Home

Rechtbank Midden-Nederland, 02-12-2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:7233, C/16/600089 / KG ZA 25-497

Rechtbank Midden-Nederland, 02-12-2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:7233, C/16/600089 / KG ZA 25-497

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
2 december 2025
Datum publicatie
13 januari 2026
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2025:7233
Zaaknummer
C/16/600089 / KG ZA 25-497

Inhoudsindicatie

Kort geding. Aanbesteding. Europese openbare aanbestedingsprocedure voor de levering van een verkeersmanagementsysteem. Winnaar voldoet aan de geschiktheidseis uit kerncompetentie 1. Tevens is er geen grond voor een heraanbesteding.

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats Utrecht

Zaaknummer: C/16/600089 / KG ZA 25-497

Vonnis in kort geding van 2 december 2025

in de zaak van

TECHNOLUTION B.V.,

gevestigd in Gouda,

eisende partij,

advocaat: mr. M.C. Pinto,

tegen

GEMEENTE UTRECHT,

zetelend in Utrecht,

gedaagde partij,

advocaten: mrs. A.C.M. Kusters en K.F. Carbaat,

met als tussenkomende partij

[tussenkomende partij] B.V.

(voorheen: [bedrijfsnaam] B.V.)

gevestigd in [vestigingsplaats] ,

tussenkomende partij,

advocaten: mrs. P.F.C. Heemskerk en B.C. Lievers.

Partijen zullen hierna Technolution, de gemeente en [bedrijfsnaam] worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 25 september 2025, met bijlagen;

- de akte houdende wijziging eis aan de zijde van Technolution, met bijlagen;- de conclusie van antwoord, met bijlage;

- de conclusie tot interventie;- de pleitnota van Technolution;- de pleitnota van de gemeente; en

- de pleitnota van [bedrijfsnaam] .

1.2.

De mondelinge behandeling is gehouden op 18 november 2025. Bij de mondelinge behandeling waren namens Technolution de heer [A] , [functie 1] bij Technolution bijgestaan door mr. Pinto aanwezig. Namens de gemeente waren de heer [B] , [functie 2] bij de gemeente, samen met mr. Kusters en mr. Carbaat aanwezig. Eveneens waren bij de mondelinge behandeling aanwezig de heer [C] , general counsel bij [bedrijfsnaam] , samen met mr. Heemskerk en mr. Lievers. Door en namens partijen zijn de standpunten, mede aan de hand van spreekaantekeningen, verder toegelicht en is antwoord gegeven op vragen van de voorzieningenrechter. Van de mondelinge behandeling heeft de griffier aantekeningen gemaakt.

1.3.

Daarna volgt dit vonnis.

2 De kern

De gemeente heeft een Europese openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd voor de levering van een multimodaal dynamisch verkeersmanagementsysteem (DVM-systeem) (hierna: de Opdracht). De gemeente is voornemens om de Opdracht te gunnen aan [bedrijfsnaam] . Technolution stelt zich primair op het standpunt dat niet tot gunning aan [bedrijfsnaam] kan worden overgegaan omdat [bedrijfsnaam] niet voldoet aan de geschiktheidseis zoals geformuleerd in kerncompetentie 1. Subsidiair stelt zij dat de uitleg van kerncompetentie 1 door de gemeente niet alle essentiële onderdelen van de Opdracht dekt, waardoor de Opdracht volgens Technolution moet worden heraanbesteed. De vorderingen van Technolution worden afgewezen, zoals hierna in dit vonnis wordt toegelicht.

3 De achtergrond

3.1.

De gemeente heeft de onder 2 genoemde aanbestedingsprocedure uitgewerkt in onder meer een inschrijvingsleidraad van 19 mei 2025 (hierna: de Inschrijvingsleidraad). Met de aanbesteding beoogde de gemeente met een opdrachtnemer een overeenkomst te sluiten voor de levering van het hiervoor genoemde DVM-systeem.

3.2.

Het DVM-systeem dat de gemeente wenst te verkrijgen is bedoeld om ingezet te kunnen worden voor de toenemende en veranderende mobiliteitsbehoefte als gevolg van gebiedsontwikkelingen in de stad Utrecht. Uit paragraaf 1.3. van de Inschrijvingsleidraad volgt dat de gemeente met dit systeem het verkeer (voetganger, fiets, openbaar vervoer en auto) wil sturen op basis van de actuele of de te verwachte verkeersituatie. Het systeem moet in dat verband de verkeersafwikkeling monitoren en automatisch ingrijpen om vooraf gestelde doelen te behalen.

3.3.

Om in aanmerking te kunnen komen voor gunning van de Opdracht diende een inschrijver op het moment van inschrijving aan de door de gemeente in de Inschrijvingsleidraad opgenomen geschiktheidseisen te voldoen. Deze geschiktheidseisen bestonden onder andere uit ervaringseisen met betrekking tot de vakbekwaamheid die door middel van een referentieopdracht moesten worden aangetoond. In dat licht heeft de gemeente in de Inschrijvingsleidraad een drietal kerncompetenties vastgesteld. Voor deze zaak is kencompetentie 1 van belang. In paragraaf 4.2.3 van de Inschrijvingsleidraad is dit als volgt geformuleerd:

Kerncompetentie 1: Ervaring met gecoördineerd regelen in de praktijk

U beschikt over ervaring met het in de praktijk in onderlinge samenhang gecoördineerd regelen van

voertuigafhankelijke regelingen van een netwerk in een stedelijke omgeving met minimaal vijf

Verkeersregelinstallaties (VRI’s).”

3.4.

Volgens paragraaf 3.1 van de Inschrijvingsleidraad diende een inschrijving terzijde te worden gelegd wanneer niet aan de genoemde geschiktheidseisen werd voldaan.

In paragraaf 3.1. van inschrijvingsleidraad staat voor zover van belang:

“ (...)3.1 Toetsen op geschiktheidseisen en uitsluitingsgronden

Na sluiting van de termijn voor het indienen van inschrijvingen begint de beoordeling. Eerst toetst de

gemeente uw inschrijving op de geschiktheidseisen en uitsluitingsgronden.

Voldoet u niet aan de gestelde geschiktheidseisen? Of is één van de uitsluitingsgronden van toepassing

op u, of op eventuele derden waarop u zich beroept om te voldoen aan de geschiktheidseisen? Dan wijst de gemeente uw inschrijving af. (...)”

3.5.

Twee partijen hebben op de Opdracht ingeschreven, te weten Technolution en [bedrijfsnaam] . Bij gunningsvoornemen van 4 september 2025 heeft de gemeente de Opdracht (voorlopig) aan [bedrijfsnaam] gegund. Technolution is als tweede geëindigd. Op twee van de drie gunningscriteria scoorde [bedrijfsnaam] aanmerkelijk beter, op één daarvan scoorden de inschrijvers hetzelfde, en op het prijscriterium scoorde [bedrijfsnaam] ook beter.

3.6.

Bij brief van 18 september 2025 heeft Technolution haar twijfels geuit over de vakbekwaamheid van [bedrijfsnaam] . Zij heeft de gemeente verzocht toe te lichten op welke wijze [bedrijfsnaam] een passende referentie voor kerncompetentie 1 heeft aangeleverd en de gemeente deze vervolgens positief heeft beoordeeld. Bij brief van 24 september 2025 heeft de gemeente Technolution medegedeeld dat zij na verificatie van de referentieopdracht geen aanleiding zag om te twijfelen aan de correctheid van de door [bedrijfsnaam] ingediende referentieopdracht.

Standpunt en vordering van Technolution

3.7.

Na kennisneming van het bericht van de gemeente van 24 september 2025 is Technolution van mening dat de gemeente ten onrechte stelt dat [bedrijfsnaam] aan kerncompetentie 1 uit de Inschrijvingsleidraad voldoet. Zij voert een tweetal redenen aan waarom niet tot gunning aan [bedrijfsnaam] kan worden overgegaan.

3.8.

Ten eerste stelt Technolution dat kerncompetentie 1 moet worden uitgelegd in het licht van de overige aanbestedingstukken. Om die reden komt er volgens haar betekenis toe aan de woorden “in de praktijk” die in kerncompetentie 1 zijn opgenomen. Het gaat er volgens Technolution om dat een inschrijver niet alleen ervaring moet hebben met het regelen van een innovatieomgeving, maar die regelingen ook in de praktijk heeft gebracht. Met andere woorden: er moet een koppeling zijn gemaakt met een verkeersregelinstallatie (VRI). Dat is de operationele omgeving waardoor een verkeerslicht daadwerkelijk op rood of groen springt. Volgens Technolution ontbeert [bedrijfsnaam] ervaring met die operationele koppeling en kan zij daardoor geen geldige referentieopdracht overleggen. Om die reden kan [bedrijfsnaam] niet aan kerncompetentie 1 voldoen, aldus Technolution.

3.9.

Ten tweede stelt Technolution dat wanneer de uitleg van de gemeente met betrekking tot kerncompetentie 1 wordt gevolgd niet kan worden achterhaald of de beoogde opdrachtnemer beschikt over de technische bekwaamheid die is vereist voor het uitvoeren van een essentieel onderdeel van de Opdracht, te weten de koppeling met de operationele omgeving. Volgens Technolution volgt uit de relevante Voorschriften uit de Gids proportionaliteit dat geschiktheidseisen moeten worden gesteld voor alle essentiële competenties die nodig zijn voor een goede uitvoering van de Opdracht. Dat heeft de gemeente met haar uitleg van kerncompetentie 1 nagelaten waardoor de gemeente de Opdracht volgens Technolution moet heraanbesteden.

3.10.

Gezien het voorgaande vordert Technolution– samengevat – dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de gemeente veroordeelt:

Primair

  1. te verbieden op basis van haar gunningsvoornemen tot gunning van de Opdracht over te gaan;

  2. te gebieden haar gunningsbeslissing in te trekken en de inschrijving van [bedrijfsnaam] terzijde te leggen;

  3. te gebieden, indien zij de Opdracht nog wenst te vergeven, over te gaan tot gunning aan Technolution;

Subsidiair

4. te gebieden over te gaan tot gedeeltelijke herbeoordeling van de inschrijvingen op de Opdracht;

Meer subsidiair

5. te gebieden, indien zij de Opdracht nog wenst te vergeven, over te gaan tot heraanbesteding van de Opdracht;

Voorwaardelijk

6. te verifiëren of gegevens uit de inschrijving van [bedrijfsnaam] met betrekking tot kerncompetentie vertrouwelijk zijn en, indien dat niet het geval is, deze gegevens aan Technolution te verstrekken;

Primair en subsidiair

7. tot betaling van een dwangsom van € 50.000,- per overtreding van elk gebod en verbod;

8. tot iedere andere maatregel in goede justitie te bepalen;

9. tot betaling van de proces- en nakosten.

Standpunt en verweer van de gemeente

3.11.

De gemeente stelt zich – kort gezegd – op het standpunt dat [bedrijfsnaam] bij inschrijving voldeed aan de gestelde geschiktheidseis uit kerncompetentie 1. Volgens de gemeente is met kerncompetentie 1 niet uitgevraagd dat uit de referentieopdracht moet blijken dat een inschrijver ervaring heeft met het daadwerkelijk aansturen van VRI’s. De gemeente meent dat [bedrijfsnaam] bij haar inschrijving een geldige referentieopdracht heeft overgelegd die vervolgens door de gemeente is gecontroleerd. De uitkomst van de die verificatie heeft niet tot enige twijfel over de juistheid van de referentie geleid. De gemeente stelt dat [bedrijfsnaam] daarmee aan kerncompetentie 1 voldoet en zij voor de Opdracht kwalificeert. Volgens de gemeente is er tevens geen grond voor een heraanbesteding van de Opdracht. Zij concludeert dan ook tot afwijzing van de vorderingen van Technolution.

Standpunt van [bedrijfsnaam]

3.12.

In aanvulling op het verweer van de gemeente heeft [bedrijfsnaam] nog het volgende naar voren gebracht. Volgens [bedrijfsnaam] heeft Technolution niet aannemelijk gemaakt dat er gerede twijfel bestaat over de geldigheid van haar ingediende referentieopdracht. Dat is wel een voorwaarde om de juistheid van een inschrijving te controleren. Desondanks is de gemeente tot verificatie overgegaan en heeft zij bij brief van 21 oktober 2025 de uitgevoerde controle volgens [bedrijfsnaam] inzichtelijk gemaakt en van een motivering voorzien. [bedrijfsnaam] meent dat het Technolution nu niet vrij staat om zelf nader onderzoek te doen via de controle van de gemeente. Van overlegging van nadere gegevens van haar referentieopdracht, zoals door Technolution gevorderd, kan volgens [bedrijfsnaam] geen sprake zijn.

4 De beoordeling

5 De beslissing