Home

Rechtbank Noord-Nederland, 16-07-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:2828, C/18/230042 / HA ZA 23-275

Rechtbank Noord-Nederland, 16-07-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:2828, C/18/230042 / HA ZA 23-275

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
16 juli 2025
Datum publicatie
16 juli 2025
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2025:2828
Zaaknummer
C/18/230042 / HA ZA 23-275
Relevante informatie
Wetboek van Koophandel [Tekst geldig vanaf 01-07-2025] art. 33, Wetboek van Koophandel [Tekst geldig vanaf 01-07-2025] art. 18

Inhoudsindicatie

Deze zaak gaat over de vraag of de curator in het faillissement van een VOF het faillissementstekort en het onbetaalde deel van zijn salaris ter verificatie kan indienen in de WSNP van de vennoten, en tegen welke rang. De rechtbank oordeelt dat de curator (q.q.) een concurrente vordering tot aanzuivering van het tekort heeft op elk van de vennoten tot diens aandeel in de vennootschap. De curator (pro se) heeft een concurrente vordering op de vennoten voor het onbetaalde deel van het salaris.

Uitspraak

Civiel recht

Zittingsplaats Groningen

Zaaknummer: C/18/230042 / HA ZA 23-275

Vonnis van 16 juli 2025

in de zaak van

MR. P.T. BAKKER,

kantoorhoudende te Groningen,

procederend voor zichzelf en in hoedanigheid van curator in het faillissement van A&J Fashion V.O.F.,

eiser,

advocaat: mr. A. Gras,

tegen

MR. V.L. VAN WIERINGEN,

kantoorhoudende te Groningen,

in hoedanigheid van bewindvoerder in de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot],

gedaagde,

advocaat: mr. D.Y. Li.

Eiser zal daar waar hij voor zichzelf procedeert hierna worden aangeduid als Bakker, en daar waar hij in hoedanigheid van curator procedeert als Bakker q.q..

Gedaagde zal hierna worden aangeduid als Van Wieringen q.q.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de conclusie van eis tot verificatie;- de conclusie van antwoord;- de conclusie van repliek;- de conclusie van dupliek;- de akte uitlating producties van de zijde van eiser.

1.2.

Tot slot is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[mede-vennoot] (hierna te noemen: [mede-vennoot]) en [vennoot] (hierna te noemen: [vennoot]) zijn vennoten van de vennootschap onder firma A&J Fashion. [mede-vennoot] en [vennoot] hebben elk een gelijk aandeel in A&J Fashion.

2.2.

Op 9 januari 2016 is A&J Fashion V.O.F. (hierna te noemen: A&J Fashion) in staat van faillissement verklaard met aanstelling van mr. P.T. Bakker als curator.

2.3.

[mede-vennoot] en [vennoot] zijn bij vonnis van 9 december 2020 toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling, met aanstelling van mr. V.L. van Wieringen als bewindvoerder.

2.4.

In het faillissement van A&J Fashion heeft de rechtbank bij beschikking van 5 oktober 2023 het salaris van Bakker vastgesteld en daartoe (voor zover van belang) het volgende overwogen:

4.5. De curator heeft het voornemen uitgesproken om (ook) een vordering in te dienen in de WSNP’s ter zake van zijn salaris in het faillissement. Gelet op het naderende einde van de looptijd van de WSNP’s dient de curator een dergelijke vordering op korte termijn in te dienen. Dat is enkel mogelijk nadat de rechtbank zijn salaris heeft vastgesteld. Daarin ziet de rechtbank aanleiding om het salaris van de curator nu reeds - voorlopig – vast te stellen.

(...)

4.9.

De curator heeft de verwachting uitgesproken dat uit de afwikkeling van de

WSNP’s een (substantiële) uitkering aan de faillissementsboedel zal volgen. Indien die verwachting juist zou blijken te zijn kan de curator (te zijner tijd) in het kader van de opheffing van het faillissement de rechtbank verzoeken zijn salaris alsnog op een hoger bedrag vast te stellen (...).

en vervolgens beslist:

5.2. stelt, onder verwijzing naar hetgeen is overwogen onder 4.7, het salaris van de curator en de verschotten vast op € 50.047,95 exclusief btw; hierop strekt in mindering het verstrekte voorschot van in totaal € 41.632,23 exclusief btw.

2.5.

In de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot] zijn ter verificatie ingediend onder andere een vordering van Bakker q.q. ad € 1.321.929,41 ter zake het tekort in het faillissement van A&J Fashion, en een vordering van Bakker ad € 10.183,201.

2.6.

In de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot] heeft op 30 oktober 2023 een verificatievergadering plaatsgevonden.

2.7.

Ter verificatievergadering heeft Van Wieringen q.q. de vorderingen van Bakker q.q. en Bakker betwist. De rechter-commissaris heeft partijen ten aanzien van de betwiste vorderingen verwezen naar de renvooiprocedure.

3 Het geschil

3.1.

Bakker q.q. eist:

I. dat het tekort in de faillissementsboedel van A&J Fashion als vordering in de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot] wordt erkend tot een bedrag van € 1.321.929,29;

II. te bepalen dat de onderscheidenlijke vorderingen in de onder I genoemde vordering in de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot] overeenkomstig hun respectievelijke rangorde worden erkend.

3.2.

Bakker eist dat de vordering ter zake zijn onbetaalde salaris in het faillissement van A&J Fashion in de wettelijke schuldsaneringsregeling van [vennoot] tot een bedrag van € 10.183,20 wordt erkend met de rang van boedelvordering.

3.3.

Van Wieringen q.q. voert verweer en concludeert tot afwijzing van de eisen tot verificatie van Bakker q.q. en Bakker.

3.4.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4 De beoordeling

5 De beslissing