Rechtbank Midden-Nederland, 11-05-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:2271, UTR 22/5016
Rechtbank Midden-Nederland, 11-05-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:2271, UTR 22/5016
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 11 mei 2023
- Datum publicatie
- 2 juni 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:2271
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2024:5782, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- UTR 22/5016
Inhoudsindicatie
WOZ-waarde van een woning. Beroep ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/5016
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
(gemachtigde: mr. A. Bakker),
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap [gemeente] (de heffingsambtenaar), verweerder
(gemachtigde: mr. W.G. Vos).
Inleiding
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de hoogte van de WOZ-waarde van de woning aan de [adres 1] in [woonplaats] (de woning).
De heffingsambtenaar heeft met de beschikking van 28 februari 2022 op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de WOZ-waarde van de woning vastgesteld op € 679.000,-. De waarde is vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2021 en geldt voor het kalenderjaar 2022. De heffingsambtenaar heeft bij deze beschikking aan eiser als eigenaar van de woning ook een aanslag onroerendezaakbelastingen en een aanslag watersysteemheffing opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
Met de uitspraak op bezwaar van 20 september 2022 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiser tegen de beschikking van 28 februari 2022 ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift en een taxatiematrix ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 4 april 2023 op een online zitting behandeld. Namens eiser was zijn gemachtigde aanwezig. De heffingsambtenaar heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, bijgestaan door taxateur [A] .
Het geschil
1. Eiser is eigenaar van de woning. De woning is een in 1929 gebouwde twee-onder-één-kapwoning. De woning heeft een gebruiksoppervlakte van 146 m2 en een kaveloppervlakte van 240 m2.
2. Partijen zijn het niet eens over de waarde van de woning. Volgens eiser is de waarde te hoog vastgesteld en kan de waarde niet hoger zijn dan € 601.000,-. De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 679.000,-.