Home

Rechtbank Midden-Nederland, 25-02-2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:2292, 3043790

Rechtbank Midden-Nederland, 25-02-2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:2292, 3043790

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25 februari 2015
Datum publicatie
30 april 2015
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2015:2292
Zaaknummer
3043790

Inhoudsindicatie

Algemene mededeling op een website brengt niet automatisch een overeenkomst met zich mee. Geen bedrog of dwaling, omdat uitlating op website als aanprijzing in algemene bewoordingen moet worden aangemerkt. Onverschuldigde betaling onvoldoende gesteld.

Uitspraak

Afdeling Civiel recht

kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 3043790 AC EXPL 14-2127 THN/1164

Vonnis van 25 februari 2015

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Fast Forward Freight B.V.,

gevestigd te Schiphol,

verder ook te noemen FFF,

eisende partij in conventie,

verwerende partij in reconventie,

gemachtigde: J.J. Sikkema,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Sigmatex Holland B.V.,

gevestigd te Soest,

verder ook te noemen Sigmatex,

gedaagde partij in conventie,

eisende partij in reconventie,

gemachtigde: mr. R.S. Schouten.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het tussenvonnis van 16 juli 2014;

-

een brief namens FFF van 28 oktober 2014, met bijlage;

-

een brief namens FFF van 7 november 2014, met als bijlage een verklaring van de heer [A] van Air-Ports & Logistics Consultancy (hierna: APL), die als akte in conventie en reconventie wordt beschouwd;

-

het proces-verbaal van comparitie van 11 november 2014 en de ter zitting gemaakte aantekeningen;

-

de antwoordakte namens Sigmatex.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Sigmatex verkoopt serverkasten en computeronderdelen. Sigmatex importeert deze uit China door middel van verzending in containers over zee. Vanaf 2009 heeft Sigmatex de verschepingen vanuit China laten regelen door APL. APL heeft de zeevracht van Sigmatex van 2012 tot eind 2013 uitbesteed aan FFF. Onder andere bemiddelt FFF bij vrachttransport en expeditie.

2.2.

FFF heeft een factuur van 5 november 2013 ter hoogte van € 6.051,51 verstuurd aan Sigmatex. Sigmatex heeft deze onbetaald gelaten.

2.3.

Op de website van FFF staat op 3 juli 2014 onder andere:

“Our motivated and sharp calculating staff apply ‘Economic Route Management’; finding the fastest en most attractively priced way your cargo can travel.”

2.4.

Op de website van APL staat op 10 april 2014 onder andere:

“Als onafhankelijk adviseur kan APL u, tezamen met ons wereldwijd netwerk, volledige Logistiek aanbieden, incl. concurrerende door-to-door; Luchtvracht, Koerier, Zeevracht container (FCL)”.

2.5.

Eind november 2013 is de samenwerking tussen Sigmatex en APL beëindigd.

3 Het geschil

3.1.

FFF vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeling van Sigmatex om de onbetaald gelaten factuur van 5 november 2013 van € 6.051,51 aan FFF te betalen, vermeerderd met rente en kosten. Aan haar vordering legt FFF ten grondslag dat Sigmatex haar verplichting tot betaling van deze factuur dient na te komen. Nu Sigmatex deze factuur niet heeft betaald, is Sigmatex jegens FFF toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van de verplichtingen ingevolge de tussen partijen gesloten overeenkomst tot zeevervoer, aldus FFF.

3.2.

Sigmatex voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.3.

Sigmatex vordert, naast rente en kosten, primair veroordeling van FFF tot betaling aan Sigmatex USD 35.935,- en subsidiair € 25.000,- voor het geval artikel 97 lid 1 Rv niet van toepassing zou zijn. Hieraan legt zij ten grondslag dat Sigmatex jegens haar toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de verplichtingen ingevolge de tussen partijen gesloten overeenkomst, omdat FFF te hoge bedragen heeft gehanteerd voor het door haar verzorgde zeevervoer in 2012 en 2013. Om dezelfde reden legt Sigmatex bedrog of dwaling aan haar vordering ten grondslag, waarbij zij beroep doet op vernietiging van de desbetreffende overeenkomsten. Het gevorderde bedrag betreft de verschillen tussen de tarieven die Sigmatex aan FFF heeft betaald in 2012 en 2013 en de tarieven die bij de desbetreffende concurrent golden. Meer subsidiair vordert Sigmatex nog betaling van USD 13.800,- door FFF. Ter onderbouwing van haar meer subsidiaire vordering heeft Sigmatex gesteld dat zij ten onrechte USD 300,- per container aan boekingskosten heeft betaald, terwijl partijen de betaling van deze kosten niet zijn overeengekomen.

3.4.

Sigmatex voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling in conventie en reconventie

5 De beslissing