Home

Rechtbank Midden-Nederland, 25-10-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:6174, UTR 22/3276, UTR 22/3277

Rechtbank Midden-Nederland, 25-10-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:6174, UTR 22/3276, UTR 22/3277

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
25 oktober 2024
Datum publicatie
27 november 2024
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2024:6174
Zaaknummer
UTR 22/3276, UTR 22/3277

Inhoudsindicatie

Bartels, Woz, restaurant en woning, hwk en vergelijkingsmethode. Gegrond en IMSV van 500 euro per half jaar vanwege de jurisprudentie van de HR. Vergoeding pkv en griffierecht cnfm jurisprudentie HR.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 22/3276, UTR 22/3277

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 oktober 2024 in de zaak tussen

[eiseres] ., uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. D.A.N. Bartels MRE)

en

de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap [gemeente] , verweerder

(gemachtigde: mr. M.F.M. Boerlage).

Verder heeft als partij aan de zaak deelgenomen:

de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de WOZ-waarden van de onroerende zaken aan de [adres 1] (UTR 22/3276) en [adres 2] (UTR 22/3277) in [plaats] (de objecten).

1.1

In de beschikking van 28 februari 2021 (het primaire besluit) heeft de heffingsambtenaar op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waarde van de objecten voor het belastingjaar 2021 vastgesteld op € 180.000,- voor [adres 1] en op € 104.000,- voor [adres 2] naar de waardepeildatum 1 januari 2020. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiseres als eigenaar van de objecten ook een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.

1.2

Eiseres heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. In de uitspraak op bezwaar van 14 april 2022 heeft de heffingsambtenaar de waarde van de objecten en de aanslag gehandhaafd.

1.3

Eiseres heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift met een taxatiematrix ingediend.

1.4

Het beroep is behandeld op de online zitting van 16 september 2024. Verschenen zijn: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de heffingsambtenaar samen met [taxateur 1] en [taxateur 2] , taxateurs.

Feiten

Beoordeling door de rechtbank

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep