Rechtbank Noord-Nederland, 25-04-2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:1557, LEE 23/1242 t/m 23/1245
Rechtbank Noord-Nederland, 25-04-2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:1557, LEE 23/1242 t/m 23/1245
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 25 april 2024
- Datum publicatie
- 14 juni 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2024:1557
- Zaaknummer
- LEE 23/1242 t/m 23/1245
Inhoudsindicatie
WOZ; viertal woonzorgcentra; objectafbakening, restwaarde
De rechtbank is ten aanzien van drie van de vier objecten van oordeel dat het hoofdgebouw en de aan- en inleunwoningen als geheel voor woonzorgactiviteiten en dus voor één organisatorisch doel worden aangewend en één onroerende zaak vormen. Vernietiging WOZ-beschikkingen en de daarop gebaseerde aanslagen OZB.
Ten aanzien van het resterende object is de rechtbank van oordeel dat de heffingsambtenaar de restwaarde niet te hoog heeft vastgesteld en dat dit geen onroerende zaak is die in hoofdzaak tot woning dient.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummers: LEE 23/1242 tot en met LEE 23/1245
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 25 april 2024 in de zaken tussen
[eiseres] , te [vestigingsplaats] , eiseres
(gemachtigde: M.O.E. Uijen verbonden aan Previcus B.V.),
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Hoogeveen, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van eiseres tegen de uitspraken op bezwaar van de heffingsambtenaar van 19 januari 2023.
De heffingsambtenaar heeft op het aanslagbiljet van 28 februari 2021 op grond van artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waardes op
1 januari 2021 (de waardepeildatum) voor het belastingjaar 2022 van de volgende onroerende zaken als volgt vastgesteld:
- -
-
[adres 1] op € 4.150.000
- -
-
[adres 2] op € 11.000.000
- -
-
[adres 3] op € 3.900.000
- -
-
[adres 4] op € 6.550.000
Tegelijk met deze waardevaststellingen heeft de heffingsambtenaar eiseres op grond van de voornoemde WOZ-waardes voor het belastingjaar 2022 aanslagen in de onroerendezaakbelastingen (OZB) eigenaar niet-woning opgelegd.
De heffingsambtenaar heeft de bezwaren van eiseres ten aanzien van de vastgestelde WOZ-waardes van de hiervoor genoemde onroerende zaken in één brief ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de WOZ-waardes van de onroerende zaken gehandhaafd.
Eiseres heeft tegen de uitspraken op bezwaar via één brief beroep ingesteld. De rechtbank heeft de beroepen onder de volgende zaaknummers geregistreerd:
- -
-
LEE 23/1242 [adres 1] ;
- -
-
LEE 23/1243 [adres 2] ;
- -
-
LEE 23/1244 [adres 3] ;
- -
-
LEE 23/1245 [adres 4] .
De heffingsambtenaar heeft op de beroepen gereageerd met één gezamenlijk verweerschrift.
De heffingsambtenaar heeft vóór de zitting in elk van de zaken afzonderlijk nadere stukken ingediend.
De rechtbank heeft de beroepen op 7 maart 2024 gelijktijdig op zitting behandeld. Eiseres heeft zich daarbij laten vertegenwoordigen door [x] en [taxateur eiseres] (taxateur). Namens de heffingsambtenaar zijn verschenen [taxateur heffingsambtenaar] (taxateur),
[Y] en [Z] .