Rechtbank Midden-Nederland, 11-05-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:2275, UTR 23/182
Rechtbank Midden-Nederland, 11-05-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:2275, UTR 23/182
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 11 mei 2023
- Datum publicatie
- 2 juni 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:2275
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHARL:2024:3925, Bekrachtiging/bevestiging
- Zaaknummer
- UTR 23/182
Inhoudsindicatie
WOZ-waarde van een woning. De op de zaak betrekking hebbende stukken. Indexering. Beroep ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/182
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
(gemachtigde: mr. A. Bakker),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] (de heffingsambtenaar), verweerder
(gemachtigde: B.A. Schras).
Inleiding
In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de hoogte van de WOZ-waarde van de woning aan de [adres 1] in [woonplaats] (de woning).
De heffingsambtenaar heeft met de beschikking van 31 maart 2022 op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de WOZ-waarde van de woning vastgesteld op € 269.000,-. De waarde is vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2021 en geldt voor het kalenderjaar 2022. De heffingsambtenaar heeft bij deze beschikking aan eiser als eigenaar van de woning ook een aanslag onroerendezaakbelastingen en een aanslag watersysteemheffing opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
Met de uitspraak op bezwaar van 29 november 2022 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiser tegen de beschikking van 31 maart 2022 ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift en een taxatiematrix ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 4 april 2023 op een online zitting behandeld. Namens eiser was zijn gemachtigde aanwezig. De heffingsambtenaar heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, bijgestaan door taxateur [A] .
Het geschil
1. Eiser is eigenaar van de woning. De woning is een in 1896 gebouwde hoekwoning met een berging. De woning heeft een oppervlakte van 83 m2 en een kaveloppervlakte van 77 m2.
2. Partijen zijn het niet eens over de waarde van de woning. Volgens eiser is de waarde te hoog vastgesteld en kan de waarde niet hoger zijn dan € 233.000,-. Daarnaast heeft eiser gesteld dat de heffingsambtenaar in strijd met de wet niet alle stukken aan hem heeft gestuurd en dat niet inzichtelijk is gemaakt hoe de verkoopcijfers zijn geïndexeerd. De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 269.000,-.