Home

Rechtbank Noord-Nederland, 16-02-2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:529, 10222116

Rechtbank Noord-Nederland, 16-02-2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:529, 10222116

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
16 februari 2023
Datum publicatie
17 februari 2023
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2023:529
Zaaknummer
10222116

Inhoudsindicatie

Vertegenwoordigingsbevoegdheid VOF, VOF kan enkel met instemming van alle vennoten in rechte optreden, procedure tegen werknemer van de VOF, VOF niet-ontvankelijk

Uitspraak

Afdeling Privaatrecht

Locatie Groningen

Zaak\rolnummer: 10222116 AR VERZ 22-86

Beschikking van de kantonrechter van 16 februari 2023

inzake

de vennootschap onder firma

[v.o.f.] V.O.F.,

gevestigd te Groningen,

verzoekende partij,

hierna te noemen: de vof,

gemachtigde: mr. J.M. Pol, advocaat te Assen,

tegen

[verwerende partij] ,

wonende te [woonplaats 1],

verwerende partij,

hierna te noemen: [verwerende partij],

gemachtigde: mr. S. Heijerman, advocaat te Haren,

en

[belanghebbende partij] ,

wonende te [woonplaats 2],

belanghebbende partij,

hierna te noemen: [belanghebbende partij],

gemachtigde: mr. D.Y. Li, advocaat te Groningen.

1 Het procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

-

het verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 1 december 2022;

-

het verweerschrift;

-

de brief van mr. Li van 27 januari 2023;

-

de brief van mr. Li van 1 februari 2023;

-

de brief van mr. Pol van 1 februari 2023;

-

de mondelinge behandeling op 2 februari 2023, in aanwezigheid van [vennoot] bijgestaan door mr. Pol, [verwerende partij] (bijgestaan door een tolk Chinees) bijgestaan door de mr. Heijerman en [belanghebbende partij] bijgestaan door mr. Li;

-

de door mr. Pol overgelegde pleitaantekeningen;

-

de door de griffier gemaakte aantekeningen van het verhandelde ter zitting.

1.2.

Uitspraak is bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

[verwerende partij] en [belanghebbende partij] hebben een affectieve relatie.

2.2.

Op 6 mei 2014 is de besloten vennootschap [holding] (hierna: de holding) opgericht, met [verwerende partij] als (enige) bestuurder. Enig aandeelhouder van de holding is [broer], de broer van [belanghebbende partij] wonende te [woonplaats 3].

2.3.

De holding en de vennootschap onder firma [verwerende partij] (waarvan de holding en [verwerende partij] vennoten zijn) hebben op 16 juli 2014 een huurovereenkomst gesloten met betrekking tot het pand staande en gelegen aan de [het pand] (hierna: het pand). Het pand is casco opgeleverd en nadien onder leiding van [verwerende partij] verbouwd tot restaurant.

2.4.

Op 20 november 2015 is [verwerende partij] afgetreden als bestuurder van de holding en is [belanghebbende partij] de (enige) bestuurder geworden.

2.5.

In december 2015 is het restaurant Wereldgeluk geopend. [vennoot] is daarbij als bedrijfsleidster aangesteld.

2.6.

Op 16 december 2015 hebben de holding en de vof Wereldgeluk (met als vennoten [verwerende partij] en [belanghebbende partij]) een overeenkomst tot dienstverlening gesloten.

2.7.

Op 30 november 2016 is de besloten vennootschap Wereldgeluk BV (hierna: Wereldgeluk) opgericht door de holding, waarbij [verwerende partij] de holding vertegenwoordigde als alleen/zelfstandig bevoegd directeur. De holding is (enig) bestuurder van Wereldgeluk BV.

2.8.

In 2021 zijn er onderhandelingen gestart tussen [vennoot], [belanghebbende partij] en [verwerende partij] over de koop/verkoop van het restaurant.

2.9.

Op 22 oktober 2021 is de vof [v.o.f.] (hierna: de vof) opgericht.

In de vennootschapsovereenkomst is in artikel 6, lid 1 bepaald dat iedere vennoot bevoegd is voor de vennootschap te handelen en te tekenen, gelden voor haar uit te geven en te ontvangen, de vennootschap aan derden en derden aan de vennootschap te verbinden, tenzij dit niet met het doel van de vennootschap in verband staat.

In artikel 6, lid 2, van de vennootschapsovereenkomst is onder meer bepaald:

De medewerking van alle Vennoten wordt echter gevorderd voor:

(...)

i. het voeren van rechtsgedingen (met uitzondering van rechtsmaatregelen die geen uitstel kunnen lijden), het berusten in rechtsvorderingen, het aangaan van dadingen, compromissen of akkoorden, het opdragen van de berechting van geschillen aan scheidslieden of bindend adviseurs;

2.10.

Op 19 december 2021 is een aanbetalingsovereenkomst gesloten tussen de vof en [verwerende partij], als gevolmachtigde van Wereldgeluk, op basis waarvan de vof een bedrag van € 50.000,00 heeft betaald aan Wereldgeluk. [verwerende partij] heeft deze overeenkomst ook als gevolmachtigde van Wereldgeluk ondertekend.

2.11.

Op 1 april 2022 is de koopovereenkomst ondertekend. De onderneming Wereldgeluk is door middel van een activa-/passiva-transactie overgedragen aan de vof tegen betaling van € 453.842,00. Deze koopprijs is via aan de vof gelieerde financiers door de vof aan Wereldgeluk voldaan. [verwerende partij] heeft deze overeenkomst als ‘gevolmachtigd directeur’ namens Wereldgeluk ondertekend.

2.12.

In de considerans van de koopovereenkomst is opgenomen dat Wereldgeluk de dagelijkse bedrijfsleiding en het bestuur van de onderneming heeft belegd bij [verwerende partij]. In artikel 11.1 van de koopovereenkomst zijn partijen overeengekomen dat [verwerende partij] per de datum van de overdracht zijn werkzaamheden als bedrijfsleider van Wereldgeluk beëindigt en dan in dienst zal treden bij de vof. Bij de koopovereenkomst is een arbeidsovereenkomst tussen de vof en [verwerende partij] gevoegd, waarin is opgenomen dat [verwerende partij] wordt aangesteld in de functie van chef kok.

2.13.

De vof is in het kader van deze overdracht door middel van indeplaatsstelling contractspartij geworden bij de huurovereenkomst. [verwerende partij] heeft deze indeplaatsstelling op 1 april 2022 namens de vof [verwerende partij] ondertekend.

2.14.

Na de overname heeft de vof Expertise Bureau Noord ingeschakeld om onderzoek te doen naar de constructie van het pand, omdat daaraan gebreken kleefden. Expertise Bureau Noord heeft opnames gedaan. In de naar aanleiding hiervan door Expertise Bureau Noord opgestelde onderzoeksrapporten van 26 augustus 2022 en 11 oktober 2022 staat – kort gezegd – de conclusie dat de verbouwingswerkzaamheden aan het pand niet naar behoren en in strijd met het Bouwbesluit zijn verricht. Het restaurant is sindsdien dicht teneinde herstelwerkzaamheden te verrichten.

2.15.

De vof is op 26 juli 2022 gestopt met het betalen van het overeengekomen loon aan [verwerende partij].

2.16.

Op 21 september 2022 heeft de vof conservatoir beslag gelegd op de bankrekening van Wereldgeluk.

2.17.

Op 5 oktober 2022 heeft de vof een dagvaarding uitgebracht tegen Wereldgeluk, waarin de vof – kort samengevat – schadevergoeding vordert vanwege het feit dat Wereldgeluk tekort is geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst.

2.18.

De vof heeft [verwerende partij] op 15 november 2022 op grond van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek (BW) aansprakelijk gesteld voor de schade die zij lijdt vanwege het herstel van de gebreken aan het pand en de sluiting van het restaurant.

2.19.

[verwerende partij] heeft op 17 november 2022 de vof en haar vennoten in kort geding gedagvaard en onder meer betaling gevorderd van zijn achterstallig loon.

2.20.

De vof heeft een verzoekschrift, ingekomen ter griffie van de rechtbank op 24 november 2022, ingediend tot het leggen van conservatoir beslag onder derden en op onroerende zaken ten laste van [verwerende partij]. Daarbij heeft de vof zich op het standpunt gesteld dat Wereldgeluk de koopovereenkomst heeft geschonden omdat het restaurant zeer ernstige gebreken vertoont. [verwerende partij] was als feitelijk bestuurder van Wereldgeluk bekend met de diverse gebreken, maar heeft in de koopovereenkomst namens Wereldgeluk garanties afgegeven en is overeengekomen dat Wereldgeluk bij niet nakoming van deze garanties de vof schadeloos moet stellen. Wereldgeluk kan deze garanties niet nakomen en biedt geen, althans onvoldoende, verhaal om de totale schade van de vof de vergoeden, aldus de vof. De vof houdt [verwerende partij] in privé als feitelijk bestuurder persoonlijk aansprakelijk op grond van artikel 6:162 BW en stelt dat [verwerende partij] gehouden is om de schade aan de vof te vergoeden.

2.21.

Bij vonnis in kort geding van 20 december 2022 zijn de door [verwerende partij] ingestelde loonvordering en daarmee samenhangende vorderingen grotendeels toegewezen.

3 Het geschil

3.1.

De vof verzoekt de arbeidsovereenkomst met [verwerende partij] te ontbinden op grond van artikel 7:671b lid 1, onderdeel a, BW, in verbinding met artikel 7:669 lid 3, onderdeel g dan wel h dan wel i BW.

3.2.

[verwerende partij] verweert zich tegen het verzoek en stelt dat de verzochte ontbinding moet worden afgewezen. Voor zover de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, verzoekt [verwerende partij] bij wijze van tegenverzoek onder meer om toekenning van een transitievergoeding en een billijke vergoeding.

4 De beoordeling

5 De beslissing