Home

Rechtbank Midden-Nederland, 11-09-2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:3843, 8468109 MV EXPL 20-49 BmR/842

Rechtbank Midden-Nederland, 11-09-2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:3843, 8468109 MV EXPL 20-49 BmR/842

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
11 september 2020
Datum publicatie
11 september 2020
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2020:3843
Zaaknummer
8468109 MV EXPL 20-49 BmR/842

Inhoudsindicatie

Toepassing en-bloc clausule in verzekeringspolis (artikel 7:940 lid 4 BW) Algemene voorwaarden/onredelijk bezwarend (artikel 6:233 sub a jo artikel 6:236 sub a jo artikel 237 sub b en c BW). Redelijkheid en billijkheid maatschappelijk onaanvaardbaar ( artikel 6;248 lid 2 BW) Verjaring (artikel 3:52 lid 1 sub d BW, artikel 6:235 lid 4 BW)

Eisers beschikken over een naturapakketpolis bij Yarden Uitvaartverzekeringen N.V. die erin voorziet dat nabestaanden van de verzekerde bij diens overlijden recht hebben op uitvaartdiensten en – producten zonder enige vorm van bijbetaling. Yarden heeft op 1 juli 2019 toepassing gegeven aan de in de algemene voorwaarden opgenomen en-bloc clausule bij alle 390.000 naturapakket-polishouders door de voorwaarden van de verzekering te wijzigen. Met ingang van 1 januari 2020 komen de jaarlijkse kostenstijgingen van de diensten en producten voor rekening van de verzekerde en /of nabestaanden. De vraag die voorligt is in hoeverre de algemene voorwaarden op de verzekeringspolis van toepassing zijn en zo ja of de in die voorwaarden opgenomen en-bloc clausule voor vernietiging in aanmerking komt, omdat sprake zou zij van een onredelijk bezwarend beding. De kantonrechter is voorlopig van oordeel dat de algemene voorwaarden van toepassing zijn op de verzekeringspolis en dat vooralsnog geen sprake is van een onredelijk bezwarend beding. De vraag die vervolgens voorligt is of het beding als in strijd is met de redelijkheid en billijkheid maatschappelijk onaanvaardbaar moet worden geacht. Het kort geding biedt de kantonrechter beperkte toetsingsruimte, maar sluit op grond van alle omstandigheden van het geval niet uit dat de bodemrechter tot een dergelijk oordeel komt. De kantonrechter acht een ordemaatregel gepast door te bepalen dat Yarden uitvoering dient te geven aan haar verplichtingen uit de verzekeringspolis zoals die gold voor 1 juli 2019 totdat in een bodemprocedure is beslist.

Uitspraak

Civiel recht

kantonrechter

locatie Almere

zaaknummer: 8468109 MV EXPL 20-49 BmR/842

toevoeging eiser(s)

Kort geding vonnis van 11 september 2020

inzake

1 [eiser 1] ,

wonende te [woonplaats]

toevoeging [toevoeging]

2. [eiser 2],

wonende te [woonplaats]

3. [eiser 3],

wonende te [woonplaats]

4. [eiser 4],

wonende te [woonplaats]

5. [eiser 5],

wonende te [woonplaats] ,

6. [eiser 6],

wonende te [woonplaats] ,

7. [eiser 7],

wonende te [woonplaats] ,

8. [eiser 8],

wonende te [woonplaats] ,

19. [eiser 9],

wonende te [woonplaats] ,

10. [eiser 10],

wonende te [woonplaats] ,

11. [eiser 11],

wonende te [woonplaats] ,

12. [eiser 12],

wonende te [woonplaats] ,

13. [eiser 13],

wonende te [woonplaats] ,

14. [eiser 14],

wonende te [woonplaats] ,

15. [eiser 15],

wonende te [woonplaats] ,

16. [eiser 16],

wonende te [woonplaats] ,

17. [eiser 17],

wonende te [woonplaats] ,

18. [eiser 18],

wonende te [woonplaats] ,

19. [eiser 19],

wonende te [woonplaats] ,

verder ook te noemen [eisers c.s.] ,

eisende partij,

gemachtigde: mr. M.P. Harten,

tegen:

de naamloze vennootschap

Yarden Uitvaartverzekeringen N.V.,

gevestigd te Almere,

verder ook te noemen Yarden,

gedaagde partij,

gemachtigde: mr. K. Rutten. mr. X.D. van Leeuwen, mr. M. Mutsche.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding met producties 1 tot en met 11

-

de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 20

-

productie 12 aan de zijde van [eisers c.s.]

-

de brief van 11 augustus 2020 met producties 21 tot en met 27 aan de zijde van Yarden

-

de brief van 26 augustus 2020 met producties 28 tot en met 29 aan de zijde van Yarden

-

de mondelinge behandeling

-

de pleitnota aan de zijde van [eisers c.s.]

-

de pleitnota aan de zijde van Yarden.

1.2.

Eiser J. de Boer heeft zijn vordering op 15 mei 2020 ingetrokken.

1.3.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[eisers c.s.] hebben bij de rechtsvoorganger van Yarden tegen betaling van een koopsom een naturaverzekering gesloten in de vorm van het lidmaatschap van de AVVL (Algemeene Vereeniging Voor Lijkverbranding, opgericht in 1919). Het gaat daarbij om zogenaamde naturapakketverzekeringen; een langlopende verzekering die erin voorziet dat de nabestaanden van de verzekerde bij diens overlijden recht hebben op bepaalde, door de verzekeraar omschreven uitvaartdiensten en -producten zonder enige vorm van bijbetaling. In onderstaande tabel wordt de startdatum, omvang en waarde van de verzekering vermeld:

verzekeringsnemer

geboortedatum/leeftijd

startdatum polis

Verzekerde waarde

Betaalde premie

afkoopwaarde

[eiser 1]

[1968] /52 jaar

1-9-1974

€ 3.201,00

€ 1.638,00

€ 1.123,71

[eiser 2]

[1952] /68 jaar

12-12-1974

€ 3.201,00

€ 370,28

€ 1.718,50

[eiser 3]

[1931] /89 jaar

1-12-1988

€ 3.201,00

€ 2.623,20

€ 2.570.70

[eiser 4]

[1958] /62 jaar

1-3-1982

€ 3.201,00

€ 1.900,80

€ 1.494,83

[eiser 5]

[1950 ] /70 jaar

1-12-1988

€ 3.201,00

€ 2.534,40

€ 1.668,53

[eiser 6]

[1932] /88 jaar

1-11-1984

€ 3.201,00

€ 1.099,96

€ 2.514,79

[eiser 7]

[1937 ] /83 jaar

1-11-1984

€ 3.201,00

€ 1.000,80

€ 2.383,39

[eiser 8]

[1957] /53 jaar

1-11-1984

€ 3.201,00

€ 458,32

€ 1.153,89

[eiser 9]

[1960] /60 jaar

1-8-1981

€ 2.126,40

[eiser 10]

[1944] /76 jaar

1-1-1965

€ 3.201,00

€ 113,45

€ 2.104,81

[eiser 11]

[1950 ] /70 jaar

1-2-1977

€ 3.201,00

€ 522,75

€ 1.841,73

[eiser 12]

[1951] /69 jaar

1-4-1961

€ 3.201,00

€ 739,20

€ 1.791,01

[eiser 13]

[1978] /42 jaar

1-4-1979

€ 3.201,00

€ 511,86

€ 786,59

[eiser 14]

[1981] /39 jaar

1-12-1981

€ 3.201,00

€ 577,21

€ 715,46

[eiser 15]

[1937 ] /83 jaar

1-7-1956

€ 3.201,00

€ 113,26

€ 2.360,11

[eiser 16]

[1966] /54 jaar

1-6-1967

€ 3.201,00

€ 102,10

€ 1.169,29

[eiser 17]

[1957] /63 jaar

1-12-1981

€ 3.201,00

€ 686,12

€ 1547,23

[eiser 18]

[1961] /59 jaar

1-3-1975

€ 3.201,00

€ 364,84

€ 1.371,85

[eiser 19]

[1941] /79 jaar

1-7-1956

€ 3.201,00

€ 94,39

€ 2.207,75

2.2.

[eisers c.s.] zijn allen vóór 1993 lid geworden van de AVVL. Het lidmaatschap van deze vereniging gaf recht op een uitvaart. Ten bewijze van het lidmaatschap ontvingen de leden van AVVL een papieren lidmaatschapsbewijs. Op dat bewijs stond vermeld op welke producten en diensten (de nabestaanden van) het lid recht heeft in geval van overlijden. Van een verzekeringspolis en verzekeringsvoorwaarden was op dat moment nog geen sprake. De aanspraken van de leden van de AVVL op financiering en/of verzorging van de uitvaart waren tot de statutenwijziging van 17 mei 1993 vastgelegd in de statuten van de vereniging AVVL van 12 juni 1990. De aanspraken van de leden van de AVVL op financiering en/of verzorging van de uitvaart waren tot de statutenwijziging van 17 mei 1993 vastgelegd in de statuten van de vereniging AVVL van 12 juni 1990. Artikel 5 van de statuten van de vereniging AVVL luidde:

“5. De Algemene Vergadering kan:

a. de bijdrage(n) voor hen, die reeds lid zijn, wijzigen;

b. de in het eerste lid genoemde rechten beperken tot ten hoogte het bedrag dat laatstelijk als grondslag voor de berekening van de wiskundige reserve heeft gediend en dat per ledengroep onder de benaming: "Onvoorwaardelijke Rechten" in elk financieel verslag van de Vereniging wordt vermeld.”

2.3.

Op 17 mei 1993 heeft vereniging AVVL de AVVL Uitvaartzorg N.V. opgericht en de aandelen van AVVL Uitvaartzorg N.V. werden volgestort door inbreng van alle activa en passiva van de vereniging AVVL. De lidmaatschappen van AVVL zijn vervolgens vervangen door verzekeringsovereenkomsten met AVVL Uitvaartzorg N.V. Over die omzetting hebben (volgens Yarden) de voormalige leden van AVVL op 1 juni 1993 een brief ontvangen van AVVL Uitvaartzorg N.V.. Bij die brief zaten het polisblad van de naturapakketpolis en de algemene voorwaarden en de daarbij behorende Omschrijving van Rechten. In die brief stond:

"U ontvangt hierbij per ingeschreven gezinslid een polis, waaruit blijkt dat uw natura-uitvaartverzekering per heden is ondergebracht bij de AWL Uitvaartzorg NV. (...) Verder zenden wij u de aan de verzekering verbonden algemene voorwaarden, alsmede een omschrijving van het rechtenpakket.

Waarom deze nieuwe documenten

“(..) Vanaf de oprichting in 1919 is de natura-uitvaartvoorziening onderdeel geweest van de Vereniging voor Crematie AVVL. De buitengewone algemene vergadering, gehouden op 13 juni 1992, heeft –onder andere in verband met komende wettelijke bepalingen- besloten deze voorziening onder te brengen in een 100% dochteronderneming: AVVL Uitvaartzorg NV. Deze structuurwijziging heeft eind mei jl. haar beslag gekregen. De vereniging voor Crematie AVVL blijft –met aangepaste doelstellingen- als ideële vereniging bestaan. Alle 380.00 verzekerden bij de NV zijn tevens (gratis) lid van de vereniging.(..)”

Premie en rechtenpakket ongewijzigd

De structuurwijziging heeft geen invloed op de hoogte van de premie of de samenstelling van het rechtenpakket.(..)”

2.4.

De algemene voorwaarden AVVL Uitvaartzorg NV 1993 kent de hieronder opgenomen en-bloc-causule:

ARTIKEL 4

RECHTEN EN VERPLICHTINGEN

4.1

Behoudens het bepaalde in het vijfde lid onder b heeft een verzekerde, overeenkomstig het in de 'Omschrijving van Rechten' vastgelegde, recht op de verzorging en bekostiging van zijn crematie of begrafenis danwel een andere door de verzekerde bepaalde wijze van dodenbezorging.

(... )

4.5

De verzekeraar kan: a. de periodieke premies voor hen die reeds verzekerd zijn, wijzigen; b. de in het eerste lid genoemde rechten beperken tot ten hoogste het bedrag dat laatstelijk als grondslag voor de berekening van de technische reserve heeft gediend en dat per groep verzekerden onder benaming 'Onvoorwaardelijke Rechten' in elk financieel verslag van de verzekeraar wordt vermeld.

2.5.

Yarden is een in 2001 uit een fusie tussen AVVL (Algemeene Vereeniging Voor Lijkverbranding, opgericht in 1919) en NUVA (Nederlandse Uitvaart en Verzekeringsassociatie) ontstane uitvaartverzekeraar. Yarden is de op één na grootste vereniging van Nederland, met bijna één miljoen leden en 1,4 miljoen polissen, waarvan 390.000 zogenaamde naturapakketpolissen. Yarden Uitvaartverzekeringen N.V. (Yarden) is het uitvoeringsbedrijf.

2.6.

In 2007 heeft Yarden de naturapakketpolissen willen omzetten in sommenpolissen ((een uitvaartverzekering die na overlijden een vast bedrag uitkeert). De Ombudsman Financiële Dienstverlening heeft bij brief van 6 september 2007 aan Yarden naar aanleiding van klachten van naturapakketpolishouders een aanbeveling ex artikel 7 lid 5 Reglement Ombudsman Financiële Dienstverlening inzake de toepassing van de en-bloc clausule gestuurd. De aanbeveling luidt onder meer:

“Een aantal van uw cliënten heeft mij benaderd met een klacht tegen uw maatschappij naar aanleiding van het feit dat de polis(sen) van betrokkene door uw maatschappij, met een beroep op artikel 12 van de voorwaarden, met terugwerkende kracht per 1 januari 2007 en-bloc zijn aangepast.

De kern van de klacht heeft betrekking op het feit dat deze aanpassing tot gevolg heeft gehad dat het recht op de verzorging en/of bekostiging van de crematie of begrafenis, zoals vermeld in de 'oude' polis(sen), is komen te vervallen en dat in de 'nieuwe' polis(sen) verzekerd is een vergoeding van de kosten van de uitvaart tot maximaal het op de 'nieuwe' polis(sen) vermelde verzekerde bedrag. Verder is geen indexeringsregeling meer van toepassing, maar geldt in de plaats daarvan een winstdelingsregeling.(..)”

Met betrekking tot de mogelijkheid om de voorwaarden aan te passen, adviseer ik u verzekeringnemer het recht op een pakket van diensten bij overlijden toe te kennen overeenkomstig het pakket van diensten waarop recht bestond vóórdat u een beroep· deed op de en-bloc aanpassing van de voorwaarden, zulks uiteraard voor zover uw cliënt daarvoor kiest.”

2.7.

Naar aanleiding van de aanbeveling van de Ombudsman Financiële Dienstverlening heeft Yarden een coulanceregeling in het leven geroepen voor polishouders die zich bij Yarden beklaagden over de omzetting. Op basis van deze coulanceregeling kregen nabestaanden bij het overlijden van de verzekerde de keuze tussen een door Yarden verzorgde uitvaart conform de oorspronkelijke naturapakketpolis, dan wel een uitkering van een vast bedrag uit een sommenpolis dat vrij kon worden aangewend voor uitvaartdiensten en -producten. Slechts een beperkt aantal polishouders heeft gebruik gemaakt van dit keuzerecht.

2.8.

Op 22 augustus 2018 heeft de directie van Yarden vastgesteld dat de omzetting van naturapakketpolissen in 2007 naar een sommenpolis niet rechtsgeldig had plaatsgevonden. Dit betekende dat Yarden vanaf het derde kwartaal van 2018 in haar cijfers circa 390.000 polissen met terugwerkende kracht weer moest aanmerken als naturapakketpolissen met negatieve consequenties voor de solvabiliteit van Yarden.

2.9.

Yarden heeft op 26 november 2018 De Nederlandse Bank (DNB) bericht dat de SCR (Solvency Capital Requirement) en de MCR (Minimum Capital Requirement) (ver) onder de wettelijke ondergrens van 100% is gedaald. In reactie daarop heeft DNB Yarden bij brief van 26 november 2018 verzocht het herstelplan op te stellen. DNB heeft op 25 maart 2019 [A] op grond van artikel 1:76 2 sub b Wft benoemd tot ‘stille curator’. DNB heeft Yarden bij brief van 28 mei 2019 (uiteindelijk) laten weten in te stemmen met het herstelplan. DNB heeft Yarden vervolgens tot 26 augustus 2019 uitstel verleend om tot implementatie van de op grond van het herstelplan te nemen maatregel(en) over te gaan. Bij brief van 11 september 2019 heeft DNB een toelichting gegeven omtrent de beoordeling en instemming van het herstelplan. Daarin is onder meer het volgende opgenomen:

“(..) In november 2018 heeft Yarden DNB formeel geïnformeerd dat zij niet meer aan de

SCR voldeed. Yarden heelt vervolgens haar (SCR-)herstelplan bij DNB ingediend. Kern van dit herstelplan is de toepassing van en-bloc clausules (EBC) In polisvoorwaarden voor ongeveer 400.000 natura-uitvaartpakketverzekeringen. Bij onderzoek van Yarden was namelijk gebleken dat in het merendeel van de thans geldende polisvoorwaarden van deze verzekeringen een EBC was opgenomen. (..)

Bij de beoordeling van het herstelplan heeft DNB gekeken naar de juridische houdbaarheid van de in dat plan opgenomen en-bloc-wijziging. Het is bij de toepassing van een EBC niet onaannemelijk dat polishouders zich daar tegen verzetten. Naar de toepassing van deze clausules is ook nadrukkelijk gekeken door Yarden zelf, juristen van DNB, externe adviseurs van DNB en de DNB directie. De adviezen van de advocatenkantoren geven aan dat voldoende is beargumenteerd dat de wijze waarop Yarden de EBC toepast in de financiële situatie waarin Yarden verkeert (en alternatieven ontbreken - zie ook bij onderdeel 2) civielrechtelijk houdbaar wordt geacht. Hiervoor bestaan echter geen garanties. (..)

Bij Yarden is in 2007 ook een beroep op een EBC gedaan. Deze maatregel is in 2018 teruggedraaid omdat die EBC niet rechtsgeldig was ingevoerd. Yarden kon niet aantonen dat deze clausule eerder door de polishouders was aanvaard, waardoor die clausule ook niet kon worden toegepast. Yarden heeft in het kader van het herstelplan een beroep gedaan op EBC uit reeds bestaande algemene voorwaarden, waarvan niet ter discussie staat dat deze rechtsgeldig in die voorwaarden zijn opgenomen. Zoals hiervoor aangegeven bleek Yarden na nader onderzoek (in 2018) dat het merendeel van de polisvoorwaarden van de naturauitvaartpakketverzekeringen een EBC bevatten. De 'maatregel' uit 2007 en de in het herstelplan opgenomen maatregel zijn dus niet met elkaar te vergelijken.

Het herstelplan leidt tot het weer voldoen aan de MCR- en SCR-eis. (..)

Ad 4. Yarden heeft zelf het besluit genomen om de EBC als enige mogelijke hersteloptie in het herstelplan op te nemen. Als DNB niet had kunnen instemmen met een herstelplan {of geen herstelplan was ingediend) en Yarden niet binnen de wettelijke termijn aan de MCR-eis had voldaan, had DNB op enig moment de vergunning van Yarden moeten intrekken (artikel 1:104, lid 2 Wft). In dat geval had het verzekeringsbedrijf van Yarden binnen een door DNB te bepalen termijn moeten worden afgewikkeld of was afwikkeling van Yarden door DNB of het aanvragen van het faillissement van Yarden door DNB in beeld gekomen.

2.10.

Bij brief van 1 juli 2019 zijn de polishouders door Yarden aangeschreven, waarbij is medegedeeld dat de naturapakketpolissen eenzijdig worden aangepast, waarbij vanaf 1 januari 2020 de jaarlijkse kostenstijgingen van de diensten en producten voor eigen rekening van de polishouders komen:

Datum: 1 juli 2019 Onderwerp:

Belangrijk nieuws over uw uitvaartverzekering Geachte [Ktr.: verzekerde],

U heeft een uitvaartverzekering bij Yarden Uitvaartverzekeringen N.V. (hierna: Yarden). Deze brief en de meegestuurde folder bevatten belangrijke informatie over uw verzekering. (... )

Wat is de situatie?

A. Uw pakketpolis is niet omgezet in een sommenpolis

In 2007 heeft Yarden u laten weten dat uw uitvaartverzekering is omgezet van een pakketpolis naar een sommenpolis. Het is Yarden gebleken dat deze omzetting niet volgens de polisvoorwaarden heeft plaatsgevonden. Dat betekent dat u nog altijd uw pakketpolis A.VVL 1993 [Ktr.: of ... , of ... ] met polisnumme ( ... ) heeft.

B. Yarden is onvoldoende solvabel

De solvabiliteit van Yarden is op dit moment niet voldoende. Dat betekent dat Yarden niet genoeg financiële buffers heeft voor de lange termijn. Een belangrijke oorzaak daarvan is dat u en zeer veel andere polishouders nog steeds een pakketpolis blijken te hebben. De kosten van de diensten en producten in de pakketten zijn de afgelopen jaren gestegen en zullen in de toekomst verder stijgen. Daardoor komt Yarden in de toekomst voor hoge uitgaven te staan die niet kunnen worden betaald uit beleggingsopbrengsten of uw premie. Andere oorzaken voor de ontoereikende solvabiliteit zijn de lage rentestand en nieuwe regelgeving (Solvency Il).

Yarden moet maatregelen nemen om haar solvabiliteit te versterken.

Daarom heeft Yarden besloten de rechten van uw pakketpolis te beperken. Dat betekent concreet dat kostenstijgingen van de diensten en producten in uw pakket vanaf 1 januari 2020 voor uw eigen rekening komen. Deze kostenstijgingen worden in ieder geval veroorzaakt door inflatie. Daarnaast is het mogelijk dat de kosten door andere oorzaken sterker stijgen dan de inflatie, bijvoorbeeld als Yarden bepaalde inkoopvoordelen verliest.

Wat betekent dit voor u?

U heeft nog steeds uw pakketpolis bij Yarden. Bijgevoegd ontvangt u uw polisblad, het overzicht van de diensten en producten in uw pakket (AVVL Uitvaartzorg NV 1993 Omschrijving van Rechten) [Ktr.: of... , of... ] en de Algemene Voorwaarden van Verzekering door AVVL Uitvaartzorg Natura Verzekering 1993 die van toepassing zijn op uw polis.

De voorwaarden van uw pakketpolis zijn gewijzigd. Vanaf 1 januari 2020 komen de jaarlijkse kostenstijgingen van de diensten en producten in uw pakket voor uw eigen rekening. In de meegestuurde folder lichten we dit toe aan de hand van een rekenvoorbeeld. In december van ieder jaar wordt u geïnformeerd over de hoogte van de kostenstijgingen voor het komende jaar.

U heeft in het verleden bezwaar gemaakt tegen de omzetting van uw pakketpolis in een sommenpolis. Yarden heeft u daarop toegezegd dat na uw overlijden uw nabestaanden kunnen kiezen voor uw pakket óf voor een som (= bedrag). Met de som kunnen onderdelen van uw uitvaart worden betaald. Hoewel u een pakketpolis heeft. blijft die keuzemogelijkheid bestaan.

Voor andere polis(sen) die u eventueel bij Yarden heeft en die geen pakketpolis zijn, verandert er niets.

Moet u iets doen?

De verzekerde waarde van uw pakket bedraagt € 3.201.

Na uw overlijden wordt vastgesteld welke diensten en producten in uw pakket voor de verzekerde waarde kunnen worden uitgevoerd. Als uw verzekerde waarde niet voldoende is om deze diensten en producten te betalen, dient het verschil bijbetaald te worden. Er kunnen ook diensten en producten weggelaten worden, zodat er minder of niets bijbetaald hoeft te worden.

U heeft de volgende drie mogelijkheden:

U reserveert een bedrag voor de kostenstijgingen

(...)

U doet niets

Na uw overlijden wordt in overleg met Yarden uitvaartverzorger vastgesteld welke diensten en producten van uw pakket voor de verzekerde waarde kunnen worden uitgevoerd.

A. U zegt uw polis op

De afkoopwaarde van uw polis bedraagt op 1 juli 2019 € ......... (... ).

Mag Yarden deze verandering zomaar doorvoeren?

Om de solvabiliteit te versterken is het noodzakelijk om de rechten van de polishouders te beperken. Yarden heeft daarom besloten om kostenstijgingen vanaf 1 januari 2020 voor rekening van u en alle andere pakketpolishouders te brengen. Yarden mag deze noodzakelijke verandering in uw pakketpolis doorvoeren omdat dit gebeurt in overeenstemming met de wet en met artikelen 4.5 (... ) uit uw polisvoorwaarden. Het daarin neergelegde wijzigingsbeding maakt het mogelijk om de rechten van een grote groep polishouders te beperken.

Yarden maakt hierbij gebruik van deze mogelijkheid. De algemene vergadering van aandeelhouders van Yarden heeft daarmee ingestemd.

2.11.

In de folder ‘extra uitleg polisvoorwaarden’ is het volgende opgenomen:

“(..)Een rekenvoorbeeld

Stel:

• Een polishouder heeft in1993 een pakketpolis afgesloten

• Deze pakketpolis heeft een verzekerde waarde van € 3.200

• De polishouder komt te overlijden in 2030

• De jaarlijkse kostenstijgingen tussen 2020 en 2030 bedragen 1,75%

De prijs van het pakket in 2030 is door de kostenstijgingen gestegen naar € 3.873.

Dan kan bij overlijden van de polishouder:

• Het verschil tussen de pakketpolis in 2030 (€ 3.873) en de verzekerde waarde (€ 3.200)=totaal € 673 worden bijbetaald om het volledige pakket te behouden.

of

• In overleg met de Yarden uitvaartverzorger worden bepaald welke diensten en producten uit het pakket voor de verzekerde waarde kunnen worden uitgevoerd. Er zal in dat geval voor € 673 aan diensten en producten uit het pakket weggelaten moeten worden. (..)

2.12.

Bij uitspraak van 26 augustus 2020 heeft het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid) de klacht van een aantal polishouders bij Yarden afgewezen en onder meer overwogen:

“(..) 3.7 Gelet op alle feiten en omstandigheden is naar het oordeel van de Commissie het belang van Consument bij ongewijzigde voorzetting van de Verzekering, niet onevenredig hard geschaad door de opgelegde beperking van zijn rechten, ten opzichte van het belang van Verzekeraar om met de getroffen maatregel te kunnen voldoen aan de wettelijke solvabiliteitseisen. Het belang van Verzekeraar bij continuïteit van zijn onderneming dient immers in dit geval ook het belang van Consument. De conclusie is derhalve dat onder bovengenoemde omstandigheden een beroep op de en-bloc-bepaling naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is. (..)

3 Het geschil

4 De beoordeling

5 De beslissing