Rechtbank Midden-Nederland, 14-02-2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:390, 584527
Rechtbank Midden-Nederland, 14-02-2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:390, 584527
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 14 februari 2025
- Datum publicatie
- 28 februari 2025
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2025:390
- Zaaknummer
- 584527
Inhoudsindicatie
Kort geding. Voor tweede keer wordt Europese openbare aanbestedingsprocedure ingetrokken Toetsen aan Croce Amica. De opgegeven redenen missen feitelijke grondslag. Intrekking onrechtmatig. Wordt verbod opgelegd om aanbestedingsprocedure nog een keer in te trekken want in strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Gebod om opdracht voorlopig aan eiser te gunnen, tenzij aanbestedende dienst opdracht niet meer in de markt wil zetten.
Uitspraak
Civiel recht
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: C/16/584527 / KG ZA 24-582
Vonnis in kort geding van 14 februari 2025
in de zaak van
KVDM INFRA B.V.,
te Bleiswijk ,
eisende partij,
hierna te noemen: KVDM ,
advocaat: mr. R.J. Kwaak,
tegen
1 GEMEENTE OUDEWATER ,
te Oudewater,
hierna te noemen: Gemeente Oudewater ,2. GEMEENTE WOERDEN,
te Woerden,
hierna te noemen: Gemeente Woerden ,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: de Gemeenten ,
advocaten: mrs. D. Britsemmer en M.C.B. Beck.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de aan de Gemeenten betekende dagvaardingen,- de producties 1 tot en met 7 van KVDM , - de conclusie van antwoord,- de producties 1 en 2 van de Gemeenten ,- de mondelinge behandeling van 27 januari 2025, waar partijen mede aan de hand van een pleitnota hun standpunten hebben toegelicht en vragen van de voorzieningenrechter hebben beantwoord, en waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
2 Waarover gaat het kort geding?
Het gaat in dit kort geding om een intrekking van een door de Gemeenten samen georganiseerde Europese openbare aanbesteding voor het sluiten van een raamovereenkomst voor elementenonderhoud (hierna: de raamovereenkomst) voor een periode van 2 jaar met de mogelijkheid van verlenging met twee keer één jaar.1
Op deze aanbesteding is het Aanbestedingsreglement Werken 2016 (ARW 2016) van toepassing. Het juridisch kader waarbinnen de raamovereenkomst wordt aangegaan is de UAV-2012. Voor de opdracht (de raamovereenkomst) is een RAW-bestek opgesteld.
Het gunningscriterium van de aanbestedingsprocedure is de laagste prijs.
Er hebben 9 partijen, onder wie KVDM , op de door de Gemeenten georganiseerde aanbesteding ingeschreven. [Bedrijf A] B.V. (hierna: [Bedrijf A] ) is als winnaar uit de bus gekomen met een inschrijfprijs van € 1.896.518,2. [Bedrijf B] B.V. (hierna: [Bedrijf B] ) is tweede geworden met een inschrijfprijs van € 1.945.000,- en KVDM is2 als derde geëindigd met een inschrijfprijs van € 2.843.427,84.
De Gemeenten hebben de raamovereenkomst op 7 juni 2024 voorlopig gegund aan [Bedrijf A] .
Na die voorlopige gunningsbeslissing heeft [Bedrijf A] aan de Gemeenten laten weten dat het voor haar onmogelijk is om de opdracht uit te voeren. Ook [Bedrijf B] heeft laten weten niet meer in staat te zijn om de raamovereenkomst te sluiten.
De Gemeenten hebben de aanbestedingsprocedure daarna op 10 juli 2024 ingetrokken, en hebben daarvoor de volgende motivering gegeven:
“ De aanbestedende dienst heeft moeten constateren dat thans onvoldoende zekerheid bestaat op een verantwoorde uitvoering van de opdracht die leidt tot het gewenste resultaat. Gelet op het feit dat de aanbestedende dienst op grond van artikel 1.4 lid 2 Aanbestedingswet 2012 verplicht is om zorg te dragen voor zo veel mogelijk maatschappelijke waarde voor de publieke middelen, kiest de aanbestedende dienst voor een heraanbesteding en zal zij zich beraden over een nieuwe/gewijzigde aanbestedingsprocedure. Het besluit van de aanbestedende dienst om de aanbestedingsprocedure te trekken vindt zijn rechtvaardiging in het beginsel van contractsvrijheid. Daar komt bij dat de aanbestedende dienst zich in paragraaf 2.9 van de aanbestedingsleidraad het recht heeft voorbehouden om de aanbestedingsprocedure geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of definitief te stoppen. Door een inschrijving in te dienen heeft u met deze bepaling ingestemd.”
KVDM heeft daarop een kort geding tegen de Gemeenten aanhangig gemaakt. In dit kort geding is op 19 september 2024 vonnis3 gewezen. In dit vonnis zijn de Gemeenten :a. verboden om (verdere) uitvoering te geven aan de intrekkingsbeslissing van 10 juli 2024, enb. geboden om de aanbestedingsprocedure te vervolgen in de stand waarin deze zich bevindt.Het meer of anders door KVDM gevorderde, waaronder een gebod om de opdracht aan KVDM te gunnen, is afgewezen.
Er is geen hoger beroep tegen dit vonnis ingesteld. De termijn om dat te doen is verstreken.
De Gemeenten hebben daarna op 6 november 2024 een nieuwe intrekkings-beslissing genomen en hebben aangekondigd dat zij de raamovereenkomst door een heraanbesteding in de markt willen zetten.
KVDM komt in dit kort geding op tegen dit nieuwe intrekkingsbesluit (hierna: het intrekkingsbesluit). Dat moet volgens haar worden teruggedraaid, omdat het intrekkingsbesluit:a. in strijd is met het vonnis van 19 september 2024 en in feite een verkapt hoger beroep is, b. onrechtmatig is omdat het niet voldoet aan de eisen die in het Croce Amica arrest van het Europese Hof van Justitie4 worden gesteld. Volgens KVDM willen de Gemeenten de aanbestedingsprocedure alleen maar intrekken, omdat zij niet met KVDM in zee willen gaan en dat is in strijd met het gelijkheidsbeginsel.
KVDM vordert daarom in dit kort geding in de kern genomen dat De Gemeenten worden:1. verboden om: a. verdere uitvoering te geven aan het intrekkingsbesluit van 6 november 2024, b. de aanbestedingsprocedure daadwerkelijk in te trekken, c. over te gaan tot heraanbesteding,
2. primair, a. worden geboden om de raamovereenkomst (voorlopig) te gunnen aan KVDM door het toesturen van een onherroepelijke gunningsgbrief, en b. worden verboden om de raamovereenkomst aan een ander te gunnen dan KVDM ,subsidiair, worden geboden om: c. de aanbestedingsprocedure te vervolgen in de stand waarin deze zich bevindt met inachtneming van het in dit kort geding te wijzen vonnis, en
d. de gunningsbeslissing te nemen en mede te delen aan de inschrijvers,
3. verboden om een nieuw intrekkingsbesluit te nemen op nieuwe gronden.