Home

Rechtbank Gelderland, 24-03-2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:1388, 361950

Rechtbank Gelderland, 24-03-2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:1388, 361950

Gegevens

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
24 maart 2021
Datum publicatie
24 maart 2021
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2021:1388
Zaaknummer
361950

Inhoudsindicatie

Verbintenissenrecht. Kunstmatige donorinseminatie. Vordering van moeder en dochter tot verstrekking van gegevens van de zaaddonor door het ziekenhuis waar de ivf-behandeling heeft plaatsgevonden. De donor trekt zijn aanvankelijke instemming met het delen van zijn gegevens naderhand in. Beroep op overmacht van het ziekenhuis, gebaseerd op het overgangsrecht van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting. Art. 7 lid 1 IVRK. Art. 8 EVRM. Buiten toepassing laten van wettelijke bepaling op grond van de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid. Afweging van de belangen van het kind en van de donor. Onbekendheid met de belangen van de donor, die anoniem is en geen partij is, maakt dat onmogelijk. Een deskundigenbericht gelasten biedt geen soelaas. Het beroep op overmacht slaagt. Afwijzing van het gevorderde, ook de gevorderde schadevergoeding.

Uitspraak

vonnis

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer / rolnummer: C/05/361950 / HA ZA 19-157

Vonnis van 24 maart 2021

in de zaak van

1 [de moeder] ,

2. [de dochter],

beiden wonende te [woonplaats] ,

eiseressen,

advocaat mr. M.A. de Hek te Amersfoort,

tegen

de stichting

[het ziekenhuis] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

gedaagde,

advocaat mr. A.N.L. de Hoogh te Utrecht.

Eiseressen zullen hierna gezamenlijk [eiseressen] worden genoemd en afzonderlijk [de moeder] en [de dochter] . Gedaagde zal hierna [het ziekenhuis] worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het tussenvonnis van 15 januari 2020

-

de conclusie van repliek tevens houdende een wijziging van eis

-

de conclusie van dupliek

-

het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 25 januari 2021.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[het ziekenhuis] exploiteert een ziekenhuis dat sinds 1976 kunstmatige donorinseminatie (KID) aanbiedt aan vrouwen met een onvruchtbare partner of zonder mannelijke partner. In de in 1997 gebruikte informatiefolder over deze geneeskundige behandeling is onder meer vermeld:

Donoren

In Ziekenhuis [het ziekenhuis] bestaat het A- en B-loket voor donoren.

Dit houdt in:

A-Loket → Anonieme donoren

B-Loket → Bekende donoren

Anonieme donoren zijn donoren die voor de ouders en het kind altijd anoniem blijven.

Bekende donoren zijn donoren die bereid zijn hun anonimiteit prijs te geven ten behoeve van het kind.

Heteroseksuele paren kunnen gebruik maken van beide loketten. In principe mogen vrouwen die een lesbische relatie hebben of alleenstaand zijn alleen gebruik maken van het B-loket. In Ziekenhuis [het ziekenhuis] wordt er vanuit gegaan dat dit in het belang van het kind is. Het kind heeft dan altijd de mogelijkheid om later informatie in te winnen over de donor. Een bekende donor kunt u werven in uw familie of vriendenkring of door het plaatsen van advertenties in tijdschriften en/of

kranten.

2.2.

[de moeder] , die destijds geen partner had maar wel een kinderwens, heeft zich in 1996 voor kunstmatige donorinseminatie gewend tot [het ziekenhuis] , die haar in behandeling heeft genomen. Nadat was gebleken dat [de moeder] niet zelf een bekende zaaddonor kon vinden heeft zij in 1997 gekozen voor inseminatie met zaad van de bij [het ziekenhuis] bekende donor, met de codenaam K34. Op 16 mei 1997 is [de moeder] daartoe een overeenkomst met [het ziekenhuis] aangegaan. Op het donorformulier staat onder meer met de hand geschreven:

“Eigen” donor B en Code donor: 1. K34.

2.3.

Op 6 juni 1997 heeft [de moeder] van de Maatschap Gynaecologie van [het ziekenhuis] voor het bedrag van ƒ 750,00 een kwitantie ontvangen ter zake van “KID behandeling”.

2.4.

Op [dag en maand] 1998 is [de moeder] bevallen van [de dochter] .

2.5.

[eiseressen] hebben een ongedateerde brief van gynaecoloog [arts A] op briefpapier van [het ziekenhuis] in het geding gebracht met de volgende inhoud:

Aan alle patienten die sperma van anonieme donoren hebben gereserveerd in de spermabank van Ziekenhuis [het ziekenhuis] .

Geachte clientele,

Wij voelen ons verplicht U op de hoogte te brengen van een wetsontwerp aangaande donorinseminatie met sperma van anonieme donoren.

Al een aantal jaren ligt er een wetsontwerp klaar om te worden aangenomen waarin staat dat het insemineren met sperma van anonieme donoren in Nederland verboden wordt. Een voorontwerp daartoe is al aangenomen!

Het ligt in de verwachting dat begin 2002 de wet van kracht zal worden In de tussentijd blijft het nog wel toegestaan, maar vanaf 2002 is het zeer waarschijnlijk verboden. In de tussentijd probeert men zich voor te bereiden op de periode daarna.

Ook de inseminatie van gereserveerd sperma van anonieme donoren zal dan niet meer mogen!!

Uiteraard vinden ook wij het een ongewenste gang van zaken, maar ook wij kunnen dit tij waarschijnlijk niet meer keren.

Mocht U nog gebruik willen maken van het door U gereserveerde anonieme sperma dan is het verstandig niet te veel tijd meer te verliezen

Voor de volledigheid zij vermeld dat de Wet niet met terugwerkende kracht zal gelden. De anonimiteit van de donoren zal gewaarborgd blijven maar hun sperma mag niet meer gebruikt worden voor inseminaties na 2001, althans dat is de verwachting.

Na het in werking treden van deze Wet zal het anonieme sperma vernietigd worden.

2.6.

Op 1 juni 2004 is de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting, verder WDKB, volledig in werking getreden. Deze wet voorziet erin dat de Stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting, verder SDKB, wordt opgericht. Op grond van art. 2 lid 1 van de WDKB is degene die kunstmatige donorbevruchting verricht verplicht de gegevens van de zaaddonor te verzamelen en aan de SDKB ter beschikking te stellen. De SDKB is belast met het bewaren en beheren van de gegevens van zaaddonoren en de verstrekking van deze gegevens aan hun (vermoedelijke) nakomelingen, waartoe SDKB, in het geval dat de donor met de verstrekking van zijn persoonsidentificerende gegevens niet instemt, niet dan na een belangenafweging overgaat. Anoniem doneren is dus onder de werking van de WDKB niet langer mogelijk. Art. 12 van de WDKB, opgenomen in § 5 Overgangs- en slotbepalingen, luidt voor zover van belang als volgt:

1. De op het tijdstip waarop artikel 4 in werking treedt bij natuurlijke personen of rechtspersonen aanwezige gegevens, bedoeld in artikel 2, worden op dat tijdstip aan de Stichting (SDKB, rb) overgedragen.

2. Tot de volledige inwerkingtreding van de wet (op 1 juni 2004, rb) kan de donor die voorafgaande aan de volledige inwerkingtreding daarvan zaadcellen of eicellen heeft afgestaan, tegenover de Stichting op schrift verklaren dat de op hem betrekking hebbende gegevens inzake geslachtsnaam, voornamen, geboortedatum en woonplaats niet worden verstrekt aan degene die weet of vermoedt dat hij is verwekt door en ten gevolge van kunstmatige bevruchting of aan diens ouders, indien een verzoek daartoe wordt gedaan.

3. De in het tweede lid bedoelde gegevens omtrent een donor die een verklaring als bedoeld in het tweede lid niet heeft afgelegd worden niet verstrekt aan degene die weet of vermoedt dat hij is verwekt door en ten gevolge van kunstmatige bevruchting of aan diens ouders dan met instemming van de donor.

2.7.

K34 heeft voor 1 juni 2004 tegenover de SDKB niet op schrift verklaard dat hij niet wil dat zijn gegevens worden verstrekt als daartoe een verzoek wordt gedaan.

2.8.

Bij brief van 2 juli 2017 heeft [het ziekenhuis] desgevraagd aan [eiseressen] laten weten dat [het ziekenhuis] de gegevens van zaaddonor K34 niet kon verstrekken.

2.9.

Bij brief van 15 september 2017 heeft een klachtenfunctionaris van [het ziekenhuis] onder meer het volgende aan [de dochter] geschreven:

Ik heb je klachtmelding intern besproken met betrokken artsen. Allereerst spijt het dokter [arts B] en dokter [arts C] dat zij je in eerste instantie foutief hebben geïnformeerd over de status van de donor. Zij lichten je graag de achtergrond hiervan toe, maar realiseren zich ook goed dat dit de onrust die het bij je heeft veroorzaakt niet weg kan nemen. Zij willen je hiervoor excuses aanbieden.

Men is afgegaan op de gegevens die stonden vermeld in het dossier van de donor. De donor stond geregistreerd als A-donor, daar is men dus vanuit gegaan. Omdat hij geregistreerd stond als A-donor is hij ook nooit aangemeld bij de SDKB. Na vragen hierover is men nader onderzoek gaan doen. Toen bleek dat de donor voor 2004 een bekende donor was. Voorafgaand aan de wetswijziging zijn alle donoren van destijds schriftelijk benaderd over de aanstaande wetswijziging met de vraag of zij met ingang van de nieuwe wet wilden blijven doneren (vanaf dat moment alleen als B-donor). De betreffende donor heeft naar aanleiding van deze brief contact opgenomen en heeft laten weten dat hij bij nader inzien anonieme donor wilde zijn. Helaas heeft men toen zijn status gewijzigd in A-donor, dit had natuurlijk niet moeten gebeuren. Alle artsen die nu werkzaam zijn op de poli IVF waren destijds hier niet werkzaam en wisten dit niet. Zij zagen slechts in zijn gegevens staan dat hij A-donor was en hebben jou en je moeder conform geïnformeerd. Nadat duidelijk werd hoe het was gegaan, heeft men alsnog zijn gegevens gemeld bij de SDKB en is je moeder hierover geïnformeerd.

De donor heeft dus destijds bij het ziekenhuis aangegeven bekende donor te willen zijn, dit door het aankruisen van het antwoord Nee bij de vraag om geheimhouding. Later is hij van gedachten veranderd en heeft aangegeven anonieme donor te willen zijn. Het ziekenhuis beschouwt de donor als B-donor en heeft hem daarom alsnog gemeld bij de SDKB. Het ziekenhuis is daarbij in de veronderstelling geweest dat de SDKB vervolgens de gebruikelijke procedure zou hanteren bij vragen van nakomelingen om gegevens. De SDKB heeft het ziekenhuis laten weten dat zij bij donoren van voor 2004 deze rol niet hebben omdat er toen nog geen sprake was van een wettelijke verankering.

2.10.

Op 29 januari 2018 heeft een medewerker van de Federatie van Instellingen voor de Ongehuwde Moeder en haar kind, verder FIOM, gesproken met K34. In het gespreksverslag staat onder meer:

De reden van de keuze voor anonimiteit is gelegen in zijn relatie. Zijn huidige vrouw is weliswaar op de hoogte van zijn donorschap in het verleden. Maar ze is er altijd heel stellig in geweest dat ze onder geen beding open staat voor contacten tussen hem en zijn afstammelingen. Het is echt een halszaak voor hem. Als ik vraag wat de reden van die stellingname van zijn vrouw is, zegt hij dat ze bij dit soort dingen ‘zeer behoudend’ is. Als hij destijds al samen met haar geweest was, had hij nooit gedoneerd, geeft hij aan.

2.11.

Bij brief van 20 mei 2019 heeft SDKB aan [de dochter] onder meer het volgende laten weten:

Op 10-03-2019 hebben wij uw aanvraag om fysieke, sociale en persoonsidentificerende donorgegevens ontvangen.

Persoonsidentificerende gegevens

Middels deze brief laten wij u weten dat de persoonsidentificerende gegevens van de donor helaas niet meer beschikbaar zijn. Het [het ziekenhuis] Ziekenhuis te Arnhem heeft ons laten weten dat de donor inmiddels een geheimhoudingsverklaring bij [het ziekenhuis] Ziekenhuis heeft getekend. Dit betekent dat de donor schriftelijk bij het [het ziekenhuis] Ziekenhuis heeft verklaard dat deze ondanks de wet donorgegevens kunstmatige bevruchting anoniem wenst te blijven. Wij mogen de donor nu niet meer benaderen om toestemming te vragen voor het verstrekken van zijn persoonsidentificerende gegevens.

Om bovenstaande reden moeten wij uw aanvraag helaas afwijzen.

Van deze wijziging in de registratie van de donor was nog geen sprake, toen u eerder op 02-06-2017 een aanvraag bij ons heeft ingediend. Toen had de donor nog geen geheimhoudingsverklaring en hebben wij hem wel gevraagd of wij zijn persoonsidentificerende gegevens mochten verstrekken. De donor heeft toen helaas niet ingestemd.

2.12.

Bij e-mail van 12 juni 2019 heeft SDKB haar standpunt als volgt nader uiteengezet:

Er bestaat geen mogelijkheid om bezwaar in te dienen tegen de uitkomst van uw aanvraag. Uw situatie heeft betrekking op een kunstmatige bevruchting van vóór inwerkingtreding van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting. Voor aanvragen waarbij de zwangerschap voor inwerkingtreding van de wet is ontstaan geldt een overgangsregeling dat gegevens alleen met instemming van een donor verstrekt mogen worden. In uw geval is door de donor een geheimhoudingsverklaring ondertekend. Door de geheimhoudingsverklaring beschikken wij niet over de benodigde toestemming van de donor om gegevens aan u te mogen verstrekken.

De uitkomst van uw aanvraag is niet een appellabel besluit in de zin van Algemene wet bestuursrecht (dit betekent dat tegen het besluit van een bestuursorgaan geen mogelijkheid van bezwaar en beroep open staat), omdat er zonder de benodigde toestemming verder geen afweging is die onze Stichting kan of mag maken om gegevens mogelijk toch te verstrekken. De wet schrijft voor dat onze Stichting toestemming van de donor moet hebben. In uw situatie beschikken we over deze toestemming niet. Een heroverweging van uw aanvraag kan met de huidige regelgeving, hoe vervelend ook, niet tot een andere uitkomst leiden.

De mogelijkheden van bezwaar en beroep zoals die beschreven staan in de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchtingen zien alleen op aanvragen waarbij de zwangerschap na inwerkingtreding van de wet (2004) is ontstaan. Dit zijn wel appellabele besluiten omdat als een donor dan niet instemt, SDKB alsnog een afweging mag maken tussen belangen van een donorkind en eventueel zwaarwegende belangen van een donor. Als een donor dan niet instemt mogen we als de belangen niet zwaarwegend zijn toch donorgegevens verstrekken.

2.13.

Naar aanleiding van het rapport van de Tweede evaluatie WDKB, dat op 29 mei 2019 aan de Tweede Kamer is aangeboden, heeft de Minister van volksgezondheid, welzijn en sport bij brief van 26 september 2019 onder meer het volgende aan de voorzitter van de Tweede Kamer geschreven (Kamerstukken II, 2019-2020, 30 486, nr. 24, p. 10 en 11):

Het switchen van B-donor naar A-donor

De onderzoekers menen dat het switchen van B-donor (bekende donor) naar A-donor (anonieme donor), niet mogelijk is en adviseren mij om mij nader te beraden over de ontstane situatie met B-donoren die al geswitcht zijn naar anonimiteit en de gevolgen daarvan voor donorkinderen. Het gaat hier over de situatie vóór de volledige inwerkingtreding van de Wdkb in 2004 (aanbeveling 4).

Ik ben het eens met de onderzoekers dat het switchen van B-donoren naar A-donoren niet past bij de geest van de Wdkb. Ik heb daarom advies gevraagd aan de Landsadvocaat. De Landsadvocaat heeft aangegeven dat in de overgangsregeling van de Wdkb geen onderscheid wordt gemaakt tussen A- en B-donoren. Daarmee bevestigt de Landsadvocaat dat de persoonsidentificerende gegevens van een B-donor alleen kunnen worden verstrekt door de Sdkb als de donor daarmee instemt. De wetgever heeft met de overgangsregeling ervoor gekozen om de belangen van donoren die destijds gedoneerd hebben te respecteren. Deze donoren hebben gedoneerd in de wetenschap dat er geen wettelijk voorschrift was op basis waarvan zij op enig moment konden worden gedwongen hun identiteit prijs te geven.

Ik kan me de teleurstelling en boosheid bij donorkinderen en hun ouders over deze situatie goed voorstellen. De ouder(s) hebben indertijd niet voor niets gekozen voor een bekende donor. Nu worden hun kinderen jaren later geconfronteerd met het feit dat de gegevens toch niet worden verstrekt, omdat de donor ervan afziet. Ik heb de Landsadvocaat daarom ook gevraagd of er andere mogelijkheden zijn voor de Sdkb om toch persoonsidentificerende gegevens van B-donoren te verstrekken. De Landsadvocaat ziet op basis van de huidige Wdkb geen ruimte voor de Sdkb om tot verstrekking van persoonsidentificerende gegevens van B-donoren over te gaan zonder hun instemming.

Op dit moment lopen twee rechtszaken waarbij donorkinderen alsnog via de rechter de persoonsidentificerende gegevens van een geswitchte B-donor proberen te achterhalen. Daarbij speelt ook de vraag of de betrokken klinieken gehouden zijn de gegevens te verstrekken op basis van de afspraken die zij destijds met de donor en de wensouder(s) hebben gemaakt. De Landsadvocaat adviseert mij om eerst de uitspraak van de rechter in (een van) deze za(a)k(en) af te wachten alvorens mij te beraden op eventuele vervolgstappen. Ik neem dit advies over. Ik realiseer me het belang van donorkinderen van voor 2004 die zich in dezelfde situatie bevinden als de bij de rechtszaken betrokken donorkinderen. Afhankelijk van de uitspra(a)k(en) in de gerechtelijke procedures ben ik daarom bereid een wetswijziging te initiëren. Een wetswijziging zou in kunnen houden dat gegevens van een B-donor van voor 2004 in principe worden verstrekt, tenzij de donor een zwaarwegend belang kan aantonen om niet over te gaan tot verstrekking van zijn persoonsidentificerende gegevens. Dit is meer in lijn met de geest van de Wdkb, waardoor B-donoren van voor 2004 op dezelfde wijze worden behandeld als de donoren van na 2004. Ik ben mij ervan bewust dat het enige tijd kan duren voordat er meer duidelijkheid komt voor betrokken donorkinderen, maar ik hecht eraan om alle relevante aspecten in ogenschouw te kunnen nemen en een oordeel van de rechter in (een van) de rechtsza(a)k(en) hoort daarbij. Ik moet daarin niet alleen de positie van donorkinderen, maar ook die van donoren meewegen.

3 Het geschil

4 De beoordeling

5 De beslissing