Home

Rechtbank Midden-Nederland, 25-08-2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:4224, C/16/441364 / KG ZA 17-467

Rechtbank Midden-Nederland, 25-08-2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:4224, C/16/441364 / KG ZA 17-467

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25 augustus 2017
Datum publicatie
29 september 2017
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2017:4224
Zaaknummer
C/16/441364 / KG ZA 17-467
Relevante informatie
Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025], Burgerlijk Wetboek Boek 6 [Tekst geldig vanaf 04-02-2025 tot 28-06-2025] art. 162

Inhoudsindicatie

Onrechtmatige daad. Inbreuk op privacy door opnames met camera's en een drone. Geen rechtvaardigingsgrond.

Uitspraak

vonnis

Civiel recht

handelskamer

locatie Utrecht

zaaknummer / rolnummer: C/16/441364 / KG ZA 17-467

Vonnis in kort geding van 25 augustus 2017

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

advocaat mr. J.A.M. van de Sande te Rotterdam,

tegen

1 [gedaagde 1] ,

en

2. [gedaagde 2],

beiden wonende te [woonplaats] ,

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. T.A. Timmermans te Rhenen .

De eisende partij zal hierna [eiser] genoemd worden. De gedaagde partijen zullen gezamenlijk [eisers c.s.] genoemd worden en afzonderlijk [gedaagde 1] respectievelijk [gedaagde 2] .

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

– de dagvaarding van 26 juli 2017 met producties I tot en met III,

– een nagekomen productie IV van [eiser] ,

– de eis in reconventie van [eisers c.s.] , op voorhand toegestuurd bij brief van hun advocaat van 8 augustus 2017,

– de mondelinge behandeling op 10 augustus 2017,

– de ter zitting ingediende wijziging van eis in conventie,

– de pleitnota van [eiser] ,

– de pleitnota tevens eis in reconventie van [eisers c.s.]

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eiser] is eigenaar van een onroerende zaak staande en gelegen te [woonplaats] , die plaatselijk bekend is als [adres 1] en kadastraal als Gemeente [woonplaats] , [nummer 2] . [eiser] woont hier tezamen met zijn gezin.

2.2.

[gedaagde 1] is eigenaar van een onroerende zaak staande en gelegen te [woonplaats] , die plaatselijk bekend is als [adres 2] en kadastraal als Gemeente [woonplaats] , [nummer 3] [gedaagde 1] woont hier tezamen met zijn echtgenote, [gedaagde 2] .

2.3.

[gedaagde 1] heeft zijn genoemde onroerende zaak in juni 2015 gekocht van [eiser] en diens twee broers. Het perceel is vervolgens ook aan hem geleverd. Over deze koop zijn tussen [gedaagde 1] enerzijds en [eiser] en zijn broers anderzijds geschillen gerezen. Over deze geschillen is bij deze rechtbank een bodemprocedure aanhangig. De verhouding tussen de betrokken partijen is door deze geschillen vertroebeld geraakt.

2.4.

Het perceel van [gedaagde 1] ligt aan de openbare weg, de [adres 2] , en is vanaf die weg toegankelijk. Het perceel van [eiser] ligt aan de achterzijde van het perceel van [gedaagde 1] en de beide percelen grenzen daar aan elkaar. Het perceel van [eiser] heeft geen toegang aan de openbare weg, maar is bereikbaar via een zandpad dat vanaf de [adres 2] langs de zijkant van het perceel van [gedaagde 1] en vervolgens langs het perceel van [eiser] doorloopt naar een camping. De inrit naar het perceel van [eiser] ligt aan dit zandpad. Het zandpad is eigendom van een derde, de heer [A] (hierna: [A] ) en is niet opengesteld voor verkeer. Aan [eiser] is een recht van overpad verleend om over het zandpad van en naar de [adres 2] te komen en te gaan. Ook bezoekers van de camping mogen het zandpad gebruiken om van en naar de camping te komen en te gaan.

2.5.

Geheel aan de achterzijde van het perceel van [gedaagde 1] , tegen de erfgrens met het perceel van [eiser] , bevindt zich aan de zijde van het zandpad een tweede toegang tot het perceel van [gedaagde 1] . [gedaagde 1] gaat ervan uit dat ook hij een recht van overpad heeft om over het zandpad naar deze tweede toegang tot zijn perceel te gaan, maar [A] heeft dit betwist. Ook over dit geschil is een procedure aanhangig.

2.6.

De inrit naar het perceel van [eiser] volgt direct op de genoemde tweede toegang tot het perceel van [gedaagde 1] .

2.7.

[eisers c.s.] hebben op enig moment aan de achterzijde van hun perceel, onder meer bij de tweede toegang, enkele mobiele camera's aangebracht. Volgens [eiser] waren deze camera's gericht op zijn perceel en maakten [eisers c.s.] daarmee inbreuk op zijn recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer (hierna ook kort aangeduid als: zijn recht op privacy) en dat van zijn gezin en zijn bezoekers. Om die reden heeft hij [eisers c.s.] gesommeerd de camera's te verwijderen. [eisers c.s.] hebben aan deze sommatie aanvankelijk niet voldaan.

2.8.

[eisers c.s.] hebben onlangs vanaf hun perceel een drone laten vliegen tot boven het perceel van [eiser] . [eiser] heeft [eisers c.s.] daarop gesommeerd zich voortaan van dergelijke praktijken te onthouden.

2.9.

Op 26 juli 2017 heeft gerechtsdeurwaarder C.J. de Man (hierna: de deurwaarder) op verzoek van [eiser] een proces-verbaal van constatering opgemaakt, waarin de deurwaarder heeft vermeld – kort weergegeven – dat hij op het perceel van [eisers c.s.] de aanwezigheid van vier camera's heeft geconstateerd, aangeduid als C1, C2, C3 en C4. Op een aan dit proces-verbaal gehechte kadastrale kaart heeft hij aangegeven waar deze camera's zich bevonden. Ook heeft hij foto's van de camera's gemaakt, die hij eveneens aan het proces-verbaal heeft gehecht. [eiser] heeft dit proces-verbaal overgelegd als productie IV.

2.10.

[eisers c.s.] hebben onlangs de camera's aangeduid als C1, C2 en C3 verwijderd.

3 Het geschil in conventie

4 Het geschil in reconventie

5 De beoordeling in conventie

6 De beoordeling in reconventie

7 De beslissing