Home

Rechtbank Midden-Nederland, 12-04-2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:3570, C/16/474830 / KG ZA 19-78

Rechtbank Midden-Nederland, 12-04-2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:3570, C/16/474830 / KG ZA 19-78

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
12 april 2019
Datum publicatie
1 augustus 2019
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2019:3570
Zaaknummer
C/16/474830 / KG ZA 19-78

Inhoudsindicatie

Beslissing om tot een ontwikkelovereenkomst te komen is onvoldoende gemotiveerd. De gemeente moet de selectiebeslissing beter motiveren.

Uitspraak

vonnis

Civiel recht

handelskamer

locatie Utrecht

zaaknummer / rolnummer: C/16/474830 / KG ZA 19-78

Vonnis in kort geding van 12 april 2019

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BALLAST NEDAM ONTWIKKELINGSMAATSCHAPPIJ B.V.,

gevestigd te Amsterdam ,

eiseres,

advocaat mr. J.F. van Nouhuys,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE UTRECHT,

zetelend te Utrecht,

gedaagde,

advocaten mr. E. de Groot en S. Elbertsen,

in welke zaak hebben verzocht te mogen tussenkomen:

1. de besloten vennootschap in oprichting

[tussenkomende partij 1] VOF,

gevestigd in [vestigingsplaats 1] ,

en haar vennoten:

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[tussenkomende partij 2] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[tussenkomende partij 3] B.V.

gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [tussenkomende partij 4] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats 3] ,

verzoekster tot tussenkomst, althans voeging,

advocaat mr. L. Mundt,

Eiseres en gedaagde zullen hierna respectievelijk Ballast en Gemeente Utrecht genoemd worden. De tussenkomende partijen zullen hierna gezamenlijk [tussenkomende partij 1] genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding van 5 februari 2019 met producties (20),

-

de incidentele conclusie houdende een verzoek tot tussenkomst (subsidiair voeging),

-

de akte overlegging producties (4) van Gemeente Utrecht,

-

de mondelinge behandeling op 26 maart 2019,

-

de pleitnota van Ballast,

-

de pleitnota van Gemeente Utrecht,

-

de pleitnota van [tussenkomende partij 1] .

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Gemeente Utrecht heeft een selectieprocedure uitgeschreven voor de uitgifte van grond in erfpacht en het sluiten van een ontwikkelovereenkomst voor de realisatie van 800 tot 1200 appartementen (sociale huur, middeldure huur en/of koop) aangevuld met onder meer commerciële dienstverlening, leisure en horeca (hierna: de ontwikkeling). De ontwikkeling betreft de Hoogbouwkavel Leidsche Rijn Centrum Noord, waar een toren gerealiseerd mag worden van 140 meter hoog.

2.2.

In de procesbrief van 23 maart 2018 aan ontwikkelende partijen staat onder meer het volgende:

“(...) De gemeente Utrecht is voor de locatie op zoek naar een slagvaardige samenwerkingspartner, bij voorkeur een consortium van partijen die de ontwikkeling, realisatie, eigendom en exploitatie van het vastgoed zeker kunnen stellen. Daarnaast zoeken wij een partner die zorg kan dragen voor een levendige en toekomstbestendige invulling van de plek. Wij verwachten van u een spraakmakende invulling voor de stad op zowel architectonische kwaliteit als ambitieniveau.(...)”

De procedure is in deze brief als volgt omschreven:

“(...) Om geen partijen uit te sluiten wordt de kavel uitgegeven na een openbare bekendmaking, waarna een niet-openbare selectieprocedure volgt. Met het invullen van het inschrijfformulier geeft u uw belangstelling aan en doet u mee met de voorselectie. Na afloop van de voorselectie zullen er maximaal 5 partijen worden geselecteerd waarna de officiële selectieprocedure wordt gestart. Na het beoordelen van alle plannen en het bepalen van de rangorde nemen wij het besluit tot voorlopige gunning aan één partij. Na deze gunning zullen wij met deze partij een ontwikkelovereenkomst sluiten. Vervolgens wordt een plan uitgewerkt dat zal worden vertaald in een Stedebouwkundig Plan (SP) en een bestemmingsplan. De voorlopige planning en doorlooptijd voor het hele traject treft u aan op de volgende pagina. (...)”

2.3.

Gemeente Utrecht heeft na een voorselectie vijf partijen uitgenodigd om een ontwerp in te dienen, waaronder Ballast en [tussenkomende partij 1] . Het ontwerp moest voldoen aan de (rand)voorwaarden zoals omschreven in de ‘Selectieleidraad Hoogbouwkavel Leidsche Rijn Centrum Noord” van juni 2018 (hierna: selectieleidraad).

2.4.

De selectieleidraad luidt onder meer als volgt:

1.7 Overige informatie

De gemeente is te allen tijd bevoegd de selectieprocedure stop te zetten, ongeacht in welke fase de selectieprocedure zich bevindt.

De selectie is geen opdracht en kan ook niet als zodanig worden uitgelegd. De kosten die gepaard gaan met deelname zijn geheel voor de deelnemer.

Indien niet aan de in dit document genoemde verklaringen en voorwaarden wordt voldaan, dan wordt de deelnemer uitgesloten zonder recht op vergoeding van welke kosten dan ook.

(...)

2.2.

Selectieprocedure

De selectieprocedure omvat een aantal fasen:

Fase 1: Indienen van de gevraagde informatie

(...)

Fase 2: Toetsen ontvangen informatie

(...)

Fase 3: Kwalitatieve selectie

Van de inzendingen die voldoen aan de vereisten in het aanmeldingsformulier en waarvan de deelnemers tevens alle gevraagde informatie hebben aangeleverd, wordt een kwalitatieve selectie gemaakt van de beste inzending. Kwalitatieve selectie geschiedt aan de hand van het ingediende plan en de toelichtende presentatie van het ingediende plan. Deze kwalitatieve selectie staat uitgelegd in hoofdstuk 2.3.

Fase 4: Verificatie

(...)

Fase 5: Afronding selectie

(...)

2.3

Selectie

2.3.1

Het plan

De deelnemers wordt gevraagd een schetsplan te maken met het doel een kwalitatieve selectie te kunnen maken. Het plan dient minimaal de volgende informatie te bevatten: referentiebeelden, een schetsontwerp en het grondbod (Bijlage 3).

(...)

De selectie vindt plaats door een selectieteam bestaande uit de projectmanager Leidsche Rijn Centrum, de projectleider hoogbouwkavel Leidsche Rijn Centrum Noord, stedenbouwkundig supervisor, landschappelijke supervisor, adviseur uitgifte, adviseur mobiliteit, adviseur gezondheid en adviseur duurzaamheid. Daarnaast is er een vertegenwoordiging aanwezig van de omgeving bestaande uit 3 personen.

2.3.2.

Selectiecriteria

De presentatie en het schetsontwerp worden beoordeeld op de onderstaande onderdelen.

A. Beeld, architectuur en stedenbouw (maximaal 20 punten)

 Relevantie voor Leidsche Rijn Centrum: in hoeverre sluit het plan aan bij de architectuur van de overige plannen voor Leidsche Rijn Centrum? In welk mate voldoet de aanbieding aan de meegeven stedenbouwkundige kaders?

 De kwalitatieve beoordeling van referenties van de ontwerpers: in hoeverre heeft het ontwerpend team aantoonbaar ervaring met vergelijkbare projecten (hoogbouw) in een hoog stedelijke omgeving?

 Wordt er met minimaal drie architectenbureaus gewerkt en op welke manier?

 In hoeverre laat het complex een aantrekkelijke uitstraling, hoogwaardige kwaliteit in architectuur, materialisatie en detaillering zien?

 Mate waarin het plein eenheid en samenhang vertoond met de structuur van de openbare ruimte van Leidsche Rijn Centrum (Noord) en waarbij gebruik is gemaakt van een hoogwaardig ontwerp, passend bij de Architectuur. Mate waarin de relatie is vormgegeven tussen de plinten van de bebouwing en het plein en de mate waarin sprake is van een integrale aanpak van bebouwing en onbebouwde ruimte. Tenslotte de mate waarin gekozen is voor een hoogwaardige integratie van bouwkundige elementen, zoals garage – entrees voor auto’s en voetgangers.

Onderbouwing van het beoogde programma (maximaal 10 punten)

 In hoeverre wordt vanuit de visie op het gebied onderbouwd waarom gekozen wordt voor het beoogde programma (geldt zowel voor het woon- als commercieel programma)?

 In hoeverre is er sprake van extra programma sociale huur- en middenhuur (d.w.z. meer dan de gevraagde 20% per categorie)?

 Wat zijn de afzetmogelijkheden van het beoogde programma, en ligt hier een marktrapportage aan ten grondslag?

Financieel grondbod (maximaal 10 punten)

(...)

Duurzaamheid en gezondheid (maximaal 20 punten)

(...)

Participatie en omgevingsmanagement (maximaal 10 punten)

(...)

2.3.3.

Beoordeling van het plan

Het selectieteam (bestaande uit acht leden) kent na afloop van de presentatie elk subonderdeel van onder A (beeld, architectuur en stedenbouw) een cijfer toe. Het gaat om de cijfers 0 (slecht), 1 (matig), 2 (voldoende), 3 (goed) en 4 (zeer goed). Het selectieteam kent na afloop van de presentatie op onderdeel B (onderbouwing van het beoogde programma) een cijfer toe. Het gaat om de cijfers 0 (slecht), 4 (matig), 6 (voldoende), 8 (goed) en 10 (zeer goed). Naast het selectieteam is er ook een vertegenwoordiging aanwezig vanuit de omgeving. Deze vertegenwoordiging kent een cijfer toe aan onder E ‘Participatie en Omgevingsmanagement’. Onderdeel D wordt afzonderlijk beoordeeld door de adviseur duurzaamheid, adviseur mobiliteit en adviseur gezondheid van de gemeente.

Op de onderdelen A+B+C+D+E kunnen maximaal 70 punten worden behaald.

Onderdeel A – Beeld, architectuur en stedenbouw

Het plan kan op onderdeel A een maximale score van 20 punten (5x4) behalen

Onderdeel B – Onderbouwing van het beoogde programma

Het plan kan op de onderdeel B een maximale score van 10 punten behalen.

(...)’

2.5.

Uiteindelijk heeft Gemeente Utrecht drie inschrijvingen beoordeeld, waaronder de inschrijvingen van Ballast en [tussenkomende partij 1] . Ballast heeft het plan ‘Fruitful City’ ingediend, en [tussenkomende partij 1] het plan ‘ [..] ’.

2.6.

Op 6 december 2018 heeft de heer [A] van Gemeente Utrecht telefonisch aan Ballast laten weten dat Ballast niet als beoogde winnaar is geselecteerd. [A] heeft toegezegd dat de brief met de selectiebeslissing en motivering d.d. 4 december 2018 per e-mail naar haar zou worden gestuurd. Ballast heeft de brief van 4 december 2018 op 11 december 2018 ontvangen.

2.7.

In deze brief d.d. 4 december 2018 (door alle partijen ook aangeduid als de Selectiebeslissing) heeft Gemeente Utrecht kenbaar gemaakt dat zij het plan van [tussenkomende partij 1] als beste heeft beoordeeld (met 53,96 van in totaal 70 punten) en dat zij voornemens is om de ontwikkelovereenkomst te sluiten met [tussenkomende partij 1] . Ballast is met haar inschrijving op de tweede plaats geëindigd. Zij heeft in totaal 51,4 punten behaald. In de brief, in tabel 3, worden de scores per onderdeel weergegeven:

Consortium 1 Fruitful City

Beeld, architectuur

stedenbouw 19 11

Onderbouwing

van het beoogde

programma 6 4

Financieel grondbod 0,49 10

Duurzaamheid 6,2 12,9

Visie circulair 1,5 1

Visie Mobiliteit 1 1

Visie Participatie 4 4

Wensen en aandachts-

Punten 4 6

2.8.

Op 10 december 2018 hebben burgemeester en wethouders van Gemeente Utrecht de gemeenteraad geïnformeerd over de selectie van het plan van [tussenkomende partij 1] . In de brief staat dat na het verstrijken van de zogenaamde “Alcatel-termijn” (20 dagen), de termijn waarbinnen afvallende partijen een kort geding tegen de gemeente kunnen aanspannen in verband met de selectie, en na de ondertekening van de ontwikkelingsovereenkomst door zowel de gemeente als het consortium, de selectie definitief is.

2.9.

Op 10 januari 2019 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen Ballast en Gemeente Utrecht naar aanleiding van de beoordeling. Voorafgaand aan dit gesprek heeft Ballast in een e-mail van 9 januari 2019 aangegeven welke vragen zij naar voren wil brengen. Namens Gemeente Utrecht is toegezegd dat aanvullende informatie zal worden gegeven.

2.10.

Na het gesprek heeft Ballast bij brief van 11 januari 2019 haar bezwaren aan Gemeente Utrecht uiteengezet. Gemeente Utrecht heeft daarop gereageerd bij brief van 18 januari 2019. Zij is ingegaan op de verschillende vragen van Ballast en heeft aangegeven dat zij geen aanleiding ziet om tot een herbeoordeling van de inschrijving van Ballast over te gaan.

2.11.

Na ontvangst van de brief van 18 januari 2019 van Gemeente Utrecht heeft Ballast laten weten dat zij zich niet met de uitslag van de selectieprocedure kan verenigen.

2.12.

Bij brief van 29 januari 2019 heeft de advocaat van Gemeente Utrecht de bezwaren van Ballast van de hand gewezen. In deze brief wordt vermeld wordt dat als Ballast een kort geding procedure aanhangig wil maken, zij dit binnen zeven kalenderdagen na verzending van de brief moet doen. Verder wordt de opmerking gemaakt dat Gemeente Utrecht geen afstand doet van haar recht zich op het standpunt te stellen dat sprake is van een tardieve klacht nu de selectiebeslissing dateert van 4 december 2018.

2.13.

Ter zitting is gebleken dat de ontwikkelovereenkomst tussen Gemeente Utrecht en [tussenkomende partij 1] nog niet tot stand is gekomen. Gemeente Utrecht heeft aangegeven dat zij de uitkomst van deze procedure in kort geding zal afwachten.

3 De vorderingen

3.1.

Ballast vordert in de hoofdzaak, voor zover er nog geen overeenkomst ter zake de Ontwikkeling tussen Gemeente Utrecht en [tussenkomende partij 1] of een derde tot stand is gekomen:

- Gemeente Utrecht te verbieden op basis van de onderhavige Selectiebeslissing een overeenkomst ter zake van de Ontwikkeling met [tussenkomende partij 1] te sluiten, in combinatie met:

Primair:

- Gemeente Utrecht te verbieden een andere inzender dan Ballast als beoogde winnaar aan te wijzen,

Subsidiair:

-

Gemeente Utrecht te gebieden uitsluitend de aanbieding van Ballast opnieuw te (doen) beoordelen op de criteria A en B, althans A en/of B,

-

Gemeente Utrecht te verbieden overige aanbiedingen opnieuw te beoordelen,

-

Gemeente Utrecht te gebieden de subscores op de criteria A en B, althans A en/of B, deugdelijk te motiveren, hetgeen ten minste inhoudt dat de subscore op de criteria A en B, althans A en/of B, die zijn behaald door de hoogst scorende (winnende) aanbieder worden meegedeeld aan de andere aanbieders,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om een opschortende termijn van 20 kalenderdagen in acht te nemen tussen het moment van bekendmaking van de verbeterde motivering en het moment van het sluiten van een overeenkomst met de hoogst scorende (winnende) aanbieding ter zake van de Ontwikkeling,

-

Gemeente Utrecht te gebieden het vonnis in kort geding af te wachten als binnen voornoemde termijn van 20 kalenderdagen een kort geding aahangig wordt gemaakt,

Meer subsidiair:

-

Gemeente Utrecht te gebieden alle aanbiedingen opnieuw te (doen) beoordelen op de criteria A en B, althans A en/of B,

-

Gemeente Utrecht te gebieden de subscores op de criteria A en B, althans A en/of B, deugdelijk te motiveren, hetgeen ten minste inhoudt dat de subscores op de criteria A en B, althans A en/of B, die zijn behaald door de hoogst scorende (winnende) aanbieder worden medegedeeld aan de andere aanbieders,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om een opschortende termijn van 20 kalenderdagen in acht te nemen tussen het moment van bekendmaking van de verbeterde motivering en het moment van het sluiten van een overeenkomst met de hoogst scorende (winnende) aanbieder ter zake van de ontwikkeling,

-

Gemeente Utrecht te gebieden het vonnis in kort geding af te wachten als binnen voornoemde termijn van 20 kalenderdagen een kort geding aanhangig wordt gemaakt,

Uiterst subsidiair

-

Gemeente Utrecht te gebieden de huidige Selectiebeslissing beter te motiveren, met dien verstande dat in ieder geval óók de subscores die zijn behaald door de hoogst scorende (winnende) aanbieder bekend moeten worden gemaakt,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om een opschortende termijn van 20 kalenderdagen in acht te nemen tussen het moment van bekendmaking van de verbeterde motivering en het moment van het sluiten van een overeenkomst met de hoogst scorende (winnende) aanbieder ter zake van de Ontwikkeling,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om een opschortende termijn van 20 kalenderdagen in acht te nemen tussen het moment van bekendmaking van de verbeterde motivering en het moment van het sluiten van een overeenkomst met de hoogst scorende (winnende) aanbieder ter zake van de Ontwikkeling,

-

Gemeente Utrecht te gebieden het vonnis in kort geding af te wachten als binnen voornoemde termijn van 20 kalenderdagen een kort geding aanhangig wordt gemaakt,

Waarbij elk gebod en verbod van dit petitum aan Gemeente Utrecht wordt opgelegd op straffe van verbeurte van een direct opeisbare dwangsom van € 1.000.000,00,

Gemeente Utrecht te veroordelen in de (na)kosten van deze procedure.

3.2.

[tussenkomende partij 1] vordert in het incident om primair de verzochte tussenkomst, en subsidiair de verzochte voeging, toe te staan en om Ballast en/of Gemeente Utrecht in de kosten van deze procedure te veroordelen.

3.3.

[tussenkomende partij 1] vordert in de hoofdzaak:

Primair:

Ballast niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen, althans de vorderingen van Ballast af te wijzen, met veroordeling van Ballast en/of Gemeente Utrecht in de kosten van deze procedure,

en als voorwaardelijke eis:

-

uitsluitend indien geoordeeld wordt dat een herbeoordeling van de aanbieding van Ballast aan de orde zou zijn, Gemeente Utrecht te gebieden om ook de aanbieding van [tussenkomende partij 1] opnieuw te beoordelen, op dezelfde onderdelen en met toepassing van dezelfde criteria/beoordelingsmaatstaf,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om een opschortende termijn van 20 dagen in acht te nemen tussen het moment van bekendmaking van de uitslag van de herbeoordeling/nieuwe selectiebeslissing en het moment van het sluiten van een overeenkomst met de hoogst scorende (winnende) aanbieder ter zake van de Ontwikkeling,

-

Gemeente Utrecht te gebieden om, indien binnen de 20 dagen termijn een kort geding aanhangig wordt gemaakt, het vonnis in dit kort geding af te wachten.

4 De beoordeling

5 De beslissing