Rechtbank Noord-Holland, 09-09-2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:10221, C/15/354542 / KG ZA 24-394
Rechtbank Noord-Holland, 09-09-2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:10221, C/15/354542 / KG ZA 24-394
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 9 september 2024
- Datum publicatie
- 9 oktober 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2024:10221
- Zaaknummer
- C/15/354542 / KG ZA 24-394
Inhoudsindicatie
Gemeente doet rechtsgeldig beroep op de uitzondering uit het Didam-arrest van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:1778) en mag kavel aan Liander verkopen. Liander is de enige netbeheerder en oogmerk voor de verkoop was het verzwaren van het stroomnetwerk dmv plaatsing van een elektriciteitsstation. Geen mededingsruimte, Liander enige serieuze gegadigde.
Uitspraak
Civiel recht
Zittingsplaats Alkmaar
Zaaknummer: C/15/354542 / KG ZA 24-394
Vonnis in kort geding van 9 september 2024
in de zaak van
[eiser]
,
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
advocaat: mr. C.A. Gentile Martin,
tegen
de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE DRECHTERLAND,
te Bovenkarspel,
gedaagde partij,
hierna te noemen: de gemeente,
advocaat mr. M.C. Jonkman,
en
de naamloze vennootschap
LIANDER N.V.,
te Arnhem,
tussenkomende partij,
advocaat mr. F.J.J. Cornelissen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met 4 producties,
- de incidentele conclusie tot tussenkomst subsidiair voeging, tevens houdende conclusie en eis in de hoofdzaak, van Liander,
- conclusie in de hoofdzaak van Liander, met 2 producties,
- de conclusie van antwoord in het incident en in de hoofdzaak van de gemeente,
met 2 producties,
- de brief van 23 augustus 2024 van [eiser] ,
- de brief van 26 augustus 2024 van Liander,
- de mondelinge behandeling van 26 augustus 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de spreekaantekeningen van [eiser] , - het ter zitting door Liander overgelegde Omgevingsplan, met een bijlage.
Bij de hiervoor genoemde brief van 23 augustus 2024 heeft [eiser] 12 aanvullende producties gevoegd. Liander heeft bezwaar gemaakt tegen deze producties vanwege de late indiening. De voorzieningenrechter heeft de producties geweigerd, omdat deze na de daarvoor geldende termijn zijn ingediend en zij voorafgaand aan de zitting geen kennis van deze stukken heeft kunnen nemen.
[eiser] en de gemeente hebben zich gerefereerd aan het oordeel van de voorzieningenrechter ten aanzien van de vordering tot tussenkomst van Liander. Liander heeft belang bij de gevorderde tussenkomst, omdat toewijzing van de door [eiser] gevraagde voorzieningen ertoe zou leiden dat Liander haar kans verliest op verkrijging van de kavel die de gemeente aan haar wil verkopen. De voorzieningenrechter heeft ter zitting mondeling beslist en de vordering tot tussenkomst toegewezen, met compensatie van kosten.
2 De uitgangspunten
De gemeente heeft samen met projectontwikkelaar USP Vastgoed B.V. de uitbreidingsfase van het bedrijventerrein [bedrijventerrein] te [plaats 1] ( [plaats 1] ) gerealiseerd in het kader van gebiedsontwikkeling. Met assistentie van Overbeek Bedrijfsmakelaars te [plaats 2] (hierna: de makelaar) bood de gemeente vanaf 2015 dertien bedrijfskavels te koop aan, waarvan twee woon/werk kavels. In de periode tot en met 2019 zijn zeven kavels verkocht en in de periode 2019-2021 nog 5 andere kavels. Alleen kavel 2 (kadastraal bekend: [kavelnummer] ) staat nog te koop (hierna: de Kavel).
Liander is als regionale netbeheerder in (vrijwel de gehele) provincie Noord-Holland verantwoordelijk voor (en eigenaar van) de midden- en laagspanningsnetwerken.
In de gemeente Drechterland zijn in toenemende mate netcapiciteitsproblemen en netcongestie ontstaan. In verband daarmee heeft Liander zich in 2022 bij de gemeente gemeld voor mogelijke locaties voor het plaatsen van een elektriciteitsstation om het elektriciteitsnet in West-Friesland uit te breiden. Op 3 juni 2022 heeft de Gemeente vier locaties aangedragen, waaronder de Kavel. Na onderzoek is in juli 2022 de conclusie dat de Kavel meest geschikte locatie is vanuit oogpunt van nettechniek. De aanleg van het elektriciteitsplan past binnen het bestemmingsplan Drechterland Zuid, dat voor de Kavel geldt.
[eiser] is eigenaar van de kavel die grenst aan de Kavel. Op 11 april 2024 heeft [eiser] zich via de makelaar gemeld als geïnteresseerde voor de Kavel. De gemeente heeft aan [eiser] meegedeeld in onderhandeling te zijn met Liander en zich niet vrij te achten om op een voorstel van [eiser] in te gaan.
Op 19 juni 2024 heeft de gemeente het voornemen tot verkoop van de Kavel aan Liander gepubliceerd in het Gemeenteblad van de gemeente Drechterland.
Op 1 juli 2024 is een artikel gepubliceerd in de lokale krant waarin bekend werd gemaakt dat Liander de laatste vrije kavel op het bedrijventerrein wil kopen en dat zij van plan is om op het perceel een nieuw elektriciteitsstation te bouwen.
In de openbare besluitenlijst van de gemeente van 2 juli 2024 is de openbare besluitenlijst van (zo is ter zitting toegelicht) 24 juni 2024 goedgekeurd en is een inhoudelijk advies gegeven over de verkoop van de Kavel aan Liander. Daarin staat als advies, samengevat, de Kavel aan Liander te verkopen tegen een gereduceerde vraagprijs van € 450.000 en (voor het geval het station niet kan worden gerealiseerd) in te stemmen met een inspanningsverplichting om het onderdeel ‘wonen’ te repareren in het omgevingsplan, en in te stemmen met een deelbedrag van € 100.000 in depot.
Op 2 augustus 2024 heeft de gemeente met intrekking van de hiervoor onder 2.4 genoemde publicatie van 19 juni 2024 en onder verwijzing naar het collegebesluit van 24 juli 2024 (ter zitting door de gemeente gecorrigeerd naar 2 juli 2024) medegedeeld dat zij het voornemen heeft om de Kavel aan Liander te verkopen zonder voorafgaande selectieprocedure. De gemeente oordeelt in de publicatie dat Liander de enige serieuze gegadigde is die in aanmerking komt voor de koop van het perceel, omdat zij voldoet aan de volgende gehanteerde selectiecriteria:
“1. Gebruik van het perceel ten behoeve van een elektriciteitsstation
De gemeente wenst het perceel uitsluitend te verkopen aan een partij die in staat is het perceel te gebruiken in het belang van en ten behoeve van (de verzwaring van) het stroomnet. De gemeente is zich namelijk bewust van de noodzaak tot verzwaring en uitbreiding van het stroomnet ter plaatse. Dat is nodig om de netcapaciteitsproblemen en netcongestie tegen te gaan. In (de omgeving van) de gemeente hebben inwoners en bedrijven te maken met die problematiek (https://iwell.nl/netcongestie/netcongestie
kaart], zie ook de bijgaande afbeelding) en zonder netverzwaring worden die problemen steeds groter. Liander is als (enige) regionale netbeheerder de partij die aan dit criterium kan voldoen.
2. Verkoop en gebruik van het volledige perceel aan één partij
De gemeente wenst het perceel uitsluitend als één geheel te verkopen, onder meer vanuit het oogpunt van efficiëntie, de beperking van transactiekosten en vanuit stedenbouwkundig oogpunt (waaronder het voorkomen van te veel in- en uitritten en de verkeersveiligheid). Omdat de gemeente, eveneens (mede) vanuit stedenbouwkundig oogpunt, splitsing van het perceel (na verkoop) niet wenselijk acht, wil de gemeente het perceel uitsluitend verkopen aan een partij die bereid is het volledige perceel te gebruiken.
3. Verkoop aan een partij die voldoende financiële middelen heeft voor de aankoop en ontwikkeling van het perceel
De gemeente wil het perceel uitsluitend verkopen aan een partij die aantoonbaar in staat is te voldoen aan de betalingsverplichtingen die uit de koopovereenkomst zullen voortvloeien. Ook wil de gemeente het perceel uitsluitend verkopen aan een partij die aantoonbaar beschikt over de financiële middelen die nodig zijn om het perceel conform de wens van de gemeente (zie punt 1) te ontwikkelen.”
In de publicatie staat tot slot, kort gezegd, dat degene die van mening is dat hij als gegadigde kan worden aangemerkt voor de koop van de Kavel, binnen 20 kalenderdagen een kort geding aanhangig moet maken.
3 Het geschil
[eiser] vordert - samengevat en primair - de gemeente te verbieden om met Liander een koopovereenkomst of erfpachtovereenkomst te sluiten ten aanzien van de Kavel en voor zover tussen hen al een koopovereenkomst is gesloten om daaraan uitvoering te geven. Verder vordert [eiser] de gemeente te gebieden, om voor zover de gemeente de Kavel wenst te verkopen of in erfpacht wenst uit te geven of een ander recht ten aanzien van het
perceel wenst te verstrekken, een openbare selectieprocedure te organiseren die voldoet aan
de eisen die de Hoge Raad in het zogeheten Didam- arrest1 heeft geformuleerd, althans - subsidiair - een maatregel te treffen die passend is en die recht doet aan de belangen van [eiser] , een en ander onder op straffe van verbeurte van een dwangsom en onder veroordeling in de kosten van dit geding.
[eiser] legt aan de vordering ten grondslag dat er geen eerlijke verkoop tot stand is gekomen. Ondanks het feit dat [eiser] , samen met [betrokkene] , al op 11 april 2024 zijn interesse in de Kavel heeft geuit en gemeld bij de makelaar is hier tot op heden geen reactie op gekomen. Weliswaar heeft de makelaar meegedeeld dat de gemeente in onderhandeling was met Liander en dat Liander de Kavel wilde kopen en daarop een elektriciteitsunit wil bouwen. De exacte inhoud van de plannen van Liander is nooit met [eiser] gedeeld.
Hij heeft mogen begrijpen dat het om een elektriciteitshuisje ging. [eiser] heeft in de krant moeten lezen dat Liander een nieuw elektriciteitsstation op de Kavel zal bouwen.
De redenen van de gemeente om de Kavel aan Liander te verkopen zijn pas naar voren gekomen na het aanhangig maken van dit kort geding. Daarna heeft de gemeente pas haar wens geuit om de Kavel te verkopen aan een netbeheerder in verband met de verzwaring van het stroomnet. De gemeente heeft op 2 augustus 2024 een herstelpoging gedaan door de eerdere publicatie van 19 juni 2024 in te trekken en heeft [eiser] op die wijze buiten spel gezet. Door [eiser] niet te zien als serieuze gegadigde handelt de gemeente onrechtmatig. De gemeente heeft het gelijkheidsbeginsel niet in acht genomen en [eiser] wordt hierdoor wezenlijk benadeeld.
De gemeente en Liander voeren verweer. Zij concluderen tot niet-ontvankelijkheid van [eiser] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.
Liander heeft haar vordering in de hoofdzaak om de gemeente te veroordelen tot, kort gezegd, verkoop van de Kavel aan Liander, ingetrokken.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.