Rechtbank Gelderland, 10-04-2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:2449, C/05/333113 / KG ZA 18-52
Rechtbank Gelderland, 10-04-2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:2449, C/05/333113 / KG ZA 18-52
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Gelderland
- Datum uitspraak
- 10 april 2018
- Datum publicatie
- 4 juni 2018
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2018:2449
- Zaaknummer
- C/05/333113 / KG ZA 18-52
Inhoudsindicatie
Kort geding. Aanbesteding. Artikel 2:113a Aanbestedingswet. In geval van gerede twijfel of een inschrijving niet irreëel is, is de aanbestedende dienst gehouden daar nader onderzoek naar te verrichten. Daarvoor is niet noodzakelijk dat de afgewezen inschrijver concreet aantoont dat de inschrijving van de (voorlopig) winnende partij irreëel is (zie Hof van Justitie EU 12 maart 2015, C-538/13 (eVigilo)). De aanbestedende dienst heeft onvoldoende onderzoek verricht naar het realiteitsgehalte van de (voorlopig) winnende inschrijving. Er is geen effectief en gronding onderzoek verricht in de zin van artikel 2:113a Aw.
Uitspraak
vonnis
Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer / rolnummer: C/05/333113 / KG ZA 18-52
Vonnis in kort geding van 10 april 2018
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[Eiser] B.V.,
gevestigd te Bergambacht,
eiseres,
advocaat mr. A.H. Klein Hofmeijer te Rotterdam,
tegen
1. de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE RHEDEN,
zetelende te De Steeg,
2. de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE LINGEWAARD,
zetelende te Bemmel,
3. de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE OVERBETUWE,
zetelende te Elst,
4. de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE RENKUM,
zetelende te Oosterbeek,
5. de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE ROZENDAAL,
zetelende te Rozendaal,
gedaagden,
advocaat mr. T.G. Zweers-te Raaij te Zwolle.
Partijen zullen hierna [Eiser] en de gemeenten worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de producties 1 tot en met 20 van [Eiser]
- de nagezonden producties 18, 20 en 21 tevens akte wijziging/vermeerdering van eis van [Eiser]
- de productie 1 van de gemeenten
- de nagezonden productie 2 van de gemeenten
- de conclusie van antwoord met productie 3 van de gemeenten
- de aanvulling op productie 17 en de producties 22 en 23 van [Eiser]
- de mondelinge behandeling van 27 maart 2018
- de pleitnota van [Eiser]
- de pleitnota van de gemeenten.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
[Eiser] is fabrikant en leverancier van trapliften.
De gemeenten hebben op 19 september 2017 een Europese openbare aanbestedingsprocedure aangekondigd met betrekking tot de levering van trapliften. Voorafgaand aan deze aankondiging heeft op 26 juli 2017 een marktconsultatie plaatsgevonden, waarbij [Eiser] steeds als derde partij heeft geantwoord op de vragen van de gemeenten. In deze marktconsultatie staat voor zover thans van belang:
‘(...)
7. Levertijden
|
Leverancier |
Wat zijn de levertijden voor traplift? |
|
1 |
Wij hanteren een levertijd van 20 werkdagen. |
|
2 |
Het kan binnen 14 dagen, maar standaard betreft het 15 werkdagen levertijd. Onze productietijd is vrij kort (4 á 5 dagen), maar we zijn veel tijd kwijt aan het bezoek bij de cliënt, de tekening etc. Daarom zij wij nu ook bezig met een samenwerking met Microsoft, we willen gebruik gaan maken van de Holo lens. |
|
3 |
De levertijden liggen nu rond de 3 weken, maar dat is wel heel krap. Binnen een aanbesteding is 4 á 5 weken realistischer. 95% is dan haalbaar. Maar de levertijden zijn ook afhankelijk van de beschikbaarheid van de cliënt, omdat zij thuis moeten zijn voor het opmeten van de trap. |
(...)’
De offerteaanvraag vermeldt voor zover thans van belang het volgende:
‘(...)
Deel: V GUNNINGSCRITERIUM EN BEOORDELING
V.1 GUNNINGSCRITERIUM
De inschrijvingen worden beoordeeld en gerangschikt op basis van het gunningscriterium ‘beste prijs-kwaliteitverhouding’, hierna aangeduid als: ‘Beste PKV’.
Het gunningscriterium ‘Beste PKV’ bestaat uit de volgende subgunningscriteria en het te behalen aantal punten:
|
Subgunningscriteria |
Te behalen punten |
|
|
G1 |
Prijs |
50 |
|
G2 |
Kwaliteit W01: Herverstrekking W02: Levertijd W03: Klanttevredenheid W04: Social Return |
50 15 10 20 5 |
|
Totaal |
100 |
(...)
V.3.1 BEOORDELING G2 KWALITEIT
(...)
Beoordeling wens 02
De inschrijver met de minste “aantal werkdagen” per levering verkrijgt het maximum aantal punten. Het te behalen aantal punten van de overige inschrijvers wordt vastgesteld op grond van de volgende formule:
(eigen “aantal werkdagen per levering” / minste “aantal werkdagen per levering” inschrijver) x maximaal te behalen punten = behaalde aantal punten
Het behalve aantal punten wordt afgerond op maximaal twee decimalen.
(...)’
Het Programma van Eisen vermeldt onder meer het volgende:
‘(...)
2. Service eisen
(...)
|
Eis |
Omschrijving |
|
SE01 |
De Opdrachtnemer meet binnen 5 werkdagen na opdrachtverstrekking door de Opdrachtgever de traplift in bij de cliënt. |
|
SE02 |
De maximale termijn tussen het inmeten van de traplift en het indienen van de offerte door Opdrachtnemer bedraagt 5 werkdagen. |
|
SE03 |
De oplevering van een traplift in de woonsituatie van de cliënt dient te worden gerealiseerd binnen 25 werkdagen na definitieve opdrachtverstrekking door de Opdrachtgever. |
|
(...) |
Wensen
(...)
|
W02: Levertijd |
Binnen hoeveel werkdagen kunt u een traplift opleveren? Geef aan hoeveel werkdagen u rekent voor: - Inmeten - Opstellen offerte - Plaatsen en produceren U dient dit per hierboven genoemde indeling aan te geven. |
(...)’
In de Nota van Inlichtingen van 9 oktober 2017 staat onder meer het volgende vermeld:
‘Vraag 1: Gangbaar is een minimaal draagvermogen van 125 kg. Is het correct te veronderstellen dat deze 125 kg draagvermogen ook bij deze aanbesteding van toepassing is?
Antwoord: Het is correct dat een minimaal draagvermogen van 125 kg gangbaar is.
(...)’
[Eiser] heeft tijdig op de aanbesteding ingeschreven. Zij heeft met betrekking tot de levertijd voor het onderdeel inmeten vijf werkdagen gerekend, voor het opstellen van een offerte twee werkdagen en voor het produceren en plaatsen van de traplift twintig werkdagen, wat uitkomt op een totale levertijd van in totaal 27 werkdagen. Naast [Eiser] hebben nog twee andere partijen op de opdracht ingeschreven, waarvan één inschrijving als ongeldig ter zijde is gelegd. De enige andere geldige inschrijving is van [naam inschrijver].
Bij brief van 19 januari 2018 hebben de gemeenten een voorlopige gunningsbeslissing aan [Eiser] verzonden. In deze brief staat voor zover thans van belang:
‘(...)
Geen gunning aan uw organisatie
Na een grondige beoordeling is de inschrijving van [naam inschrijver] aangemerkt als de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitverhouding. Uw inschrijving is geëindigd op de 2e plaats. Derhalve komt u niet in aanmerking voor (voorlopige) gunning van de opdracht.
Onderstaand vindt u uw scores ten opzichte van de (voorlopig) begunstigde inschrijver:
|
Subgunningscriterium |
Maximaal aantal te behalen punten |
Punten (voorlopig) begunstigde inschrijver |
Behaald aantal punten |
|
|
G1 |
Prijs |
50 |
43,45 |
50 |
|
G2 |
Kwaliteit W01: Herverstrekking W02: Levertijd W03: Klanttevredenheid W04: Social Return |
50 15 10 20 5 |
42,24 12,24 10,00 16,00 4,00 |
32,85 15,00 1,85 12,00 4,00 |
|
Totaal |
100 |
85,69 |
82,85 |
Motivering kwaliteit
(...)
W02: Levertijd
Uit de beoordeling van dit gunningscriteria komt naar voren dat de levertijd van de partij geëindigd op de eerste plaats een korte doorlooptijd heeft wat betreft de levertijd van een traplift. De partij geëindigd op de eerste plaats heeft daarom meer punten voor dit gunningscriteria ontvangen.
(...)’
In reactie op de gunningsbeslissing heeft [Eiser] op 24 januari 2018 onder meer het volgende aan de gemeenten bericht:
‘(...)
In uw bestek geeft u de volgende puntentoekenning aan: (eigen “aantal werkdagen per levering” / minste “aantal werkdagen per levering” inschrijver) x maximaal te behalen punten = behaalde aantal punten. Wij hebben getracht te berekenen met welke levertijd [naam inschrijver] de inschrijving heeft verricht. Die factor weten wij niet, maar zou kunnen worden berekend aan de hand van de formule. Echter, ons vermoeden is dat deze formule niet klopt. Wij denken dat u de formule heeft gewijzigd in: minste “aantal werkdagen per levering” inschrijver / eigen “aantal werkdagen per levering” x maximaal te behalen punten = behaalde aantal punten.
[Eiser] heeft ingeschreven met maximaal 5 werkdagen om de trap in te meten, een offerte aanleveren binnen 2 werkdagen en een levertijd vanaf akkoord maximaal 20 werkdagen. Het maximaal aantal te behalen punten is 10. De score van [Eiser] 1,85. Met de formule zoals in bovenstaande alinea geschetst zou de berekening daarmee uitkomen op 5 / 27 x 10 = 1,85. In dat geval heeft [naam inschrijver] een totale doorlooptijd van 5 werkdagen van inmeten, offerte aanleveren en het installeren van de traplift. Wij achten deze doorlooptijd onrealistisch op basis van onze ervaring in de Wmo markt.
Wij hebben het vermoeden dat er een andere formule is toegepast om tot een score te komen, of dat er een fout is gemaakt in deze berekening. Wij vragen u vriendelijk om aan te geven hoe u tot de score van 1,85 bent gekomen ten opzichte van de winnende partij [naam inschrijver]. Als de door ons gemaakte berekening klopt, en [naam inschrijver] daadwerkelijk met maximaal 5 werkdagen levertijd hebben ingeschreven, dan dienen wij formeel protest in tegen dit gunningsbesluit.
(...)’
De gemeenten hebben op 26 januari 2018 aan [Eiser] geantwoord dat de formule inderdaad onjuist in de offerteaanvraag is weergegeven, maar dat de formule wel conform de begeleidende tekst in de offerteaanvraag is toegepast. Verder heeft de gemeente bericht dat zij bij de beoordeling en verificatie van de inschrijvingen geen onrealistisch aanbod heeft gesignaleerd.
Bij brief van 7 februari 2018 van de advocaat van [Eiser] aan de gemeenten is onder meer het volgende geschreven:
‘(...)
3. De voorgenomen begunstigde heeft een irreële inschrijving gedaan
(...)
[Eiser] stelt dat een levertijd van vijf werkdagen ter zake van de gevraagde leveringen, zoals geoffreerd door [naam inschrijver], niet haalbaar, althans irreëel, althans manipulatief is. op grond daarvan maakt [Eiser] inhoudelijk bezwaar tegen de scoretoekenning ten aanzien van subsubgunningscriterium W02.
Voor dominante fabrikanten in de trapliftenbranche is een levertijd van circa drie tot vier werkweken gebruikelijk. Deze levertijd hangt samen met de te verrichten werkzaamheden, die onder meer bestaan uit het inmeten van de traplift (rails), de productie van de rails (maatwerk op basis van de inmeting) en de installatie van de traplift bij de cliënt (burger) van de Gemeenten. [naam inschrijver] is geen fabrikant van trapliften, doch een tussenhandelaar. Zij betrekt haar trapliften bij een derde. Gelet op de levertijden die gelden voor fabrikanten, staat op voorhand vast dat [naam inschrijver] een levertijd van vijf werkdagen niet kan nakomen.
(...)’
De gemeenten hebben niet inhoudelijk op dit bericht gereageerd, maar aan [Eiser] haar verhinderdata kenbaar gemaakt voor het aanvragen van een kort gedingprocedure. [Eiser] heeft de gemeenten vervolgens gedagvaard tegen 27 maart 2018.
De gemeenten hebben medio maart 2018 aan [naam inschrijver] gevraagd in hoeverre de levertijd van vijf werkdagen waarmee zij op de opdracht heeft ingeschreven haalbaar is. In reactie daarop heeft de heer [naam] namens [naam inschrijver] onder meer het volgende verklaard:
‘(...)
Desgevraagd bevestigt [naam inschrijver] nogmaals de haalbaarheid van de in de inschrijving bij W02 opgenomen (totale) levertijd van 5 werkdagen voor het leveren en installeren van een traplift. De levertijd voor de in W02 opgenomen werkzaamheden van het inmeten, offreren, plaatsen en produceren van een traplift staat vermeld onder W02, onderdeel van subgunningscriterium G2 Kwaliteit.
Deze levertijd van 5 dagen is te realiseren door gebruikmaking c.q. inzet van een modulaire traplift. Deze traplift wordt in het werk (op locatie) opgebouwd en bestaat volledig uit onderdelen die wij op voorraad houden. Deze onderdelen komen bovendien in aanmerking voor herverstrekking als een traplift gedemonteerd dient te worden.
Met de levering uit voorraad van onderdelen zijn wij niet direct afhankelijk van kritische productietijden van onderdelen van een traplift. Een op deze wijze geleverde traplift voldoet aan de gestelde eisen in de aanbestedingsdocumenten, ongeacht welke categorie traplift dit betreft.
Indien in voorkomende gevallen geen modulaire traplift geplaatst kan worden, zullen wij een traplift uit depot leveren die in het verleden eerder ingezet is geweest en na revisie in aanmerking komt voor herinzet, ongeacht welke categorie traplift dit betreft.
Ook in deze situatie zijn wij niet afhankelijk van kritische productietijden van een nieuwe traplift of onderdelen daarvan, productie heeft immers in het verleden plaatsgevonden.
(...)’
Bij e-mailbericht van 26 maart 2018 heeft [naam inschrijver] nog onder meer het volgende aan de gemeenten geschreven:
‘Desgevraagd bevestig ik hierbij in aanvulling op mijn verklaring dat [naam inschrijver] als modulaire traplift de Acorn 180 zal inzetten. [naam inschrijver] heeft van de fabrikant de schriftelijke bevestiging dat deze traplift een draagvermogen heeft van minimaal 125 kg.
(...)’
De gemeenten zijn niet op hun (voorlopige) gunningsbeslissing teruggekomen.
3 Het geschil
[Eiser] vordert - na vermeerdering van eis - bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
Primair
I de gemeenten te gebieden om binnen tien werkdagen na de datum van dit vonnis de gunningsbeslissingen van 19 januari 2018 in te trekken, de inschrijving van [naam inschrijver] alsnog ter zijde te leggen en nieuwe gunningsbeslissingen te nemen waarbij de gemeenten de opdracht verstrekken aan [Eiser] op basis van de reeds uitgevoerde beoordeling en rangschikking van de ontvangen inschrijvingen (waaronder die van [Eiser]), een en ander imperatief voor zover de gemeenten de onderhavige aanbestedingsprocedure niet langer rechtmatig kunnen intrekken;
Subsidiair
II de gemeenten te gebieden om binnen tien werkdagen na de datum van dit vonnis de gunningsbeslissingen van 19 januari 2018 in te trekken, alsnog een effectief onderzoek uit te voeren naar het realiteitsgehalte van de door [naam inschrijver] geoffreerde “Levertijd” (in overeenstemming met eis TE02, SE01 tot en met SE03 en wens W02, gecorrigeerd in de antwoorden op de vragen 5 en 6 NvI), nieuwe gunningsbeslissingen te nemen waaraan de resultaten van dat onderzoek ten grondslag worden gelegd en de resultaten van het onderzoek deugdelijk te verwoorden in die nieuwe gunningsbeslissingen, een en ander imperatief voor zover de gemeenten de onderhavige aanbestedingsprocedure niet langer rechtmatig kunnen intrekken;
Meer subsidiair
III de gemeenten te gebieden om binnen tien werkdagen na de datum van dit vonnis de gunningsbeslissingen van 19 januari 2018 in te trekken, de ontvangen twee geldige inschrijvingen (waaronder begrepen in ieder geval de inschrijving van [Eiser]) opnieuw te beoordelen, waarbij de “Levertijd” vastgesteld wordt in overeenstemming met eis TE02, SE01 tot en met SE03 en wens W02, gecorrigeerd in de antwoorden op de vragen 5 en 6 NvI) en nieuwe gunningsbeslissingen te nemen, een en ander imperatief voor zover de gemeenten de onderhavige aanbestedingsprocedure niet langer rechtmatig kunnen intrekken;
Verder subsidiair
IV de gemeenten te gebieden om binnen tien werkdagen na de datum van dit vonnis de gunningsbeslissingen van 19 januari 2018 in te trekken, de onderhavige aanbestedingsprocedure te staken en deze gestaakt te houden en de gemeenten te gebieden om, als zij overgaan tot heraanbesteding, de opdracht wezenlijk gewijzigd aan te besteden;
Uiterst subsidiair
V een andere maatregel te treffen die in goede justitie redelijk is en recht doet aan de belangen van [Eiser];
In alle gevallen
VI een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,00 per dag met een maximum van € 100.000,00, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen bedrag, per dag of per dagdeel dat de gemeenten in gebreke blijven met de naleving van dit vonnis;
Bij afwijzing van het primair, subsidiair en/of meer subsidiair gevorderde
VII de gemeenten te verbieden de aanbestede overeenkomst definitief te gunnen aan [naam inschrijver] c.q. de aanbestede overeenkomst te sluiten met [naam inschrijver] en wel totdat uw vonnis in kracht van gewijsde is getreden, dan wel uw vonnis bekrachtigd is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, en het betreffende arrest in kracht van gewijsde is getreden, zulks op straffe van een dwangsom op overtreding van dit verbod van € 500.000,00;
In alle gevallen
VIII de gemeenten te veroordelen in de integrale proceskosten van [Eiser] van
€ 25.000,00 exclusief BTW, althans de gemeenten te veroordelen in de gebruikelijke kosten van dit geding, waaronder de nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.
De gemeenten voeren verweer en concluderen tot afwijzing van de vorderingen.
Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover voor de beoordeling van dit geschil van belang, worden ingegaan.