Home

Rechtbank Midden-Nederland, 24-12-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:7231, C/16/584615 / KG ZA 24-586

Rechtbank Midden-Nederland, 24-12-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:7231, C/16/584615 / KG ZA 24-586

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
24 december 2024
Datum publicatie
3 januari 2025
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2024:7231
Zaaknummer
C/16/584615 / KG ZA 24-586

Inhoudsindicatie

Kort geding. Uitleg eis in aanbestedingsstukken. Slechts 1 uitleg mogelijk, sprake van transparante eis.

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats Utrecht

Zaaknummer: C/16/584615 / KG ZA 24-586

Vonnis in kort geding van 24 december 2024

in de zaak van

[eiseres] B.V.,

statutair gevestigd te [plaats 1] en kantoorhoudende te [plaats 2] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiseres] ,

advocaat: mr. E.J. Kuper,

tegen

1 [gedaagde sub 1] , MEDE H.O.D.N. [handelsnaam 1] ,statutair gevestigd en kantoorhoudende te [plaats 3] ,hierna te noemen: [handelsnaam 1] ,2. [gedaagde sub 2] MEDE H.O.D.N. [handelsnaam 2] ., hierna te noemen: [handelsnaam 2] .,statutair gevestigd en kantoorhoudende te [plaats 3] ,3. [gedaagde sub 3] H.O.D.N. [handelsnaam 3] , hierna te noemen: [handelsnaam 3] ,statutair gevestigd en kantoorhoudende te [plaats 3] ,

gedaagde partijen,

hierna samen te noemen: [handelsnaam 1] c.s.,

advocaat: mr. H.A.A. Berendsen,

met als tussenkomende partij:

[tussenkomende partij] B.V.,

statutair gevestigd te [plaats 4] ,hierna te noemen: [tussenkomende partij] ,advocaat: mr. C.A.M. Lombert-Buisman.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding,- de producties 1 tot en met 18 van [eiseres] ,- de conclusie van antwoord,- de producties 1 tot en met 12 van [handelsnaam 1] c.s.,- de incidentele conclusie tot primair tussenkomst en subsidiair voeging van [tussenkomende partij] .

1.2.

Op 12 december 2024 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden.

1.2.1.

Eerst is het incident van [tussenkomende partij] behandeld. Partijen verklaarden geen bezwaar tegen de tussenkomst te hebben. De voorzieningenrechter heeft daarna in een mondeling vonnis de tussenkomst van [tussenkomende partij] toegestaan en de proceskosten in het incident gecompenseerd in die zin dat elke partij de eigen kosten draagt.

1.2.2.

Vervolgens hebben partijen hun standpunten (verder) toegelicht, op elkaars standpunten gereageerd en vragen van de voorzieningenrechter beantwoord. De griffier heeft daarvan aantekeningen gemaakt.

1.2.3.

Aan het einde van de mondelinge behandeling is aan partijen meegedeeld dat er in beginsel op 24 december 2024 vonnis wordt gewezen.

2 Waar gaat dit kort geding over?

[handelsnaam 1] , [handelsnaam 2] ., en [handelsnaam 3] hebben samen een Europese openbare aanbesteding georganiseerd voor de levering van:- Computer Hardware (perceel 1), en

- Audiovisuele middelen met aanverwante dienstverlening (perceel 2). [eiseres] heeft samen met nog zes andere inschrijvers, onder wie [tussenkomende partij] , ingeschreven op perceel 2. In de voorlopige gunningsbeslissing van 5 november 20241 is aan [eiseres] bericht dat zij op de tweede plaats is geëindigd en dat perceel 2 voorlopig wordt gegund aan [tussenkomende partij] . [eiseres] is het daarmee niet eens en vordert in dit kort geding dat [handelsnaam 1] c.s. wordt geboden om: a. primair, de opdracht aan haar te gunnen, en

b. subsidiair, de opdracht opnieuw aan te besteden. De primaire vordering is gegrond op de stelling dat de inschrijving van [tussenkomende partij] niet voldoet aan een in de aanbestedingstukken gestelde minimumeis. De subsidiaire vordering is gegrond op de stelling dat sprake is van een niet transparante minimumeis. [handelsnaam 1] c.s. en [tussenkomende partij] voeren onder andere als verweer dat er maar één uitleg van de door [eiseres] gestelde minimumeis mogelijk is en wel de door hen bepleite uitleg. Het gaat in dit kort geding dus om uitleg van de aanbestedingsstukken.

3 De beoordeling

4 De beslissing