Rechtbank Noord-Nederland, 22-03-2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:973, 5687467
Rechtbank Noord-Nederland, 22-03-2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:973, 5687467
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 22 maart 2017
- Datum publicatie
- 22 maart 2017
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2017:973
- Zaaknummer
- 5687467
Inhoudsindicatie
WWZ. Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst op de d-grond. Het is aan de werkgever om te stellen en bij voldoende gemotiveerde betwisting te bewijzen dat de ongeschiktheid van de werknemer voor zijn functie niet het gevolg is van ziekte of gebreken. Wel rust in geval van betwisting op de werknemer de verplichting om ter zake genoegzame (medische) gegevens in het geding te brengen, nu het in zijn domein ligt om die gegevens te verschaffen. In de onderhavige zaak heeft de werknemer naar het oordeel van de kantonrechter de gemotiveerde stelling van de werkgever, dat de ongeschiktheid van de werknemer voor zijn functie niet het gevolg is van een gebrek, onvoldoende betwist. Toch wordt het verzoek tot ontbinding afgewezen, omdat de werkgever zich in het kader van het herplaatsingstraject te passief heeft opgesteld door het solliciteren van de werknemer enkel te faciliteren. Derhalve is onvoldoende gebleken dat herplaatsing van de werknemer in een andere passende functie binnen een redelijke termijn, al dan niet met behulp van scholing, niet mogelijk is. Het tegenverzoek van de werknemer tot wedertewerkstelling in zijn functie wordt eveneens afgewezen wegens zijn ongeschiktheid voor die functie.
Uitspraak
Afdeling Privaatrecht
Locatie Leeuwarden
zaak-/rolnummer: 5687467 AR VERZ 17-11
beschikking van de kantonrechter ex artikel 7:671 lid 1 BW d.d. 22 maart 2017
inzake
Achmea Interne Diensten B.V.,
gevestigd te Utrecht,
verzoekende partij in de zaak van het verzoek, verwerende partij in de zaak van het tegenverzoek,
gemachtigde: mr. J. Bonnema,
tegen
[A] ,
wonende te [woonplaats] ,
verwerende partij in de zaak van het verzoek, verzoekende partij in de zaak van het tegenverzoek,
gemachtigde: mr. J. Savelsbergh.
Partijen zullen hierna Achmea en [A] worden genoemd.
1 Het procesverloop
in de zaak van het verzoek en het tegenverzoek
Achmea heeft een verzoek gedaan om de arbeidsovereenkomst tussen partijen te ontbinden, ingekomen ter griffie op 31 januari 2017. [A] heeft op 20 februari 2017 een verweerschrift tevens houdende zelfstandige tegenverzoeken ingediend.
Op 3 maart 2017 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht. De gemachtigden van beide partijen hebben het standpunt van hun cliënt toegelicht aan de hand van pleitnotities.
2 De feiten
in de zaak van het verzoek en het tegenverzoek
[A] , geboren [geboortedatum] , is op 15 september 2005 in dienst getreden bij (de rechtsvoorganger van) Achmea en is laatstelijk werkzaam in de functie van
Deskaccountmanager (ook wel medewerker klantrelatie & omgeving genoemd). Het bruto salaris op basis van een werkweek van 32 uren bedraagt € 2.389,89 per maand exclusief vakantietoeslag. Op de arbeidsovereenkomst is de cao Achmea (hierna: de cao) van toepassing.
De werkzaamheden behorend bij de functie van Deskaccountmanager bestaan uit het voeren van telefoongesprekken met klanten en potentiële klanten, waarbij het verkopen van verzekeringen en bijproducten centraal staat alsook het beantwoorden van vragen over bestaande verzekeringen. Een werknemer met de functie Deskaccountmanager wordt beoordeeld op de verkoopresultaten (de zogenaamde A- en B-conversie), op de gemiddelde tijd die het telefoongesprek en de administratie daarvan duurt (de zogenaamde NPS/AHT score), op de competenties die voor de functie vereist zijn en op het algemeen functioneren (houding en gedrag).
Op 31 juli 2010 heeft [A] te maken gehad met een geknapt hersenaneurysma als gevolg waarvan hij van 3 augustus 2010 tot 26 juni 2011 arbeidsongeschikt is geweest. Hij is per 27 juni 2011 weer volledig arbeidsgeschikt geacht. Nadien heeft [A] aangegeven sneller vermoeid te zijn dan voorheen en last te hebben van concentratieproblemen.
[A] is in januari 2013 begonnen aan een MBO-opleiding in de ICT op niveau 4 op kosten van Achmea.
In verband met de door [A] ervaren klachten hebben partijen afgesproken dat [A] een parkeerplaats direct onder het Achmea-gebouw kreeg en dat hij een half uur langer mocht pauzeren gedurende zijn dienst. Deze extra pauze gedurende zijn dienst diende [A] aan het eind van zijn dienst te compenseren door een half uur langer door te werken.
Over het jaar 2014 is het functioneren van [A] beoordeeld met een "4" (afspraken deels gehaald), hetgeen een onvoldoende impliceert. In het beoordelingsverslag staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
In de resultaten kom je uit op een 4 op sales.
Overig ontwikkelafspraken(...)
Je hebt veel last van chronische vermoeidheid. (...)
Je geeft aan dat je moeheid ervoor zorgt dat je moeite hebt met het behalen van je kpi's (Kritische Performance Indicatoren; toevoeging kantonrechter). (...)
Beoordeling: Pauze% is niets aan veranderd, nog steeds veel te hoog en dit heeft een grote impact in je cijfers. Gesprek met Former gehad, waarbij gesproken is over dat als je dit niet op de rit krijgt, je wellicht niet geschikt bent voor de functie in verband met medische beperkingen.
Bij bericht via intranet van 22 januari 2015 heeft [A] Achmea om een toelichting op het beleid ten aanzien van medewerkers met een beperking verzocht. In een daaropvolgende e-mailwisseling tussen hem en mevrouw [B] (hierna: [B] ), HR Specialist bij Achmea, heeft [A] in een e-mail van 3 februari 2015 - voor zover van belang - het volgende aan [B] bericht:
Ik ben per dag een half uur langer aanwezig zodat ik een uur lunchpauze kan hebben ipv een half uur... Maar ik wordt keihard afgerekend op onze pauzepercentage...(...) Mijn manager zegt, als je niet aan de norm voldoet, dan krijg je een 4 beoordeling en kan je dus ook je baan verliezen
Ik zit in een spagaat en tot nu toe heeft men NIETS voor mij gedaan in die 4 jaar ... Ik heb gewoon hulp nodig van iemand die ondanks dat ik er uit zie als hollands welvaren wel gelooft dat ik niet gezond ben (ik wordt net zo beoordeeld als een gezonde collega).
Op 24 maart 2015 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen [A] en zijn toenmalige teammanager en mevrouw [C] (hierna: [C] ), eveneens werkzaam bij Achmea. In het verslag van dat gesprek staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
In het gesprek van 10 maart hebben we afgesproken de mogelijkheden te onderzoeken en een plan met en voor [A] ( [A] ; toevoeging kantonrechter) op te stellen. Uit de terugkoppeling van de bedrijfsarts komt naar voren, dat er op basis van medische gronden geen reden is een uitzondering voor [A] te maken.
In juli 2015 heeft [A] zijn MBO-4 diploma in de ICT behaald.
Op 23 september 2015 heeft een voortgangsgesprek (ook wel bila genoemd) plaatsgevonden tussen [A] en zijn toenmalige teammanager mevrouw [D] (hierna: [D] . In het door zijn [D] opgestelde gesprekverslag staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
Afspraken vorige bila:
*Coaching: in week 34 en 36 ben je gecoacht. in week 38 stond ook gepland, maar was je helaas ziek. Daarom heb ik in week 40 nog een coaching ingepland.
*Doel van de coaching: in de weken 29-32 had je een stijging naar 13,5% A systeemconversie laten zien. Daarom hebben we besloten door te gaan met de coaching. Helaas heeft die aandacht niet geleid tot een groei naar minimaal 2 weken 15% A systeemconversie. (...)
Op 10 november 2015 heeft een driegesprek plaatsgevonden tussen [A] , [D] en [C] . In het gespreksverslag dat [D] van dit gesprek heeft opgesteld, staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
De aanleiding voor dit gesprek is jouw Plan van Aanpak. Je zou het Plan van Aanpak aanvullen en donderdag 5-11-2015 naar mij mailen. Dat is niet gelukt. (...)
Je medische klachten kunnen we niet verhelpen. We willen je graag helpen je doelen in je werk te halen. Ook daarvoor is belangrijk dat je zegt wat je nodig hebt en om hulp vraagt (...)
Je vindt het nog steeds lastig om aan te geven wat je nodig hebt om de doelen in het Plan van Aanpak te halen. Al pratende komen we op de volgende zaken:
(...)
We gaan aan de slag met het Plan van Aanpak. ik ga wat we besproken hebben verwerken in het Plan van Aanpak. Vervolgens bespreken we de voortgang in het Plan van Aanpak elke twee weken.
In het Plan van Aanpak staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
|
Wat (SMART) wil ik bereiken? |
Welke stappen moet ik nemen om mijn resultaatafspraken te realiseren? |
Wanneer zal ik mijn afspraken realiseren? |
|
KPI's |
||
|
Conversie A per kwartaal 15% of hoger, conversie B per kwartaal 30% of hoger |
*Meeluisteren met een verkooptopper om techniek op te halen (...) *Coach laten meeluisteren (...) *Meeluisteren door [D] ( [D] ; toevoeging kantonrechter) (...) *Gesprekken laten opnemen (...) *Samen met een coach en [D] ( [D] ; toevoeging kantonrechter) gesprekken terugluisteren Saleshuddles in het team (...) |
Q1 2016 |
|
NPS op een 3 score volgens de NPS/AHT matrix, waarbij je geen vakjes opschuift door te hoog pauzepercentage |
In elke coaching (...) de klant/NPS meenemen; tops en tips krijgen van coach/ [D] Pauzeteller van Bert gaan gebruiken (...) |
Q1 2016 |
|
Continuïteit in resultaten (...) |
KPI's en Houding en gedrag een 3-norm aan het einde van Q1-2016 |
Vanaf Q2 2016 |
|
Houding & Gedrag |
||
|
(...) |
(...) |
(...) |
|
Eigen verantwoordelijkheid, zelfregie |
*Aan de bel trekken bij TM bij tegenvallende resultaten, zaken die opvallen (...) |
Medio december 2015 heeft de beoordeling over 2015 plaatsgevonden. [A] kreeg als eindbeoordeling opnieuw een "4" (afspraken deels gehaald). In het door [D] opgestelde verslag van het gesprek tussen [A] en [D] over de beoordeling staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
Dit is helaas je tweede 4 beoordeling op rij. Zoals aangegeven start er dan een arbeidsrechtelijke procedure.
(...)
Je A-conversie is erg wisselend, maar het hele jaar onder de norm. In Q3 maakte je een flinke stap in zowel je A als B conversie. (...) De stap naar 15% A-conversie is erg groot. (...) In het Plan van Aanpak heb je de stappen beschreven die jij nodig hebt om te verbeteren.
NPS/AHT/pauzepercentage: eindbeoordeling 4
In je NPS score heb je een hele mooie stijging laten zien. Je AHT is redelijk stabiel. In Q3
trekt je pauzepercentage je beoordeling een punt omlaag van 2 naar 3. Dat is zonde en ook
niet nodig, zoals je nu ziet in Q4. Ik vind het mooi om te zien dat je nu je pauzepercentage
onder controle hebt.
Op 22 december 2015 en 19 januari 2016 heeft [D] met [A] de voortgang van het Plan van Aanpak besproken.
Op 25 februari 2016 heeft [D] met [A] de jaarlijks te behalen resultaat- en ontwikkelafspraken in het kader van zijn Werkplan Compas besproken. Deze afspraken zijn opgenomen in het Plan van Aanpak.
[D] heeft op 3 maart 2016 met [A] het Plan van Aanpak tussentijds geëvalueerd. In het door [D] opgestelde verslag van dit gesprek staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
In 2016 zijn A-conversie, B-conversie en NPS/AHT nog niet op norm
Wat heb je nodig en wat gaan we doen?
Elke twee weken coaching met de focus op het onderdeel Verkoop en Behoud van het COPC-formulier. Daarbij ook Compliance meenemen, omdat het nieuw is en ook in je Compas staat.
Op 31 maart 2016, 13 april 2016 en 12 mei 2016 heeft [A] een voortgangsgesprek gehad met [D] respectievelijk de heer [E] (hierna: [E] ), zijn nieuwe teammanager.
Op 12 mei 2016 heeft [E] opnieuw een voortgangsgesprek gevoerd met [A] . In het door [E] opgestelde gespreksverslag staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
Pva:
Stand van zaken besproken. Cijfers in de mail
Uitdaging is Sales A. Samen concrete acties bedacht (zie Afspraken) (...).
Ook op 27 mei 2016 heeft [E] een voortgangsgesprek met [A] gehad. In het door [E] opgestelde gespreksverslag staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
Cijfers:
(...) deze besproken en zitten in je mail. Op conversie onder norm. NPS goed en boven norm. In je plan van aanpak gaat het om beide KPI's.
Na het voortgangsgesprek heeft [E] aan [A] meegedeeld dat gelet op het feit dat de A en B conversie al ruim tweeënhalf jaar lang onder de norm waren en ondanks coaching en het verbetertraject niet boven of op de norm uitkwamen de uitkomst van het verbetertraject zou zijn dat de [A] er niet in was geslaagd zijn functioneren op het vereiste niveau te brengen. Voorts heeft hij [A] meegedeeld dat dit betekende dat [A] niet langer als Deskaccountmanager werkzaam zou zijn en dat er gezocht zou worden naar een andere passende functie en als dat niet zou lukken, de arbeidsovereenkomst zou worden beëindigd. Tijdens de eindevaluatie van het Plan van Aanpak op 3 juni 2016 is dit wederom door [E] met [A] besproken en heeft [E] [A] namens Achmea aangeboden een vaststellingsovereenkomst te sluiten strekkende tot beëindiging van het dienstverband. [A] heeft aangegeven over dit aanbod na te zullen denken.
Op 21 juni 2016 heeft [A] per e-mail aan Achmea bericht zich in overleg met zijn gemachtigde ziek te melden totdat hij de bedrijfsarts had gezien in verband met zijn beperkingen. In reactie hierop heeft Achmea diezelfde dag aan [A] bericht de ziekmelding vooralsnog niet te accepteren en hem een week vrij te stellen van werk.
Naar aanleiding van de ziekmelding heeft [A] op 27 juni 2016 een bezoek gebracht aan de bedrijfsarts, mevrouw [de bedrijfsarts] (hierna: [de bedrijfsarts] ). In de terugkoppeling van [de bedrijfsarts] naar Achmea staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
Op dit moment kan ik niets betekenen voor meneer [A] . Ik zie geen aanknopingspunten voor begeleiding in het kader van de Wet Poortwachter. Interventies vanuit Present zijn momenteel overbodig. Ik adviseer u om meneer [A] de mogelijkheid te bieden om in juli opnieuw met de bedrijfsarts te gaan praten, als het nodig is.
Bij e-mail van 28 juni 2016 heeft mr. Savelsbergh voornoemd namens [A] aan Achmea bericht dat de bedrijfsarts zich gedurende de afspraak op 27 juni 2016 op geen enkele manier inhoudelijk had geuit over de medische situatie van [A] en hem had geadviseerd om een afspraak met de opvolgend bedrijfsarts te maken om een inhoudelijk oordeel over zijn medische situatie te verkrijgen. Volgens mr. Savelsbergh was daarom de conclusie van Achmea dat de bedrijfsarts had vastgesteld dat [A] volledig arbeidsgeschikt was niet juist.
Op 8 juli 2016 heeft [A] een bezoek gebracht aan de opvolgend bedrijfsarts, de heer [de opvolgend bedrijfsarts] (hierna: [de opvolgend bedrijfsarts] ).
Bij e-mail van 17 augustus 2016 heeft Achmea aan mr. Savelsbergh bericht dat er geen aanleiding was om aan te nemen dat [A] arbeidsongeschikt was en hem verzocht om een reactie op de aangeboden vaststellingsovereenkomst. Bij deze e-mail was een e-mail van [de opvolgend bedrijfsarts] gevoegd van 15 juli 2016, waarin [de opvolgend bedrijfsarts] - voor zover van belang - het volgende aan Achmea berichtte over de terugkoppeling van het bezoek van [A] aan hem:
Op de valreep van mijn vakantie: die terugkoppeling kan ik jou (...) niet geven. Mijn advies is en blijft: ga uit van de laatste schriftelijke terugkoppeling van de bedrijfsarts. in dit geval van [de bedrijfsarts] d.d. 27 juni.
Omdat een reactie van (de gemachtigde van) [A] op de e-mail van 17 augustus 2016 uitbleef, is Achmea op 22 augustus 2016 gestart met het herplaatsingstraject voor de duur van drie maanden.
In het kader van het herplaatsingstraject heeft [A] op 16 september 2016 en op 30 september 2016 een gesprek met [E] gehad. In het door [E] opgestelde gespreksverslag van het gesprek van 30 september 2016 staat - voor zover van belang - het volgende vermeld:
- - Op dit moment heb jij geen sollicitaties lopen. Er zijn weinig vacatures op IT gebied vertelde je zowel intern als extern.
- - Van alle vacatures die ik afgelopen week heb gestuurd, kort doorgenomen, vind je de functie voor FB in Zwolle interessant. (...) Je gaf aan hier vandaag/dit weekend op te willen reageren.
- - Je gaf aan verder van mij geen hulp nodig te hebben. Je hebt hier je vriendin voor die je helpt. Ik heb aangegeven dat als ik je ergens mee kan helpen, dat jij dat aan mij kenbaar maakt.
- - Ik heb je uitgelegd dat jij geen voorrang hebt op vacatures binnen Achmea. Jouw sollicitaties worden net als alle andere sollicitaties behandeld. Dit na aanleiding van je vraag van de vorige keer: heb ik voorrang net als collega’s van het ATC en Zilverpool.
- - Ik heb je uitgelegd dat jij en ik onze gesprekken voeren over hoe het met je is, sollicitaties en of ik je met zaken kan helpen.(...)
Bij e-mail van 4 oktober 2016 heeft [A] aam [E] bericht dat het voor hem zeer onduidelijk was wat van hem in het kader van de herplaatsingstraject werd verwacht en dat hij vond dat hij te weinig sturing ontving van Achmea.
Op 26 oktober 2016 en 15 november 2016 heeft [E] met [A] de voortgang van het herplaatsingstraject besproken.
In de periode juni 2016 tot en met november 2016 heeft mr. Savelsbergh namens [A] per e-mail gediscussieerd met (de gemachtigde van) Achmea over de vraag of [A] al dan niet gedeeltelijk arbeidsongeschikt was, of er sprake was van disfunctioneren van [A] of Achmea [A] voldoende in de gelegenheid had gesteld zijn functioneren te verbeteren en of Achmea zich voldoende inspande om [A] te herplaatsen.
Op 30 november 2016 heeft een driegesprek plaatsgevonden tussen [A] , [E] en mevrouw [F] (hierna: [F] ), senior P&O adviseur bij Achmea. In dit gesprek heeft Achmea aan [A] meegedeeld dat het herplaatsingstraject formeel voorbij was en dat zij de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst zou verzoeken. Ook heeft zij hem meegedeeld dat hij niet langer werd vrijgesteld van werk en dat zij wilde dat hij vanaf 5 december 2016 tijdelijke administratieve werkzaamheden op C-niveau (Adidas-werkzaamheden) zou gaan verrichten.
[A] verricht vanaf 5 december 2016 Adidas-werkzaamheden.
[A] heeft als eindbeoordeling over 2016 een "5" (afspraken niet gehaald) gekregen.
3 Het verzoek
Achmea heeft de kantonrechter verzocht om de arbeidsovereenkomst met [A] te ontbinden op grond van ongeschiktheid voor de bedongen werkzaamheden (artikel 7:671b lid 1, onderdeel a, van het Burgerlijk Wetboek (BW), in verbinding met artikel 7:669 lid 3, onderdeel d BW) met inachtneming van de wettelijke bepalingen omtrent regelmatige opzegging en de transitievergoeding welke Achmea aan [A] is verschuldigd vast te stellen op € 11.995,00 bruto, kosten rechtens.
Achmea heeft - zakelijk weergegeven - het volgende aan dit verzoek ten grondslag gelegd. [A] is niet in staat de werkzaamheden behorend bij zijn functie naar behoren te verrichten. Met name de verkoopresultaten blijven al tweeënhalf jaar achter bij de gestelde norm, terwijl het verkopen van producten één van de voornaamste taken van de functie van [A] is. [A] is door middel van een verbetertraject van zeven maanden in de gelegenheid gesteld zijn functioneren op het vereiste niveau te brengen. Dit heeft niet het gewenste resultaat gehad. Bovendien heeft [A] aangegeven dat hij in zijn functie niet langer op zijn plek zit en een functie in de IT ambieert. Dit maakt dat Achmea heeft besloten dat een verlenging van het verbetertraject niet aan de orde is. Het standpunt van [A] dat hij medische beperkingen heeft overgehouden aan het geknapte hersenaneurysma dat hij in 2010 heeft gehad en dat hij als gevolg daarvan niet in staat mag worden geacht zijn werk in volle omvang te kunnen doen, vindt geen steun in de feiten. Achmea heeft derhalve geen aanleiding hoeven zien om voor [A] lagere normen te hanteren dan voor zijn collega's en er is geen sprake van een opzegverbod. Met de start van het herplaatsingstraject per 22 augustus 2016 heeft Achmea tezamen met [A] de herplaatsingsmogelijkheden binnen Achmea onderzocht. De herplaatsingsinspanningen hebben helaas niet tot resultaat geleid. Achmea heeft daarom niet de verwachting dat in de komende periode van drie maanden alsnog een passende vacature voor [A] beschikbaar zal komen, te minder nu zich binnen Achmea een reorganisatie voordoet, als gevolg waarvan veel functies zullen verdwijnen die mogelijk als passend zouden kunnen worden beschouwd voor [A] . Nu herplaatsing binnen redelijke termijn niet mogelijk is, [A] ongeschikt is voor zijn functie en er geen sprake is van opzegverboden, is aan de vereisten voor ontbinding voldaan.