Home

Rechtbank Midden-Nederland, 11-11-2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:4656, UTR 22/432

Rechtbank Midden-Nederland, 11-11-2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:4656, UTR 22/432

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
11 november 2022
Datum publicatie
7 februari 2023
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2022:4656
Zaaknummer
UTR 22/432

Inhoudsindicatie

afvalstofheffing, zuiveringsheffing, tijdens verbouwing is eiser wel gebruiker van het perceel, beroep op vertrouwensbeginsel slaagt niet, beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 22/432

[eiser] , uit [woonplaats 1] , eiser

en

de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (verweerder)

(gemachtigde: mr. B. Boersma).

Inleiding

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van verweerder van 9 december 2021.

Verweerder heeft aan eiser voor het belastingjaar 2019 voor het perceel aan de [adres 1] in [woonplaats 2] de aanslagen afvalstofheffing en zuiveringsheffing opgelegd.

Verweerder heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. Verweerder heeft daarbij de aanslagen gehandhaafd.

Verweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 25 oktober 2022 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigde van verweerder.

Feiten

1. Aan eiser is voor het belastingjaar 2019 voor de woning aan de [adres 1] in [woonplaats 2] een aanslag afvalstofheffing voor een eenpersoonshuishouden en een aanslag zuiveringsheffing uitgaande van één vervuilingseenheid opgelegd (de aanslagen).

2. Eiser is het onderhavige jaar eigenaar van de woning aan de [adres 1] , maar staat in de Basisregistratie Personen (BRP) ingeschreven op de [adres 2] in [woonplaats 1] .

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep