Rechtbank Noord-Holland, 07-06-2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:5118, C/15/339120 / KG ZA 23-208
Rechtbank Noord-Holland, 07-06-2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:5118, C/15/339120 / KG ZA 23-208
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 7 juni 2023
- Datum publicatie
- 8 juni 2023
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2023:5118
- Zaaknummer
- C/15/339120 / KG ZA 23-208
Inhoudsindicatie
JP Schilder legt aan haar vordering – samengevat – ten grondslag dat zij zich verzet tegen de onredelijke benadeling door HHNK, omdat de opdracht die nu wordt gegund aan een ander deel uitmaakt van de Overeenkomst met JP Schilder. Gunning van de opdracht die onderdeel is van de Overeenkomst is een tekortkoming in de nakoming daarvan door HHNK en is bovendien onrechtmatig jegens JP Schilder/
Uitspraak
vonnis
Handel, Kanton en Insolventie
Zittingsplaats Haarlem
zaaknummer / rolnummer: C/15/339120 / KG ZA 23-208
Vonnis in kort geding van 7 juni 2023
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
J.P. SCHILDER B.V.,
gevestigd te Ursem,
eiseres,
advocaat mr. M.Ch. Pinto te Amsterdam,
tegen
de publiekrechtelijke rechtspersoon
HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER,
zetelend te Heerhugowaard,
gedaagde,
advocaat mr. M.F. Warringa te Rotterdam.
Partijen zullen hierna JP Schilder en HHNK genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
-
de uitgebrachte dagvaarding van 2 mei 2023 met 15 producties
- -
-
de e-mail van 26 mei 2023 van HHNK met 5 producties
- -
-
de e-mail van 30 mei 2023 van HHNK met 8 producties
- -
-
de mondelinge behandeling van 31 mei 2023
- -
-
de pleitaantekeningen van JP Schilder
- -
-
de spreekaantekeningen van HHNK.
Na uitroeping van de zaak zijn verschenen:
- -
-
[A.], directeur van JP Schilder
- -
-
[B.], projectleider en bedrijfsleider van JP Schilder
- -
-
mr. Pinto voornoemd
- -
-
[C.], afdelingshoofd van het ingenieursbureau van HHNK
- -
-
[D.], civieltechnisch adviseur van het ingenieursbureau van HHNK
- -
-
mr. Warringa voornoemd
- -
-
mr. I.J.M.I. Souren, kantoorgenoot van mr. Warringa.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
Partijen hebben op 16 maart 2022 een overeenkomst van aanneming gesloten voor Natuurontwikkeling en Vaargeulonderhoud Amstelmeer (hierna: de Overeenkomst), op welke overeenkomst van toepassing zijn verklaard de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012).
Bij aangetekende brief van 1 december 2022 heeft HHNK de Overeenkomst met JP Schilder beëindigd op basis van de UAV-2012, paragraaf 47 lid 4 wegens exorbitant hoge prijsstijgingen.
Bij e-mail van 3 februari 2023 heeft JP Schilder onder meer het volgende aan HHNK geschreven:
(...)
Op d.d. 23-01-2023 hebben wij een gesprek gehad over de situatie op het project Amstelmeer.
(...)
Dit over de vanuit HHNK ontvangen brieven d.d. 1-12-2022 en 8-12-2022 waarin staat dat de beslissing is genomen het project te beëindigen. Dit op basis van de exorbitante prijsstijgingen; financiële onzekerheid en beheersbaarheid van de overeenkomst met ook de subsidiëring.
(...)
JPS geeft aan dat als dit echt de keuze van HHNK is/blijft (werk in onvoltooide staat beëindiging) er een vergoeding aan JPS aan de orde zal moeten zijn. (omzet/ winstderving ; inzet personeel en materieel niet mogelijk e.d.) Hierover heeft JPS ook navraag gedaan bij een extern adviseur.
(...)
Bij aankondiging van een opdracht van 21 februari 2023 heeft HHNK een aanbesteding uitgeschreven voor ‘Leverantie waterbouwsteen’, op welke aanbesteding JP Schilder (tijdig) heeft ingeschreven.
Bij e-mail van 5 april 2023 heeft HHNK onder meer het volgende aan JP Schilder medegedeeld:
(...)
Uw onderneming heeft ingeschreven op onderstaande aanbesteding. Na beoordeling van uw inschrijving laat Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier weten dat de keus
niet op uw onderneming is gevallen.
(...)
Wanneer u bezwaar heeft tegen deze voorgenomen gunning, heeft u zeven kalenderdagen de gelegenheid om daartegen rechtsmiddelen in te roepen.
(...)
Bij e-mail van 20 april 2023 heeft (de advocaat van) JP Schilder aan HHNK medegedeeld dat JP Schilder zich niet kan verenigen met de voorlopige gunningsbeslissing van 5 april 2023 en heeft zij HHNK erop gewezen dat de wettelijke bezwaartermijn van 20 dagen niet in acht was genomen.
HHNK heeft bij brieven van 10 mei 2023 aan JP Schilder en aan de inschrijver aan wie de opdracht gegund is de gunningsbeslissing van 5 april 2023 ingetrokken en bij brieven van diezelfde datum een nieuwe gunningsbeslissing genomen waarin een bezwaartermijn van 20 kalenderdagen is opgenomen.
3 Het geschil
JP Schilder vordert om bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
1. gedaagde te verbieden de opdracht inzake leverantie van waterbouwsteen (opnieuw) te gunnen en een overeenkomst te sluiten met betrekking tot die opdracht;
2. gedaagde te gebieden de aanbestedingsprocedure van de opdracht inzake leverantie van waterbouwsteen te staken en gestaakt te houden;
3. gedaagde te verbieden (verdere) uitvoering te geven aan een overeenkomst die betrekking heeft op de opdracht inzake leverantie van waterbouwsteen totdat in een bodemprocedure is beslist over rechtmatigheid van de gesloten overeenkomst;
4. iedere andere passende voorziening te treffen die de voorzieningenrechter geraden acht;
5. te bepalen dat, indien gedaagde geen gevolg geeft aan het dictum, hij een dwangsom verbeurt jegens eiseres groot € 5.000,- per kalenderdag over alle kalenderdagen (weekenden en feestdagen niet uitgezonderd), met een maximum van€ 1.000.000,-;
6. gedaagde te veroordelen in de kosten voor deze procedure gevallen aan de zijde van eiseres waaronder begrepen de kosten voor juridische bijstand, een en ander te vermeerderen met de nakosten;
JP Schilder legt aan haar vordering – samengevat – ten grondslag dat zij zich verzet tegen de onredelijke benadeling door HHNK, omdat de opdracht die nu wordt gegund aan een ander deel uitmaakt van de Overeenkomst met JP Schilder. Gunning van de opdracht die onderdeel is van de Overeenkomst is een tekortkoming in de nakoming daarvan door HHNK en is bovendien onrechtmatig jegens JP Schilder. Het staat HHNK daarom niet vrij de opdracht te gunnen aan een ander dan JP Schilder. Een beroep op rechtsverwerking op basis van een met inschrijving gegeven akkoord op de aanbesteding is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid in dit geval onaanvaardbaar. Dat akkoord is niet relevant, omdat JP Schilder een probleem heeft met het voorwerp van de aanbestedingsprocedure. De opdracht die het voorwerp is van de aanbestedingsprocedure is reeds onderdeel van de Overeenkomst tussen HHNK en JP Schilder en mag niet aan een derde worden vergeven. Omdat HHNK niet de wettelijke opschortende termijn in acht heeft genomen, is de overeenkomst die zij met de derde heeft gesloten in strijd met het bepaalde in artikel 2.127 Aw 2012. Dat maakt de gesloten overeenkomst vernietigbaar, aldus JP Schilder.
HHNK voert tot zijn verweer – samengevat – aan dat de bezwaren van JP Schilder in de kern niet zien op een aanbestedingsgeschil maar op een bouwgeschil uit hoofde van de Overeenkomst. Op grond van § 47 lid 4 UAV-2012 mocht HHNK ervoor kiezen om het werk te beëindigen, waartoe hij ook is overgegaan. JP Schilder heeft op grond daarvan al recht op een beëindigingsvergoeding, met (indien zij in de bodemprocedure in het gelijk mocht worden gesteld) eventueel een aanvullende schadevergoeding. Díe overeenkomst ligt in het onderhavige kort geding echter niet voor. JP Schilder heeft vervolgens zonder protest, klacht of vragen ingeschreven op de latere aanbesteding door HHNK. Nu JP Schilder zich door inschrijving onvoorwaardelijk akkoord heeft verklaard met de in de Inschrijvingsleidraad beschreven aanbestedingsprocedure, heeft zij haar rechten verwerkt om in het onderhavige kort geding op te komen tegen het voorwerp van de aanbesteding. Na herstel van de formaliteiten is inmiddels sprake van een deugdelijke gunningsbeslissing. Ook het inhoudelijke standpunt van JP Schilder dat HHNK deze opdracht niet in de markt zou mogen zetten omdat sprake zou zijn van een lopende overeenkomst met JP Schilder gaat niet op, omdat JP Schilder daarmee miskent dat HHNK de Overeenkomst rechtsgeldig heeft beëindigd bij brief van 1 december 2022. Het oordeel over een eventueel aan JP Schilder toekomende schadevergoeding op grond van die beëindiging door HHNK is aan de bodemrechter, maar vormt geen grondslag om tot toewijzing van de vorderingen in het onderhavige kort geding over te gaan, aldus nog steeds HHNK.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.