Rechtbank Midden-Nederland, 02-05-2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:1780, C/16/456888 / KG ZA 18-154
Rechtbank Midden-Nederland, 02-05-2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:1780, C/16/456888 / KG ZA 18-154
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 2 mei 2018
- Datum publicatie
- 7 mei 2018
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2018:1780
- Zaaknummer
- C/16/456888 / KG ZA 18-154
Inhoudsindicatie
Het gaat hier om een niet-openbare Europese aanbestedingsprocedure voor de levering van datacentercapaciteit en dienstverlening. [partij X] vordert intrekking van het voornemen van ProRail om de opdracht aan T-Systems te gunnen, omdat T-Systems volgens [partij X] niet aan een van de geschiktheidseisen voldoet. Het beroep van ProRail en T-Systems op rechtsverwerking slaagt. Het lag op de weg van [partij X] om, nadat zij ermee bekend raakte dat T-Systems was geselecteerd om deel te nemen aan de gunningsfase, hierover direct al vragen te stellen aan ProRail en - indien dit niet tot een bevredigend antwoord leidde - een klacht in te dienen in plaats van hiermee te wachten tot na de gunningsbeslissing.
Uitspraak
vonnis
Civiel recht
handelskamer
locatie Utrecht
zaaknummer / rolnummer: C/16/456888 / KG ZA 18-154
Vonnis in kort geding van 2 mei 2018
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[partij X] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident tot tussenkomst, subsidiair voeging,
advocaat mr. drs. M.W.J. Jongmans te 's-Hertogenbosch,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PRORAIL B.V.,
gevestigd te Utrecht,
gedaagde in de hoofdzaak,
verweerster in het incident tot tussenkomst, subsidiair voeging,
advocaat mr. T.T.A. Oudenhoven te Utrecht.
in welke zaak wenst tussen te komen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
T-SYSTEMS NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Vianen,
verzoekster in het incident tot tussenkomst, subsidiair voeging,
advocaten mr. C.R.V. Lagendijk en mr. J.F. van Nouhuys.
Partijen zullen hierna [partij X] , ProRail en T-Systems worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de dagvaarding van 20 maart 2018
- -
-
de producties van de zijde van [partij X]
- -
-
de producties van de zijde van ProRail
- -
-
de producties van de zijde van T-Systems
- -
-
de incidentele conclusie tot tussenkomst, subsidiair voeging van T-Systems
- -
-
de mondelinge behandeling van 19 april 2018
- -
-
de pleitnota van [partij X]
- -
-
de pleitnota van ProRail
- -
-
de pleitnota van T-Systems.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 Het incident
Ieder die een belang heeft bij een tussen andere partijen aanhangig geding, kan vorderen zich daarin te mogen voegen of daarin te mogen tussenkomen. Het belang van
T-Systems is evident, nu ProRail voornemens is de opdracht aan haar te gunnen en [partij X] zich hiertegen verzet. [partij X] en ProRail hebben ter zitting ook geen bezwaar gemaakt tegen deze interventie. De voorzieningenrechter heeft daarom ter zitting beslist dat de interventie is toegestaan.
Of het om een tussenkomst of voeging gaat is aan de rechter om te beoordelen. Niet de kwalificatie die de interveniërende partij zelf aan haar processuele hoedanigheid heeft gegeven (voeging of tussenkomst), maar de beoordeling van haar processuele positie door de rechter aan de hand van haar opstelling in het geding is beslissend voor haar processuele hoedanigheid (HR 22 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW9067).
Een gevoegde partij heeft overigens het recht om zelfstandig in hoger beroep te komen van de uitspraak (HR 9 april 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK4549). In zoverre behoeft een interveniënt zich niet te laten weerhouden van de keuze voor voeging in plaats van tussenkomst.
T-Systems vordert tussenkomst, subsidiair voeging aan de zijde van ProRail. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is materieel sprake van een gewenste voeging. Hieraan doet niet af dat T-Systems een eigen vordering heeft ingesteld. Uit de vordering, de gedingstukken en het verhandelde ter zitting blijkt dat T-Systems hetzelfde verlangt als ProRail, namelijk gestanddoening van het oorspronkelijke gunningsvoornemen. T-Systems wordt daarom als voegende en niet als tussenkomende partij aangemerkt en toegelaten. De proceskosten zullen tussen partijen worden gecompenseerd, in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt.
3 De feiten
ProRail heeft via een niet-openbare Europese procedure een aanbesteding gehouden voor de levering van datacentercapaciteit en dienstverlening. Op de aanbestedingsprocedure is de Aanbestedingswet 2012 en het Aanbestedingsreglement Nutssectoren 2016 (ARN 2016) van toepassing.
ProRail heeft ten behoeve van de selectiefase een Selectieleidraad en een document Selectiecriteria uitgebracht. In het document Selectiecriteria wordt bij ‘Eis 6: Technische en organisatorische bekwaamheid: Ervaringseis 1’ onder meer vermeld:
“Gegadigde exploiteert een eigen datacenter dat gebruikt wordt door meerdere externe klanten. (...)”
[partij X] en T-Systems hebben, na door ProRail te zijn geselecteerd, samen met nog twee andere geselecteerde partijen ingeschreven op deze aanbesteding.
ProRail heeft [partij X] bij brief van 2 februari 2018 meegedeeld dat zij voornemens is de opdracht te gunnen aan T-Systems en dat [partij X] als tweede in de rangorde is geëindigd.
[partij X] heeft bij email van 6 februari 2018 bezwaar gemaakt tegen het gunningsvoornemen. ProRail heeft naar aanleiding hiervan op 20 februari 2018 een zienswijze uitgebracht, waarbij de bezwaren van [partij X] gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond zijn verklaard. De gedeeltelijke gegrondverklaring van een van de bezwaren van [partij X] heeft ertoe geleid dat ProRail op 20 februari 2018 een nieuwe gunningsbeslissing heeft genomen waarbij het voornemen tot gunning aan T-Systems met een nadere motivering is gehandhaafd.
[partij X] heeft op 26 februari 2018 een tweede bezwaarschrift ingediend. ProRail heeft hierin echter geen aanleiding gezien om terug te komen op haar voornemen om de opdracht aan T-Systems te gunnen.