Home

Rechtbank Noord-Holland, 31-03-2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:2694, C/15/325726 / KG ZA 22-87

Rechtbank Noord-Holland, 31-03-2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:2694, C/15/325726 / KG ZA 22-87

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
31 maart 2022
Datum publicatie
31 maart 2022
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2022:2694
Zaaknummer
C/15/325726 / KG ZA 22-87

Inhoudsindicatie

Kort geding. Ontslag bestuurder door raad van toezicht scholenkoepel Stichting Ronduit teruggedraaid.

Uitspraak

vonnis

Handel, Kanton en Bewind

Zittingsplaats Alkmaar

zaaknummer / rolnummer: C/15/325726 / KG ZA 22-87

Vonnis in kort geding van 31 maart 2022

in de zaak van

[eiser] ,

[woonplaats 1] ,

eiser,

advocaat mr. B.M. Dijkstra te Alkmaar,

tegen

de stichting

STICHTING RONDUIT,

[woonplaats 1] ,

gedaagde,

advocaat mr. A. Klaassen te Barneveld.

Partijen zullen hierna [eiser] en Stichting Ronduit worden genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

de dagvaarding van 9 maart 2022, met producties 1-45;

-

een bericht van 15 maart 2022 van mr. Klaassen voornoemd, met producties 1-4;

-

een bericht van 15 maart 2022 van mr. Dijkstra voornoemd, met productie 46;

-

een bericht van 16 maart 2022 van mr. Klaassen, met productie 5;

-

een bericht van 16 maart 2022 van mr. Dijkstra, met een akte wijziging eis;

-

een bericht van 16 maart 2022 van mr. Klaassen, waarin bezwaar is gemaakt tegen de eiswijziging en is verzocht om aanhouding van (de behandeling van) het kort geding;

-

een bericht van 16 maart 2022 van mr. Dijkstra, waarin is aangegeven dat [eiser] niet akkoord gaat met een aanhouding;

-

een bericht van 16 maart 2022 van de voorzieningenrechter, waarin is meegedeeld dat hetaanhoudingsverzoek is afgewezen;

-

de mondelinge behandeling, die heeft plaatsgevonden op 17 maart 2022;

-

de pleitaantekeningen van [eiser] ;

-

de pleitaantekeningen van Stichting Ronduit.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Stichting Ronduit is een stichting voor openbaar onderwijs met 18 locaties voor basisonderwijs in Alkmaar. Zij verzorgt met 9 Spinakervestigingen ook speciaal onderwijs voor leerlingen van 4 tot 18 jaar.

2.2.

[eiser] ( [leeftijd] ) is sinds 2005 in dienst van Stichting Ronduit.

2.3.

De (op 18 december 2013 gewijzigde) statuten van Stichting Ronduit luiden, voor zover van belang, als volgt:

Artikel 5. College van Bestuur; samenstelling, benoeming, schorsing en ontslag, belet en ontstentenis 1. De Stichting wordt bestuurd door een college van bestuur, bestaande uit een door de raad van toezicht te bepalen aantal van ten hoogste twee natuurlijke personen. 2. De leden van het college van bestuur worden benoemd door de raad van toezicht (...) 5. Een lid van het college van bestuur kan te allen tijde worden geschorst door de raad van toezicht met inachtneming van het bepaalde in de Collectieve arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs (CAO-PO). (...) Het betrokken lid wordt in de gelegenheid gesteld zich in een vergadering van de raad van toezicht waarin schorsing of verlenging daarvan aan de orde is te verantwoorden. (...) 6. De raad van toezicht is te allen tijde bevoegd een lid van het college van bestuur te ontslaan. Het betrokken lid van het college van bestuur wordt in de gelegenheid gesteld zich ten overstaan van de raad van toezicht te verantwoorden. (...)

Artikel 6. College van Bestuur; taken en bevoegdheden 1. Het college van bestuur is belast met het besturen van de Stichting. Bij de vervulling van zijn taak richt het college van bestuur zich naar het belang van de stichting, het belang van het openbaar onderwijs en het belang van de samenleving. (...)

Artikel 9. Toezicht op het Bestuur (...) 2. De raad van toezicht houdt toezicht op het college van bestuur.

Artikel 10. Raad van toezicht 1. (...) De raad van toezicht bestaat uit vijf natuurlijke personen. 2. De leden van de raad van toezicht worden benoemd door de gemeenteraad. (...) 7. De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar. (...) Herbenoeming is slechts eenmaal mogelijk.

(...) 9. Eventuele bezoldiging van leden van de raad van toezicht en onkostenvergoedingen aan leden van het college van bestuur en de raad van toezicht geschieden op basis van een door de raad van toezicht vastgesteld (...) reglement. (...)

13. (...) Een niet voltallige raad van toezicht houdt zijn bevoegdheden.

(...)

14. Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de stichting, het belang van de scholen die door de Stichting in stand worden gehouden en het belang van de samenleving. (...)”

2.4.

Per 1 januari 2014 is Stichting Ronduit overgegaan op een zogenoemd Raad-van-Toezicht-model. De bestuursstructuur bestaat uit één bestuurder ( [eiser] ) en een Raad van Toezicht (hierna: RvT) van vijf leden. Op 30 december 2014 is een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tot stand gekomen tussen de RvT als werkgever en [eiser] .

2.5.

Stichting Ronduit heeft naast de bestuurder een directeur bedrijfsvoering en een (waarnemend) directeur onderwijs en kwaliteit. Deze directeuren maken deel uit van het bestuursbureau.

2.6.

In de loop van 2020/2021 zijn onenigheden ontstaan tussen leden van de RvT en [eiser] , onder meer over de verhoging van de beloning voor de leden van de RvT en de toekomstige invulling van het bestuursmodel.

2.7.

In 2021 bestond de RvT uit: [lid 1] , [lid 2] , [lid 3] [lid 3] , [lid 4] , [lid 5] en [lid 6] (aspirant-lid).

2.8.

Op 27 mei 2021 heeft de raad van de gemeente Alkmaar op voordracht van de RvT [lid 3] en [lid 2] tot leden van de RvT herbenoemd voor de periode van 1 januari 2022 tot 1 januari 2023.

2.9.

Bij e-mail van 22 september 2021 heeft [lid 5] het volgende aan [eiser] bericht:

“De communicatie (tussen rvc en bestuurder en rvc onderling) loopt idd niet vloeiend en over verschillende schijven. (...) Het gevolg is dat we (als rvt) vooral met eigen zaken bezig zijn en onvoldoende met het onderwijs en daardoor ook de aansluiting met jou, als bestuurder, verliezen.”

2.10.

Eind november 2021 heeft [eiser] een met de RvT gesloten vaststellings-overeenkomst gesloten waarin 1 februari 2022 als datum van zijn vertrek is opgenomen.

2.11.

In zijn e-mailbericht van 15 december 2021 heeft [eiser] aan de directeuren, de medewerkers van het bestuursbureau en het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad voor het primair onderwijs (hierna: GMR) meegedeeld gebruik te maken van de mogelijkheid om binnen 14 dagen af te zien van de in de vaststellingsovereenkomst gemaakte afspraken. [eiser] heeft dit gedaan omdat de directeuren van Stichting Ronduit bij hem hebben aangegeven dat Stichting Ronduit goed draait (financieel, operationeel en met positieve beoordelingen van de onderwijsinspectie) en dat zij graag met hem de uitdagingen van de komende jaren willen aangaan.

2.12.

Tijdens een overleg tussen de RvT en [eiser] dat heeft plaatsgevonden op 20 december 2021 is aan [eiser] een keuze voorgelegd: 1) opnieuw onderhandelen over een vaststellingsovereenkomst of 2) mediation en het ontwikkeltraject voortzetten.

2.13.

In januari en februari 2022 hebben partijen een mediationtraject gevolgd. De mediation heeft niet tot een oplossing geleid.

2.14.

Bij brief van 11 februari 2022, verzonden op 12 februari 2022, heeft de RvT onder meer het volgende aan [eiser] medegedeeld:“(...)Zaterdag 5 februari jl. heeft tussen u en de RvT opnieuw en voor het laatst een mediation bijeenkomst plaatsgevonden. Daarin is u een tweetal opties voorgelegd met een week bedenktijd. Gisteren heeft u schriftelijk laten weten de voorkeur te geven aan de optie waarmee de mediation per direct eindigt zonder dat er gezamenlijke afspraken zijn gemaakt. Tevens heeft u in het geplande overleg met de voorzitter van de RvT ter voorbereiding van de agenda voor de RvT-vergadering van maart aangegeven (leden van) de RvT niet te erkennen als legitiem en heeft u het overleg afgebroken. Naderhand is tot slot gebleken dat u brieven binnen de organisatie (aan o.a. GMR en directeuren) hebt verspreid (zonder ons hiervan in kennis te stellen) waarin u opnieuw zich negatief c.q. niet samenbindend/verstorend uitlaat over de RvT. Al deze feiten en omstandigheden leiden tot de vaststelling dat er inmiddels een definitieve en onomkeerbare vertrouwensbreuk bestaat tussen bestuur en toezicht van Ronduit, welke impasse ook niet meer kan worden overbrugd. (...)Gezien de actieve betrokkenheid en zorg van ook andere stakeholders bij de gerezen situatie, zien wij helaas geen andere mogelijkheid meer dan over te gaan tot onderzoek naar de mogelijkheden van eenzijdig ontslag. (...)

Kortom: in het belang van Ronduit achten wij het dringend noodzakelijk dat u op kortst mogelijke termijn plaats maakt voor een nieuwe bestuurder, zodat de tijd en inspanningen in plaats van op elkaars posities zich weer kunnen richten op de positie van Ronduit. Wij hebben dan ook na het horen en bespreken van uw zienswijze aansluitend besloten u met onmiddellijke ingang op non-actief te stellen in uw functie als statutair bestuurder voor de duur van vier weken en bij een besluit tot ontslag voor de verdere duur van dit (ontslag)traject.

Wij hebben u in de gelegenheid gesteld mondeling reeds te reageren op voornoemde aanzegging eerder vandaag. In dat kader hebt u c.q. uw advocaat naar voren gebracht dat de schorsing beschadigend voor u is en dat het conflict met de RvT uw werkzaamheden bovendien niet in de weg staat. (...)

Kortom: nu RvT en bestuur niet kunnen samenwerken, zelfs niet op minimaal niveau moet het belang van de organisatie prevaleren. (...)

Voor de goede orde benadrukken wij dat deze maatregel geen disciplinaire sanctie of iets van dien aard betreft, maar een ordemaatregel. Hangende de non-actiefstelling wordt dan ook de bezoldiging doorbetaald. In de tussentijd wordt u de toegang tot alle locaties en gebouwen van de stichting Ronduit ontzegd en dient u zich (in lijn met de eerder reeds verstrekte schriftelijke instructie) te onthouden van interne en externe contacten voor zover het gaat om uw positie, de RvT of welk aspect van de gerezen situatie dan ook.”

2.15.

Op of omstreeks 12 februari 2022 heeft de RvT de GMR gevraagd om positief te adviseren over het voornemen tot ontslag van [eiser] . Deze adviesaanvraag luidt, voor zover van belang, als volgt:

“Voor de goede orde abstraheert de RvT bij dit alles van het vaktechnisch functioneren en de inzet van de bestuurder. De problemen concentreren zich op gedrag en communicatie, met name waar het gaat om de verhouding en samenwerking met de RvT. (...)

Met de nodige aandrang en uiteindelijk een eenzijdige oproep, verschijnt [eiser] samen met zijn advocaat op de vergadering van 20 december. Daarin worden twee opties besproken: opnieuw onderhandelen over vertrek met inachtneming van continuïteit (het was immers de bestuurder die per 1 februari reeds weg wilde) of doorgaan met het besproken traject onder regie van de renumeratiecommissie, zij het dat alles overziend de RvT in geval van alsnog doorgaan de deskundige begeleiding wilde inschakelen voor een deskundig en onafhankelijk mediator ter ondersteuning van het maken van werkbare afspraken.

Namens [eiser] wordt aangegeven dat hij vooralsnog opteert voor aanblijven, waarbij ook hij het nut van mediation onderschrijft. De RvT heeft dit besluit geaccepteerd, maar vraagt wel onvoorwaardelijke commitment (...) aan het traject om onder leiding van een deskundig mediator te komen tot snelle en goede afspraken. (...)”

2.16.

Op 17 februari 2022 heeft de gemeenteraad voormeld raadsbesluit van 27 mei 2021 tot herbenoeming van [lid 3] en [lid 2] als leden van de RvT ingetrokken. Aan deze intrekking is terugwerkende kracht toegekend.

2.17.

Bij brief van 18 februari 2022 heeft de advocaat van [eiser] de advocaat van de RvT, althans de twee leden die daarvan nog onderdeel uitmaken, verzocht om de schorsing te beëindigen en [eiser] op 27 februari 2022 weer toegang te verlenen tot zijn werkzaamheden.

2.18.

Op 7 maart 2022 heeft de GMR positief geadviseerd over het voorgenomen ontslag van [eiser] , onder mededeling dat er een onwerkbare situatie is ontstaan tussen de werkgever (de RvT) en de bestuurder.

2.19.

Op 12 maart 2022 is de termijn van de schorsing verlengd.

2.20.

[eiser] heeft op 14 maart 2022 in de ochtend schriftelijk gereageerd op het voorgenomen ontslag.

2.21.

Op 14 maart 2022 in de avond heeft een vergadering van de RvT plaatsgevonden.

2.22.

Bij besluit van 14 maart 2022 is [eiser] per direct als statutair bestuurder ontslagen door de RvT, bestaande uit [lid 4] en [lid 5] .

3 Het geschil

3.1.

[eiser] vordert - na wijziging van zijn eis - dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad; I. Stichting Ronduit veroordeelt om:1. het schorsingsbesluit van 12 (de voorzieningenrechter begrijpt: 11) februari 2022 in te trekken;2. [eiser] toe te laten tot zijn werkzaamheden bij Stichting Ronduit, hem de toegang te verlenen tot alle gebouwen en terreinen van Stichting Ronduit en tot de digitale werkomgeving;3. [eiser] toe te staan dat hij zijn vertegenwoordigingsbevoegdheid uitoefent en hem toe te staan om zijn taken als bestuurder uit te oefenen en er voor zorg te dragen dat hij als zodanig bij de Kamer van Koophandel staat ingeschreven waarbij uit het handelsregister blijkt dat hij vertegenwoordigingsbevoegd is;4. binnen de organisatie van Stichting Ronduit aan ieder personeelslid van Stichting Ronduit een e-mail te zenden met de inhoud: “De Raad van Toezicht heeft de heer [eiser] niet rechtsgeldig geschorst en ontslagen als bestuurder van de Stichting Ronduit. De heer [eiser] zal weer als statutair bestuurder aan het werk gaan.” een en ander op straffe van een dwangsom;II. het ontslagbesluit van 14 maart 2022 te schorsen, totdat er in een (binnen twee maanden na 14 maart 2022 aanhangig gemaakte) bodemprocedure over de rechtsgeldigheid van het genomen ontslagbesluit bij eindvonnis is beslist;III. aan [eiser] het salaris van € 9.554,- per maand te betalen, vermeerderd met vakantiebijslag en overige emolumenten vanaf 14 maart 2022, tot het moment waarop de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd, te vermeerderen met wettelijke verhoging en wettelijke rente vanaf het moment van opeisbaarheid;IV. te bepalen dat de leden van de RvT van Stichting Ronduit, te weten [lid 2] en [lid 3] (voor zover vereist), [lid 4] en [lid 5] worden geschorst tot het moment waarop de gemeenteraad van de gemeente Alkmaar weer een voltallige RvT heeft benoemd;

V. de (na)kosten van deze procedure te voldoen, vermeerderd met de wettelijke rente.

3.2.

[eiser] stelt daartoe het volgende. Het ontslagbesluit is nietig omdat het in strijd is met de statuten die voorschrijven dat de RvT zich richt naar het belang van de stichting, de scholen en de maatschappij. [eiser] had met een termijn van zeven dagen opgeroepen moeten worden voor een vergadering, zodat een vraag- en antwoordgesprek had kunnen worden gevoerd. De GMR is slechts zéér eenzijdig geïnformeerd. In ieder geval is het ontslagbesluit vernietigbaar omdat het in strijd is met algemeen erkende rechtsbeginselen, in Nederland levende rechtsovertuigingen en met de maatschappelijk en persoonlijke belangen van de betrokkenen. De RvT had zijn bevoegdheid niet op deze manier moeten gebruiken. [eiser] is een vakinhoudelijk goede bestuurder, die het vertrouwen geniet van de directies en het bestuurskantoor. Het is in het belang van [eiser] dat hij zijn baan en inkomen behoudt en komt tot een goede afronding van zijn carrière in het onderwijs. Dat weegt zwaarder dan het persoonlijke belang van de individuele RvT leden, die hun taak als nevenfunctie uitoefenen. [eiser] betwist dat er bij overige stakeholders, waaronder de directeuren van de scholen, de medewerkers in dienst van de organisatie, (de ouders van) de leerlingen, samenwerkingsverbanden passend onderwijs en de gemeenten, geen draagvlak meer voor hem is. [eiser] heeft hun belangen behartigd zoals van een goed bestuurder mag worden verwacht. De stichting is financieel gezond, de kwaliteit van het onderwijs is op orde, de leeropbrengsten zijn goed, de ouders zijn tevreden en het personeel en het aantal leerlingen is stabiel (met een kleine groei). De (school)directeuren hebben het vertrouwen in de RvT opgezegd, niet in de bestuurder. Het is de bestuurder die de rechtspersoon bestuurt, niet de RvT. [eiser] heeft ervaren dat de RvT steeds meer op zijn stoel gaat zitten.Het ontslagbesluit bestaat vooral uit een beschrijving van de steeds slechter wordende verhouding tussen bestuurder en toezichthouders en dat wordt [eiser] verweten. Als je een samenwerkingsprobleem hebt moet je proberen dat samen op te lossen. De samenwerking is nooit wezenlijk, grondig en fundamenteel onderzocht. Dat zou een goed beginpunt zijn voor een toekomstige voltallige RvT met drie nieuwe leden en een (ervaren) voorzitter. [eiser] zou daarin graag investeren. Beide partijen dienen zich in te zetten om het conflict op te lossen. De RvT heeft dit als optie genoemd maar dat zou gepaard gaan met een ontwikkeltraject voor alleen de bestuurder. De RvT heeft vanaf 11 oktober 2021 vooral aangestuurd op ontslag van [eiser] . In dit geval heeft een RvT bestaande uit twee personen (die relatief kort geleden zijn benoemd) besloten over het ontslag van een langzittende bestuurder. De ontslaggrond is nauwelijks onderbouwd en in mediation is niet gewerkt aan herstel van de relatie. Het is aannemelijk dat het ontslagbesluit in een bodemprocedure nietig of vernietigbaar blijkt te zijn en niet genomen had mogen worden. Daarom vraagt [eiser] om schorsing van dit besluit. [eiser] vindt dat hij tot het werk dient te worden toegelaten. Hij heeft daar een spoedeisend belang bij. Continuïteit en rust zijn in het belang van de stichting.

3.3.

Stichting Ronduit voert verweer. Stichting Ronduit maakt bezwaar tegen de te late eiswijziging. Zij is daardoor benadeeld in het voeren van verweer. De schorsing is niet meer aan de orde, nu de arbeidsovereenkomst niet langer bestaat.Op grond van artikel 2:298a Burgerlijk Wetboek (BW) is het ontslagbesluit niet aantastbaar. Er is geen sprake van een nietig of vernietigbaar besluit. De RvT, die te allen tijde zijn bevoegdheden behoudt, heeft de statutaire bepaling omtrent ontslag in acht genomen. Hij heeft [eiser] opgeroepen om zijn reactie te kunnen geven. Het was de wens van [eiser] om zijn reactie vooraf schriftelijk uit te brengen. Daarvoor is drie dagen uitstel verleend. [eiser] heeft zijn reactie ook uitvoerig schriftelijk kenbaar gemaakt. De statuten bieden ruimte voor afwijking van de oproepingstermijn, die overigens primair is bedoeld voor het bieden van afdoende gelegenheid tot aanwezigheid van alle leden van de RvT.

Stichting Ronduit betwist dat buiten de RvT alle stakeholders loyaal zijn aan [eiser] . Zowel directeuren als GMR hebben expliciet aangegeven de terugkeer van [eiser] niet wenselijk te achten. Het schorsingsbesluit is inhoudelijk volledig terecht genomen en de gronden voor die maatregel zijn en blijven onverkort van kracht, ook los van het ontslagbesluit. Voor de gevorderde schorsing van de RvT - een vergaand verzoek met grote gevolgen voor een onderwijsinstelling - is in deze kort geding procedure geen ruimte. Bovendien bestaat er geen spoedeisend belang bij deze vordering, die overigens ook inhoudelijk niet toewijsbaar is.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang voor de beoordeling, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing