Rechtbank Midden-Nederland, 27-09-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:5118, UTR 22/4304
Rechtbank Midden-Nederland, 27-09-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:5118, UTR 22/4304
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 27 september 2023
- Datum publicatie
- 11 oktober 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:5118
- Zaaknummer
- UTR 22/4304
Inhoudsindicatie
Artikel 15 AVG. Inzageverzoek persoonsgegevens in de FSV-lijst. De rechtbank oordeelt dat de minister naar behoren heeft gereageerd op het inzageverzoek AVG en dat de reden van de opname van eiseres op de FSV-lijst voldoende is toegelicht. Het onderzoeksrapport van PwC waar eiseres zich op beroept, is een algemeen rapport dat niet concreet ziet op de situatie van eiseres. De conclusies uit dat onderzoeksrapport onderbouwen daarom niet dat eiseres mede vanwege haar afkomst of die van haar familieleden, of haar (buitenlandse) huwelijk in de FSV is opgenomen of is gecontroleerd bij haar aangifte inkomstenbelasting. Er is niet gebleken dat de belastingdienst persoonsgegevens van eiseres uit de FSV met derden heeft gedeeld. Het inzageverzoek behelst geen verszoen om schadevergoeding. Hierover neemt de minister nog een apart belsuit. Eiseres heeft op grond van art 8:73 (oud) Awb ook geen recht op schadevergoeding, omdat het besluit over het inzageverzoek niet onrechtmatig is.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 22/4304
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
(gemachtigde: mr. E.H.J. aan de Stegge),
en
de minister van Financiën, de minister
(gemachtigden: mr. M.A.N. van de Kerkhof en mr. L. Woudenberg).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen het besluit over het verzoek op grond van de AVG1 om inzage in haar persoonsgegevens, die zijn opgenomen in de Fraude Signalering Voorziening (FSV). Uit het dossier blijkt dat er ook andere kwesties ten aanzien van eiseres spelen, zoals bijvoorbeeld een aanmelding bij Toeslagenherstel. Daar heeft dit beroep geen betrekking op.
De minister heeft met het besluit van 21 januari 2022 informatie aan eiseres over de in de FSV verwerkte persoonsgegevens verstrekt. Met het bestreden besluit van 22 juni 2022 op het bezwaar van eiseres is de minister bij dit besluit gebleven.
De minister heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
Eiseres heeft aanvullende stukken overgelegd en aanvullende gronden ingediend.
De minister heeft op verzoek van de rechtbank nog stukken overgelegd.
De rechtbank heeft het beroep op 25 mei 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigden van de minister.