Rechtbank Limburg, 16-12-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:10182, C/03/277471 / HA ZA 20-243
Rechtbank Limburg, 16-12-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:10182, C/03/277471 / HA ZA 20-243
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 16 december 2020
- Datum publicatie
- 19 januari 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2020:10182
- Zaaknummer
- C/03/277471 / HA ZA 20-243
Inhoudsindicatie
De concessiehouder van Railterminal Greenport Venlo verzoekt de Provincie Limburg om medewerking te verlenen aan het ontwikkelen van stackruimte en crossdocks op 13.5 hectare aangrenzende gronden. Duisburger Hafen vindt dat uitgifte van deze gronden in eeuwigdurende erfpacht, zoals het oorspronkelijke plan van Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo en Gedeputeerde Staten luidt, leidt tot strijd met het aanbestedingsrecht, omdat sprake zou zijn van een wezenlijke wijziging van de aanbesteding van de Railterminal Greenport Venlo, dan wel omdat sprake zou zijn van ontoelaatbare staatssteun gelet op de hoogte van de erfpachtcanon die aan de orde is.
De voorzieningenrechter beslist dat de aangrenzende gronden niet behoorden tot de in 2014 als concessie aanbestede opdracht ontwikkeling Railterminal Greenport Venlo, dat er geen spelregels zijn veranderd en dat er geen sprake is van een wezenlijke wijziging van die opdracht. Tevens oordeelt de voorzieningenrechter dat op dit moment niet kan worden gezegd dat er een aanbestedingsplicht is voor de gronduitgifte, omdat de Provincie zich uit de plannen heeft teruggetrokken en nog niet vastligt of en hoe de ontwikkeling van de aangrenzende gronden wel zal plaatsvinden. Of sprake is van een niet marktconforme erfpachtcanon kan in dit kort geding door de voorzieningenrechter niet worden vastgesteld, zodat niet kan worden geoordeeld dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun.
Uitspraak
vonnis
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/277471 / HA ZA 20-243
Vonnis in incident ex art. 223 Rv van 16 december 2020
in de zaak van
de rechtspersoon naar Duits recht DUISBURGER HAFEN AG,
gevestigd te D - 47119 Duisburg, Duitsland,
eiseres in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
advocaat mr. B. Braat en mr. M. Kuijper,
tegen
1 de publiekrechtelijke rechtspersoon PROVINCIE LIMBURG,
zetelend te Maastricht,
advocaat mr. I.J. van den Berge en mr. C.T. Dekker,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CABOOTER RAILCARGO B.V.,
gevestigd te Venlo,
advocaat mr. G.W.A. van de Meent en mr. M.G.A.M. Custers,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
B.V. ONTWIKKELBEDRIJF GREENPORT VENLO,
gevestigd te Venlo,
advocaat mr. I.J. van den Berge en mr. C.T. Dekker,
4. de commanditaire vennootschap C.V. TRADE PORT NOORD,
gevestigd te Venlo,
advocaat mr. I.J. van den Berge en mr. C.T. Dekker,
allen gedaagden en verweerders in het incident,
Partijen zullen hierna Duisburger Hafen en Provincie c.s. (gedaagden 1, 3 en 4) en Cabooter genoemd worden. Waar nodig zullen gedaagden 1, 3 en 4 individueel de Provincie, Greenport Venlo, of TPN worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding tevens houdende vordering tot voorlopige voorziening ex artikel 223 Rv van 22 april 2020, met producties,
- -
-
de conclusie van antwoord in het incident van de Provincie c.s., met producties,
- -
-
de akte niet dienen aan de zijde van Cabooter,
- -
-
de akte houdende verzoek pleidooi in het incident van Duisburger Hafen,
- -
-
de akte uitlaten van de Provincie c.s.,
- -
-
de rolbeslissing van 24 juni 2020 dagbepaling pleidooi,
- -
-
de conclusie van antwoord in de hoofdzaak van de Provincie c.s., met producties,
- -
-
de conclusie van antwoord in de hoofdzaak van Cabooter, met producties,
- -
-
de akte wijziging van eis,
- -
-
de antwoordakte naar aanleiding van eiswijziging tevens akte houdende producties van de Provincie c.s., met producties,
- -
-
de akte uitlating wijziging van eis van Cabooter, met productie,
- -
-
de akte overlegging nadere producties van Duisburger Hafen,
- -
-
het pleidooi in het incident van 5 november 2020, met de pleitnotities voorlopige voorziening van Duisburger Hafen, de pleitnota van de Provincie c.s. en de pleitnota van Cabooter, waarna door de rechter vonnis is bepaald in het incident op heden.
2 De feiten waarvan wordt uitgegaan in het incident
In 2013 heeft een concurrentiegerichte dialoog plaatsgevonden inzake de ontwikkeling en exploitatie van een railterminal op het bedrijventerrein Trade Port Noord met TPN als aanbestedende dienst. Daarbij zijn drie marktpartijen betrokken, onder wie een combinatie waarvan Cabooter deel uit maakte. Duisburger Hafen deed niet mee. De dialoog heeft niet geleid tot een daadwerkelijke aanbesteding c.q. gunning.
Op 31 juli 2014 heeft TPN een Europese aanbesteding in de markt gezet voor het ontwikkelen en exploiteren van Railterminal Greenport Venlo. De Aanbestedingswet 2012 is van toepassing verklaard.
De opdracht betreft een concessie voor werken waarbij wordt gegund op EMVI (economisch meest voordelige inschrijving). Het betreft de uitgave van een Plangebied bestemd voor een railterminal welk gebied zal worden uitgegeven in erfpacht. De prijs betreft een bieding op de erfpachtcanon. Inschrijvers konden aangeven of zij aangrenzende gronden wensten te kopen tegen een vaste grondprijs. De koopoptie was geen onderdeel van de EMVI-beoordeling.
Cabooter heeft 31 oktober 2014 ingeschreven zonder gebruik te maken van de koopoptie. Cabooter heeft € 410.000 per jaar aan erfpachtcanon geboden (€ 2.67 per m2) (vgl. productie 7 bij dagvaarding, blad 4 akte vestiging recht van erfpacht).
Duisburger Hafen heeft zich niet geïnteresseerd getoond inzake de aanbestedingsprocedure Railterminal Greenport Venlo.
Cabooter heeft als enige geldig ingeschreven. Cabooter is de concessie Railterminal Greenport Venlo gegund.
Op 1 oktober 2015 zijn de ontwikkel- en exploitatieovereenkomst alsmede een eerste addendum inzake afstemming met Prorail gesloten tussen TPN en Cabooter.
Op 1 oktober 2015 is een erfpachtovereenkomst gesloten tussen TPN, de Provincie (als erfverpachter) en Cabooter (als erfpachter) inzake het Plangebied.
Per 1 januari 2017 treedt Greenport Venlo in de rechten en verplichtingen van TPN.
Op 18 december 2017 verzoekt Cabooter om 13.5 ha extra ruimte grenzend aan het railterminalterrein. Cabooter wil daar containers van maritieme stromen kunnen opslaan (stackruimte) en een crossdock-faciliteit (goederenoverslag: zonder opslag inkomende goederen lossen en direct laden) kunnen realiseren (hierna: fase II).
Tevens verzoekt Cabooter aan de Provincie om een geldlening ad € 2.5 miljoen ten behoeve van de railterminal (hierna ook: fase I).
Figuur 1: Plankaart. Oranje is het Plangebied van de railterminal. Rood, geel, blauw en groen zijn de aangrenzende gronden.

Greenport Venlo en Cabooter tekenen op 27 mei 2019 een tweede addendum op de ontwikkel- en exploitatieovereenkomst inzake het aanpassen van het Plangebied dat in totaal 28.5 ha zou kunnen gaan omvatten. Het daartoe benodigde addendum op de erfpachtovereenkomst is tot op heden niet ondertekend door de Provincie.
Op 20, 21 en 22 november 2019 is (1) een addendum op de erfpachtovereenkomst gesloten ten behoeve van een snelle start van de ontwikkeling van het Plangebied van 15 ha, (2) de akte van levering van de benodigde gronden aan de Provincie gepasseerd, evenals (3) de akte vestiging erfpacht en accessoir opstalrecht ten behoeve van Cabooter.
Op 14 februari 2020 is in de Provinciale Staten behandeld het volgende voorstel, waarbij Gedeputeerde Staten de Provinciale Staten heeft verzocht zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken:
- -
-
het verstrekken van een achtergestelde lening aan de Cabooter Group ter hoogte van € 2.5 miljoen,
- -
-
het gefaseerd aankopen van circa 13.5 ha grond van Greenport Venlo ten behoeve van realiseren van fase II,
- -
-
het uitgeven in erfpacht van die gronden waarop de uitbreiding van de railterminal, stackruimte en crossdocks gerealiseerd moeten worden.
Er zijn toen geen wensen en bedenkingen kenbaar gemaakt.
Op 10 april 2020 bevestigt Gedeputeerde Staten de ontvangst van de mededeling van 20 februari 2020 van Cabooter dat zij het verzoek om een achtergestelde lening ter verstrekken heeft ingetrokken.
Bij brief van 14 april 2020 heeft Duisburger Hafen, onder verwijzing naar haar brief van 31 januari 2020 waarin haar bedenkingen kenbaar zijn gemaakt aan Gedeputeerde Staten inzake de gegunde railterminal en te gunnen stackruimte en crossdock, gedeputeerde Staten – kort samengevat – verzocht om deze concessie(s) alsnog aan te besteden en geen uitvoering te geven aan de overeenkomsten met Cabooter. Een en ander wegens strijd met onder andere het aanbestedingsrecht en het staatssteunrecht.
Gedeputeerde Staten hebben geen inhoudelijke reactie meer gegeven op dit verzoek voorafgaand aan de dagvaarding in de hoofdzaak.
De Provincie c.s. hebben adviesbureau Groep te Arnhem (hierna: Stec) de opdracht gegeven te onderzoeken of – kort gezegd – sprake is van (1) een marktconforme erfpachtcanon (€ 2.67 per m2 bij een grondprijs van € 90,00 per m2), (2) een of meer wezenlijke wijziging(en) van de aanbesteding van 2014, en (3a) een marktconforme erfpachtcanon en grondprijs inzake de 13.5 ha aangrenzende (er wordt ook gesproken over ‘aanpalende’) gronden (€ 3.53 per m2 en € 117,65 per m2) en (3b) een marktconforme erfpachtcanon en grondprijs voor de crossdockruimte op de aangrenzende gronden (€ 4,39 per m2 en € 146,41 per m2). Stec heeft gerapporteerd op 25 juni 2020.
Bij brief van 23 juli 2020 hebben Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten laten weten dat zij niet langer de aan het Plangebied aangrenzende gronden (circa 13.5 ha) zullen uitgeven, maar dat Greenport Venlo dit zal doen. Duisburger Hafen is over deze brief geïnformeerd.
Duisburger Hafen heeft een expertise gevraagd aan vastgoedadviseur Cushman & Wakefield te Amsterdam (hierna: Cushman Wakefield) inzake de marktwaarde van de railterminal, stackruimte en crossdocs na oplevering, alsmede terzake de marktconforme erfpachtcanon. Cushman Wakefield heeft op 20 oktober 2020 een rapport uitgebracht (productie 27 bij akte overlegging nadere producties).