Rechtbank Midden-Nederland, 14-09-2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:4434, 16/021704-21 (P)
Rechtbank Midden-Nederland, 14-09-2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:4434, 16/021704-21 (P)
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 14 september 2021
- Datum publicatie
- 14 september 2021
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2021:4434
- Zaaknummer
- 16/021704-21 (P)
Inhoudsindicatie
GGD-datadiefstal. Het gebruikmaken van een rechtmatig verkregen wachtwoord met een ander doel dan het uitvoeren van de aan verdachte toebedeelde werkzaamheden levert een valse sleutel in de zin van art. 138ab Sr op. De rechtbank veroordeelt verdachte voor computervredebreuk tot een gevangenisstraf voor de duur van 60 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 34 dagen voorwaardelijk en een taakstraf van 180 uren.
Uitspraak
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/021704-21 (P)
Vonnis van de meervoudige kamer van 14 september 2021
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren op [1998] te [geboorteplaats] ,
wonende aan de [adres] te [woonplaats] ,
hierna: verdachte.
1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 4 mei 2021 en 31 augustus 2021.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. N.T.R. M. Franken en van hetgeen verdachte en zijn raadsvrouw, mr. K. Kuster, advocaat te Rotterdam, naar voren hebben gebracht.
2 TENLASTELEGGING
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
primair: in de periode van 4 januari 2021 tot en met 23 januari 2021 te Alblasserdam en/of Amsterdam en/of Utrecht alleen of samen met anderen computervredebreuk heeft gepleegd en vervolgens persoonsgegevens heeft overgenomen uit het CoronIT-systeem;
subsidiair: in de periode van 4 januari 2021 tot en met 23 januari 2021 te Alblasserdam en/of Amsterdam en/of Utrecht alleen of samen met anderen persoonsgegevens heeft overgenomen uit het CoronIT-systeem.
3 VOORVRAGEN
De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.