Rechtbank Limburg, 23-12-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:10616, 8854462 \ CV EXPL 20-5814 23122020
Rechtbank Limburg, 23-12-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:10616, 8854462 \ CV EXPL 20-5814 23122020
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 23 december 2020
- Datum publicatie
- 21 januari 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2020:10616
- Zaaknummer
- 8854462 \ CV EXPL 20-5814 23122020
Inhoudsindicatie
Werkgever kon niet gerechtvaardigd vertrouwen op instemming van werknemer met beëindiging van de arbeidsovereenkomst,
Uitspraak
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 8854462 \ CV EXPL 20-5814
Vonnis in kort geding van de kantonrechter van 23 december 2020
in de zaak van:
[eisende partij] ,
wonend [adres] ,
[woonplaats] ,
eisende partij,
gemachtigde mr. M.G. Spijker,
tegen:
de stichting [naam stichting],
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
gemachtigde mr. F.M.A. Rooijakkers.
Partijen zullen hierna [eisende partij] en [naam stichting] genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding
- -
-
de brief, met producties, van 30 november 2020 van mr. Rooijakkers
- de op 3 december 2020 gehouden mondelinge behandeling
- de overgelegde pleitnaantekeningen van mr. Rooijakkers.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
[eisende partij] , geboren op [geboortedatum] , is op 13 mei 2019 bij [naam stichting] in dienst getreden voor onbepaalde tijd in de functie van [naam functie 1] .
Sinds 1 januari 2020 is de functie van [eisende partij] gewijzigd in de functie [naam functie 2] . Het laatst genoten salaris is € 5.094,00 bruto per maand, exclusief vakantiegeld en overige emolumenten.
[eisende partij] is op 2 maart 2020 arbeidsongeschikt geraakt.
Partijen hebben een vaststellingsovereenkomst tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst gesloten. Deze is door [eisende partij] op 25 mei 2020 en door [naam stichting] op 29 mei 2020 ondertekend. Overeengekomen is dat de arbeidsovereenkomst per
30 juni 2020 eindigt.
Op 14 september 2020 heeft [eisende partij] [naam stichting] verzocht om zijn salaris te betalen en mee te werken aan zijn re-integratie.
3 Het geschil
[eisende partij] vordert - samengevat - veroordeling van [naam stichting]
- -
-
tot betaling van het aan [eisende partij] toekomende loon ad € 5.094,00 bruto per maand, exclusief vakantiegeld en overige emolumenten met ingang van 1 juli 2020 tot aan de datum dat de arbeidsovereenkomst op rechtsgeldige wijze eindigt, te vermeerderen met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente vanaf de datum van opeisbaarheid,
- -
-
tot wedertewerkstelling van [eisende partij] in de functie van [naam functie 2] , zodra [eisende partij] arbeidsgeschikt is,
- -
-
in de buitengerechtelijke kosten, proceskosten en nakosten.
[naam stichting] voert verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.