Home

Rechtbank Noord-Holland, 27-06-2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:5244, C/15/257253 / HA ZA 17-260

Rechtbank Noord-Holland, 27-06-2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:5244, C/15/257253 / HA ZA 17-260

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
27 juni 2018
Datum publicatie
28 juni 2018
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2018:5244
Zaaknummer
C/15/257253 / HA ZA 17-260

Inhoudsindicatie

Bestuurdersaansprakelijkheid. Selectieve betaling? Onrechtmatige daad?

Uitspraak

vonnis

Afdeling privaatrecht

Zittingsplaats Haarlem

zaaknummer / rolnummer: C/15/257253 / HA ZA 17-260

Vonnis van 27 juni 2018

in de zaak van

de coöperatie

COÖPERATIEVE RABOBANK U.A.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaat mr. G. Konings te Utrecht,

tegen

1 [gedaagde1],

wonende te [woonplaats],

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MARO BEHEER B.V.,

gevestigd te Haarlem,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

DE WIT BEHEER B.V.,

gevestigd te Haarlem,

gedaagden,

advocaat mr. A.P. Kranenburg te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Rabobank en [gedaagde1] c.s. genoemd worden, respectievelijk: [gedaagde1], Maro en De Wit Beheer.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het tussenvonnis van 19 april 2017

-

het proces-verbaal van comparitie van 15 mei 2018 en de daarin genoemde stukken.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Rabobank is financier van het Medisch Centrum Amstelveen (hierna: MCA), een privé kliniek voor laagcomplexe medische zorg.

2.2.

MCA bestaat uit de entiteiten Stichting MC Amstelveen (hierna: de Stichting), MC Amstelveen Holding B.V. en MC Amstelveen B.V. De Stichting incasseert de betalingen voor medische diensten die door de andere entiteiten binnen MCA worden verricht. MC Amstelveen Holding B.V. is bestuurder en 100% aandeelhouder van MC Amstelveen B.V.

2.3.

[gedaagde1] is bestuurder van de Stichting. [gedaagde1] is tevens bestuurder van De Wit Beheer, welke vennootschap bestuurder is van Maro alsmede 90% aandeelhoudster. Laatstgenoemde vennootschap is bestuurder van MC Amstelveen Holding B.V. Maro houdt 50% van de aandelen in MC Amstelveen Holding B.V.

2.4.

In 2011 en 2012 heeft Rabobank op grond van meerdere financieringsovereenkomsten een krediet van € 3.650.000,- aan MCA verstrekt.

2.5.

In dat kader zijn op 21 oktober 2011 en 2 november 2012 tussen Rabobank en de Stichting hoofdelijke schuldverbintenissen voor kredieten/geldleningen tot stand gekomen, op grond waarvan de Stichting jegens Rabobank hoofdelijk aansprakelijk is voor de aan MC Amstelveen Holding en MC Amstelveen B.V geleende bedragen.

2.6.

In die schuldverbintenissen is (bij punt 6) opgenomen dat de Stichting jegens de bank verklaart: “(...) niet van de bank te verlangen, dat – voor zover van toepassing – eerst (overige) zekerheden gesteld voor de verplichtingen van de kredietnemer en/of medeschuldenaar en/of mededebiteur en/of de aansprakelijke worden uitgewonnen voordat de bank de mededebiteur kan aanspreken. (...)”

2.7.

Blijkens de jaarrekening 2014 van de Stichting heeft Maro haar in 2013 leningen verstrekt ter grootte van € 700.000,-, € 60.000,- en € 600.000,-. In 2014 heeft Maro nog een lening van € 800.000,- verstrekt. Alle leningen zouden door middel van termijnbetalingen worden afgelost.

2.8.

In de jaarrekening is met betrekking tot voornoemde leningen opgenomen: “MaRo Beheer B.V. heeft verklaard de leningen gedeeltelijk of geheel niet te zullen opeisen gedurende een periode van een jaar na de datum van dit rapport zolang het werkkapitaal van de Stichting negatief is. Dit werkkapitaal wordt gedefinieerd als vlottende activa verminderd met de langlopende- en kortlopende schulden. Na de terugbetaling van de leningen of een deel hiervan mag het werkkapitaal van de Stichting niet negatief zijn. MaRo Beheer B.V. heeft tevens verklaard geen rente over de leningen in het verslagjaar 2014 in rekening te zullen brengen vanwege de liquiditeitskrapte bij de Stichting.”

2.9.

Bij e-mail van 15 juni 2015 heeft Rabobank aan [gedaagde1] geschreven: “(...) MCA komt al geruime tijd haar financiële verplichtingen jegens Rabobank niet na. Je hebt bij herhaling aangegeven dat MCA daartoe nu niet in staat is. Enige tijd geleden spraken wij over deze financiering. Daarbij zijn meerdere oplossingsrichtingen besproken. (...) Voor de rest van 2015 zijn we alleen nog bereid de financiering onder de volgende voorwaarden te continueren:

- - De lopende (dus thans nog te vervallen) rentetermijnen dienen per omgaande voldaan te worden.

- De bestaande achterstand van € 157.178,89 dient voor het einde van 2015 ingelopen te zijn. (...)”

2.10.

Bij e-mail van 11 december 2015 heeft Rabobank aan [gedaagde1] laten weten dat de lopende rente niet volledig is voldaan waardoor de achterstand is opgelopen. In de mail staat voorts: “(...) Op 8 oktober 2015 heb je aangegeven dat de fusieontwikkelingen met AVE verder zijn gegaan. De hoofdlijnen van de samenwerking zouden al uitgekristalliseerd zijn. Een ‘Heads of Agreement’ om deze nader vast te leggen zou 13 oktober 2015 getekend worden. We hebben deze echter nog niet ontvangen. Je gaf tevens aan dat de verwachting was dat betaling van lopende rente en – nader te bepalen – aflossingen per 1 november zouden kunnen aanvangen. (...)”

2.11.

In een verslag van een gesprek tussen AVE, MCA en Rabobank van 8 januari 2016 staat: “(...) AVE is een vermogende partij die bereid is geld in te brengen (voor financiering behandelingen). Dit hebben ze tot op heden nog niet gedaan vanwege de hoofdelijkheid van de stichting MCA. Verzoek aan de bank is gedaan om afstand te doen van de hoofdelijkheid. AVE vindt het van belang dat de bank geen grip op de omzet van AVE krijgt, met name omdat de doorlooptijd 6 maanden is. Daar tegenover staat dat de rente en aflossingsverplichtingen van de bank voldaan wordt uit de lopende kasstromen. (...)”

2.12.

Bij brief van 18 april 2016 heeft Rabobank voormelde kredietovereenkomsten opgezegd omdat de financiële verplichtingen aan Rabobank al geruime tijd niet meer werden nagekomen. Daarbij is MCA (waaronder ook begrepen de Stichting) gesommeerd om uiterlijk op 18 mei 2016 aan Rabobank een bedrag van € 3.800.292,12 te voldoen, bij gebreke waarvan Rabobank de aan haar verstrekte zekerheden zou gaan uitwinnen.

2.13.

Aan de brief is een bijlage gehecht waarin de verstrekte financieringen en verstrekte zekerheden zijn gespecificeerd. De gestelde zekerheden bestaan blijkens deze brief uit: - verpanding van vorderingen op derden, voorraden en inventaris, garantie van de Staat der Nederlanden, achterstelling en verpanding van de vordering van J. Mos, achterstelling en verpanding van de vordering van Maro Beheer B.V. en de hoofdelijke medeschuldverbintenis van de Stichting.

2.14.

Bij brief van 8 juli 2016 heeft Rabobank aan de Stichting geschreven: “(...) Inmiddels staat vast dat de opbrengst van de overige zekerheden onvoldoende is voor de voldoening van de vordering van de bank. Ik spreek de stichting MC Amstelveen daarom nu aan op al haar verplichtingen uit hoofde van de verstrekte geldleningen ad € 700.000,-, € 1.000.000,-, € 300.000,- en € 200.000,- waarvoor zij hoofdelijk aansprakelijk is. (...)”

2.15.

In de periode 11 december 2015 tot en met 20 augustus 2016 heeft de Stichting onder de vermelding “aflossing lening” (of vergelijkbare bewoordingen) betalingen aan Maro gedaan tot een totaal bedrag van € 582.000,-. Maro heeft in de periode juni tot en met augustus 2016 een bedrag van in totaal € 528.225,- overgeboekt aan De Wit Beheer.

2.16.

Op 10 mei 2016 is voorlopige surseance van betaling verleend aan MC Amstelveen Holding B.V. en MC Amstelveen B.V. Deze surseances zijn op 23 mei 2016 omgezet in faillissementen.

2.17.

De bewindvoerder (en vervolgens curator) heeft nog getracht een doorstart te realiseren. In dat verband heeft hij bij e-mail van 17 mei 2016 mogelijke geïnteresseerde kopers benaderd.

3 De vordering

4 Het verweer

5 De beoordeling

6 De beslissing