Rechtbank Gelderland, 15-02-2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:1566, 294844
Rechtbank Gelderland, 15-02-2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:1566, 294844
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 15 februari 2016
- Datum publicatie
- 23 maart 2016
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2016:1566
- Zaaknummer
- 294844
Inhoudsindicatie
Kort geding. Kraak woonruimte in monumentale boerderij, gevolgd door gebruiksovereenkomst met opzegmogelijkheid “indien gebruik en ontruiming van de panden noodzakelijk is in verband met de aanvang van de werkzaamheden ten behoeve van herontwikkeling van het perceel en de panden”. Eigenaar zegt op wegens voorgenomen restauratie; kraker voert aan dat de plannen voor herontwikkeling onvoldoende concreet zijn voor opzegging. Gebruiker beroept zich niet op zijn woonbelang, maar op behoud van het monumentale pand. Nu eigenaar en gebruiker hetzelfde belang stellen, kan het belang van de gebruiker de gevorderde ontruiming niet in de weg staan. Vordering tot ontruiming toegewezen.
Uitspraak
vonnis
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/294844 / KG ZA 15-639
Vonnis in kort geding van 15 februari 2016
in de zaak van
1. vennootschap onder firma
V.O.F. WESTERAAM I,
gevestigd te Hoevelaken,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ELST WESTERAAM B.V.,
gevestigd te Rijssen,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
VOS GRONDMAATSCHAPPIJ VOGROMIJ B.V.,
gevestigd te Nijmegen,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BPD ONTWIKKELING B.V.,
gevestigd te Hoevelaken,
eiseressen,
advocaat mr. M.J.C. Wensink te Arnhem,
tegen
1 [gedaagde 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
advocaat mr. M. van Kan te Zutphen,
toevoegingsnummer 2EV3372
2. ALLE ONBEKENDE PERSONEN DIE VERBLIJVEN AAN HET ADRES [adres] TE [woonplaats],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagden,
niet verschenen.
Eisers zullen gezamenlijk in enkelvoud worden aangeduid als Westeraam. Gedaagde sub 1. zal hierna [gedaagde 1] worden genoemd. Gedaagden sub 2. zullen worden aangeduid als [gedaagden / overige bewoners]
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van de advocaat van Westeraam
- de pleitnota van de advocaat van [gedaagde 1]
- de aantekeningen van [gedaagde 1] .
Ter zitting heeft Westeraam de vordering jegens [naam] , oorspronkelijk gedaagde sub 2, ingetrokken, omdat deze persoon het pand [adres/pand] te [woonplaats] inmiddels heeft verlaten. Ook heeft Westeraam ter zitting haar eis gewijzigd, zoals weergegeven in haar pleitnota, in die zin dat zij niet alleen ontruiming van het pand (de panden) vordert, maar ook ontruiming van het bijbehorende erf. De voorzieningenrechter heeft ter zitting meegedeeld dat een eiswijziging niet is toegestaan jegens de niet-verschenen gedaagden. Westeraam heeft vervolgens verklaard haar eiswijziging dan te handhaven ten opzichte van [gedaagde 1] . [gedaagde 1] heeft geen (processueel) bewaar gemaakt tegen deze eiswijziging.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Eiseressen sub 2, 3 en 4 zijn vennoten van eiseres sub 1, V.O.F. Westeraam I. De vennoten zijn eigenaar van de panden met erf, tuin en ondergrond gelegen aan de [adres/pand] te [woonplaats] (hierna ook: [adres/pand] of [adres/pand] ). [adres/pand] is een gemeentelijk monument.
Medio 2002 hebben diverse personen zich zonder recht of titel toegang verschaft tot de op dat moment leegstaande boerderij en zijn zij daarin gaan wonen. In eerste instantie heeft Westeraam dit gebruik gedoogd.
Op 28 oktober 2009 is Westeraam V.O.F. I (toen eigenaar van [adres/pand] ) in verband met de verzekering van [adres/pand] met de toenmalige 12 bewoners, waaronder [gedaagde 1] , een gebruiksovereenkomst aangegaan. Daarin staat, onder meer, het volgende.
Artikel 1 – Gebruik, bestemming
Gebruiknemers nemen van gebruikgever in gebruik, gelijk gebruikgever aan gebruiknemers in gebruik geeft, de panden gelegen aan de [adres/pand] te [woonplaats] . (Gld.)
Gebruiknemers zullen de panden uitsluitend gebruiken als woonruimte en verplichten zich als een goed huisvader voor de panden zorg te dragen.
(...)
Artikel 2 – Duur, opzegging, ontruiming
De gebruiksovereenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. De overeenkomst kan door beide partijen ieder moment worden opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn drie (3) maanden.
Gebruikgever kan de overeenkomst slechts opzeggen indien beëindiging van het gebruik en ontruiming van de panden noodzakelijk is in verband met de aanvang van de werkzaamheden ten behoeve van herontwikkeling van het perceel en de panden. De noodzaak tot beëindiging van het gebruik zal gebruikgever onderbouwen met een duidelijke tijdsplanning van de ontwikkelingswerkzaamheden waarin tenminste vermeld staat op welke datum de eerste werkzaamheden een aanvang zullen nemen.
Gebruiknemers zijn verplicht het pand op het moment dat de gebruiksovereenkomst eindigt te ontruimen met al de zijne en de zijnen.
Bij brief van 28 januari 2014 heeft Westeraam de gebruiksovereenkomst opgezegd in verband met de aanvang van de werkzaamheden ten behoeve van de herontwikkeling en heeft zij de gebruikers verzocht [adres/pand] per 1 mei 2014 te verlaten. Na verzet door de gebruikers en correspondentie over en weer heeft Westeraam de aangezegde ontruimingsdatum niet gehandhaafd.
Bij brief van 3 september 2015 heeft Westeraam de gebruiksovereenkomst nogmaals opgezegd met als ontruimingsdatum 3 december 2015. [gedaagde 1] heeft [adres/pand] niet verlaten en ontruimd en woont er nog steeds. Een aantal van de overige bewoners heeft [adres/pand] wel verlaten.
Westeraam heeft [adres/pand] eind 2015 verkocht aan De Bunte Vastgoed B.V. (hierna: De Bunte), die [adres/pand] met erf wil gaan herontwikkelen. Het onroerend goed is nog niet aan De Bunte geleverd.