Rechtbank Midden-Nederland, 08-02-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:682, UTR 23/1677
Rechtbank Midden-Nederland, 08-02-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:682, UTR 23/1677
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 8 februari 2024
- Datum publicatie
- 29 februari 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2024:682
- Zaaknummer
- UTR 23/1677
Inhoudsindicatie
Legesverordening. Mondelinge uitspraak. De heffingsambtenaar heeft terecht leges in rekening gebracht, maar voor een te hoog bedrag. Beroep gegrond.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/1677
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 februari 2024 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Soest
(gemachtigde: mr. B.W.B.M. van den Bosch).
Inleiding
1. Eiser heeft op 5 september 2022 een omgevingsvergunning aangevraagd voor een nieuwbouwwoning aan de [adres] in [plaats] . Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest (het college) heeft deze omgevingsvergunning verleend.
Naar aanleiding van deze aanvraag heeft de heffingsambtenaar 30 december 2022 aan eiser een aanslag in de leges met kenmerk [nummer] opgelegd (de aanslag), in verband met het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning.
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen deze aanslag. De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van eiser op 27 januari 2023 (de uitspraak op bezwaar) ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de aanslag gehandhaafd.
Eiser is in beroep gegaan. De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 8 februari 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de heffingsambtenaar, vergezeld door [A] .
Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.