Rechtbank Limburg, 08-09-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:6705, C/03/279416 / KG ZA 20-245
Rechtbank Limburg, 08-09-2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:6705, C/03/279416 / KG ZA 20-245
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 8 september 2020
- Datum publicatie
- 16 september 2020
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2020:6705
- Zaaknummer
- C/03/279416 / KG ZA 20-245
Inhoudsindicatie
Aanbestedingsrecht. Meervoudig onderhandse aanbesteding op laagste prijs. Standaard bepalingen RAW 2015 van toepassing. Geen volledige ontleding van alle kosten in de aanneemsom, als bedoeld in artikel 01.01.03 RAW.
Uitspraak
vonnis
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/279416 / KG ZA 20-245
Vonnis in kort geding van 8 september 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
REDDING INFRA B.V.,
gevestigd te Schinnen, gemeente Beekdaelen,
eiseres,
advocaat mr. A.L. Appelman,
tegen
de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE HEERLEN,
zetelend te Heerlen,
gedaagde,
advocaat mr. H.C. Lejeune,
en
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
STRABAG B.V.,
gevestigd in Herten, gemeente Roermond,
tussenkomende partij,
advocaat mr. W.I. de Vries.
Partijen zullen hierna Redding, de Gemeente en Strabag genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 25 juni 2020 en de akte overlegging producties 1 tot met 9,
- -
-
de incidentele conclusie met vordering tot tussenkomst, subsidiair voeging,
- -
-
de brief van de Gemeente van 21 augustus 2020, met één productie,
- -
-
de brief van de Gemeente van 24 augustus 2020, met productie 2,
- -
-
de mondelinge behandeling van 25 augustus 2020,
- -
-
de pleitnota van Redding, de pleitnota van de Gemeente en de pleitaantekeningen van Strabag.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
De Gemeente heeft een opdracht in de markt gezet inzake het oplossen van wateroverlast aan de Terschurenweg in haar gemeente bij wijze van onderhandse meervoudige aanbesteding.
Gegund wordt op laagste prijs, omdat grote verschillen op kwaliteit niet worden verwacht vanwege de graad van gestandaardiseerd werk. De Standaard bepalingen RAW 2015 (hierna: de RAW), waaronder de artikelen 01.01.02, 01.01.03 en 01.01.04 die de ontleding en controle van de inschrijfprijs betreffen, zijn van toepassing verklaard.
Drie inschrijvingen zijn door de Gemeente ontvangen. Redding heeft ingeschreven met de laagste prijs.
Bij brief van 5 juni 2020 verzoekt de Gemeente aan Redding om een toelichting op haar inschrijving, productie 5 van Redding.
“Bij de aanbesteder bestaat het vermoeden dat de ontleding van de aanneemsom op een aantal onderdelen niet voldoet aan het bepaalde in 01.01.03 van de Standaard RAW bepalingen 2015. Op basis van de aangeleverde inschrijving vragen wij, conform 01.01.04 lid 02 Standaard 2015 op de onderstaande besteksposten een nadere toelichting te geven.
Uitgangspunt van gemeentewege is de onderbouwing van deze besteksposten opgesteld door Geonius BV. In de bijlage is de onderbouwing van Geonius van de posten waarvoor toelichting wordt gevraagd bijgevoegd.
(...)
Voor de besteksposten in het overzicht dient een onderbouwing gegeven te worden conform 01.01.03 van de Standaard RAW bepalingen 2015.”
In het overzicht heeft de Gemeente bij bestekspost 72 vermeld: “Aantonen in de toelichting op welke manier al deze posten voldoen aan de gestelde eisen in het bestek en de Standaard RAW bepalingen 2015 voor de aangeboden prijzen. M.a.w. wat gaat Redding Infra BV doen voor de aangeboden prijzen.”
Bij brief van 8 juni 2020 antwoordt Redding op deze brief van 5 juni, productie 8 van Redding.
“(...)In de bijlage treft u de gespecificeerde onderdelen van onze begroting aan zoals per bestekspost door u gevraagd.
Een en ander passend binnen 01.01.03 van de Standaard RAW Bepalingen 2015.
Verder vraagt u in algemene zin wat wij gaan doen voor de aangeboden prijzen hoofdstuk 72.
Met de aangeboden prijzen verzorgen we de betreffende besteksposten, zoals gevraagd. Het geheel voeren we grotendeels in eigen beheer uit met onze afdeling werkvoorbereiding waarvoor de extra inspanningen hier voor benodigd zijn opgenomen in de begrotingsposten.
Bij post 721640 schakelen we een extern bureau in voor de kwaliteitskeuringen.”
De Gemeente deelt bij brief van 18 juni 2020 Redding haar gunningsvoornemen mee, productie 9 van Redding. Zij bericht dat de inschrijving van Redding als ongeldig terzijde is gelegd.
“(...)Wij hebben u, naar aanleiding van vermoedens als bedoeld in artikel 01.01.04 lid 02 Standaard RAW bepalingen 2015, in de gelegenheid gesteld aan te tonen dat u voldoet aan de eisen voortvloeiend uit artikel 01.01.03 van de Standaard RAW bepalingen 2015. Uw uitleg was onvoldoende, hetgeen betekent dat uw aanbieding (als ongeldig) terzijde dient te worden gelegd aangezien niet voldaan is aan artikel 01.01.03 van de Standaard RAW bepalingen 2015.
De (eenheids)prijzen die u heeft opgegeven zijn vaak zo laag dat de aanbesteder er niet zonder meer op kan vertrouwen dat enerzijds alle relevante kostenposten zijn toegerekend en anderzijds de voornoemde kosten(posten) ook op een realistische manier door de inschrijver gewaardeerd zijn. Ons inziens ontbreken kosten in de door u opgegeven onderbouwing en een aantal productiecapaciteiten achten wij niet realistisch binnen de aangeboden tijd en bezetting. Onderstaand hebben wij dit per bestekspost toegelicht.
(...)”
3 Het geschil
in het incident
Strabag vordert in het incident tussenkomst, subsidiair voeging aan de zijde van de Gemeente met veroordeling van Redding in de (na)kosten van het incident, vermeerderd met rente.
in de hoofdzaak
Redding vordert
primair:
1. de Gemeente te gebieden om het gunningsvoornemen aan Strabag binnen zeven dagen na het in deze zaak te wijzen vonnis in te trekken, op straffe van verbeurte van een direct opeisbare dwangsom van € 5.000,00 per dag met een maximum van € 150.000,00 voor iedere dag dat de Gemeente in gebreke blijft over te gaan tot intrekking van het gunningsvoornemen aan Strabag, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen geldbedrag,
2. de Gemeente te gebieden – indien zij de opdracht nog wenst te vergeven – om binnen zeven dagen na het in deze zaak te wijzen vonnis – de inschrijving van Redding alsnog geldig te verklaren en de inschrijving alsnog mee te nemen in de beoordeling, hetgeen expliciet een gebod voor de Gemeente inhoudt om te gunnen aan Redding, op straffe van verbeurte van een direct opeisbare dwangsom van€ 5.000,00 per dag met een maximum van € 150.000,00 voor iedere dag dat de Gemeente in gebreke blijft over te gaan tot het geldig verklaren van de inschrijving van Redding en het alsnog meenemen van de inschrijving van Redding in de beoordeling, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen geldbedrag,
3. de Gemeente te gebieden om binnen veertien dagen na het in deze te wijzen vonnis een nieuw en voldoende gemotiveerd gunningsvoornemen aan Redding te doen uitgaan met daarin een nieuwe bezwaar- en opschortende termijn, op straffe van verbeurte van een direct opeisbare dwangsom van € 5.000,00 per dag met een maximum van € 150.000,00 voor iedere dag dat de Gemeente in gebreke blijft hiertoe over te gaan, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen geldbedrag,
subsidiair:
4. de Gemeente te gebieden de onderhavige aanbestedingsprocedure binnen zeven dagen na het in deze zaak te wijzen vonnis, te staken en gestaakt te houden en over te gaan tot een heraanbesteding van de opdracht, voor zover de Gemeente de opdracht (Project: Oplossen wateroverlast Terschurenweg, met projectnummer 1978 en zaaknummer Z-18171292) nog wenst te laten uitvoeren door een derde partij, op straffe van verbeurte van een direct opeisbare dwangsom van € 5.000,00 per dag met een maximum van € 150.000,00 voor iedere dag dat de Gemeente in gebreke blijft hiertoe over te gaan, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen geldbedrag,
zowel primair en subsidiair
5. de Gemeente te veroordelen in de proceskosten, waaronder de nakosten, met dien verstande dat daarover de wettelijke rente is verschuldigd vanaf de veertiende dag na het in deze zaak te wijzen vonnis,
6. het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
Redding legt aan de vordering het volgende ten grondslag. De Gemeente handelt, zo stelt Redding, in strijd met het gelijkheidsbeginsel en het transparantiebeginsel, omdat Redding de laagste prijs heeft geboden en door ongeldigverklaring van de inschrijving de kans op het verkrijgen van de opdracht is ontnomen: op Redding zijn geen uitsluitingsgronden van toepassing en zij voldoet aan de geschiktheidsvereisten. Redding stelt dat zij tijdig een toereikende toelichting heeft gegeven op haar inschrijving. Redding stelt dat zij geen irreëel lage inschrijving heeft gedaan noch een abnormaal lage prijs (op onderdelen) heeft aangeboden.
De Gemeente en Strabag voeren verweer.
Strabag vordert voorwaardelijk, voor zover vereist voor tussenkomst, de Gemeente te gebieden de opdracht, voor zover zij deze nog wenst te gunnen, te gunnen aan Strabag, met veroordeling van Redding in de (na)kosten in de hoofdzaak, vermeerderd met rente.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.