Rechtbank Noord-Holland, 28-12-2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:11227, C/15/240080/ HA ZA 16-133
Rechtbank Noord-Holland, 28-12-2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:11227, C/15/240080/ HA ZA 16-133
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 28 december 2016
- Datum publicatie
- 6 februari 2017
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2016:11227
- Formele relaties
- Hoger beroep: ECLI:NL:GHAMS:2020:747
- Zaaknummer
- C/15/240080/ HA ZA 16-133
Inhoudsindicatie
Eiser beroept zich jegens curator op eigendomsvoorbehoud. Overdracht onder eigendomsvoorbehoud moet ingevolge art. 3:92 BW worden beschouwd als een overdracht onder opschortende voorwaarde (van betaling). De opschortende voorwaarde gaat niet alleen in vervulling bij voldoening van de gesecureerde vordering door de schuldenaar zelf, maar ook bij voldoening van die vordering door een derde ongeachte of deze derde als gevolg van die betaling in de gesecureerde vordering wordt gesubrogeerd. Het eigendomsvoorbehoud kan dus niet worden beschouwd als een accessoir recht dat automatisch mee overgaat naar degene die de vordering door subrogatie heeft verkregen. Partijen kunnen evenwel anders overeenkomen.
Uitspraak
vonnis
Afdeling privaatrecht
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rolnummer: C/15/240080/ HA ZA 16-133
Vonnis van 28 december 2016
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EURETCO FINANCIAL SERVICES B.V.,
gevestigd te Hoevelaken, gemeente Nijkerk,eiseres,
advocaat mr. T.M. Schraven en B. Vermue te Tilburg,
tegen
1. Mr. R.A.A. GEENE, handelende in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PINOX BEHEER B.V.,2. Mr. R.A.A. GEENE, handelende in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van de vennootschap met beperkte aansprakelijkheid OKAY HOOGEVEEN B.V.3. Mr. R.A.A. GEENE (curator pro se),
wonende te Assen, gedaagden
advocaat mr. C. Borstlap en P.J. Antons te Zwolle.
Partijen zullen hierna Euretco en de curator worden genoemd.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
het tussenvonnis van 23 maart 2016
- -
-
het proces-verbaal van de comparitie van 27 oktober 2016.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Euretco is, evenals haar rechtsvoorgangster Intres BV, een dienstverlenende inkoop- en verkooporganisatie en staat ten dienste van voornamelijk detaillisten. Een van de belangrijkste diensten die Euretco verzorgt betreft de centrale betaling: Euretco voldoet aan de aan haar verbonden leveranciers de koopprijs van door afnemers bij deze leveranciers gekochte en door deze afgeleverde zaken.
Pinox Beheer B.V. (hierna: Pinox Beheer) en Okay Hoogeveen B.V. (hierna: Okay) maakten deel uit van een groep van vennootschappen, waarin Pinox Beheer een holdingmaatschappij is en Okay een werkmaatschappij, van waaruit dertien kledingzaken werden geëxploiteerd. Eén van de handelsnamen van Okay is Okay Fashion and Shoes.
Voornoemde vennootschappen zijn bij vonnissen van 1 juli 2014 in staat van faillissement verklaard, met benoeming van curator als curator in beide faillissementen.
Op 29 januari 1999 heeft Intres (de vennootschap) met Pinox B.V. (de ondernemer) een "aansluitingsovereenkomst" gesloten. Daarin is, voor zover relevant, bepaald:
"(...) Middels deze overeenkomst wenst de ondernemer zich als deelnemer aan te sluiten bij de vennootschap, gebruik te maken van haar diensten en zich te verbinden tot de nakoming van de daarbij geldende voorwaarden. (...) Artikel 2- Reikwijdte en persoon ondernemer. (...) 3. Indien zich een wijziging voordoet ten aanzien van de natuurlijke persoon of personen die de uiteindelijke zeggenschap heeft of hebben over de bedrijfsactiviteiten van de ondernemer, dan wel ten aanzien van de opzet en/of organisatie van de onderneming, waaronder begrepen veranderingen met betrekking tot een rechtspersoon waarvan de onderneming deel uit maakt, of overdracht van aandelen van zodanige rechtspersoon, is de ondernemer verplicht hiervan onmiddellijk aan de vennootschap kennis te geven. (...) Artikel 3 - Financiële verplichtingen.(...) 2. De ondernemer is ermee bekend dat de vennootschap ten behoeve van haar deelnemers met derden (verder te noemen leveranciers) overeenkomsten sluit van centrale betaling en gehoudenheid tot betaling (centrale betalingsovereenkomst). De ondernemer verklaart een voorbeeld van bedoelde centrale betalingsovereenkomst met een daarbij behorende toelichting te hebben ontvangen en van de inhoud daarvan kennis genomen te hebben. De uit deze centrale betalingsovereenkomst voor de ondernemer voortvloeiende verplichtingen aanvaardt hij hierbij. Hij verbindt zich jegens de vennootschap deze stipt te zullen nakomen. (...) 3. De vennootschap en de ondernemer komen overeen dat de vorderingen van de leverancier op de ondernemer, die de vennootschap op grond van genoemde centrale betalingsovereenkomst aan een leverancier voldoet, op het moment van voldoening door de vennootschap bij wijze van subrogatie overgaan op de vennootschap. 4. De ondernemer erkent bij voorbaat dat de leverancier de voorbehouden eigendom van de zaken, welke door hem met inachtneming van de centrale betalingsovereenkomst aan de ondernemer zijn afgeleverd, heeft overgedragen aan de vennootschap. De ondernemer erkent dat alle zaken, welke door de leverancier aan hem zijn geleverd onder beding van eigendomsvoorbehoud door hem zullen worden gehouden voor de vennootschap zodra bedoelde zaken bij hem zijn afgeleverd. (...) Artikel 6 - Centrale betaling 2. De overdracht door de leverancier aan de vennootschap van de voorbehouden eigendom overeenkomstig artikel 3 lid 4 wordt door de aflevering aan de ondernemer geëffectueerd en vervolgens door creditering van de desbetreffende factuur bij de leverancier en gelijktijdige debitering daarvan op de betalingsadviezen van de ondernemer. De eigendom van de aldus door de ondernemer gekochte zaken zal eerst op hem overgaan op het moment dat de ondernemer de verschuldigde koopprijs aan de vennootschap heeft betaald en voor het overige heeft voldaan aan de verplichtingen en/of voorwaarden die de contractleverancier in verband met het gemaakte eigendomsvoorbehoud heeft gesteld, waaronder begrepen verplichtingen wegens enig tekortschieten. (...)"
Blijkens een bijlage bij voormelde aansluitingsovereenkomst heeft Pinox lidnummer 1303 en zijn de ingeschreven vestigingen Okay Fashion & Shoes winkels te Hoogeveen, Veendam en Delfzijl.
Intres is op 13 februari 2013 door middel van een zuivere splitsing opgedeeld tussen drie vennootschappen, waaronder Euretco. De bedrijfsactiviteiten die zien op financiële dienstverlening en het centraal betalen zijn blijkens de splitsingsakte overgegaan op Euretco. Ook de accessoire rechten en het eigendomsrecht van geleverde zaken zijn overgegaan op Euretco.
Hoewel het aantal vestigingen van Okay in de loop der jaren is uitgebreid en de onderneming enkele keren is verhangen naar andere vennootschappen die deel uitmaken van de onder 2.2. genoemde groep vennootschappen, is de aansluitingsovereenkomst nooit aangepast. Desalniettemin betaalden ook de later opgerichte vestigingen van Okay die artikelen afnamen van bij Euretco aangesloten leveranciers via de rekening-courant die Pinox / Okay met Euretco had. Daarbij werd steeds gebruik gemaakt van het lidnummer 1303.
De bij Euretco aangesloten leveranciers bij wie Pinox / Okay afnam betroffen: It's Noize, Twin Life, Teidem B.V., Cak Textile, Jake Fischer / Chapmans Peak. Laatstgenoemde twee leveranciers maken gebruik van de Modint voorwaarden, de andere drie hanteren hun eigen algemene voorwaarden.
De algemene voorwaarden van Twin Life bevatten een eigendomsvoorbehoud dat alleen ziet op afgeleverde zaken (gewoon eigendomsvoorbehoud), terwijl de algemene voorwaarden van de andere leveranciers een eigendomsvoorbehoud bevatten dat ziet op alle door de leverancier geleverde of nog te leveren goederen (ruim eigendomsvoorbehoud). De Modint voorwaarden bepalen voorts dat het eigendomsvoorbehoud blijft gelden totdat dit zowel door betaling door een Retail Service Organisation (RSO) aan de verkoper en door betaling van de koper zelf aan de RSO volledig teniet is gegaan.
Na de faillietverklaring heeft de curator met toestemming van de rechter-commissaris de winkels voor de duur van maximaal zes weken open gehouden ten behoeve van liquidatieverkoop van de voorraden.
Op 4 juli 2014 heeft Euretco de curator laten weten dat zij een vordering heeft op Okay van € 67.291,50 incl. btw en een beroep gedaan op een eigendomsvoorbehoud ten aanzien van de aanwezige voorraad. Op 7 juli 2014 heeft Euretco haar vordering en het door haar ingeroepen eigendomsvoorbehoud nader onderbouwd.
De curator heeft op 11 juli 2014 opdracht gegeven om alle op dat moment in de winkels van faillieten aanwezige voorraad die onder het door Euretco gestelde eigendomsrecht zou kunnen vallen, te separeren en over te brengen naar het centrale magazijn in Hoogeveen. Een deel van de voorraad waarop Euretco een eigendomsrecht stelde te hebben, was toen al verkocht en daarmee was volgens de curator een opbrengst van € 57.433,- behaald.
Bij e-mail van 11 juli 2014 heeft de curator een eerder voorstel tot afkoop van het eigendomsvoorbehoud tegen betaling van 20% van de openstaande vordering door de boedel, ingetrokken. In plaats daarvan is aan Euretco aangeboden om voor de zaken die onder het eigendomsvoorbehoud vielen en tijdens de boedelperiode waren verkocht, de inkoopwaarde te voldoen na vaststelling van de omvang van de vordering en de overige onder het eigendomsvoorbehoud vallende goederen aan Euretco af te geven na ontvangst van een creditnota voor 100% van de inkoopwaarde en betaling van een boedelbijdrage van 7% van de inkoopwaarde van de af te geven zaken.
Bij e-mail van 18 juli 2014 heeft Euretco de boedelbijdrage ter discussie gesteld.
Op 8 augustus 2014 heeft de curator Euretco uitgenodigd de voorraden samen te inspecteren en te separeren en aan Euretco een aangepast voorstel ten aanzien van de boedelbijdrage gedaan. Euretco is niet op de uitnodiging ingegaan.
Bij e-mail van 12 augustus 2014 heeft de curator Euretco laten weten dat de inkoopwaarde van de voorraad is vastgesteld op € 76.538,-, terwijl de vordering van Euretco € 67.291,50 bedroeg. Euretco kon de voorraad komen ophalen in ruil voor een creditnota ter hoogte van haar vordering en betaling van de helft van het surplus, te weten € 4.523,25. Dit voorstel is door Euretco afgewezen.
Partijen hebben vervolgens nog meerdere e-mails gewijd aan het eigendomsvoorbehoud, maar zijn niet tot een oplossing gekomen anders dan dat de curator er op 25 september 2014 mee heeft ingestemd dat de voorraad getaxeerd zou worden. Die taxatie, van 10 oktober 2014, leidde tot een waarde van € 7.500,-.
Vervolgens hebben partijen wederom gecorrespondeerd over een oplossing, waarbij Euretco aanspraak heeft gemaakt op schadevergoeding bestaande uit de waarde van haar vordering minus de taxatiewaarde van de voorraad.
Bij e-mail van 26 november 2014 heeft de raadsman van Euretco aan de curator laten weten dat diens laatste voorstel voor Euretco niet aanvaardbaar was en de curator verzocht, conform zijn eerdere eigen voorstel, het bedrag van € 70.554,41 door de boedel ten behoeve van een mogelijke veroordeling jegens Euretco te separeren.
Bij e-mail van 12 december 2014 heeft de curator laten weten: "(...) Als overeengekomen garandeert de curator betaling van het bedrag van € 70.554,41 indien onomstotelijk komt vast te staan dat aan Euretco daadwerkelijk het door haar ingeroepen eigendomsvoorbehoud toekomt. (...)"
3 De vordering en het verweer
Euretco vordert een verklaring voor recht dat Euretco daadwerkelijk het door haar ingeroepen eigendomsvoorbehoud toekomt en veroordeling van de curator in zijn hoedanigheid dan wel pro se om aan Euretco te voldoen een bedrag van € 70.554,41 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 september 2014 alsmede de proceskosten inclusief de nakosten, beide vermeerderd met de wettelijke rente.
Daartoe voert Euretco het volgende aan. Euretco heeft op basis van een tussen haar en Pinox en/of Okay bestaande overeenkomst een eigendomsvoorbehoud op de door derde leveranciers, die ook een overeenkomst met Euretco, althans haar rechtsvoorgangster Intres, hebben, aan Pinox en/of Okay geleverde kleding. Pinox en Okay hebben de leveringen (grotendeels) onbetaald gelaten. Kort na het faillissement van Pinox en Okay heeft Euretco jegens de curator een beroep gedaan op het eigendomsvoorbehoud. De curator is desondanks doorgegaan met de verkoop van de betreffende kleding en heeft ondanks sommaties van Euretco nagelaten om zonder daaraan nadere voorwaarden te stellen, de betreffende kleding aan Euretco te retourneren of de opbrengst van de verkopen bij wijze van schadevergoeding aan Euretco af te staan. Aldus heeft de curator onrechtmatig gehandeld en is hij gehouden om Euretco, wier eigendomsrechten zijn geschonden, schadeloos te stellen. De vordering van Euretco kwalificeert als een boedelvordering nu is voldaan aan het toedoenvereiste uit HR 19 april 2013, JOR 2013, 224, terwijl de curator ook pro se aansprakelijk is indien en voor zover de boedel geen verhaal zou bieden. Euretco en de curator zijn overeengekomen dat een bedrag van € 70.554,41 zou worden gesepareerd en dat, indien het eigendomsvoorbehoud van Euretco zou komen vast te staan, dit bedrag zonder enige korting aan Euretco zou worden voldaan.
De curator heeft gemotiveerd verweer gevoerd. Deze verweren zullen bij de beoordeling aan de orde komen.