (één ponton) resp. 12,6 m lang en 4,2 m breed (twee pontons).
3. De diepgang van de pontons mag maximaal 0,55 m zijn.
4. Buiten werktijden en in het weekend moeten de drijvende objecten afgekoppeld worden en de individuele drijvende objecten in de lengterichting langs een oeverlijn worden geplaatst om de doorstroming in het primair boezemwater te waarborgen.
5. Aan de vaarwegzijde van de pontons mogen geen uitstekende delen aanwezig zijn die het onderhoud en/of het recreatief gebruik van het oppervlaktewaterlichaam hinderen.
6. De drijvende objecten op het primair boezemwater worden uitsluitend gebruikt gedurende de bouwfase. Na uitvoeren van de werkzaamheden dienen de drijvende objecten direct uit het primair boezemwater te worden verwijderd.
7. De drijvende objecten moet in drijvende staat worden gehouden en altijd vrij kunnen meebewegen met het heersende waterpeil.
8. Drijf)vuil ter plaatse van en rondom de drijvende objecten (tot 1,0 m afstand) moet worden verwijderd.
9. Op aanwijzing van Delfland moet de vergunninghouder op eigen kosten de drijvende objecten binnen een uur verplaatsen en/of verwijderen in geval van calamiteiten (zoals neerslagtekort of neerslagoverschot > 50 mm/24 uur).”
In de bij de Watervergunning verstrekte toelichting staat nog het volgende:
“ Wijziging van het besluit
De aanvrager en de vergunninghouder kunnen een verzoek indienen om het besluit te wijzigen. Dit verzoek doorloopt meestal dezelfde procedure als het oorspronkelijke besluit. Houdt u dus rekening met deze extra doorlooptijd voordat u begint met de werkzaamheden. Ook voor een wijzigingsbesluit worden leges in rekening gebracht.”
In de eerste Nota van Inlichtingen (NvI) staat bij vraag 22 en het antwoord daarop, het volgende:
“In de watervergunning, par 4.3.1 lid 2 staat aangegeven: "Er mogen geen funderingspalen of tijdelijke hulpconstructies in het water worden geplaatst.". Wij nemen aan dat wij deze eis moeten lezen in het kader van par. 4.3.1 lid 1 ("Tijdens de uitvoering van de werken mag de doorstroming van het water niet verder worden verminderd dan vergund."). Kunt u dit bevestigen?
Zie 4.3.3 voor wat vergunningstechnisch is toegestaan. Indien de aannemer een andere interpretatie heeft, is het aan hem om dit af te stemmen met HHvD 2 tijdens de uitvoering van het werk en eventueel aanvullende vergunningen t.b.v. uitvoering aan te vragen. De opdrachtgever is hier verder niet voor verantwoordelijk.”
In de tweede NvI staat bij vraag 2.23 en het antwoord daarop het volgende:
“In de Watervergunning voor de vervanging van de damwanden is in par. 4.3.3 lid 2 aangegeven dat er maximaal 3 pontons of samenstel van pontons wordt toegepast. Vervolgens wordt er een maat van 16,8 meter lang en 4,2 meter breed gegeven en bij 2 pontons resp. 12,5 meter lang en 4,2 meter breed. Betekent dit in totaal 25 meter lengte? Hoe zit het bij 3 pontons?
Nee. De maximale afmeting is 16,8 meter lang en 4,2 meter breed. Indien de aannemer een andere interpretatie heeft, is het aan hem om dit af te stemmen met HHvD tijdens de uitvoering van het werk en eventueel aanvullende vergunningen t.b.v. uitvoering aan te vragen. De opdrachtgever is hier verder niet voor verantwoordelijk.”
[eiseres] , Gebroeders [bedrijfsnaam] B.V. (hierna: [bedrijfsnaam] ) en nog een derde partij hebben deelgenomen aan de aanbesteding en hebben tijdig een inschrijving ingediend.
Bij brief van 28 november 2024 heeft de Gemeente de voorlopige gunningsbeslissing bekend gemaakt. In de brief staat dat de Gemeente de opdracht wil gunnen aan [bedrijfsnaam] , omdat zij de inschrijving heeft gedaan met de beste prijs-kwaliteitverhouding. [eiseres] is in ranking als tweede geëindigd. Op het onderdeel kwaliteit is het plan van aanpak van [eiseres] beoordeeld als ‘goed’ en dat van [bedrijfsnaam] is als “uitstekend”. De scores zijn als volgt verdeeld:
[afbeelding verwijderd i.v.m. privacygevoelige informatie]
Over de inschrijving van [bedrijfsnaam] staat in de aan [eiseres] gerichte gunningsbeslissing het volgende, voor zover nu relevant:
“De voorlopige winnaar heeft op dit onderdeel een ‘uitstekend’ gescoord. Het plan van aanpak van de voorlopige winnaar is als positief onderscheidend beoordeeld. De voorlopige winnaar heeft gekozen voor een onderscheidende werkwijze voor het uitvoeren van de damwandwerkzaamheden. Deze worden vanaf het water uitgevoerd. (...)”