Rechtbank Midden-Nederland, 21-12-2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:5905, 22/624
Rechtbank Midden-Nederland, 21-12-2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:5905, 22/624
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 21 december 2022
- Datum publicatie
- 3 maart 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2022:5905
- Zaaknummer
- 22/624
Inhoudsindicatie
De heffingsambtenaar heeft eiser terecht voor een telefonische hoorzitting uitgenodig. Als eiser een fysieke hoorzitting had gewenst, had het op zijn weg gelegen om daarom te verzoeken. Mondelinge uitspraak beroep is ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/624
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 december 2021 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
(gemachtigde: V. Quacken),
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht (de heffingsambtenaar )
(gemachtigde: W.G. Vos).
Inleiding
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 21 december 2021.
De heffingsambtenaar heeft aan eiser op 9 maart 2021 een naheffingsaanslag parkeerbelasting met aanslagnummer [aanslagnummer] opgelegd van € 69,69 wegens het parkeren met auto, merk Volkswagen kenteken [kenteken] , op een zogenaamde gefiscaliseerde parkeerplaats, zonder dat de verschuldigde parkeerbelasting was voldaan.
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 21 december 2022 op zitting behandeld door middel van een Teams-beeldverbinding. Hieraan heeft de gemachtigde van de heffingsambtenaar deelgenomen. De gemachtigde van eiser is met bericht van verhindering niet verschenen. Eiser is zelf ook niet verschenen.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.