Home

Rechtbank Gelderland, 18-10-2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:5698, 417437

Rechtbank Gelderland, 18-10-2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:5698, 417437

Gegevens

Instantie
Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak
18 oktober 2023
Datum publicatie
30 oktober 2023
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2023:5698
Zaaknummer
417437

Inhoudsindicatie

Tussenvonnis. Bestuurders- en aandeelhoudersaansprakelijkheid. Geen waarschuwingsplicht jegens onderaannemer aangenomen voor bestuurder van vennootschap die door faillissement van opdrachtgever in betalingsproblemen is gekomen. Oordeel omtrent gestelde selectieve betalingen aan zustervennootschap aangehouden.

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer: C/05/417437 / HA ZA 23-151

Vonnis van 18 oktober 2023

in de zaak van

de rechtspersoon naar buitenlands recht

[eisende partij] ,

te [plaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eisende partij] ,

advocaat: mr. N.A. Aalbers te Utrecht,

tegen

1 [gedaagde partij 1] ,

te [plaats] ,

advocaat: mr. R.A. van Huussen te Veenendaal,2. [gedaagde partij 2],

te [plaats] ,

advocaat: mr. M.A. van der Pool te Amsterdam,

gedaagde partijen,

hierna te noemen: [gedaagde partij 1] en [gedaagde partij 2] .

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 28 juni 2023,

- akte overlegging producties 20 tot en met 23 van de zijde van [eisende partij] ,

- het verkort proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 27 juli 2023.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De Belgische N.V. Storm Gent II heeft een overeenkomst van aanneming van werk gesloten met de Duitse opdrachtnemer Senvion GmbH (hierna: Senvion) ten behoeve van de installatie van twee windmolens op een terrein in Gent (België) (hierna: project AMG II).

2.2.

Senvion was een Duits bedrijf dat zich richtte op de productie en verkoop van windmolens. Zij heeft op 15 oktober 2018 een overeenkomst van (onder)aanneming van werk gesloten met [bedrijf 6] (hierna: [bedrijf 6] ) om de windmolens te installeren en het kraanwerk te coördineren.

2.3.

De enig aandeelhouder van [bedrijf 6] is [gedaagde partij 1] . De enig aandeelhouder van [gedaagde partij 1] is [bedrijf 2] [gedaagde partij 2] is statutair bestuurder van deze drie vennootschappen.

2.4.

[bedrijf 6] heeft op haar beurt op 11 december 2018 een overeenkomst van (onder)aanneming van werk gesloten met [eisende partij] om de windmolens te installeren. [eisende partij] heeft als doelstelling het leveren van wereldwijde diensten op het gebied van de installatie en het onderhoud van windmolens. Haar bestuurder en aandeelhouder is [betrokkene 1] . [eisende partij] was een door Senvion voorgeschreven onderaannemer en Senvion deed bij andere projecten rechtstreeks zaken met [eisende partij] . Uit een ‘Service Purchase Order’ van Senvion van 13 maart 2019 blijkt dat [eisende partij] nog een opdracht voor een bedrag van € 453.990,02 van Senvion heeft ontvangen in het kader van het project Sarry.

2.5.

[eisende partij] heeft haar werkzaamheden voor het project AMG II op 8 april 2019 afgerond. De eerste door [eisende partij] aan [bedrijf 6] gezonden factuur van december 2018 is in februari 2019 voldaan. De andere drie facturen in het kader van deze opdracht, voor in totaal een bedrag van € 493.514,23, zijn onbetaald gebleven. Het betreft facturen van 14 februari 2019 (60% van de aanneemsom), 20 maart 2019 (20% van de aanneemsom) en 11 april 2019 (met als omschrijving ‘AMG extra’). Deze facturen hadden op 16 maart 2019, 19 april 2019 en 11 mei 2019 betaald moeten zijn.

2.6.

De facturen die [bedrijf 6] in dezelfde periode aan Senvion heeft verzonden, bleven in die periode ook grotendeels onbetaald (zie hieronder de correspondentie tussen deze partijen).

2.7.

Op 9 april 2019 is in Duitsland een voorlopige insolventieprocedure jegens Senvion geopend. Senvion is bij vonnis van 1 juli 2019 failliet verklaard. [bedrijf 6] heeft in september 2019 haar openstaande vorderingen voor een totaalbedrag van € 2.251.010,86 ingediend in het faillissement van Senvion. Vooralsnog is onduidelijk of, en zo ja, voor welk bedrag [bedrijf 6] een uitkering uit het faillissement zal ontvangen.

2.8.

[eisende partij] heeft [bedrijf 6] op 17 december 2019 in gebreke gesteld.

2.9.

[bedrijf 6] is op 23 december 2020 door de Luxemburgse Tribunal d’arrondissement de Diekirch veroordeeld om een bedrag van € 493.514,23 aan [eisende partij] te betalen. Op 26 mei 2021 is het (herstel)vonnis van 17 maart 2021 bij [bedrijf 6] betekend.

2.10.

[bedrijf 6] heeft zich jegens [eisende partij] op het standpunt gesteld niet te kunnen betalen doordat zij op een zeker moment geen betalingen meer heeft ontvangen van haar opdrachtgever, Senvion. Voorafgaand aan het faillissement van Senvion, heeft [bedrijf 6] – met name in de eerste maanden van 2019 – diverse malen gecorrespondeerd met Senvion over de openstaande facturen. Een deel van deze correspondentie volgt hieronder.

2.11.

Op 2 januari 2019 heeft een financieel administrateur van [bedrijf 6] en van [bedrijf 2] , een zustervennootschap, een e-mail aan [betrokkene 2] van Senvion gestuurd over openstaande facturen ten aanzien van een tweetal projecten, niet zijnde het project AMG II:

“Hereby the Invoices which are still unpaid.

For [bedrijf 1] : (Invoices about Numansdorp/Hoogezandse Polder PO 522/4500447022)

(...) [7 facturen met een openstaand bedrag van € 311.009,32, toevoeging rechtbank]

These Invoices are 44 days old, 14 days over the agreed payment term.

(...) [9 facturen met een openstaand bedrag van € 142.214,79, toevoeging rechtbank]

These Invoices are 31 days old, 1 day over the agreed payment term.

[bedrijf 6] : Invoices about Zelzate, PO 522/4500445780

20180005 € 13.958,-. Invoice is 63 days old.

20180007 € 77.973,- Invoice is 54 days old

We kindly request to check the outstanding Invoices of which the payment date are overdue. There are more Invoices, but those are not yet overdue.”

2.12.

Op 30 januari 2019 heeft [gedaagde partij 2] ter attentie van onder meer [betrokkene 3] van Senvion, en met [betrokkene 1] van [eisende partij] in de cc, een e-mail gestuurd met de volgende inhoud:

“We have asked you last week to pay immediately all outstanding invoices which have expired by return. Furthermore, we proposed to extend the term of payment from 30 to 65 days.

So far, we only received € 50,000,-- without agreement on our proposal.

This morning the credit limit was immediately withdrawn by our credit insurance Atradius.

Herewith we urge once again to pay immediately all outstanding invoices from [bedrijf 1] and [bedrijf 6] . If the above invoices are not paid before Friday 1 February, we will suspend our work on AMG2 in Belgium until the due invoices have been paid.

You will be liable for all damages as a result of the suspension.”

2.13.

Op 31 januari 2019 heeft [betrokkene 2] van Senvion per e-mail aan [gedaagde partij 2] geschreven:

“(...)

Senvion had some challenges in the last weeks regarding the cash flow.

Big projects in South America were delayed due to external factors like bomb findings and a crane accident. The sizes of these projects and the way the contracts with our customers are made, did not allow us to send invoices.

Cash out was still ongoing as coast were still appearing. This was leading to the fact that open invoices could not be paid on time.

We are on a good way already with finishing big projects and reaching payment milestones in these projects. This is creating cash again for us to fill up our account and have the buffer we need to pay everything on time.

A second issue that was just realized yesterday happened due to a software change in our SAP system.

(...)

Can we find a solution to pay you a part of the open invoices till tomorrow and the rest of the week? Thill Monday I have the remaining invoices approved again in SAP and I heard that we will get another payment from a customer next week which will also make things easier on our side again.”

2.14.

Op 1 februari 2019 heeft [gedaagde partij 2] een e-mail gestuurd naar onder andere [betrokkene 2] van Senvion dat de kredietverzekeraar (naar de rechtbank aanneemt: van [bedrijf 1] en [bedrijf 6] ), Atradius, de kredietlimiet aangaande de crediteur Senvion per 28 februari 2019 intrekt. In diezelfde e-mail heeft [gedaagde partij 2] Senvion nogmaals verzocht de openstaande facturen te voldoen.

2.15.

Eveneens op 1 februari 2019 heeft Senvion een bedrag van € 130.065,32 aan [bedrijf 6] betaald. Op 12 februari 2019 heeft Senvion onder meer geschreven “We pay all remaining invoices this week.” en is per e-mail afgesproken dat de betalingstermijn voor de openstaande facturen voor AMG II en twee andere projecten 65 dagen zou worden.

2.16.

Op 1 maart 2019 heeft [gedaagde partij 2] een e-mail gestuurd ter attentie van [betrokkene 2] van Senvion, met de volgende inhoud:

“This week sent different emails about the payment delays and really no one replies.

The way of not-communicating and the fact that not is paid is totally unacceptable for me.

With [betrokkene 2] I agreed on a payment term of 65 days and that all invoices older than 65 days would be paid.

In earlier email conversations you can see the payment schedule.

Senvion doesn’t respect the agreements, since the 15th of February not any payment have been done to [bedrijf 1] or [bedrijf 6] .

We strongly request you to pay immediately all invoices older than 65 days. If before Tuesday the 5th of March the payments aren’t on our bank account, all work on the projects AMGII and Guehenno will be suspended till the payments are received. Please also sent a proof of the payment in advance.

All costs arising from this suspensions are on Senvions risk and will be charged.”

2.17.

Op dezelfde dag (1 maart 2019) heeft Senvion per e-mail doorgegeven dat zij een betaling van € 94.003,35 aan [bedrijf 1] / [bedrijf 6] heeft gedaan, waarna [gedaagde partij 2] per e-mail van 8 maart 2019 de ontvangst daarvan heeft bevestigd.

2.18.

Bij e-mail van 21 maart 2019 heeft Senvion onder meer aan [bedrijf 6] geschreven ‘We will make sure that you get money this week’, waarna vanuit [bedrijf 1] / [bedrijf 6] in een e-mail van 25 maart 2019 aan Senvion is gevraagd welke facturen zijn betaald met het ontvangen bedrag van € 71.231,00. Op deze vraag heeft Senvion niet gereageerd.

2.19.

Bij brief van 15 april 2019 heeft Senvion [bedrijf 6] geïnformeerd over de voorlopige insolventieprocedure van Senvion.

2.20.

Op 13 januari 2023 heeft [gedaagde partij 1] de aandelen in twee zustervennootschappen van [bedrijf 6] , te weten [bedrijf 2] en [bedrijf 3] , overgedragen aan [bedrijf 4]

3 Het geschil

4 De beoordeling

5 De beslissing