Rechtbank Midden-Nederland, 30-04-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:2846, UTR 23/3639
Rechtbank Midden-Nederland, 30-04-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:2846, UTR 23/3639
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 30 april 2024
- Datum publicatie
- 21 mei 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2024:2846
- Zaaknummer
- UTR 23/3639
Inhoudsindicatie
WOZ. Recreatiechalet. Vergelijkingsmethode. Toestandsdatum, waardestijging, (nuts)voorzieningen en ligging, naastgelegen percelen. Beroep ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/3639
[eiser] , uit [plaats 1] , eiser
en
Gemeentebelastingen [gemeente 1] , verweerder
(gemachtigde: T. Wildenbeest).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de hoogte van de WOZ-waarde van de onroerende zaak aan de [adres 1] in [plaats 2] (het object).
De heffingsambtenaar heeft met de beschikking van 30 april 2022 op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de WOZ-waarde vastgesteld op€ 183.000,-. De waarde is vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2021 met inachtneming van de toestandsdatum 1 januari 2022 en geldt voor het belastingjaar 2022. De WOZ-beschikking is opgenomen in het aanslagbiljet van dezelfde datum. In dit aanslagbiljet heeft de heffingsambtenaar aan eiser als eigenaar van de woning ook een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd. De WOZ-waarde is daarvoor als heffingsmaatstaf gehanteerd.
De heffingsambtenaar heeft met de uitspraak op bezwaar van 29 november 2022 (de bestreden uitspraak) het bezwaar ongegrond verklaard en de waarde van de woning en de daarop gebaseerde aanslag gehandhaafd.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de bestreden uitspraak. De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
Het beroep is behandeld op de online zitting van 7 februari 2024. Eiser was daarbij aanwezig. De heffingsambtenaar heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, vergezeld door [taxateur] , taxateur.