Rechtbank Noord-Holland, 20-09-2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:8417, C/15/330054 / HA RK 22-120
Rechtbank Noord-Holland, 20-09-2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:8417, C/15/330054 / HA RK 22-120
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 20 september 2022
- Datum publicatie
- 29 september 2022
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2022:8417
- Zaaknummer
- C/15/330054 / HA RK 22-120
Inhoudsindicatie
Verzet staat niet open tegen de intrekking van een 403-verklaring.
Uitspraak
beschikking
Handel, Kanton en Insolventie
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rekestnummer: C/15/330054 / HA RK 22-120
Beschikking van 20 september 2022
in de zaak van
1. de rechtspersoon naar vreemd recht
GREATAF TRADING COMPANY LTD.,
gevestigd te Nigeria,
2. de rechtspersoon naar vreemd recht
SAJE SHIPPING (NIGERIA) LIMITED,
gevestigd te Nigeria,
verzoeksters,
advocaat mr. Ph.A. Vos te Amsterdam,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KOOLE HOLDING B.V.,
gevestigd te Vijfhuizen,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KOOLE MARITIEM B.V.,
gevestigd te Vijfhuizen,
verweersters,
advocaat mr. M.M. van Leeuwen en mr. S.L. Haanschoten te Rotterdam.
Partijen zullen hierna Greataf c.s. en Koole Holding c.s. genoemd worden.
Verzoeksters zullen hierna afzonderlijk worden aangeduid als Greataf en Saje en verweersters als Koole Holding en Koole Maritiem.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
het verzoekschrift inclusief vijf producties ingekomen ter griffie op 15 juli 2022 van Greataf c.s.,
- -
-
de nagekomen producties 6 tot en met 8 van 8 september 2022 van Greataf c.s.,
- -
-
het verweerschrift van Koole Holding c.s., ingekomen ter griffie op 9 september 2022,
- -
-
de mondelinge behandeling van 13 september 2022 en de daarvan door de griffier bijgehouden aantekeningen,
- -
-
de spreekaantekeningen van Greataf c.s. tevens houdende een wijziging van het verzoek.
2 De feiten
Op 28 januari 2018 heeft Koole Holding een verklaring in de zin van artikel 2:403 lid 1 sub f van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) afgelegd, die op 9 februari 2018 door de Kamer van Koophandel is ontvangen. De verklaring (hierna: 403-verklaring) vermeldt voor zover relevant dat Koole Holding zich hoofdelijk aansprakelijk stelt voor de schulden voortvloeiend uit rechtshandelingen verricht door of namens zes dochtervennootschappen, onder wie Koole Maritiem.
Bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis van deze rechtbank van 6 juli 2022 is Koole Maritiem veroordeeld om een bedrag van USD 2.150.000,00 aan Greataf te betalen, te vermeerderen met rente en kosten. De veroordeling tot betaling van Koole Maritiem heeft betrekking op een tussen partijen eind 2014/begin 2015 gesloten overeenkomst van rompbevrachting.
Op 17 mei 2022 heeft Koole Holding een intrekkingsverklaring in de zin van artikel 2:404 lid 1 BW bij de Kamer van Koophandel gedeponeerd. De intrekkingsverklaring vermeldt dat Koole Holding haar aansprakelijkstelling zoals bedoeld in artikel 2:403 lid 1 BW voor schulden voortvloeiend uit rechtshandelingen door of namens zes (in de verklaring genoemde) dochtervennootschappen, onder wie Koole Maritiem, met ingang van heden intrekt.
3 Het verzoek
Met het verzoekschrift komen Greataf c.s. krachtens het bepaalde in artikel 2:404 lid 5 BW in verzet tegen de intrekking door Koole Holding van haar 403-verklaring. Greataf c.s. verzoeken, na wijziging van het verzoek, de rechtbank om, uitvoerbaar bij voorraad:
-
Koole Holding te bevelen om binnen een door de rechtbank te bepalen termijn ten gunste van Greataf c.s. een bankgarantie door een Nederlandse bank te doen stellen tot zekerheid van Koole Holdings betalingsverplichtingen onder haar 403-verklaring voor de in rechte toegewezen vorderingen van Greataf en/of Saje op Koole Maritiem, tot een bedrag van USD 2.150.000,00, te vermeerderen met rente en in rechte toegewezen proceskosten;
-
bij gebreke van het tijdig doen stellen van voornoemde bankgarantie, het verzet tegen de intrekkingsverklaring toe te wijzen en te verklaren en te bevelen dat de 403-verklaring van Koole Holding van kracht blijft voor in rechte vastgestelde schulden van Koole Maritiem aan Greataf en/of Saje, voor zover deze schulden voortvloeien uit rechtshandelingen van Koole Maritiem die verricht zijn voorafgaand aan de op 17 mei 2022 door Koole Holding gedeponeerde intrekkingsverklaring;
-
Koole Holding en Koole Maritiem hoofdelijk in de kosten van deze procedure te veroordelen.
Koole Holding c.s. voeren verweer met de conclusie dat Greataf c.s. niet-ontvankelijk zijn in hun verzoek.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.