Home

Rechtbank Midden-Nederland, 31-01-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:685, UTR 22/3388

Rechtbank Midden-Nederland, 31-01-2023, ECLI:NL:RBMNE:2023:685, UTR 22/3388

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
31 januari 2023
Datum publicatie
21 maart 2023
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2023:685
Zaaknummer
UTR 22/3388

Inhoudsindicatie

WOZ-waarde beroep ongegrond

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 22/3388

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

en

de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente 1] (de heffingsambtenaar)

(gemachtigde: A.L.M. Keeris).

Inleiding

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de hoogte van de WOZ-waarde van de onroerende zaak aan [adres 1] in [gemeente 2] .

De heffingsambtenaar heeft de WOZ-waarde met de aanslag van 21 februari 2022 vastgesteld op € 468.000,-. De waarde is vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2021 en geldt voor het kalenderjaar 2022. Met deze waardevaststelling is aan eiseres ook de aanslag onroerendezaakbelastingen voor het jaar 2022 opgelegd.

De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van eiseres in de uitspraak op bezwaar van

2 juni 2022 ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de waarde van de onroerende zaak gehandhaafd.

De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 22 november 2022 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres en de gemachtigde van de heffingsambtenaar.

Feiten

Conclusie

Beslissing

Informatie over hoger beroep