Rechtbank Limburg, 29-06-2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:5189, C/03/291846 / KG ZA 21-182
Rechtbank Limburg, 29-06-2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:5189, C/03/291846 / KG ZA 21-182
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Limburg
- Datum uitspraak
- 29 juni 2021
- Datum publicatie
- 6 juli 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2021:5189
- Zaaknummer
- C/03/291846 / KG ZA 21-182
Inhoudsindicatie
Aanbesteding. Inschrijver heeft niet bestekconform ingeschreven. Is sprake van een voor herstel vatbare omissie in de inschrijving?
Uitspraak
vonnis
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/291846 / KG ZA 21-182
Vonnis in kort geding van 29 juni 2021
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EYE WATCH SECURITY GROUP B.V.,
gevestigd te Venray,
eiseres,
advocaat mr. D.E.M.P.J. Reijnart,
tegen
de stichting
STICHTING LIMBURGS MUSEUM,
gevestigd te Venlo,
gedaagde,
advocaat mr. M.G.G. van Nisselroij,
en
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
INTERGARDE BEHEER B.V.,
gevestigd te Maastricht,
tussenkomende partij,
mr. W. van de Wier en mr. L. Vissers.
Partijen zullen hierna Eye Watch, de Stichting en Intergarde genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 12 mei 2021, met producties,
- -
-
de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging van Intergarde,
- -
-
de productielijst van de Stichting, met producties,
- -
-
de mondelinge behandeling van 15 juni 2012 met de pleitnota van Eye Watch, de pleitnotitie van de Stichting, en de pleitnota van Intergarde.
De voorzieningenrechter heeft Intergarde toegelaten tot tussenkomst in het tussen Eye Watch en de Stichting aanhangige kort geding, omdat de vordering voldoet aan de eis gesteld in artikel 217 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de geding voerende partijen tegen de tussenkomst als zodanig geen bezwaren hebben geuit.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
De Stichting wenst de bewaking en beveiliging van het Limburgs Museum te gunnen aan een van vijf door haar geselecteerde en uitgenodigde ondernemers. Daartoe heeft de Stichting bij wijze van een meervoudig onderhandse aanbesteding de opdracht voor deze partijen opengesteld.
Eye Watch heeft ingeschreven op deze aanbesteding, maar haar inschrijving is bij gunningsbeslissing van 30 april 2021 ongeldig verklaard. De motivering hiervoor is dat bij controle is gebleken dat de vereiste open begroting behorende bij het prijzenblad ontbreekt. De Stichting heeft in haar gunningsbeslissing ook aangegeven dat naar haar mening herstel van dit gebrek verder gaat dan een eenvoudige verbetering of aanvulling van een kennelijke materiële fout.
Intergarde heeft de economisch meest voordelige inschrijving ingediend en de opdracht in de wacht gesleept.
Eye Watch heeft bij brief van 5 mei 2021 bezwaar gemaakt. De Stichting heeft bij brief van 7 mei 2021 afwijzend op de bezwaren gereageerd.
3 Het geschil
Eye Watch vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad
primair
1. de Stichting gebiedt de voorlopige gunningsbeslissing aan Intergarde per ommegaand in te trekken en de inschrijving van Eye Watch geldig te verklaren, en de Stichting gebiedt na de datum van de uitspraak in kort geding de inschrijving van Eye Watch te beoordelen en mee te nemen in het verdere gunningsproces,
2. de Stichting verbiedt om – voordat zij de inschrijving van Eye Watch heeft beoordeeld en vergeleken met andere inschrijvingen – de opdracht aan een ander te gunnen dan wel met een ander de overeenkomst te sluiten aangaande de in de aanbestedingsdocumenten omschreven opdracht,
subsidiair
3. de Stichting gebiedt om de opdracht voor het uitvoeren van beveiligingsdiensten in en rond het Limburg Museum wegens schending van het transparantiebeginsel opnieuw aan te besteden,
primair en subsidiair
de vorderingen toewijst op straffe van een dwangsom, met veroordeling van de Stichting in de (na)kosten met rente.
Eye Watch stelt zich op het standpunt dat de omissie een open begroting bij haar inschrijving te voegen anders dan de Stichting in de gunningsbeslissing naar voren brengt wél een voor herstel vatbare fout is. Zij voert daartoe aan dat sprake is van een kennelijke materiële fout, omdat de bedoelde open begroting geen fundamenteel vereiste is in de aanbesteding. De Stichting heeft immers in het bestek noch in enig andere aanbestedingsstuk aan deze open begroting geen woord besteed. Eye Watch benadrukt dat de beoordelingssystematiek van het subgunningscriterium prijs zwijgt over de open begroting. De open begroting wordt, aldus Eye Watch, voor het eerst genoemd in de (eerste) Nota van Inlichtingen en in het naar aanleiding daarvan aangepaste prijzenblad. Ook stelt Eye Watch dat uit de bewoordingen van de antwoorden op verschillende vragen kan worden afgeleid dat de open begroting naast de fictieve bedragen die uitgevraagd zijn in 7.2.1. van het bestek blijkt dat de open begroting niet nodig is voor de inhoudelijke beoordeling van de inschrijving, omdat het rekenmodel enkel is gebaseerd op die fictieve bedragen (randnummer 23 dagvaarding). De open begroting is niet van invloed op de beoordeling van de inschrijving, zodat de inschrijving ook niet verandert met het alsnog indienen van de open begroting. Volgens Eye Watch wordt haar inschrijving door de open begroting enkel vergelijkbaar met de overige inschrijvingen (randnummer 25 en 26 dagvaarding). Eye Watch stelt voorts dat doordat de fictieve bedragen vastliggen deze direct voortvloeien uit de open begroting. Een wijziging van de berekening c.q. de gehanteerde bedragen is daardoor (naderhand) niet meer mogelijk (randnummer 28 dagvaarding). Tot slot stelt Eye Watch dat geen sprake is van een knock-outeis.
De Stichting en Intergarde voeren gemotiveerd verweer.
Intergarde vordert in de hoofdzaak de Stichting te gebieden de opdracht definitief te gunnen aan Intergarde voor zover de Stichting de aanbestede opdracht nog altijd wenst [de voorzieningenrechter leest:] te gunnen.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.