Home

Rechtbank Gelderland, 05-01-2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:375, 329320

Rechtbank Gelderland, 05-01-2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:375, 329320

Gegevens

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
5 januari 2018
Datum publicatie
2 februari 2018
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2018:375
Formele relaties
Zaaknummer
329320

Inhoudsindicatie

Kort geding. Aanbesteding. Basis en Specialistische GGZ. Niet aannemelijk is dat is voldaan aan geschiktheidseis.

Uitspraak

vonnis

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer / rolnummer: C/05/329320 / KG ZA 17-568

Vonnis in kort geding van 5 januari 2018

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

EVERGREEN GGZ B.V.,

gevestigd te Arnhem,

eiseres,

advocaat mr. J.A. van Ham te Veenendaal,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE NIJMEGEN,

zetelend te Nijmegen,

gedaagde,

advocaat mr. T. van Wijk te Nijmegen.

Partijen zullen hierna Evergreen en de gemeente worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding met productie 1 tot en met 3

-

de nagezonden producties 4 tot en met 13 van Evergreen

-

de nagezonden producties 14 tot en met 17 van Evergreen

-

de producties 1 tot en met 4 van de gemeente

-

de nagezonden producties 5 en 6 van de gemeente

-

de mondelinge behandeling van 15 december 2017

-

de pleitnota van Evergreen

-

de pleitnota van de gemeente.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Evergreen is een GGZ-instelling. Op 25 september 2017 heeft de Regio Gemeente Nijmegen, bestaande uit de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen, Mook en Middelaar en Nijmegen (hierna ook te noemen: de aanbestedende dienst), een offerteaanvraag gepubliceerd onder de naam [naam], [00ABC000]. De offerteaanvraag vermeldt voor zover thans van belang:

‘(...)

2.4.4

VOORBEHOUDEN AAN AANBESTEDENDE DIENST

(...)

5. De Aanbestedende dienst behoudt zich het recht voor Inschrijvers om een toelichting op of aanvulling van hun Inschrijving te verzoeken. Een toelichting of aanvulling mag nooit leiden tot een (inhoudelijke) wijziging van de Inschrijving. Bij het verzoek om een toelichting of aanvulling zal de Aanbestedende dienst altijd de aanbestedingsbeginselen in acht nemen.

(...)

3.3

INDELING EN INHOUD INSCHRIJVING

De Aanbestedende dienst toetst op uitsluitingsgronden en geschiktheidseisen.

(...)

Op basis van uitsluitingsgronden en geschiktheidseisen moet de Inschrijver verschillende bewijsstukken overleggen.

3.3.1

AANLEVEREN BEWIJSSTUKKEN

De Inschrijving dient (op straffe van ongeldigheid) de bewijsstukken te bevatten die in deze paragraaf worden benoemd. Het aanleveren van de bewijsstukken dient plaats te vinden volgens onderstaande tabel. (...)

(...)

10. Bewijs ervaring

Standaardformulier Referentie (Bijlage 10)

-

(...)

(...)

10. Bewijs ervaring

Inschrijver dient te beschikken over aantoonbare kennis en ervaring. De vereiste capaciteit, kennis en ervaring moet zijn opgedaan in en moet blijken uit één relevante referentieopdracht (bijlage 10), die in de afgelopen 3 jaar is uitgevoerd. De gevraagde kerncompetentie voor deze Opdracht is:

1. ZIN-referentie (1 of meerdere referenties met minimaal 5 Cliënten), of

2. PGB-referentie geanonimiseerd (1 of meerdere referenties met minimaal 5 Cliënten)

Referenties moeten per dienstperceel waarop Inschrijver zich Inschrijft worden aangeleverd middels het Standaardformulier Referentie (Bijlage 10).

(...)’

2.2.

Bijlage 10 bij de offerteaanvraag luidt als volgt:

2.3.

Evergreen heeft tijdig op de opdracht ingeschreven. Daarbij heeft zij als referentie voor de behandeling basis ggz het Regionaal Ondersteuningsbureau Nijmegen (hierna: het ROB Nijmegen) opgegeven, met als toelichting daarop dat zij in de afgelopen jaren cliënten in de regio heeft behandeld en ook buiten de regio. Ook voor de behandeling van specialistische ggz heeft Evergreen het ROB Nijmegen als referentie opgegeven.

2.4.

De aanbestedende dienst heeft de inschrijving van Evergreen beoordeeld. In dat kader is bij het ROB Nijmegen navraag gedaan of Evergreen in de afgelopen drie jaar aan ten minste vijf cliënten een basis ggz behandeling heeft verleend. Hierop is bevestigend geantwoord. Op de vraag of het ROB Nijmegen kon bevestigen dat Evergreen ook aan ten minste vijf cliënten een specialistische ggz behandeling heeft verleend, is aangegeven dat Evergreen in 2017 geen overeenkomst met de gemeente regio Nijmegen had voor het verlenen van specialistische ggz behandelingen en dat Evergreen deze behandelingen (dus) ook nooit bij het ROB heeft gedeclareerd, zodat zij niet kan bevestigen dat Evergreen ten minste vijf cliënten heeft behandeld.

2.5.

Op 1 november 2017 heeft de aanbestedende dienst de voorlopige gunningsbeslissingen aan de inschrijvers bekend gemaakt. Aan Evergreen is de opdracht met betrekking tot basis ggz gegund en de opdracht met betrekking tot specialistische ggz niet.

2.6.

Naar aanleiding van de voorlopige gunningsbeslissing heeft een gesprek plaatsgevonden tussen een vertegenwoordiger van de aanbestedende dienst en [bestuurder] , bestuurder van Evergreen. Tijdens dit gesprek is naar voren gekomen dat Evergreen niet aan de eis voldoet dat zij in de afgelopen drie jaar aan ten minste vijf cliënten een specialistische ggz behandeling heeft verleend. Evergreen was het daar niet mee eens en heeft extra tijd gevraagd om aan te kunnen tonen dat zij wel aan de eis voldoet. [bestuurder] heeft vervolgens bij e-mailbericht van 27 november 2017 onder meer het volgende aan het ROB Nijmegen geschreven:

‘Sinds 2016 (hiervoor zorgverzekeraars). heeft Evergreen-GGZ een overeenkomst voor basis en gespecialiseerde ggz met ROB. Vorig jaar is deze overeenkomst BGZZ en SGGZ verlengd.

Vorig jaar hebben wij ook een wijziging van onze nieuwe agbcode doorgegeven, zie de bijlage wijzigingsformulier. Deze wijziging is niet goed doorgegeven aan andere gemeentes, bijvoorbeeld aan de gemeente Berg en Dal. Deze gemeente heeft een andere AGB code [0000001].

Bij de gemeente Nijmegen, hier staat Evergreen-GGZ wel met de goede agbcode [0000002] geregistreerd, maar het product [AA.01] is niet toegevoegd.

Hier kwamen wij nu pas erachter.

Zou u de correcte agbcode [0000002] willen doorgeven aan andere gemeentes en het product [AA.01] willen toevoegen aan deze agbcode.

(...)’

2.7.

In reactie op dit bericht heeft [werknemer] , werkzaam als procescoördinator bij het ROB Nijmegen, bij e-mailbericht van 29 november 2017 het volgende aan Evergreen bericht:

‘Vorig jaar is uw contract alleen verlengd op Basis GGZ, mede omdat u nooit een inschrijving op S-GZZ heeft gedaan; zie in de bijlage uw eigen aanlevering en contract. Zodoende is de S-GGZ niet in de regio opgevoerd voor u en is dat ook nu niet mogelijk. Het ROB gaat dus [niet] de [AA.01] toevoegen.

MBT de wijzing van uw AGB code is dit wel correct doorgegeven aan Berg en Dal, maar ik denk dat in de verwerking hier iets is misgegaan. Ik zojuist nogmaals de wijziging doorgegeven om zeker te zijn.’

2.8.

De aanbestedende dienst is hierna niet op haar voorlopige gunningsbeslissing teruggekomen.

3 Het geschil

3.1.

Evergreen vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

Primair

I de gemeente te verbieden de opdracht op basis van de huidige gunningsbeslissing aan enige derde te gunnen en de gemeente te gebieden de opdracht te gunnen aan Evergreen, voor zover de gemeente de opdracht nog altijd wenst te gunnen;

Subsidiair

II de gemeente te verbieden de opdracht definitief te gunnen op basis van de huidige gunningsbeslissing aan enige derde, totdat een herbeoordeling heeft plaatsgevonden, de gemeente te gebieden tot een herbeoordeling over te gaan nadat zij Evergreen de mogelijkheid tot herstel heeft geboden en de gemeente te gebieden om op basis van die herbeoordeling een nieuwe gunningsbeslissing te nemen;

Meer subsidiair

III elke andere voorlopige voorziening te treffen die de voorzieningenrechter in goede justitie passend acht en die recht doet aan de belangen van Evergreen;

Primair en (meer) subsidiair

IV de gemeente te veroordelen in de proces- en nakosten.

3.2.

De gemeente voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen.

3.3.

Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover voor de beoordeling van dit geschil van belang, worden ingegaan.

4 De beoordeling van het geschil

5 De beslissing